22 oktober

Dag 315

Wanneer gij dan zult zien den gruwel der verwoesting, waarvan gesproken is door Daniël, de profeet, staande in de heilige plaats; (die het leest, die merke daarop!) Dat alsdan, die in Judéa zijn, vlieden op de bergen; Die op het dak is, kome niet af, om iets uit zijn huis weg te nemen; En die op den akker is, kere niet weder terug, om zijn klederen weg te nemen. Maar wee de bevruchten, en den zogenden vrouwen in die dagen! Doch bidt, dat uw vlucht niet geschiede des winters, noch op een sabbat. Want alsdan zal grote verdrukking wezen, hoedanige niet is geweest van het begin der wereld tot nu toe, en ook niet zijn zal.
De vernietiging van Jerusalem door Titus

Nu moeten we opmerken dat ze Jezus drie verschillende vragen stelden in Matthéüs 24. Hij beantwoordde elk ervan. Daarom verwijzen de Zevende Dag Adventisten daarnaar: “Bidt dat uw vlucht niet op de sabbat valt, noch in de wintertijd.” Ze hadden Hem gevraagd: “Wanneer zullen deze dingen zijn? Wat zal het teken zijn van Zijn komst, van het einde der wereld?” En ze stelden Hem drie verschillende vragen. En Hij verklaarde het precies zoals zij het Hem daar vroegen. En het vond plaats; de geschiedenis bewijst dat het klopt.

Wat zou het nu uitmaken als je nu moest vluchten, uit de stad wegrennen, en het zou op de sabbatdag zijn? Dan zouden de poorten van de stad gesloten zijn, op de sabbat. Het liet zien dat het niet universeel was, want het is op de ene plaats zomer en op de andere winter. “Bidt dat uw vlucht niet in de winter valt, noch op de sabbat.” Zij werden gewaarschuwd; Hij zei: “Laat hen die in Jeruzalem zijn naar Judéa vluchten.” Er lag altijd sneeuw ‘s winters in Judéa. “Bidt dat uw vlucht niet in de winter valt, noch op de sabbat.”

Maar toen Titus daar kwam, toen begrepen ze het. Jezus had hun verteld dat “wanneer je Jeruzalem omringd ziet door legers, laat hem die in het veld is dan niet terugkeren om zijn jas te halen. Maar ga zo snel mogelijk op weg naar de heuvels van Judéa. Ga daar vandaan, omdat ze de Heilige Geest zullen lasteren. En als ze de Heilige Geest lasteren, nemen ze het teken van het beest aan en dan is er niets anders dan vernietiging overgebleven.” Deze Joden, toen ze de moeite zagen aankomen, zeiden ze: “Nu, we zullen de stad binnengaan, in het huis des Heren en bidden.” Als dat niet zeer religieus klinkt, zeer lieflijk. O, Satan kan maken dat het er heel echt uitziet. Zeker. Maar onthoud dat Joséphus zei dat deze mensen kannibalen waren; ze zeiden: “Er is een groep die Jezus van Nazareth volgt, Die rondwandelde en de zieken genas.” Ze zeiden: “Pilatus doodde Hem en zij stalen Zijn lichaam en brachten het ergens naartoe en sneden het aan stukken en aten het op.” Zij waren kannibalen. Wat ze in werkelijkheid deden was het avondmaal nemen, het lichaam des Heren. Zie? En hij zei: “Niemand van hen is gedood, want zij haastten zich naar Judéa zoals de Schrift hun verteld had om te doen, zoals Jezus hun verteld had om te doen.”

Maar deze Joden, zij gingen allemaal Jeruzalem binnen en ze zeiden: “Nu, we zullen samenkomen in het huis des Heren en de grote Jehova Die altijd met ons is geweest, zal neerdalen en Hij zal de legers van Titus verdrijven; dat is wat Hij zal doen.” Maar wat hadden ze gedaan? Ze hadden tegen de Heilige Geest gezondigd. Ze hadden lol gemaakt over de kracht van de Heilige Geest Die werkzaam was.


Aanhaling genomen uit de prediking:

  • Het zegel van God   16 februari 1961

Deze site maakt gebruik van functionele cookies.

Download
E-Book
E-BookE-Book
ePub Download ePubVoor E-Readers (maar niet optimaal voor apparaten van Apple). meer info...
ePub ePub voor AppleVoor iPod / iPhone / iPad, en vanwege de kleinere plaatjes ook geschikt voor andere telefoons of handhelds. meer info...
ePub zonder plaatjesIn deze versie ontbreken de dagelijkse plaatjes (behalve de kaft, logo's en dergelijke) meer info...
English (Engels)