Vragen & antwoorden over de Zegels

Door William Marrion Branham

1 Onze hemelse Vader, we zijn werkelijk dankbaar voor deze tijd waarin we weer gemeenschap kunnen hebben rondom het Woord van God, in de tegenwoordigheid van God. We zijn zo dankbaar dat U bij ons bent om ons vanmorgen te helpen en te zegenen. We vragen om vergeving van onze zonden, dat onze lampen met Olie gevuld mogen zijn en schoongemaakt en brandende; zodat U ons nu zou willen gebruiken om Uw grote Naam te eren, want we vragen het in de Naam van de geliefde Zoon van God, Jezus Christus. Amen. U kunt gaan zitten.

2 Ik kwam net binnen toen ik deze boodschap hoorde uitgaan. Het is waar, dat we onze lampen gevuld moeten houden, onze... Weet u, als u brandt... U kunt nu niet doorgaan met wat u deed (zie?), omdat vuur van brandende olie roet geeft; dat is dus de reden van het schoonmaken van de... Houdt uw lampen schoon, omdat de roet boven de pit...

3 Velen van u van mijn leeftijd, waren toen gewend de petroleumlamp te gebruiken. Er kwam een roetlaag bovenaan waar het brandde en het belemmerde daardoor het licht. U moet er dus alle roet afhouden zodat we ons voort kunnen spoeden om te jagen naar het doel van de hoge roeping in Christus.

4 Nu, het is een geweldig mooie ochtend, buiten en binnen, daar dit Paasseizoen nu nadert. En we komen nu vanavond, zo de Here wil, bij het laatste zegel. En het is een heel geheimzinnig zegel, heel erg, omdat het zelfs niet... Het wordt zelfs niet in de Schrift genoemd, nergens; geen symbolen of enig houvast. Het moet regelrecht van de hemel komen.

     Het is een wat inspannend uur voor mij. Het is de hele week zo gegaan. Dit is mijn achtste dag in een kamer. En ik bemerk hierin vele... en deze verzoeken, ik moest er zo'n beetje uit kiezen. Er waren velen van hen die een gesprek wensten. Ik houd daarvan. Ik zou dit nu graag willen doen, zie, maar ik kan het nu niet, want u begrijpt dat de hele... Wat we nu proberen te doen is de openbaring van de wil van de Here te vinden, ziet u, en wanneer we dan een gesprek hebben, dan brengt dat je in een andere richting van iets, ziet u.

5 En dan, zoals met het bidden voor de zieken – dat is heel iets anders. Visioenen en dergelijke, u studeert anders en u bent anders gezalfd. Precies zoals de Bijbel daar zei: "Een boom die geplant is aan waterstromen." Waterstromen – ziet u, hetzelfde water, maar er is een stroom die deze kant opgaat, die kant opgaat, en deze kant. Het hangt ervan af welke stroomafvoer. Het is dezelfde Geest.

6 Paulus, in I Korinthe 12, deed hetzelfde, waar hij erover sprak dat er vele gaven waren, maar het is dezelfde Geest. Zo ziet u, als u bijvoorbeeld bezig bent met het ene, dan moet u omschakelen om naar iets anders over te stappen (begrijpt u wat ik bedoel); u studeert in die richtingen, u krijgt de mensen ervoor, en...

     Nu, hun harten zijn er allemaal op gericht: "Wat zijn deze zegels?" Hun aandacht is: "Wat is het?" Avond aan avond, wanneer ik hier binnenkom, heerst er zo'n spanning, dat ik over iets anders moet spreken om ze een beetje tot rust te laten komen, ziet u, en dan breekt de Heilige Geest door met het zegel. Dan moet ik... iedere avond gaat het zo. Wanneer we dan zouden omschakelen naar genezing of zoiets, zie, zijn de mensen volledig op dat ene gericht; u kunt nauwelijks direct naar het andere overstappen.

7 En dan ook te weten dat hier temidden van u dingen plaatsvinden, ziet u. Ik ben gewoon... Ik weet... Ik weet dat u het niet ziet, zie. Ik weet absoluut zeker dat u het niet ziet. En u zegt: "Broeder Branham, dat is nogal wat van u om dat te zeggen." Dat weet ik. Maar kijk; laat mij dit even zeggen. Ik veronderstel dat dit alleen geluidsbanden zijn voor onszelf, enzovoort. Laat met het zó zeggen: dat u het niet kunt vatten, ziet u, en u wordt niet verondersteld het te vatten. Probeer dus niets uit te leggen. Probeer niet uw uitlegging eraan te geven. U raakt er slechts verder vandaan.

     Als u mij nu gelooft, neem slechts mijn advies. Indien God mij genade heeft geschonken in uw ogen en u weet dat die openbaringen en dergelijke... Ik ben reeds lang hier bij u en het is altijd juist geweest. En om nu dubbel te bewijzen dat het juist is, komt het precies overeen met het Woord. Dus weet u dat het ZO SPREEKT DE HERE is. Dat is het precies. Het is aan u bewezen.

8 Welnu, neem mijn advies als uw broeder: Geef nergens uw eigen uitleg aan. Ga gewoon verder en leef een goed Christenleven, want anders zult u zich slechts van de ware zaak afwenden wanneer u dat doet. U zult zich alleen maar weer van het pad afwenden. En u bent er zich allen van bewust en weet dat er iets mysterieus aan het gebeuren is, en het gebeurt en ik weet wat het is.

9 Ik zeg dit niet. Het is alleen de genade van God die me laat weten wat dit is. Het is iets geweldigs en het is nu net weggegaan en er is geen manier in de wereld voor u om het te zien, maar zo helpe mij, met deze Bijbel in mijn hand, ik weet wat het is.

     Het is eerder aan u verteld, probeer dus gewoon niet enige uitleg te geven, maar geloof me slechts als uw broeder, ziet u; we leven in een geweldig uur.

10 We leven in een tijd waar... Wel, wees gewoon echt nederig, wees een Christen en probeer voor God te leven en leef eerlijk met uw medemens en heb diegenen lief die u niet liefhebben. Probeer niet iets te maken... Ziet u wat u doet, u maakt het alleen maar tot iets geheimzinnigs en gooit het werkelijke plan van God in de war, ziet u.

11 Gistermiddag gebeurde er iets in mijn kamer, dat ik nooit zal kunnen loslaten, ziet u. En dus, u... En ongeveer twee weken geleden gebeurde er iets wat ik nimmer, zolang ik op deze aarde leef, zal kunnen vergeten, ziet u.

12 En dus, maar indien de gemeente hier niet verondersteld wordt deze dingen te weten... Geef dus nergens uitleggingen aan, zie. Ga gewoon verder en onthoud slechts wat u verteld is; leef een Christenleven en ga naar uw gemeente, wees een waar licht waar u ook bent en brand slechts voor Christus en vertel de mensen hoe lief u Hem hebt. En laat uw getuigenis bij de mensen altijd met liefde zijn, zie, want als u dit niet doet dan draait u zichzelf ergens in en dan bent u van het begane pad af.

13 Ziet u, telkens wanneer u dat probeert te doen, hebt u dit gedaan, zie. Probeer gewoon geen uitlegging te geven. En speciaal vanavond wanneer dat zegel voor u wordt neergezet. Zie? Probeer het niet uit te leggen. Ga gewoon verder en wees nederig en ga rechtdoor met dezelfde eenvoudige Boodschap. Nu zegt u: "Broeder Branham, is dat... wij, die de gemeente zijn van de levende God, moesten we niet...?"

     Wel, zoals ik al probeerde... Kijk hier, wat ik wil zeggen: "Wel, waarom kan ik het niet? Ik behoorde te hebben..."

     Nee, vergeet niet dat ik dit voor uw bestwil zeg. Zie, ik zeg het zó, dat u het kunt begrijpen. Indien u mij nu gelooft, luister dan naar wat ik u vertel. Zie?

14 Nu kijk, hier is een post en we zullen het een luisterpost noemen, en hierin zit een radio. En daar zijn waarschuwingen en dingen kunnen gedaan worden, zoals een zwaard in uw hand, zie. Het kan iets van het kwade oppikken of iets van het... slechts vanwaar het iets oppikt verkrijgt het zijn boodschap, ziet u?

15 Maar nu, voor de gewone man bijvoorbeeld, zijn er zoveel cultussen en groepjes opgerezen over kleine uitstortingen van de Geest, dat de mensen helemaal opgewonden raken en een hoop onzin krijgen – er uitgaan en opnieuw een kleine beweging starten, begrijpt u, en dat soort dingen. U wilt dat nu niet doen, zie.

     Nu, denk erom: blijf gewoon zoals u bent. En u zegt: "Wel, de Here toonde..." Nee, wees nu voorzichtig.

16 Nu kijk hier. Laat me u iets tonen, zie. Wist u dat er nu op dit moment tienduizenden stemmen in deze zaal zijn? Letterlijk stemmen van mensen die door elektronische radiogolven zijn binnengekomen. Waarom hoort u ze niet? Het zijn stemmen. Is dat zo? Ze golven hier nu precies doorheen. Er bewegen zich nu mensen, gedaanten en lichamen hier door deze zaal. Is dat zo? Wel, waarom ziet u ze niet? Ze zijn hier; wezenlijke stemmen zoals mijn stem. Wel, waarom hoort u het niet? Kijk, om het te openbaren zal het eerst iets moeten treffen.

17 Begrijpt u het nu? Leg nu gewoon niets uit. Wanneer God u iets wil laten weten zal Hij het u zenden; wees nu dus werkelijk echt standvastig. Houd u stil. Er is iets gebeurd. En wees nu werkelijk... U begrijpt wat ik bedoel, nietwaar? En wees nu...

18 Probeer van uzelf geen zonderling te maken door een Christen te zijn, want ziet u, u kunt uzelf van God onttrekken en u... Als u het kunt begrijpen: dit is die derde trek. U had dat onlangs moeten begrijpen. Dus dan...

19 Onthoud dat er geen nabootsing van zal zijn zoals bij die andere twee. Dat is dus zover u het moest weten. Welnu, onthoud slechts dat u nu weet dat er iets in deze ruimte plaats vindt en dat er hier iets is dat... Feitelijk zijn er in deze zaal engelen, de stem van God, maar hoe kunt u... u kunt niet... Indien u de natuurlijke stem niet kunt horen tenzij er iets is dat het uitzendt, hoe zult u dan de geestelijke stem horen?

20 Men zou u misschien kunnen laten geloven dat iemand dit bepaalde lied zingt, dat er misschien niet eens is, zie. Maar wanneer het het kristal, dat verondersteld wordt het op te nemen, inderdaad raakt, dan geeft het een zuivere uitlegging en bewijst het dat door het beeld te tonen. Ziet u wat ik bedoel?

     Welnu, wanneer de Geest van God door het ware Woord heenspreekt, betuigt het Zichzelf en toont het dat het juist is. Begrijpt u het nu? Goed! Nu, laten we opnieuw bidden.

     Hemelse Vader, we staan op het punt om het kaft van dit Boek te openen als het natuurlijke deel om te trachten weer te geven wat U in het geestelijke vlak aan ons hebt geopend. En nu bid ik, God, dat U mij helpen wilt om de juiste uitleg op deze vragen te geven, dat het gezegd mag worden om de mensen te helpen. Het is om ze begrip te schenken.

     En ik bid of U mij verstand wilt geven zodat ik het aan Uw volk mag uitzenden opdat ze begrip zullen ontvangen zodat we gezamenlijk mogen leven tot de glorie en eer van God, in Jezus Christus' Naam. Amen.

     Nu, ik wilde dit alleen maar zeggen en ik dacht dat dit ding hier deze geluidsbanden regelde, maar dat is niet zo; dit was een lampje voor de lessenaar. Ik dacht dat de controle van de geluidsband vroeger hier zat. Maar mij werd gezegd slechts een wenk te geven naar de broeders daar in de kamer, de opnamekamer, en ze zouden weten wanneer ze de banden moeten stoppen en wanneer niet.

     De banden, ziet u, hebben een wereldwijde bediening, overal, ziet u; ze gaan overal heen. Het gaat in allerlei talen en alles; er zijn dus dingen die we hier wel zeggen, die we ergens anders niet gezegd zouden hebben en dat is de reden dat ze het zouden kunnen stoppen.

     Nu, vragen beantwoorden is een heel ding. Dus ik... Nu, om dit te beantwoorden, de meeste ervan, de meeste vragen, afgezien van... iedereen nu... Sommige hebben zelfs geen enkele betrekking op de Boodschap... of de zegels, maar ik zal proberen ze te beantwoorden. En ze werden me gegeven en zoals hun verteld werd... Mij werd verteld dat de meeste of een groot gedeelte ervan ging over verzoeken om gebed en de zieken en aangevochtenen en verschillende dergelijke dingen, enzovoort, en dat had dus geen enkele betrekking tot enige vraag om beantwoord te worden. Vervolgens werd mij een stapel gegeven hetwelk over verschillende dingen ging (de Schrift en dergelijke) en misschien, als we tijd hebben, zullen wij proberen ze zo goed mogelijk te beantwoorden.

     Nu, wanneer ik een fout maak, bedenk dan dat ik niet opzettelijk een fout wil maken. Dus iedereen voelt zich goed? Amen. Het is gewoon zo, over hemelse gewesten in Christus Jezus gesproken! Wat een wonderbare plaats! Wat een wonderbare tijd!

21 Van alle keren dat ik achter de preekstoel van de Tabernakel heb gestaan heb ik nooit, nooit in enige tijd van mijn bediening zo in de sferen van God en de geestelijke sferen gewerkt als bij deze keer. Dit gaat ver uit boven datgene wat ik ooit in enige tijd van mijn bediening in enige samenkomst, waar dan ook, heb gedaan. Meestal gaat het over genezing, dit is de openbaring van waarheid door dezelfde Geest – dezelfde Geest.

     Ik ben totaal alleen geweest, ergens in de kost, of ging naar een plek om te eten. Ik ben slechts alleen geweest; zodoende is het werkelijk een bijzondere tijd geweest.

22 En nu dadelijk, in de ochtend of de volgende ochtend... waarschijnlijk wanneer we op tijd klaarkomen, zal ik, als deze vragen niet te lang duren, deze morgen voor de zieken bidden; op deze wijze moet ik een poosje tot mezelf komen, ziet u.

23 De menselijke geest kan slechts een bepaalde hoeveelheid verdragen. En wanneer je tot een plaats komt dat je een uur lang verdoofd zit door de tegenwoordigheid van God en er een Lichtkolom daar voor u hangt, kunt u daarin niet te lang blijven, ziet u? Het menselijk wezen kan het niet verdragen. En dus...

     Nu, deze vragen zijn werkelijk fijn. Ik waardeer... en de wijsheid en zo, die mensen gebruiken. Nu, voor de eerste... en ik zal proberen ze te beantwoorden en dan, wanneer ik het niet goed krijg, zou u me dan willen vergeven?

     En wanneer u een andere uitleg heeft en gelooft dat uw mening erover juist is, ga dan gewoon uw gang; dat geeft niet, want slechts ongeveer één of twee ervan hebben betrekking op enig ding betreffende redding. De meeste vragen zijn gesteld over die andere zijde van de verdruk... over de opname van de gemeente.

24 Dus ziet u, het zijn hier vragen over hetgeen moet komen en nog zal komen te geschieden, ginds in de andere gedeelten, omdat we nu met onze onderwijzing in het Boek voorbij het gemeente-tijdperk zijn. We zijn er voorbij – daar in de tijd van het uitroepen van de 144.000.

     Nu, de eerste vraag hier:

     [Vraag 1:] Zijn de vijf wijze maagden uit Mattheüs 25 bedienden voor de bruid, of zijn ze de bruid? Indien deze wijze maagden bedienden zijn voor de bruid, waar is dan de bruid?

25 Nu, naar mijn beste weten zijn deze maagden... U weet dat er tien uitgingen en dit hier is slechts een symbool of een gelijkenis wat ik u ga vertellen. Zie, er waren er tien. Natuurlijk waren er meer dan tien; er werd gewoon een getal genomen.

26 Maar dan, de wijze maagden hadden olie in hun lampen; de dwazen hadden geen olie in hun lampen. Dus als die tien daar uit Mattheüs (indien dit de vraag van de persoon is), als die tien daar... Betekende dit dat dit zou zijn... of deze vijf liever, dat het er precies vijf zouden zijn (zie?), maar vijf mensen?

27 Nee, dat betekent het niet. Het is enkel een symbool van de maagden, ziet u, van de maagd die uitging met olie in haar lamp; ze zijn een deel van die bruid. Naar mijn begrip, en dan bemerkt u nu dat zij maagden van de laatste wake waren – door al de nachtwaken heen komend.

     Er waren zeven nachtwaken. En in de zevende nachtwake, het middernachtelijk uur, waar we nu toe komen, zie... Nu, in deze middernachtelijke wake ontwaakten deze maagden en maakten hun lamp schoon en gingen naar binnen terwijl de slapende maagden...

28 Nu dit gedeelte hier, deze vijf (als dit de bedoeling van de vraag is – dat er bedoeld werd of er slechts vijf waren)... We kregen vele vragen binnen over de zevenduizend, enzovoort; nu, dat was slechts een symbool, een deel ervan. En allen die hier in dit laatste tijdperk ontwaakten, in de zevende wake; als het er maar vijf zouden zijn die in die tijd zouden ontwaken en die opgenomen zouden worden, die binnen zouden gaan met de bruid, enzovoort, de Bruidegom...

     Nu, als zij zelf... Dit betekent niet dat er maar vijf zullen zijn, omdat ze door alle tijdperken heen slapen, zoals we er in deze week toe zijn gekomen, ziet u.

29 In de dagen van Paulus, de engel van de gemeente in Efeze – Paulus, die deze gemeente stichtte, en de boodschapper ervan was... Vergeet niet dat Paulus die de gemeente in Efeze stichtte, de boodschapper van die gemeente werd en dat de Geest die in het land was in die tijd de geest van een leeuw is. En de leeuw is de Leeuw uit de stam van Juda, hetwelk Christus is en Christus is het Woord. Paulus met het Woord van dat tijdperk. Duizenden vielen in dat tijdperk in slaap. Is dat zo?

30 Dan komt het volgende tijdperk en de tijd waarin de kerk gevestigd werd in de donkere middeleeuwen, de geest van het rund ging uit: werk, arbeid en opoffering en ze gaven hun leven. Duizenden maal duizenden vielen onder martelaarschap, en van alles, in slaap. Ze wachten nu, ziet u?

31 Dan komt het volgende tijdperk, het Lutherse, het hervormingstijdperk. Daar kwam het verstand met het menselijke vernuft. Als u opmerkt kwam de mens daarmee uit en toen hij dat deed, voegde hij zijn eigen scherpzinnigheid eraan toe. Dat is wat hem trouwen deed met het andere deel, ziet u? Indien hij slechts bij Gods wijsheid was gebleven, gewoon hervormend en eruit trekkend... Maar wat deed hij? Na die man die de boodschap had, Luther – na Luthers dood, kregen ze een Lutherse organisatie. Na Wesley's dood kregen ze een Methodisten organisatie, zie? Je blijft op die manier aan de gang. Zo gaat dat.

32 Nu, ik wil dat u dit opmerkt, zie. Nu mag iemand misschien vragen omtrent het Pinkstertijdperk, wat het derde tijdperk was. Ziet u, elk van deze tijdperken nam slechts een korte dompeling in de Heilige Geest. Rechtvaardiging is een werk van de Heilige Geest; heiligmaking is een werk van de Heilige Geest, maar de doop ìs de Heilige Geest.

33 En dit is de reden dat er een profetische profeet moest komen; geen boodschapper voor het tijdperk, omdat de Heilige Geest Zelf kwam in Zijn volheid in de doop. Maar aan het einde van het tijdperk, zoals het altijd eindigt na het vorige, bemerken we dat dan de boodschapper gezonden wordt en deze verminkingen en dergelijke moeten precies op hun plaats worden gezet. Dan komt de opname van de gemeente.

34 Maar zovelen schrijven al deze verschillende dingen: de zon die in duisternis zal veranderen, de maan... Ze plaatsen dat ver terug daar in de Christelijke eeuw. Zij faalden gewoon die drie vragen te zien die daar aan onze Here gesteld waren toen Hij ze beantwoordde.

     Nu, gisteravond was er geloof ik helemaal geen vraag. We namen elk van deze vragen en plaatsten ze recht onder de zegels en de zegels is het hele Boek zelf bij elkaar. Gelooft u dat, doctor?

35 Zie, de hele zaak bij elkaar genomen. En we namen wat Jezus hier zei. Zij stelden drie vragen, ziet u: "Wanneer zullen deze dingen zijn? Wat zal het teken zijn van Uw komst, en wat is het einde van de wereld?" En Hij kwam recht neer en we trokken elkeen daaronder open, behalve één. Wat was dat? Het zevende zegel. Waarom? Ziet u, het is niet bekend. Dat is het.

36 Elk ervan kwam precies uit. Ik heb ze helemaal van voor tot achter precies parallel gezet, en toen ik het gisteravond opschreef en daar in kwam en kwam tot... ik ging terug om naar mijn oude aantekening te kijken die ik daarginds had gemaakt; wel, ik zag waar ik de een met de andere verwisseld had. Ik had ze door elkaar gehaald. Dat is wat ik deed. Ik vermoed dat u het hebt gemerkt. Hebt u het gemerkt?

     Ik schreef hier wat ik aan de andere kant moest schrijven en ik schreef het daar. Ik plaatste ze allebei, negen en elf, of negen en zes, of zes en elf en negen en elf, wat niet zo was. Het was andersom, het volgende vers daaronder. Zie? En dat was het, de antwoorden tussen de pestilentie en de oorlog, ziet u? Dàt was het.

     Ik was toch zo gelukkig, ik ging tekeer als een... Ik genoot van de opwekking van de openbaring. Dus schreef ik het hier op deze plaats, daar zittend met een potlood of een pen en ik schreef elf neer op beide plaatsen waar het niet hoorde te staan. Ik geloof dat het negen in plaats van elf was voor die andere kant.

37 Maar hebt u nu gezien hoe volmaakt ze parallel liepen? Nu, vergeet dat niet. Ze liepen parallel tot en met het zesde en stopten, ziet u. Let nu op het openen van de zegels dat tot en met het zesde doorgaat en stopt – slechts stilte in de hemel (dat is alles wat gezegd wordt), een half uur lang.

     Nu, in deze... Ik moet me haasten en deze beantwoorden omdat elk wel een prediking van vier weken lang is, ziet u, elk van deze; je kan gewoon niet op iets anders overstappen. Maar ik wil dat niet doen want ik wil, voor zover ik kan, ieders vraag beantwoorden.

38 Deze maagden zijn genomen uit... Dat is slechts een deel van hen uit dat tijdperk. Elk tijdperk heeft de maagden. Ziet u? Het zegel... De engel komt tot de gemeente: "Schrijf aan de engel van de gemeente van Efeze." Ziet u?

     En dan komen we hier toe en dan, na het schrijven aan de gemeente van Efeze (sla terug en vergelijk), wordt een zegel geopend. Dit is gewoon de manier waarop we het brengen, hoe we proberen het u allemaal begrijpelijk te maken (Ziet u wat ik bedoel?), zo de Here wil.

39 Wat heb ik eerst gehad? Gemeente-tijdperken. Is dat zo? Vervolgens: de boodschap aan de gemeente-tijdperken. Is dat voor iedereen nu duidelijk? Zie?

     Eerst kregen we de gemeente-tijdperken en namen we de geschiedenis door (behandelden de Concilies van Nicéa en de Concilies die daarvoor werden gehouden en alles wat we in de geschiedenis konden vinden) en ontdekten dat de juiste uitleg van het Woord precies overeen kwam met de geschiedenis. En brengen het zo verder tot dit tijdperk, dat van Laodicéa, en u hebt hier geen geschiedenis bij nodig; dit wordt nu geschiedenis gemaakt, ziet u. Daar is het, en toonden vervolgens wat in dit tijdperk zou gebeuren.

     Nu, we komen terug met de zegels en openen dat zegel – God opent dat zegel voor ons. Wat is dat? Allereerst is daar een boodschapper: een gemeente-tijdperk; vervolgens de zeven zegels.

40 We bemerken nu het bederf dat het zevende gemeente-tijdperk treft... maar het zevende zegel openbaart niets (wat daarmee zal gebeuren), zie, omdat aan het einde van dat gemeente-tijdperk een profetische gave zal komen om deze dingen te openbaren. Kunt u dat volgen? Goed.

41 Merk nu op hoe elk van deze zegels... Dan kom ik hier, waar Jezus Christus deze drie vragen gesteld zijn: "Wat... Wanneer zullen deze dingen zijn wanneer er geen steen op de andere gelaten zal worden? Wanneer zal dit afgebroken worden, dit religieuze centrum van de wereld en een ander worden opgericht? Wanneer zal het zijn dat de antichrist uitrijdt?" Zie? En wat ging uit om het tegemoet te treden? Het Woord; het Woord tegen het Woord.

42 Toen zakte het af naar de politiek en van alles; en daar kwam de arbeid van de os. Ziet u? Dit is precies het tweede en Jezus zei dit in Mattheüs 24. Dan gaan we vandaar over tot de schranderheid van de hervormers; het dier als een mens ging uit om het tegemoet te treden. Dat is wat heeft plaats gevonden. Dan komen we bij het volgende, het vierde zegel, wanneer de antichrist een samenbundeling wordt en een naam kreeg, de Dood...

43 Let nu op wat Jezus zei: "En hij zou haar voor de vuren werpen en zelfs haar kinderen doden." Dat is de rit van de dood. Dat is zowel Protestanten als Katholieken – het merkteken des doods op elk van hen – zij en haar kinderen worden vernietigd. Dus wanneer u vertrouwt op uw denominatie kunt u er nu maar beter dadelijk bij vandaan gaan. En wanneer het tenslotte komt tot het zevende zegel, stopte Jezus daar precies.

44 Hij opende het zesde zegel door te zeggen dat de maan zou veranderen in bloed en duisternis en alles – deze dingen die zouden plaats vinden. We komen gelijk hier en openen het zesde zegel. Nadat het zesde zegel geopend was, en keren regelrecht terug en tonen hetzelfde.

45 Daar hebt u de drie verschillende plaatsen in de Schrift, tezamen verbonden met de Openbaring, zie? Let op. De plaats waar Jezus zo sprak, de plaats waar Hij toen het Boek opende, dat verborgen was van voor de grondlegging der wereld, en dan de openbaring van deze dag die het hier precies in plaatst en de drie aan elkaar verbindt; en drie is een getuige, dus is het waar. Het is absoluut waar.

46 Welnu, deze maagden die we hier aantreffen zijn degenen die in slaap vielen en vervolgens wordt van die groep het hele lichaam tezamen opgebouwd, hetwelk de wijze maagden gaat vormen. En de dwaze maagden zijn degenen die daarginds in dezelfde tijd als de wijze maagd begonnen (de antichrist); en zij zijn degenen die olie proberen te kopen.

     Nu, kijk even hier. Ziet u hoe perfect, waar u ook gaat. Indien ik hier kon staan en de dingen kon uitspreken die in die kamer geopenbaard zijn; ik kan u zeggen dat het uw hoofden zou doen duizelen. Maar hoe zal je dat doen wanneer je hier een hele zaak hebt.

     En dan, op de een of andere manier, wanneer je bij de mensen vandaan gaat, dan begint het zich te ontvouwen – geheimenissen; dan zie je ook dingen die je niet tegen de mensen durft te zeggen. Omdat, ziet u, als ze het zouden horen, zij met kleine 'ismen' zouden beginnen.

47 Kijk slechts wat deze kleine gave van genezing heeft veroorzaakt, hoe het de gemeente heeft verward. Iedereen had een sensatie, iedereen had dit; en diep in mijn hart, God weet dat het de waarheid is, wist ik dat het niet juist was, omdat Hij het me vertelde. Maar het is een valse nabootsing; het is alleen maar om de mensen van het spoor te brengen. Nu, dat is waar. Maar ziet u, je kunt deze dingen niet zeggen. Het beste is om het gewoon te laten gaan.

48 En u herinnert zich de derde trek; er werd gezegd: "Vertel het niemand." Wat zei ik dat het was? Hoevelen herinneren zich dit? Zeker. Herinnert u zich dat ik daar in het visioen stond en probeerde die veter in het gaatje van dat schoentje te krijgen? Hij zei: "U kunt Pinksterbaby's geen bovennatuurlijke dingen leren."

49 En ik zei: "Dit zal de derde trek zijn en het zal niet bekend worden", zo helpe mij, door de genade van God. Welnu, we zijn nu regelrecht aan de eindtijd. Het zal niet al te lang meer duren of de genadetroon zal de oordeelstroon zijn. Terwijl u deze dingen ziet opkomen en deze mensen ziet binnenkomen, kunt u maar beter ook binnenkomen, indien u nog niet binnen bent; nu, vergaderd in hemelse gewesten, ziet u?

50 Het betekent ook meer dan zich alleen maar te verheugen. In hemelse gewesten, wanneer u werkelijk in Christus vergaderd bent is het een vreesaanjagend iets!

     Daar bij die Engel des Heren te staan, u zou denken dat u alleen maar aan het juichen en schreeuwen zou zijn. Dat is het niet. Het maakt u bijna doodsbang. Ziet u, er is dus een verschil in alleen maar zich te verheugen, in een opwelling te dansen (wat goed is) en dan te komen tot de echte zaak.

51 Dit is waar de vrees... Het is iets om te vrezen. Niet dat u vreest dat u verloren bent, maar u staat werkelijk voor een engelachtig Wezen en de Heilige Geest Zelf die daar staat. Nu, dat zal deel uitmaken van de bruid; dit is wat het voltallig zal gaan maken – al diegenen die slapen. En kunnen we dit niet absoluut zien? [Broeder Branham wordt onderbroken door een fout in het systeem voor de bandopname – Vert] ... bid nu dat U de genezing van de mensen zult toestaan, door deze zakdoeken waar ik ze op heb gelegd. In Jezus' Naam. Amen. (Is het nu in orde? Dank u. Trapte iemand ergens op? Teveel bandrecorders veroorzaakten teveel belasting van het elektrische net. In orde, pak gewoon een andere band en ruil de band om en haal het van deze af.) Nu let nu op, de volgende vraag.

     [Vraag 2:] Zouden evangelisten op het veld moeten doorgaan?

52 In dit uur, natuurlijk – wat ze bedoelen. Zeker, in elk geval; verander niets. Indien Jezus morgen komt, predik vandaag alsof het nog tien jaar zou duren, maar leef alsof het in dit uur zal gebeuren.

53 Breng uzelf nu niet in gewetensproblemen. Daarvoor probeer ik u te waarschuwen, ziet u. Doe niet vreemd, eigenaardig. Verander niets, maar wanneer u iets verkeerds doet, of kwaad doet, bekeer u. Keer terug naar God. Ga door met uw evangelische dienst zoals u altijd hebt gedaan.

54 Wanneer u een huis bouwt, bouw het. Indien Jezus morgen komt, wees trouw bevonden in uw werk. Indien u uw kerk aan het bouwen bent, ga verder en bouw het op. Ik zou liever mijn geld in zoiets steken dan het in mijn zak te hebben bewaard. Blijf dus gewoon doorgaan, ga door met waar u mee bezig bent.

55 Begrijpt iedereen het nu? Ga gewoon door. Ga verder met waar u mee bezig bent. Nu stop niet; doe niet niks. Ga gewoon door precies zoals u bent; ga door met de Here te dienen.

     Nu, indien u bijvoorbeeld voor iemand werkte en u wist dat het vijftien minuten voor sluitingstijd was. "Wel", zou u zeggen, "het duurt nog maar vijftien minuten, ik zou net zo goed wel daarginds kunnen gaan zitten." U zou voor die vijftien minuten gekort worden op uw salaris.

56 Wanneer u tarwe gaat planten, plant uw tarwe. Wanneer u aardappels moet rooien, ga door en rooi ze. U zegt: "Wel, niemand zal ze eten." Dat maakt geen enkel verschil, rooi ze hoe dan ook. Ga door met wat u aan het doen bent.

57 Onlangs kreeg ik een brief van iemand. Iemand had hun verteld: "Wel, de tijd breekt aan. Verkoop de boerderij. Nu, het voedsel waarvan u leeft op de boerderij zult u niet nodig hebben, want het duizendjarig rijk zal aanvangen en u zult het niet nodig hebben, dus gaat u gewoon verder en terwijl de verdrukkingsperiode bezig is, uw kinderen zijn niet gered dus laat ze gewoon... Laat de kinderen de boerderij hebben waar ze van kunnen eten, maar u allen verkoopt uw boerderij en..." of zoiets dergelijks. O, ze hadden...

58 Ik zei: "O, o." Als ik wist dat Hij morgen zou komen en ik was boer, zou ik mijn oogst vandaag binnenhalen. Zeker. Wanneer Hij mij boer had gemaakt, zou ik precies op mijn post staan. Zo is het. Wanneer Hij mij monteur had gemaakt... Ik zei: "Wie..."

59 Iemand zei onlangs, hij zei... Een kerel kwam binnen en zei: "Zeg broeder, weet u wat?" Hij zei: "Ik ga u mijn reservesleutels geven. Ik heb een nieuwe auto gekocht." Hij zei: "Ik zal u mijn reservesleutels geven." Hij zei dit tegen zijn voorganger. Hij zei: "Ik zal u mijn reservesleutels geven, want de opname kan komen, weet u, en ik zal ze niet meer nodig hebben." Zijn voorganger zou het gaan missen! Dit is jezelf klaarmaken, is het niet? Goed, maar zo gaat het.

60 Wij moeten zo niet zijn. We moeten een verstandige, evenwichtige Christen zijn. En ik ben hier gesteld om tot de laatste minuut door te werken. Ik heb een werk te doen en ik wil daar trouw op mijn post gevonden worden. Wanneer Hij vanmorgen komt wil ik hier precies in de preekstoel staan.

     U zegt: "Broeder Branham, als Hij vanmorgen zou komen, zou u dan niet daar buiten op het veld moeten zijn?"

     Nee meneer, dit is de plaats van mijn plicht. Ik zal, wanneer Hij komt, precies hier staan prediken, dezelfde dingen zeggend die ik nu zeg. Dan, wanneer Hij komt, zal ik gewoon regelrecht met Hem meegaan.

61 Als ik het aardappelveld moet schoffelen, zal ik gewoon zo hard als ik kan bezig zijn met schoffelen. Wanneer Hij komt laat ik gewoon mijn schoffel vallen en ga er vandoor. Herinnert u zich in het jubeljaar, als ze aan het schoffelen waren, gingen ze gewoon door met schoffelen. Ze wisten dat binnen misschien tien minuten het jubeljaar zou beginnen en de bazuin in het jubeljaar zou schallen. Ze gingen gewoon door met hooien of wat ze ook deden; maar wanneer de bazuin schalde, dan lieten ze hun hooivork vallen en verdwenen. Zo is het. Ga gewoon door met hooien tot de bazuin schalt.

     [Vraag 3:] In orde. Vraag: In overeenstemming met de opening... [Weer onderbreking – Vert] (Gebeurde er iets? Het maakte hier lawaai.) Vraag: In overeenstemming met de opening van het vijfde zegel moeten Mozes en Elia sterven; wat aangaande Henoch?

     Ik weet het niet. Als ik het niet weet, vertel ik u gewoon dat ik het niet weet. Ik weet niet alle antwoorden, mensen, ik weet het niet. En als ik het niet weet zal ik u vertellen dat ik het niet weet. Als ik het weet... Ik zal het u niet vertellen tot ik het weet; maar ik weet het niet. Ik heb dat mijzelf ook vaak afgevraagd.

     Daar was Henoch... Ik heb gezien dat Mozes en Elia terugkomen en ze worden gedood, maar Henoch werd van tevoren weggenomen. Ik heb er vaak aan gedacht en mezelf afgevraagd: hoe zit het daarmee? Maar dan, de enige troost die ik hier kan zeggen is: nu, bemerk dat Mozes God slechts veertig jaar diende, zie. Hij was honderdtwintig, maar twintig jaar...

62 De eerste veertig jaar, bedoel ik, werd hem zijn opleiding gegeven. Is dat zo? De tweede veertig jaar nam God het uit hem weg en de derde veertig jaar diende hij God. Goed. Maar Henoch wandelde vijfhonderd jaar voor God en was vlekkeloos. Mozes komt dus terug om wat langer te dienen; hij en Elia.

     Nu, ik zeg niet dat het waar is. Ik geef u dit slechts als een gedachte. Maar om precies te zeggen hoe het zit, ik weet het niet. Ik kan u werkelijk niet vertellen wat daar gebeurde of wat God zal doen.

     [Vraag 4:] Wat is de naam die op de mensen van Openbaring 3:12 zal rusten?

63 Ik weet het niet. Hij zei dat hun een nieuwe naam werd gegeven. Ik weet niet welke dat is, ziet u? Het zal waarschijnlijk bekend gemaakt worden wanneer we daar komen, maar ik weet nu niet wat het is, zie? Hij zal dat gaan doen. Hij geeft hun een nieuwe naam die ze zelf alleen weten, ziet u?

     [Vraag 5:] Nu. Broeder Branham, is er ergens een Schriftgedeelte dat trouwen na scheiding toestaat? Dit is erg belangrijk.

64 Er wordt gezegd: "belangrijk". Wel, dit is de reden dat het hierop geen betrekking heeft. Voor zover ik kan zien, mijn broeder of zuster, wie het ook mag zijn, is die er niet tenzij uw levensgezel dood is, omdat de Bijbel zegt dat we met hen verbonden zijn zolang ze leven.

65 Dus, voor zover er een tekst is, dat is wat hier gevraagd werd: "Is het Schriftuurlijk? Is er ook een Schriftgedeelte?" Niet dat ik kan vinden, zie? Niet voor zover ik vinden kan, omdat Paulus zei dat het getrouwde paar... Indien de levensgezel dood is, dan zijn ze vrij om te trouwen, in de Here, met wie ze maar willen. Maar tot dan... Maar let op. U zegt: "Tot de dood ons scheidt."

     Zo is het. Je hebt daarvan een eed afgelegd, ziet u. Ik geloof dus niet dat er een tekst is. Nu, als u iets gevonden hebt en het zegt precies waarom, in orde. Maar wat mij betreft, ik heb er geen gevonden.

     [Vraag 6:] Wat betekent: "... beschadig de olie en wijn niet" in Openbaring 6:6?

66 Het is de Heilige Geest. We hebben dat net doorgenomen. Mogelijk is het iemand die voor de boodschap wat later is binnen gekomen, weet u; voor die andere banden, ziet u. "... beschadig de olie en de wijn niet." Wat betekent de olie en wijn? De olie, zoals we het in symbolen doornamen, betekent de Heilige Geest, ziet u.

67 Wijn is de... en olie wordt in de Bijbel in verband gebracht met aanbidding. En de wijn als we het nemen... daarvan kreeg ik de gedachte over opwekking. Wijn wekt op. En het tegenbeeld van wijn, wat de natuurlijke opwekking betreft, is openbaring.

68 Nu, denk u eens in; wat stimuleert, wekt de gemeente op? Openbaring. Ziet u? Dus wijn, de nieuwe wijn zou... Let nu op. De olie en de wijn gingen samen in het offer, gingen samen met de aanbidding in de gemeente (merk nu op), samen vergaderd, samen verbonden.

     U die een concordantie bezit, kijk en zie een hele reeks waar wijn en olie samen worden genoemd met aanbidding. Als u een Cruden's concordantie hebt, wel, daar wordt het gezegd.

69 Let hier nu op. Maar nu, ziet u, is de olie altijd de Heilige Geest. We vinden het in Ezechiël en we vinden het in het Oude Testament en we vinden het door het hele Nieuwe Testament. Waarom zalven wij de zieken met olie? Wij zalven de zieken met olie, omdat het de uitstorting van de Heilige Geest op hen symboliseert, ziet u. En ook, de wijze maagden hadden olie; de dwaze hadden geen olie. Geest, ziet u? Nu, dat is de olie.

70 En dan de wijn... Indien de olie God vertegenwoordigt, God is Geest. Zie? God is Woord. "In den beginne was Woord; Woord was met God; Woord werd vleesgemaakt" en dat was God. Nu, als dan het Woord hier nu zit in een natuurlijke vorm... Nu, de wijn is het water, zoals de openbaring die deze uitleg van het Woord openbaart, wat de gelovige stimuleert, ziet u.

71 O, ze kregen gewoon... "Ik heb het nooit eerder gezien! O! Glorie!" Wat is het? Opwekking van openbaring. (Ik wist dat ook niet tot laatst op die dag dat ik daar zat, zie?) Nu, dat doet de olie en de wijn, dat gebeurde... "Zie dat u niet beschadigt..." Dat was de zwarte ruiter, en dat was in de tijd van de donkere eeuw; het derde tijdperk van de kerk.

     Merk op, en destijds was er nog een klein beetje van overgebleven, net een kleine beetje, maar beschadig het niet. En ik geloof wanneer u het derde zegel op de band krijgt, dan zult u het daar vinden, waar we het in details hebben uitgelegd... in detail, liever.

     [Vraag 7:] Broeder Branham, is het Boek des Levens van het Lam en het Boek des Levens hetzelfde Boek?

     Zeker. Omdat in dit Boek alle verlossingen geschreven zijn, zie? Hun namen staan in... U zegt: "Wel, onze naam is in het Boek des Levens van het Lam gezet, broeder Branham. Ik werd er onlangs in gezet." Nee, dat werd u niet. Nee, dat werd u niet. U ontdekte die avond alleen dat hij erin stond, omdat hun namen voor de grondlegging der wereld geschreven waren, zie? Het is allemaal hetzelfde Boek, ziet u?

     [Vraag 8:] Nu, broeder Branham, is het waar dat elke Jood die geboren is sinds Christus kwam, gered zal worden, en wie zijn de 144.000? Zijn zij de voorbestemden die verzegeld zullen worden met de Heilige Geest en wat is hun opdracht?

72 Daar staan zo ongeveer drie vragen in. Maar hier, de eerste is: Is het waar dat iedere Jood die geboren is sinds Christus in de wereld kwam gered wordt?

73 Nee. Niets zal gered worden behalve degenen wier namen gezet waren in het Boek des Levens van het Lam vóór de grondlegging der wereld, Jood of heiden. Dat is alles; het Boek bevat dat geheimenis en het Boek is het nu slechts aan het ontvouwen – niet ieders naam, maar wat het geheimenis van het Boek is, terwijl het die namen roept. Begrijpt u het nu? Ziet u?

74 Het Boek zegt niet: "Welnu, Lee Vayle zal gered worden in de tijd van dit gemeente-tijdperk", of "Orman Neville..." of wie ook. Nee, dat zegt het niet. Het laat alleen het geheimenis zien, ontvouwt het geheimenis over wat de zaak is. Maar wij, wijzelf, geloven het door geloof. Dat is wat ik laatst op een avond zei.

75 Iemand zei: "Wel, het heeft geen nut voor mij om het te proberen. Broeder Branham zegt dat er uit Jeffersonville slechts één gered zou worden", ziet u? Nu kijk, het is het tonen van een gelijkenis. Dat betekent niet... Dat is het niet. Er kunnen misschien wel duizenden gered worden. Ik weet het niet. Ik hoop dat ieder van hen gered is, maar ik weet het niet. Maar hier is de manier waarop ik het geloven wil: ik ben diegene. U gelooft hetzelfde voor uzelf. Zo niet, dan is er iets verkeerd met uw geloof. U bent niet zeker van wat u doet.

76 Hoe kunt u... Hoe kunt u wandelen met de dood voor ogen wanneer u niet zeker bent of u gered bent of niet? Hoe kunt u hier komen en tot deze kreupele man die hier blind en misvormd ligt, zeggen: "ZO SPREEKT DE HERE, sta op, Jezus Christus maakt u gezond"?

77 Hoe kunt u het verdragen om dat oude, koude, stijve lichaam daar te zien liggen; het is dood en reeds urenlang dood en ligt daar koud en stijf, en dan zeggen: "ZO SPREEKT DE HERE, ga op uw voeten staan"? U kunt maar beter... U moet weten waarover u spreekt, zie.

78 "Wel," zegt men, "de dood eist alles op. Het is allemaal voorbij." Ja, maar wanneer Gods Woord wordt geopenbaard en u weet dat het God is, verandert dat de dingen. Zo is het. Nu, deze Joden zijn niet... niet alle Joden zullen gered worden. Zeker niet! Ze zullen niet gered worden, slechts degenen die...

79 Wanneer Hij over de Joden spreekt... Jood is gewoon een naam die hun gegeven werd nadat ze weggingen; ik geloof dat Nebukadnezar daarginds ze allereerst Joden begon te noemen, omdat de stam van Juda toen meegenomen werd en ze kregen de naam van Jood; nu, omdat ze van Judéa kwamen ontvingen ze de naam van Jood. Maar nu, Israël is wat anders. Israël en Jood is geheel verschillend.

80 Elke Jood... Iedere Jood is nog geen Israëliet, ziet. Nee, hij is gewoon een Jood, maar dan, Israël... Paulus heeft nooit gezegd dat alle Joden gered zullen worden; hij zei dat geheel Israël gered zou worden. Waarom? Israëls naam, dat is de naam van verlossing al de tijd door, zie. En geheel Israël zal gered worden, maar niet heel het Jodendom zal gered worden, zie.

81 Evenals de heidenen – er zullen er... Er zijn duizenden keer duizenden mensen, ja, letterlijk miljoenen van deze organisaties die Christelijk genoemd worden – Kerk van Christus, en meer van zulke namen. Dat betekent niets. Dat betekent niet dat ze gered zullen worden. Mensen zeggen: "Nu, u moet tot dit of dat behoren", een organisatie, een bepaalde organisatie. "Wanneer uw naam niet in ons boek staat bent u verloren."

82 Nu, dat is een cultus. Dat is een cultus, zie? Er is slechts één manier waarop u gered kunt worden en dat is niet hij die wil of hij die loopt, maar dat is God die genade toont. En God beschikte door Zijn voorkennis een gemeente voor Zijn eer en dat zijn degenen die gered worden. Zo is het.

     Nu, uw geloof is daar zo verankerd... U zegt: "Wel, mijn geloof ligt daar verankerd" en kijk wat voor soort leven u leidt. U bent er niet eens geschikt voor. Uw anker is verkeerd; u hebt het op het zand in plaats van op een rots. Het eerste golfje zal het eraf gooien.

     Laat het Woord in iets worden geopenbaard: "Mijn kerk leert dat niet!" Dat laat dan direct zien dat u niet op een rots was verankerd; u was verankerd in het zand. Zo is het. Nu, u ziet dus...

     [Vraag 8b:] Nu, de 144.000, zijn zij de voorbestemden?

83 Jazeker! Dat is Israël – geestelijk Israël. Denk u even in, er zullen daar miljoenen van hen zijn. Ik weet niet hoeveel er daar nu zijn. Ik denk de hele groep, maar ze zullen niet allen gered worden omdat ze in Judéa zijn, ziet u.

84 Hebt u enig idee hoeveel er daar nu zijn? Ik weet het niet, maar waarschijnlijk wanneer deze volgende vervolging begint op te komen, worden ze verzameld door... Weet u, ik heb een band die over hen gaat; ik neem hem nu mee naar het westen naar één van de kerken van het verbond, die staat... het is die oude... O, ik ben het nu vergeten. Het begon met... Ze hebben ze daarginds in Afrika: Nederlands Hervormd. Het is de Nederlands Hervormde kerk, dat is het verbond.

85 Nu, indien er hier enigen van u zitten, zal ik u vertellen waarom. U houdt zich nog steeds vast aan die oude Heidelbergse Catechismus en dat is precies de reden dat u nog steeds Nederlands Hervormd bent, zie? U mag opgepoetst zijn door een Amerikaanse naam, Dutch Reformed, maar dat is de zaak die erachter zit, omdat u uit diezelfde Catechismus onderwijst, die oude Heidelbergse. Vraag uw dominee of dat niet juist is.

86 Dus nu, merk dit op: de 144.000 zijn de voorbestemden om met de Heilige Geest verzegeld te worden. Jazeker, zo is het precies! In orde. Nu, als daar iets... Nu, indien ik niet tot uw tevredenheid heb geantwoord, wel, misschien zou ik het verkeerd kunnen hebben. Ziet u, maar het is toch naar mijn beste weten, zie. Dit is naar mijn beste weten.

     [Vraag 9:] Broeder Branham, daar u gezwoegd hebt op het slangenzaad... (U, o, ik heb deze helemaal niet opgemerkt. Deze is er tussen geslipt.) ... slangenzaad deze week, is het wel op zijn plaats om deze vraag te stellen? Mijn vrienden hebben mij gevraagd om Genesis 4:1 te verklaren en ik kan het niet. Wilt u mij helpen?

     Het is buiten het onderwerp om, maar in ieder geval zal ik proberen mijn best te doen, met Gods hulp. Laat nu eens kijken. Laat ik het even een beetje helderder maken. Ik geloof dat dit is waar ze zei: "Ik heb een zoon van de Here gekregen", ik geloof dat het... ik denk dat Eva dat zei. Ik wil het nakijken om zeker te zijn, omdat ik laatst op die avond zevenhonderd in plaats van zevenduizend zei, dus...

87 Het maakt me zo zenuwachtig, ziet u. U moet gewoon waakzaam zijn; de vijand is aan alle kanten en daarvan ben je je bewust, ziet u. (Ja, dat is het.)

     En Adam bekende Eva, zijn vrouw, en zij werd zwanger, en baarde Kaïn, en zeide: Ik heb een man van de HEERE verkregen!

     Nu, ik ga gewoon een vraag stellen, mijn broeder of zuster, en bedenk, ik ga niet afgeven op u, nee. Ik probeer u te helpen, zie. Ik heb u lief en ik heb de persoon lief die er misschien kritiek op heeft gehad, maar ik geloof niet dat deze persoon kritisch is. Ze zeiden: "Help me", ziet u, omdat de mensen het geloven, maar ze zijn gewoon niet voldoende door de Geest ingelicht om te weten wat ze tegen de persoon die hun dat gevraagd heeft, moeten zeggen.

88 Nu zegt zij hier... wat de vraag is; ongetwijfeld zeggen ze: "Eva zei dat ze deze man van de Here verkregen heeft." Hoe denkt u dat leven ooit zou kunnen komen als het niet van de Here kwam, of het nu goed of verkeerd is?

89 Wie zond... Wie zond Judas Iskariot in de wereld? Vertel me dat eens. De Bijbel zei dat hij geboren was als de zoon des verderfs. Vraag ze dat maar; het zal zijn als de worm in een citroen. Nu, ziet u, ze kunnen niet... het is zo...

90 Merk op. Als u hen dan een beetje meer op de letter neemt. Kijk, Eva sprak hier – wanneer u het hier wat de taal betreft wilt nemen zoals het geschreven is, is het verborgen voor de ogen van de wijzen en verstandigen – Eva, hier, de manier zoals het onderwezen wordt, dat God Degene was bij wie zij deze zoon verkregen had, en Hij is een Geest, Hij kan het niet doen. Ziet u?

     Nu kijk hier. Wilt u daarop letten. "Ik heb een man van de Here verkregen." U kunt het gewoon haast niet anders laten klinken dan... maar het moet zijn juiste verklaring hebben, ziet u. Jazeker.

91 Nee meneer, als dat... dan de geest... en wij volgen altijd de aard van onze ouders. U weet dat. Kijk naar een baby, zijn aard. Welnu dan, Adam was een zoon van God. Eva was een dochter van God. Goed, het eerste van Gods schepping dat geen greintje kwaad ergens kon hebben... kwaad was zelfs niet bekend. Waarom was Kaïn dan een leugenaar, een moordenaar, en al het andere? Waar kwam dat vandaan? Stel u zelf nu eens deze vraag. Dat was het slangenzaad. Zegt de Bijbel dit niet?

92 Let op zijn zaad door alle tijden heen. Hierin wordt hij... Aan wie behoort de wereld? Aan de duivel. Wie beheerst het nu? De duivel. Precies juist. De duivel beheerst de wereld. Hij vertelde het Jezus, hij zei: "Kijk hoe schitterend het is en al die heerlijkheid. Ik geef het U wanneer U mij wilt aanbidden." Zie? Hij is er de heerser over. Welnu, hij bezit het.

93 Nu let op. Zijn kinderen zijn wijs: de kinderen van de duivel. Neem Kaïns kinderen, als u wilt, en neem het rechtstreeks door de geslachten heen en u zult ontdekken dat ze knappe mensen waren, ieder van hen. Maar nu, toen hij Abel doodde, en God hem Seth teruggaf, hetwelk het voorbeeld van de rechtvaardige was om te verlossen, die dood was en weer opstond... En daar vandaan...

94 Let nu op. Nu, van het eerste zaad van het natuurlijke, stierven zij. (Hebt u nu uw verstand open?) Het eerste zaad van het natuurlijke zaad, gewoon normaal goed, typeert de moderne kerk: Abel. Teneinde die lijn die voortkwam in stand te houden, stierf die ene zodat een andere kon opstaan, ziet u, het moet dus weer wedergeboorte zijn. (Snapt u het? Goed, juist zodat u het kunt vatten, zie.)

95 Daar hebt u het, het volmaakte beeld. Dus zelfs de natuurlijke mens, uit Adam geboren, zijn vader, laat die natuurlijke loop zien. Het zal niet werken. De natuurlijke mens bemerkt de dingen van God niet. Er was dus een man die op een natuurlijke wijze kwam en stierf teneinde dat weer te herstellen en hij wordt gerepresenteerd in de dood van Abel (om hem te vervangen door Seth).

96 En let op wat voor mensen dat waren, nu, die geest die uit hem voortkwam: nederig, boeren, schaapherders. Let op wat hier van deze wereldse wijsheid komt: knappe mannen, bouwers, metaalbewerkers en met allerlei knappe intelligentie en zo. Kijk waar ze eindigden. Ze waren daarginds en God vernietigde ieder van hen, ieder van hen, en redde de nederigen.

97 Zei Jezus niet in Mattheüs 5: "De zachtmoedigen zullen het aardrijk beërven"? Maakt u zich dus geen zorgen. Ze hebben geen grond om op te staan. Ze geloven niet dat dit Kaïns zoon is; maar we hebben er een geluidsband over als u het zou willen horen, waarop het uitvoerig is uitgelegd, ziet u. Zeker niet.

98 En ik heb gezien waar men ginds een krantenknipsel heeft opgehangen waarin de wetenschap nu gaat bewijzen dat Eva nooit een appel heeft gegeten, maar ze had een abrikoos. Ik heb het blad nu thuis, zie; het was een abrikoos. Hoever kunnen mensen... Dat is een vleselijke gedachte; dat Mozes feitelijk nooit door het water ging; hij doorkruiste een zee van riet, bracht Israël bij het bovenste gedeelte van de Rode Zee naar de overkant. Er is daar een hoop riet, een hele zee van riet, juist waar eenmaal het water was geweest, daar ging hij doorheen. Mozes nam de kortste weg en ging langs die weg. En de orthodoxe kerken accepteerden het! U hebt dat gezien. De orthodoxe kerken namen aan dat dit zo was.

     O mensen, kunt u dat zaad van de slang niet zien – die antichrist, en de hele zaak die daar voor u ligt? Jazeker.

     [Vraag 10:] Broeder Branham, bid alstublieft voor mijn kleine... (Wel, dat is een verzoek om gebed.) ... bid voor mijn kleinzoontje die zeer ziek ligt met griep. Hij ligt in het hotel Riverview.

     Here Jezus, deze arme persoon hier schreef dit niet zomaar voor niets. Ze heeft gezien dat u onlangs 's avonds zelfs reumatische koorts van een kleine jongen, rustig wegnam. Zij weet dat U de grote God bent en we bieden onze gebeden aan voor dit jongetje, moge hij in de Naam van Jezus Christus genezen worden. Amen.

     Wanneer iemand iets opschrijft is het niet zo maar. Ze hebben een... Het geeft niet hoe eenvoudig het voor ons klinkt en hoezeer... hoe het is, maar er zit iets achter, weet u. Die dame... dat jongetje... iets.

     [Vraag 11:] Is de Elia die komt om tot de Joden te prediken de echte man die leefde op aarde, of zal het de geest van Elia zijn in een andere man? (Nu dit is... ik ben bang om het te zeggen. Ik weet het niet. Laat me dat nog eens lezen.) Is de Elia die komt om tot de Joden te prediken (o ja), de echte man die op aarde leefde, of zal het de geest van Elia in een andere man zijn?

99 Nu, als ik dat goed zou kunnen beantwoorden, dan zou ik het u over Henoch kunnen vertellen, ziet u, maar ik kan het niet, ziet u. Het enige wat ik weet is gewoon dat de Schrift gezegd heeft wat het zal zijn, en nu kan het zijn dat de... Nu, ik ben een beetje geneigd... (Laat ik het op deze manier zeggen en ik hoop dat de broeders bij de banden dit zullen begrijpen.) Ik ben geneigd te geloven dat het mannen zullen zijn, gezalfd met hun geest; ziet u, want hij zegt: "Rust..." (bij Eliza) "Rust niet de geest van Elia op Eliza?" – de geest van Elia. En hij deed precies wat Elia deed, ziet u, maar ik kan niet zeggen dat het waar is. Ik weet het niet, ziet u. Ik ben eerlijk tegenover u; ik weet het niet.

     [Vraag 12:] Broeder Branham, zou u deze voor mij willen beantwoorden over de doop: Mattheüs 28:19 leert: de Vader, Zoon en Heilige Geest; en Petrus in Handelingen 2:38, in de Naam van de Here Jezus. Wanneer kwam ergens deze verandering in de Handelingen der Apostelen? Nu, ik geloof in de Here Jezus.

100 Wel, broeder of zuster, wie het ook schreef, hierin kwam geen verandering, ziet u. Petrus deed precies wat Jezus zei om te doen. Nu, als er iemand kwam en zei: "Gebruik de titels van Vader, Zoon en Heilige Geest"; dan deden zij wat Petrus zei niet te doen, of wat Gòd zei niet te doen, ziet u. Nu, Jezus zei dat het er slechts een beetje van afnemen zou zijn. We zijn... Ik wil u iets laten zien. Let op.

101 Als u hier bent (de persoon); ik ga hier drie stukjes materiaal neerleggen. Kijk hier, dit is de Vader, dit is de Zoon, dit is de Heilige Geest, zoals drieëenheidsmensen het geloven – geloven dat ze drie afzonderlijke personen zijn. Zij geloven dat, ziet u?

102 Goed dan, laat me nu... En nu Mattheüs 28:19; Jezus zei: "Gaat uit in de gehele wereld en predikt het Evangelie aan elk schepsel." (Nee, neem me niet kwalijk; ik haal Handelingen 2, geloof ik, aan; nee, Lukas 24:49.) Hij zei... Laat me het lezen, dan heb ik het gevonden; want laatst zei ik iets terwijl het niet zo was en ik wil er zeker van zijn dat ik dit goed heb. Ik ken de benaming van wat u daar zegt, maar ik wil precies hebben wat Hij zei. Laten we beginnen bij het zestiende vers tot het negentiende vers

     En de elf discipelen zijn heengegaan naar Galilea, naar de berg, waar Jezus hen bescheiden had.

     En toen zij Hem zagen, baden zij Hem aan; doch sommigen twijfelden.

     En Jezus, bij hen komende, sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde.

103 Nu, waar is de macht van God? Waar is God? Indien alle macht uit de hemel en alle machten op de aarde gegeven zijn, waar is God dan? Daar is Hij. Ziet u, dat is wat tot u aan het spreken is

     Gaat dan heen, onderwijst alle volken, hen dopende in de Naam des Vaders en des Zoons, en des Heiligen Geestes;...

104 De drieëenheidsmensen hebben daar nu ontzag voor. "Ik doop u in de Naam van de Vader, in de Naam van de Zoon en in de Naam van de Heilige Geest." Dat staat zelfs niet in de Heilige Schrift. Zie? Hij zei: "Doop hen in de Naam des Vaders en des Zoons en des..." Niet in de... Ze zetten voor elk een naam, een naam. (Let hier op.) Er wordt niet gezegd: "Doop hen in de namen..." N-a-a-m, één naam, in de Naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest.

105 Nu wil ik u vragen: Is Vader een naam? [Samenkomst antwoordt: "Nee." – Vert] Is Zoon een naam? [Samenkomst antwoordt: "Nee." – Vert] Hoeveel vaders zijn hier? Wie van u heet "Vader"? Hoevelen zonen zijn hier? Hoeveel mensen zijn hier? Wie van u wordt "Vader, Zoon of Mens" genoemd, ziet u?

     Zoals een vrouw eens zei, ze zei: "Broeder Branham, de Heilige Geest is een naam; Het is een persoon."

106 Ik zei: "Jazeker. Ik ben een persoon, maar mijn naam is niet Persoon." Ik bèn een persoon, zie? Mijn naam is William Branham, maar ik ben een persoon. De Heilige Geest is een persoon; dat is het, het is geen naam; het is een titel van de persoon van God, ziet u? Het is een titel voor de persoonlijkheid van God – wat Hij is.

107 Welnu, als Hij zei: "Gaat dan heen en onderwijst alle volken, hen dopende in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest." – niet in de naam van de Vader, naam van de Zoon, naam van de Heilige Geest en niet in de namen van de Vader en van de Zoon en de Heilige Geest; maar in de Naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest.

108 En als Vader, Zoon en Heilige Geest geen naam is, wat dan? Zeg "de naam ervan". Welke van hen... Als u één ervan een naam wilt noemen – welke naam is het? Als u een titel een naam wilt noemen, welke titel is het dan waarin u wilt dopen – de Vader of de Zoon? Het is enkelvoud. Ziet u?

109 Nu gaan we kijken naar het laatste hoofdstuk van Mattheüs. Zoals ik het altijd heb uitgelegd... Als u een liefdesgeschiedenis leest en er staat: "Jan en Marie leefden nog lang en gelukkig." Ziet u, dat is omdat u helemaal niet wist wie Jan en Marie zijn. Ga terug naar het begin van uw verhaal, vind uit wie Jan en Marie zijn. Zie?

     Nu, dat is wat u hier in Mattheüs doet. U leest alleen maar het laatste gedeelte. Ga terug naar het begin van Mattheüs en lees hoe het verhaal is. Dat is het laatste hoofdstuk in Mattheüs en de laatste verzen.

110 Net zoals u een boek neemt en zegt: "Jan en Marie leefden nog lang en gelukkig. Dat waren Jan Jansen en Marietje Zus-en-zo. Nee, dat waren Jan Hendriksen en dat was Zus-en-zo. Dit is Jan Iemand en Zus-en-zo." Nu, u weet het nog niet, ziet u? Het enige wat u kunt doen om zeker te zijn, is terug te bladeren in het boek en het te lezen. U kunt hier niet een stukje uitnemen. U moet de hele zaak bij elkaar nemen om het beeld te vormen.

111 Ga nu terug naar het eerste hoofdstuk, dat gaat over de afstamming (beginnend in het eerste hoofdstuk); dan gaat het tot het achttiende vers door, waar staat

     De geboorte van Jezus Christus was nu aldus;... (Is dat waar?)

112 Nu wil ik u iets vragen. Luister nu weer; u noemt het. Wie is dit? God de [De vergadering antwoordt: "Vader." – Vert] God de [De vergadering antwoordt: "Zoon." – Vert] God de [De vergadering antwoordt: "Heilige Geest." – Vert] Nu, welke is dit? [De vergadering antwoordt: "Vader." – Vert] Welke is dit? [De vergadering antwoordt: "Heilige Geest." – Vert] Welke is dit? [De vergadering antwoordt: "Zoon." – Vert] Goed. Nu hebben we het begrepen. Wat zei u nu dat dit was? God de [De vergadering antwoordt: "Heilige Geest." – Vert] Heilige Geest, goed. Nu, in orde

     De geboorte van Jezus Christus was nu aldus; want toen Maria, Zijn moeder, met Jozef ondertrouwd was, eer zij samengekomen waren, werd zij zwanger bevonden uit de...[De samenkomst antwoord: "Heilige Geest." – Vert]

113 Nu, ik dacht dat u zei dat God Zijn Vader was. Dan is er hier iets verkeerd. Hij kan geen twee vaders hebben. U weet dat, nietwaar? Nu, er is iets fout. Nu, welke van deze mannen... Als zij drie personen zijn, wie van hen is dan Zijn Vader? De Bijbel zegt hier duidelijk: "... werd zij zwanger bevonden uit de Heilige Geest." God, de Vader, had er niets mee van doen. En Jezus zei dat God Zijn Vader was en we weten dat God Zijn Vader was. Dan had Hij twee vaders. Dan is Hij beslist onwettig. Ziet u nu waar u terecht gekomen bent

     Jozef nu, haar man, alzo hij rechtvaardig was, en haar niet openlijk te schande wilde maken, was van wil haar heimelijk te verlaten.

     En alzo hij deze dingen in de zin had,...

     Vergeet nu niet dat hij een goed man was, en de hand des Heren staat nu dadelijk klaar. Zij die voorbestemd zijn zullen het vatten

     En alzo hij deze dingen in de zin had, ziet, de engel des Heeren verscheen hem in de droom,... (volgt u mij in uw Bijbel? Goed) zeggende: Jozef, gij zoon van David! wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen; want hetgeen in haar ontvangen is, dat is uit... God de Vader.

114 Las ik dit verkeerd? Dat deed ik zeker. Dat wat in haar verwekt is heeft niets te maken met God de Vader; het is de Heilige Geest. En nu weten we dat God Zijn Vader was. Is dat juist? Dus wat is het? De Heilige Geest is Gods Geest, natuurlijk.

115 Nu hebt u het begrepen, zie. God de Vader en de Heilige Geest zijn dezelfde persoon of Hij had twee vaders; wat voor soort persoon aanbidt u dan? Wat voor soort God hebt u nu gekregen? Ziet u? God, de Heilige Geest en God, de Vader, is precies dezelfde Geest

     En zij zal een Zoon baren,... (deze man hier) en gij zult Zijn naam noemen... (Wat? Zijn Naam. Onthoud nu, Zijn Naam.) JEZUS; want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden.

     En dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden, hetgeen door de Heere gesproken is, door de profeet,... (tot wie het Woord komt) zeggende:

     Ziet, de maagd zal zwanger worden, en een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten Immanuël; dat is, overgezet zijnde, God met ons.

116 Wat is de Naam van God? Wat is de Naam van Vader, Zoon en Heilige Geest? De Bijbel zei: Jezus was Zijn Naam.

117 Daarop zei de man hier die eens hier in de Tabernakel erover probeerde te debatteren: "Broeder Branham heeft zich er overal uitgedraaid, maar bij deze zal het hem niet lukken. Er staat hier precies: drie verschillende personen; volmaakt. Mattheüs, het derde hoofdstuk, daar stond Johannes te prediken. Hier komt de Zoon aanwandelen om gedoopt te worden. Hij ging het water in en werd door Johannes gedoopt, kwam het water weer uit en 'Ziet, de hemelen werden Hem geopend en de Heilige Geest kwam van de hemel neder als een duif en een stem uit de hemel zei: Dit is Mijn geliefde Zoon, in wien...' Drie verschillende personen op hetzelfde ogenblik." O!

118 Het laat gewoon zien dat mensen zonder de doop, die niet tot de bediening van prediker geroepen zijn, niet op de preekstoel horen. Zo is het. Ik zou die persoon, met Gods hulp, kunnen nemen en zo in de knoop brengen dat het zou maken dat hun hoofd tolde. (Ik bedoel niet... Dat klinkt niet goed. Vergeef me. Ik bedoelde dat niet. Heer, ik bedoelde dat niet... Ik voelde dat Hij me hier tegenhield. Ik bedoelde het dus niet op deze manier te zeggen. Het spijt me.) Ik geloof dat de Heilige Geest een of ander geheimenis aan die persoon zou kunnen openbaren; dat klinkt beter.

119 Net zoals bij het stemmen van een instrument; wanneer u iets verkeerds doet, dan weet u het als een Christen. Je hebt iets verkeerds gezegd; Hij hield daar niet van. Zie, ik bracht mezelf naar voren. Ik tel helemaal niet mee. Ik wil mezelf zelfs niet zijn, niets; Hij is het. Laat Hem het werk doen. Hij bazuint, de bazuin is stom. De stem erachter is degene die het geluid geeft.

120 Nu kijk. De man legde het Woord verkeerd uit. Vergeet niet dat het verborgen is voor de ogen van de wijzen en verstandigen en geopenbaard aan kinderkens. Welnu, hier is die ene persoon, Jezus Christus, die op aarde staat. Nu, de hemel is de atmosfeer boven, natuurlijk.

121 Let nu op. En Johannes getuigde... Nu die man heeft... zeg dat hier God de Vader is, en hier is God de Heilige Geest, als een duif, en hier is God de Zoon – dat maakt drie personen. Het is verkeerd. Johannes die daar stond wist dat dit het Lam was.

     Johannes zei: "Ik getuig dat ik de Geest van God zag als een Lam." Daar is God de Geest... als een duif, bedoel ik. (Daar is nu hetzelfde als toen ik laatst op die avond zei, ziet u, in plaats van zevenhonderd, zeven...) De Geest van God – dit was het Lam hier. En de Geest van God, de duif, was God. De Geest van God die neerdaalde uit de hemel en een stem uit de hemel zei: "Deze is Mijn geliefde Zoon in Wien het Mij behaagt te wonen." "Alle machten in hemel en op aarde zijn in Mijn hand gegeven." Ziet u? Dat is Hij. Wat was nu Zijn Naam? [Samenkomst antwoordt: "Jezus." – Vert] Zeker.

122 Wat dus de theorie van de drieëenheidsmensen betreft, dat er drie verschillende goden zijn, dat is heidendom! Dat werd in de Bijbel nooit geleerd. Het werd nooit in de boodschap van de Leeuw onderwezen, maar het werd daarna bij de volgende geadopteerd, hetwelk de antichrist was. Vraag iedereen die u maar wilt, elke theoloog! Het kwam niet eerder dan alleen door de leer van de Nikolaïeten.

123 Daarom kwam het met Maarten Luther eruit. Daarom werd het vervolgd bij John Wesley en doorgegoten in de Pinkstermensen. In de dagen dat de Pinkstermensen eruit kwamen, hadden zij de "Jesus Only-groep" [Jezus alleen]. Nu, dat is opnieuw fout. Hoe kan Jezus Zijn eigen Vader zijn. Zie? Dat schakelt dat dus uit.

124 Maar er wordt verondersteld dat er een Adelaarstijd komt. Dat is de tijd dat al die geheimenissen zullen worden rechtgezet. Vader, Zoon en Heilige Geest zijn titels van de Here Jezus Christus. Let op alle drie.

125 Mattheüs zei: "Vader, Zoon, Heilige Geest." Petrus zei: "Here Jezus Christus." Wie is de Vader? "De Here sprak tot mijn Heer: 'Zet u aan mijn rechterhand.'" Is dat juist? Vader, Zoon – Jezus, Heilige Geest – de Logos die van God uitging – Vader, Zoon, Heilige Geest zijn absoluut drie titels van de persoon van God, gemanifesteerd op drie verschillende manieren of drie hoedanigheden van Zichzelf.

126 En om het duidelijk te maken voor iemand die het niet zou begrijpen, het zijn als het ware drie bedieningen van dezelfde God. In werkelijkheid zijn het drie eigenschappen [hoedanigheden] van dezelfde God, God die werkt in drie verschillende... onder het Vaderschap, onder het Zoonschap, onder de bedeling van de Heilige Geest. God is volmaakt in drie. Herinnert u zich het getal van de antichrist: vier? Ziet u? God, de Vader, Zoon en Heilige Geest is absoluut Here Jezus Christus.

127 Wanneer we alleen in de Naam van Jezus dopen, is dat verkeerd. Alleen maar dopen in de Naam van Jezus, dat is absoluut fout. Ik ken een heleboel Jezussen. Ach, de Latijnse landen zijn er vol van – Jezussen. Maar dit is de Here Jezus Christus! Het verklaart precies wie Hij is.

     Er zijn vele Branhams, als u over mij persoonlijk wilt spreken. Ik ben die ene William Marrion Branham – dat ben ik. Maar er zijn vele andere William Branhams, enzovoort, overal. Maar dit noemt nadrukkelijk één persoon, de Here Jezus Christus – de Gezalfde. Er is daar slechts één van.

128 Nu, dat is juist. Als er verder hierover nog iets is, schrijf dan een brief of zoiets; of een keer wanneer ik bezig ben met andere vragen. Ik wil deze proberen te nemen, zodat ik kan zien of ik naar deze zieke mensen kan gaan die lijden, om ervoor te bidden.

     [Vraag 13:] Broeder Branham, als deze vraag niet past in de... antwoord dan niet. (Dat is vriendelijk, ik waardeer dat.) Welke kinderen gaan in de opname, ook indien er kleintjes zijn? Dank u.

129 Ze ondertekenden met geen enkele naam. Nu, als men niet ondertekent, het is niet noodzakelijk. Maar kijk, wanneer God een naam in het Boek des Levens van het Lam zette vóór de grondlegging der wereld, dan is er niets in de wereld dat het eruit kan wissen, omdat het met de inkt van het Bloed van Christus geschreven is. Of het nu zo groot, of zo, of zo groot is, of wat het ook mag zijn, het gaat evenwel. Alle kinderen, heel de gemeente, alles wat er is en... God, door Zijn voorkennis...

130 Nu, wij weten het niet. U zegt: "Broeder Branham, kunt u bewijzen dat u daar zult zijn?" Geenszins. Ik kan het niet bewijzen. God kan mij als een werktuig voor iets anders gebruiken en u net zo. Maar ik geloof, en door geloof ben ik gered. Niet door kennis ben ik gered, door geloof. Dit is de manier waarop u gered bent. Dat is de wijze waarop wij allen gered zijn.

131 Maar vergeet niet dat God oneindig is. Gelooft u dat? Oneindig. En omdat Hij oneindig is, maakt dit Hem... dan is Hij alwetend. Gelooft u dat? Alwetend betekent dat Hij alle dingen weet. Hij kan niet... Hij kan niet alwetend zijn zonder oneindig te zijn. Zie, er is nooit iets geweest of Hij wist het. Hij kende iedere mug die er ooit op aarde zou zijn en hoe dikwijls die met zijn ogen zou knipperen en hoeveel talk het zou maken. Hoeveel dit alles bij elkaar zou worden. Hij wist iedere ademtocht die u zou ademen en hoe diep het in uw longen zou gaan; dat is oneindig.

132 Welnu, als Hij oneindig is, maakt Hem dat alwetend. Is dat juist? En als Hij alwetend is, maakt Hem dat alomtegenwoordig, omdat Hij precies exact de minuut weet, het uur; de tijd tot op het onderdeeltje van een vijfenvijftigduizendste van een seconde weet wanneer het zal gaan gebeuren. Ziet u? Hebt u er nu enig idee van? Dan weet Hij alle dingen en dat is de reden dat Hij alle macht heeft, alle dingen weet en alle dingen kan doen.

     Nu, laat eens kijken. Nu, en alle kinderen die God... iedereen die God, wanneer ze... Herinner nu, wanneer werd Jezus, zei de Bijbel...

133 We weten nu dat Jezus ongeveer A.D. 30 werd gedood. Is dat juist? Het was ongeveer midden in het jaar, denk ik; A.D. 30. Maar de Bijbel zegt nu, dat Hij werd geslacht voordat de wereld ooit werd geschapen. En uw naam... toen het Boek des Lams... Toen het Lam geslacht werd om dit Boek te verlossen... (Hier is nu iets groots. Het zou opwekking teweeg kunnen brengen!) Kijk! Toen het Lam...

134 Vergeet niet dat de Bijbel zegt dat het Boek des Levens van het Lam vóór de grondlegging der wereld werd geschreven; en uw naam werd erin gezet – was in dat Boek, toen het Lam werd geslacht vóór de grondlegging der wereld om iedere naam die in dat Boek geschreven stond te verlossen. Hebt u het nu begrepen?

135 Ziet u, er is niets buiten de orde. Het werkt precies zoals Gods grote uurwerk; als een klok die maar doordraait. Uw naam werd daarin gezet voor de grondlegging der wereld, toen het Lam geslacht werd om te verlossen wat in het Boek stond. Nu, Hij komt naar voren en neemt het Boek om Zijn verlossing op te eisen. (Ik wil daar nu niet over beginnen anders zouden we vandaag geen enkele vraag meer beantwoorden.) In orde.

     [Vraag 14a:] Is de hel en de poel die brandt van vuur en zwavel hetzelfde?

136 Nee, hel, de vertaling in de Bijbel, ik geloof... Welnu, er zitten hier geleerden. Ik wil dat eren. Broeder Iverson zit hier en broeder Vayle en velen van deze broeders die echte theologen zijn. Het vertaalde woord hades betekent het graf. Is dat goed? Het Griekse woord voor het graf. Maar de "poel des vuurs" is iets anders omdat daar in Openbaring zowel hades als de rest in de poel des vuurs werden geworpen. Juist. Laten we eens zien.

     [Vraag 14b:] ... en zo niet, zijn de hel en de poel des vuurs eeuwig?

137 Geenszins, zeker niet. Alles wat is geschapen is níet eeuwig. Nee, alles wat geschapen wordt... Dat is de reden dat er geen eeuwige hel kan zijn. Als iemand u ooit vertelt dat u zult branden in een eeuwige hel, wil ik het Schriftgedeelte ervan zien. Zoiets bestaat niet.

138 De hel werd geschapen voor de duivel en zijn engelen, voor de antichrist en zijn mensen; dat was de duivel, de vlees geworden duivel. Het werd geschapen om dat te vernietigen. En alles wat... Er is slechts één ding uit alles wat er is – de hele wereld en al het andere – er is slechts één ding eeuwig en dat is God.

139 Nog voor er een atoom, of elektronen of voordat er zelfs kosmisch licht of elektronen of iets was, was Hij God. Hij is de Schepper. En dit is de enige manier waarop u eeuwig kunt zijn, door eeuwig leven te ontvangen. Dit Griekse woord daar, is geloof ik Zoë. Is dat niet zo? Zoë. Dan verleent God dat leven aan u, zoals uw vader zijn leven aan u meedeelt door de huwelijkseed aan uw moeder; en hij deelt daardoor mee in de vreugde van het deel hebben... (begrijpt u mij?) om leven mee te delen voor een zoon. Dat is de manier waarop God het doet – vreugde in het meedelen van Zijn leven aan een zoon. Ziet u?

140 En dan wordt u een deel van Hem, dat is Zoë; Gods eigen leven. "Ik zal ze eeuwig leven geven en ze opwekken in de laatste dagen." Dit is het enige dat... Hij heeft eeuwig leven; en dat eeuwige leven kent zijn lichaam en het moet voortkomen. Het kan niet... Het is onmogelijk om daar te blijven liggen.

     Toen de Geest van Christus over het lichaam zweefde (Gods Geest boven Christus op die grote dag), toen wist het dat het weer zou opstaan. Zo is het ook met de heiligen in hun lichamen.

141 Bedenk nu dat Jezus toen Hij stierf naar de hel ging, omdat Hij daarheen moest gaan; daar was een zonde-barrière en Hij predikte tot de zielen die in de hel waren en zich niet bekeerd hadden tijdens de lankmoedigheid in de dagen van Noach. Is dat juist? Hij ging naar de hel en predikte tot de zielen, de zielen die van God gescheiden waren. Dood betekent scheiding. En ze waren gescheiden van God, konden nooit meer terug. En Jezus ging om getuigenis af te leggen dat Hij Degene was waarvan was gesproken, het zaad van de vrouw.

142 Het zaad van de slang... Ziet u wat het zaad van de slang heeft gedaan? Antichrist eindigt in dood, scheiding, het rode paard. Het zaad van de vrouw, leven, liep uit op het witte paard: Jezus Christus. Ziet u? Wat is het? Het één tegen het ander. Het zaad van de slang tegen het zaad van de vrouw. Begrijpt u het nu? O, we zouden er een poosje bij stil kunnen blijven staan. Zou dat niet fijn zijn? Maar laten we het hierbij laten.

     [Vraag 15:] Broeder Branham, vervult de eerste paardrijder, het eerste zegel, II Thessalonicenzen, de openbaring van de mens der zonde?

143 Ja, dat is waar. Dat is zo. Dat is eenvoudig zo. Dat is de mens der zonde. Deze zelfde man blijft gewoon in fasen voortrijden tot hij op een vaal paard komt, dat de dood genaamd wordt. Christus komt steeds verder door met rechtvaardiging, heiliging tot het witte paard en dat is om leven te krijgen, ziet u.

     [Vraag 16:] Wat gebeurde er met de wederomgeboren gelovigen die in de verschillende denominaties zijn, maar niet in de bruid van Christus? Wat gebeurt er met hen?

144 Wel, ik geloof dat we dit een poosje geleden hebben uitgelegd. Zij gaan in de verdrukking. Zij worden in de verdrukking gemarteld, komen tenslotte na het duizendjarig rijk tevoorschijn, voor hun oordeel (zie?), omdat de Bijbel zegt dat de rest van de levenden... de rest van de doden niet leefden voordat de duizend jaren voorbij gegaan waren. Daarna was er een opstanding en dan komen zowel de rechtvaardigen als de onrechtvaardigen tevoorschijn om te worden geoordeeld door Christus en de bruid. Hij kwam naar de aarde met tienduizenden maal tienduizenden van Zijn heiligen. Is dat juist? – Zijn bruid.

145 Het oordeel vond plaats, de boeken werden geopend... De boeken waren open en nog een boek werd geopend, wat het Boek des Levens is. Hij scheidde daar de bokken van de schapen. Is dat zo? Dit had niets met de bruid te maken. Zij stond in het oordeel met haar... Koningin en Koning tezamen. Hij kwam met Zijn heiligen; tienduizenden maal duizenden dienden Hem; Zijn vrouw; vervolgens vond het oordeel plaats. En toen werden de schapen van de bokken gescheiden. (Denk aan laatst op die avond toen ik die kleine meditatie bracht, opdat u het zou begrijpen: "De overdenking van de cowboy." Ziet u? Daar hebt u het.)

146 De gemeente, de mensen die in de denominaties zijn, die echte Christenen zijn, die de boodschap hebben ontvangen... en zij zullen het nooit zien. Het zal nooit tot hen gepredikt worden.

147 En diegenen die in een gemengde groep zitten (tot wie het gepredikt wordt), het zal rechtstreeks over hun hoofd heengaan, tenzij hun naam in het Boek des Levens van het Lam stond.

     Maar ze zullen goede mensen zijn en ze zullen weer opgewekt worden en beproefd worden en door dezelfde groep geoordeeld worden die tot hen predikte. Weet gij niet dat de heiligen de aarde zullen oordelen? Er zal tot hen gepredikt worden, ziet u? Er zal tot hen gepredikt worden door precies dezelfde mensen die van de boodschap tegen hen getuigden – om eruit te komen. (Ik hoop dat dit het verklaart. Ik heb hier nog zoveel.)

     [Vraag 17:] Broeder Branham, is de zevende engel met de geest van Elia dezelfde man als de Elia die tot de 144.000 Joden gezonden wordt gedurende de drieëneenhalf jaar na de opname? Sommigen van ons zijn hierover in de war.

148 Nee, hij is niet dezelfde; het zijn twee verschillende mannen. De Elisa die in de vorm van Elia kwam was Elia niet. En de geest van Elia die op een man kwam, Johannes de Doper genaamd, was Elia niet. En de man van de zevende engel boodschapper aan het einde van het Laodicéa-tijdperk zal niet de letterlijke Elia zijn. Hij zal een heiden voor zijn volk zijn.

149 Elia zal... De Geest van Elia dan die daar in het volk komt, hij zal een Jood zijn want ze worden naar hun eigen volk gezonden. Dat is mijn openbaring.

150 De reden dat ik... Tommy Osborn, toen we die keer daarover spraken (Tommy en ik), wist ik het niet. Ik bad gewoon voor de zieken en ik kwam daar en er was een dame die van de Fort Wayne Evangelie-tabernakel kwam, een zendelinge naar buitenlandse zendingsvelden. Haar borst was zó groot, gewoon door kanker weggevreten; en ze was precies daar in het huisje waar we toen woonden, daarginds aan het weggetje. En ik bad voor de dierbare zuster en ze werd genezen en keerde naar het zendingsveld terug.

151 En toen ze van Afrika kwam... En ze had een boekje achtergelaten over zendingsposten. Ik dacht: "Wel, zendelingen zijn goed"; en ik heb nooit veel over zendelingen nagedacht. Ik dacht: "Wel, het is gewoon een bediening van God daarginds; dit is gewoon mijn plaats hier op Eight en Penn Street", ik ging dus zo goed mogelijk verder.

152 Maar op een dag toen ik in de studeerkamer zat, pakte ik dat boek op en er stond een foto van iemand van het negerras in. Een bejaarde oude vader en hij had een beetje van dat witte haar en daaronder stond dit geschreven: "Blanke man, blanke man, waar was uw vader? Ik ben nu oud en traag van geest en ik begrijp het allemaal niet zo goed meer. Als ik Jezus gekend had toen ik een jongeman was, zou ik Hem tot mijn volk gebracht hebben."

     Welnu, ik las het en iets bleef maar zeggen: "Lees het nog eens. Lees het nog eens." Ik bleef lezen... U kent die keren wel – het herhaaldelijk lezen. Er is iets mee.

153 Net zoals die dag daarboven in Green's Mill, toen ik uit de grot kwam, ik kon maar niet begrijpen hoe mensen konden spreken in tongen en konden juichen met de echte Heilige Geest en toch nog antichristelijk zijn; spreken in tongen met de echte Heilige Geest, en in tongen sprekend en toch een duivel zijn. Jazeker! Ik kan u dat bewijzen. Ja, inderdaad.

154 Dan, let op wanneer ze dat deden. Tongen is dus geen bewijs van de Heilige Geest; het is een van de gaven van de Heilige Geest. En de duivel kan alles nabootsen wat Hij heeft, Goddelijke genezing en van alles. Hij heeft gezegd: "Velen zullen in die dagen tot Mij komen en zeggen: 'Heer, heb ik geen duivelen uitgeworpen; heb ik niet...' (dat is het Evangelie prediken) '... heb ik geen machtige werken in Uw Naam gedaan en al die dingen hier?' Ik zal zeggen: 'Ga weg van Mij, gij werkers van ongerechtigheid. Ik heb u zelfs niet gekend.'"

155 De Bijbel zei dat de regen zowel op de rechtvaardige als op de onrechtvaardige valt. En hetzelfde onkruid dat daar in het tarweveld staat, kan net zo blij zijn en juichen over hetzelfde water dat op hem viel, daar de regen voor beide gezonden is; maar aan de vruchten zult u hen kennen!

156 Die kleine oude dolik kan daar net zo gelukkig staan als hij maar zijn kan en juichen, net zo vol van dezelfde regen als de tarwe. Daar hebt u het. Dus kunnen zij juichen en in tongen spreken en alles nadoen wat ze maar willen en in die dag genoemd worden: "Werkers van ongerechtigheid."

157 Zoals ik u een poosje geleden vertelde, luister naar wat ik zeg; luister goed! Kijk terug en onderzoek uzelf met het Woord en kijk waar u aan toe bent. U vrouwen die kort haar hebt, laat het groeien. Als u korte broeken draagt, doe ze weg. Gedraag u als een dame.

158 Als u mannen nog sigaretten rookt en naar zwembaden loopt, houdt ermee op! Het doet er niet toe hoeveel u belijdt. Als u zich nog aan die organisatie vasthoudt en zegt: "Dit is het" en "dit is het", kunt u maar beter stoppen. Kijk terug en onderzoek het met het Woord. We gaan regelrecht uit... We behoorden nu boven het korte haar en heel dit tijdperk te leven; we zijn nu terug in iets waarin God de verborgen geheimenissen aan het openbaren is, die in het Boek gezet zijn voor de grondlegging der wereld.

159 En degenen die in deze kleine dingen gehoorzaamd hebben zullen het vatten in deze andere dingen. Als u het niet hebt gedaan zal het over uw hoofd heengaan zover als het oosten is van het westen. Het zal gewoon...

160 Net zoals Gideon zijn mannen afscheidde – er waren er duizenden en duizenden. God zei: "Dat zijn er teveel. Scheid ze nog eens." Hij gaf ze nog een test en scheidde ze weer – scheidde ze nog eens en steeds maar door tot hij een handje vol over had. Hij zei: "Dat is de groep die Ik het werk wil laten doen." Dat is precies wat er gebeurde.

     Pinkstervrouwen, waar ik ook heenga, zitten daar en horen en weten uit het Woord dat het verkeerd is. U denkt dat zij zich ermee in overeenstemming brengen? Geenszins! Ieder jaar wanneer ik langskom, zijn er meer met afgeknipte haren dan er waren toen ik begon. Ze zeggen: "Wat doet dat er toe... U behoorde te..."

161 Iemand zei: "Ja broeder Branham, de mensen beschouwen u als een profeet." Ik zeg niet dat ik een profeet ben. Niemand hoort mij dat zeggen; maar ik zeg dit, dat als u dat deed, als u het eerbiedigt... Ze zeiden: "Waarom leert u de mensen niet hoe ze de Heilige Geest moeten ontvangen en hoe dit te krijgen en hoe grote geestelijke gaven te krijgen en de gemeente te helpen?" Hoe kan ik ze algebra leren wanneer zij zelfs niet naar hun ABC's willen luisteren? Dat is waar. Doet u deze kleine dingen. Daal af tot de bodem en boen het schoon en begin goed. Amen. Glorie!

162 Waar sprak ik ook alweer over? Ik wou niet van dat onderwerp afdwalen; neemt u me niet kwalijk, ziet u. Goed. "Sommigen van ons zijn in de war. Is Elia dezelfde als de...?" Ja, uh-uh; dat is goed. Nee, deze Elia die tot de heidenen zal komen, zal een heiden zijn, gezalfd met die geest, omdat God telkens diezelfde geest heeft gebruikt om Zijn volk uit de chaos te halen; en hij heeft goed aan zijn doel beantwoord, dus komt hij regelrecht weer terug, omdat, zie, als Hij nu hoogverfijnden, ontwikkelden neemt, dan is dat het soort dat het zou aannemen.

163 Hij brengt een man die nauwelijks zijn ABC kent, en die zijn woorden niet goed kan uitspreken en al dat soort dingen, zomaar iets ergens uit de wildernis vandaan, en haalt het binnen en schuift het regelrecht binnen onder die mensen met een eenvoudige geest en zij snappen het zo. [Broeder Branham knipt met zijn vingers – Vert] Wanneer het fijnbeschaafd komt...

164 Zoals Paulus zei: "Ik kwam niet tot u met de schittering van wijsheid, maar ik kom tot u in de kracht van de opstanding." Het kostte God drieëneenhalf jaar daar in Arabië om het erbij hem uit te slaan – zijn opleiding. Het kostte Hem veertig jaar om het uit Mozes te krijgen. Ziet u? Dus daar hebt u het. Dat is... Ik zeg niet dat God niet... Ik ondersteun nu niet ongeletterdheid, maar ik probeer u te vertellen dat daar geen ontwikkeling voor nodig is; ga niet...

165 De wijsheid van deze wereld is tegengesteld. Ontwikkeling is de grootste belemmering geweest die het Evangelie ooit gehad heeft. Als we geen ontwikkeling hadden, zouden we al die grote seminaries en zo niet hebben die we nu hebben gekregen, zouden de mensen eenvoudig van geest zijn en zouden ze luisteren naar het Woord; maar ze zijn zó beschaafd en in de war, en verstrikt in al hun organisaties, dat ze erbij zullen blijven, dat is alles. Ze nemen die geest aan.

166 Hebt u wel eens een goede vrouw gezien, getrouwd met een laagstaande man – òf die laagstaande man wordt een goede man zoals de vrouw is, of de vrouw wordt even laagstaand als hij. Ziet u? Dat is zo. Dat is de reden waarom Hij zei: "Kom uit van hen", om u gereed te maken om die opname te halen. U moet een of ander soort geloof hebben dat u hieruit wegneemt.

     [Vraag 18:] Wanneer werd het verbond van Daniël 9:27 bevestigd gedurende een week?

167 Eén helft ervan werd bevestigd, van het verbond, toen Jezus Christus op aarde was en predikte tot de Joden. Hij ging nimmer naar de heidenen. En Hij zei tegen Zijn discipelen: "Ga niet naar de heidenen." Dat was alleen voor de Joden. En Hij predikte drieëneenhalf jaar. Dat is nu de helft van de zeventigste week, zoals Daniël zei dat Hij doen zou.

168 Bedenk nu, dat Hij voor de Joden krachtig werd betuigd, maar hun ogen waren verblind om dit tijdperk der heidenen binnen te brengen. Kunt u het hele programma niet zien? Ziet u? En Hij bewees dat Hij een profeet was, deed precies wat de profeet zou doen, toonde hun het teken der profeten; hetgeen uw eigen Woord zegt: Indien een man zegt geestelijk te zijn of een profeet, let op wat hij zegt; en als het uitkomt... (gewoon voortdurend blijft uitkomen zoals Hij zei...)

169 Zoals u ziet dat de Bijbel zegt: "Klopt en u zal worden opengedaan, zoekt, vindt, vraagt en u zal gegeven worden." Nu, als u wilt opmerken, het is 'klopt', steeds door blijven kloppen. [Om te illustreren klopt broeder Branham voortdurend op de preekstoel – Vert] Blijf daar staan, precies zoals die onrechtvaardige rechter die die vrouw niet wilde antwoorden; hij bleef alleen maar aan haar deur kloppen en zei: "Ik ben op uw hand." Zeg niet als u zoekt: "Heer, ik zou dit graag willen hebben. Amen." Dat is het niet; blijf daar tot u het hebt. U weet dat het zal komen. Omdat Hij het beloofde, blijft u daar gewoon bij totdat u er houvast aan heeft. Ziet u?

     Nu, in het laatste deel van de zeventigste week... het laatste deel zal gedurende de tijd van de verdrukkingsperiode zijn, na de opname van de gemeente. Dan komen hier de drieëneenhalf jaar waarin het voor hen weer bevestigd zal worden door profeten (ziet u?), Mozes en Elia; Openbaring 11.

     Nu, laat me eens kijken wat dit is.

     [Vraag 19:] Wanneer je één van Zijn uitverkorenen bent, zal je dan omhoog gaan in de bruid?

     Ja, jazeker, dat is gemakkelijk.

     [Vraag 20:] Broeder Branham, bedoelde u te zeggen zevenduizend die hun knie niet voor Baäl gebogen hadden, of zevenhonderd?

170 Zevenduizend bedoelde ik te zeggen. Vergeef me dat, ziet u. Het is slechts een... Het is gewoon een verspreking. Ik was net... Zoals ik een poosje geleden zei... Hebt u gemerkt toen ik hier stond en zei: "En ze gaven getuigenis dat ze het Lam zagen", ziet u? Het Lam was op aarde; ze gaven getuigenis dat ze de Geest van God op het Lam zagen komen.

171 Nu, hierin wordt gezegd: "Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wien Ik een welbehagen heb." Ziet u? Nu, dit is geschreven in de bedrijvende vorm van het Grieks, dat het werkwoord voor het bijwoord zet; maar u zult hier opmerken dat het in werkelijkheid dit zou moeten zijn... Neem nu slechts het Woord, zie... De Bijbel zegt hier in de King James vertaling: "Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik behagen heb te wonen." Maar eigenlijk, als wij het vandaag zouden zeggen: "Dit is Mijn geliefde Zoon waar Ik behagen heb om in te wonen" – u zou het omdraaien, ziet u. "Dit is Mijn geliefde Zoon in Wie Ik behagen heb te wonen." Nu, we zouden vandaag aan de dag zeggen: "Dit is Mijn geliefde Zoon waar Ik behagen heb om in te wonen." Hetzelfde Woord alleen omgedraaid.

172 Welnu, ja, ik bedoelde... Vergeef me alstublieft. En broeders bij de banden daarginds en vrienden, luister. Ik bedoelde dit niet zo te zeggen. Ik ben een prediker van het Evangelie; zo vaak als ik dit gepredikt heb, wist ik dat het er zevenduizend waren. Gewoon toevallig zei ik zevenhonderd, ik bedoelde helemaal geen zevenhonderd, ik bedoelde... Ik las het gewoon niet uit de Bijbel. Het kwam gewoon in mijn gedachten toen ik sprak en ik zei toen gewoon zevenhonderd in plaats van zevenduizend. Ik maak aldoor zulke fouten. Ik ben echt een domoor, dus vergeeft u mij. Ik bedoelde dit niet.

     [Vraag 21:] Is de bruid van Christus en het lichaam van Christus hetzelfde?

173 Jazeker! Nu, hier... Nu kijk, ik wil hier niet aan beginnen omdat ik er een preek over zou kunnen houden, ziet u? Maar dat wil ik niet doen, ik wil het u alleen laten zien. Toen God aan Adam zijn bruid uit zijn zijde gaf, zei hij: "Zij is vlees van mijn vlees en been van mijn gebeente." Is dat juist?

174 Toen God aan Christus Zijn bruid gaf (de Geest gaf aan het vlees, de bruid), werd Hij in de zijde gestoken onder Zijn hart, en water, bloed en Geest kwamen tevoorschijn; dat werd vlees van Zijn vlees en been van Zijn gebeente. Wij zijn het vlees en het gebeente (de bruid zal dat zijn), het vlees en gebeente van Christus; precies. Zij zijn... Dat is Zijn bruid.

     [Vraag 22:] Zou de bruid van Christus... zou de bruid van Christus een bediening hebben voor de opname?

175 Zeker, dat is wat er precies nú plaats vindt. De bruid van Christus... Zeker! Het is de Boodschap van het uur; de bruid van Christus. Zeker, ze bestaat uit apostelen, profeten, leraars, evangelisten en herders. Is dat juist? Dat is de bruid van Christus. Zeker heeft ze een bediening, een grote bediening, de bediening van het uur; het zal zo nederig zijn...

176 Herinner nu. Hoevelen waren hier in het begin toen ik... verleden zondag? Herinnert u zich waar ik over predikte? Nederigheid. O, vergeet dat niet. (Ik stop een ogenblik om daar opnieuw op te wijzen.) Vergeet niet dat, wanneer God voorzegt dat er iets groots gaat gebeuren, dan kijken de mensen door hun wijsheid zo ver weg, dat zij missen wat er gebeurt. Wanneer God zegt dat iets groot is, lacht de wereld erom: "Dat groepje domoren." Zo is het. Maar wanneer de grote wereld en de grote voorname kerk zeiden: "Jongens, dat is geweldig!" dan zegt God: "Een stel domoren." U ziet dus dat u moet opletten... Ik bedoel het misschien niet zo precies, maar dat is de wijze waarop het gaat.

177 Kijk! Hier was een grote, heilige orthodoxe kerk. "Wij kennen het Woord; wij hebben scholen; wij hebben seminaries. Wij hebben onze mensen zo ontwikkeld, wel, gedurende honderden jaren zijn we aan Jehova trouw geweest. Wij zijn de 'Kerk'; wij zijn het Sanhedrin. Wij hebben hier de Raad van Kerken, zowel Farizeeërs als Sadduceeërs als alle denominaties verzamelen zich..." (Zoals wij het krijgen.) "Wij zijn allemaal in één... de Raad van Kerken. Wij zijn hier de grote heren. We weten dat dit Bijbels is. Kijk, wat heeft die kleine onwetende kerel daar beneden aan de rivier, met een baard die over zijn gezicht hangt, en een stuk schapevacht aan, ons te vertellen?"

178 Zeker zouden ze er niet naar luisteren. Maar de Bijbel zegt in Maleachi, hoofdstuk 3: "Ik zal Mijn boodschapper voor Mijn aangezicht uitzenden om de weg voor Mij te bereiden." Zevenhonderdtwaalf jaar tevoren stond daar de grote profeet Jesaja en zei: "Er zal een stem zijn van één die roept in de woestijn. Bereid de weg des Heren en maak recht Zijn paden." Dat is juist.

179 En zei... O, velen van hen zeiden: "Iedere hoge plaats zal neergehaald worden." "O," zeiden ze, "er zal een... Wanneer deze man komt zal Hij met Zijn vinger wijzen en bergen verplaatsen. En alle lage plaatsen, de greppels, zullen worden gedicht. Dan zullen alle woeste plaatsen geëffend worden. Broeder, we zullen koren planten op elk veld hier in de buurt en o, we zullen, wanneer deze man komt, grote dingen doen." Ziet u?

     Zij verwachtten dat God de slinger zou nemen en die zou aandraaien en de loopbrug omlaag zou laten komen en zou zeggen: "Kom naar beneden, gij grote voorloper van Mijn Messias." En dan, zodra hij verdwenen is, trekken zij hem weer omhoog; en zijn bediening is voorbij en ze zwengelen hem weer omlaag en stellen hem precies hier naast het seminarium en zeggen: "Goed, Mijn geliefde Zoon, ga naar beneden en vertel het hun."

180 O! Kijk, toen Hij kwam. Wat gebeurde er eigenlijk? Hier komt een man die geen van hun scholen kende, niet eens een lidmaatschap had, geen geloofsbrieven had. Voor zover iemand wist was Hij nooit een dag in zijn leven naar school geweest. Je kon het aan zijn spreken ook niet horen. Hij sprak zelfs niet in kerkelijke termen. Hij sprak over slangen, bijlen en woestijnen en dat soort dingen, ziet u, bomen. Hij sprak niet in termen van de kerkelijke kliek van die dagen of deze dag of enige andere dag.

181 Hij kwam "Sassafras" zoals we dat hier in Indiana noemen. Hij kwam ergens uit de rimboe – had zich niet eens geschoren, had zijn haar alle kanten uitstaan op zijn hoofd. Ik denk niet dat hij vaker dan één keer in de twee of drie maanden een bad nam. Juist. Hij droeg 's nachts nooit een pyjama. Hij reed nooit in een auto. Hij poetste nooit zijn tanden, wat een knaap was dat – zeker niet.

182 Daar komt hij zo door de wildernis aanzetten en zei: "Ik ben de stem van één die roept in de woestijn. Bereid de weg voor de Here, maak Zijn pad recht...?..."

     Sommigen van de leraren stonden daar en zeiden: "Hé daar! Zeg makker, heb je wel je... We kunnen in deze campagne niet met je samenwerken. Dit kunnen we hier niet doen. Wel, waar is je kaart; waar is je identiteitskaart?"

     Hij negeerde ze gewoon. Hij had een boodschap, dus ging hij daarmee verder, en predikte gewoon door. Ze zeiden: "Acht, wacht. Wel, als we daar heengaan zullen we de bisschop vandaag eens meenemen en zien wat hij ervan zegt. We zullen er heengaan. Als wij weten... Hij is het hoofd van de kerk en we weten dat hij dat zal moeten erkennen. Als hij van God is zal hij onze bisschop erkennen."

183 Ze werden daar allen in een rij gezet en daar opgesteld, de hoogwaardigheidsbekleders... Hij zei: "Gij adderengebroed. Jullie slangen in het gras!" (Omgedraaide boorden en heilige vaders, enzovoort.) "Wie heeft u gewaarschuwd om te vlieden van de komende toorn? Gij weet dat uw uur op handen is. Denk niet... U zegt: 'Wel, wij behoren tot dit, dat of wat anders.' Ik zeg u, de God die ik dien, is in staat uit deze steden Abraham kinderen te verwekken." O!

184 Nu gaat hij het tegengestelde doen van kerkelijke toespraken. "Ik zeg u dat de bijl reeds aan de voet van de boom is gelegd! Daarom wordt iedere boom die geen goede vruchten voortbrengt, omgehakt en in het vuur geworpen! Voorwaar ik zal u voorzeker dopen met water tot bekering, maar Hij komt na mij. De maan zal in bloed veranderd worden en..." O my!

     "Hij zal Zijn dorsvloer volkomen zuiveren. Hij zal het kaf nemen en het met onuitblusselijk vuur verbranden en Hij zal het graan naar de graanschuur brengen. Hij zal het onkruid en de tarwe scheiden." O, wat een boodschap! Ze zeiden: "Deze kerel? Ach! Wat heeft hij gezegd? Welke tijd was het? O, onwetendheid! Wij hebben daar nèt de man voor, broeder Jones; als er iemand is in deze dag, is hij wel de man die het zal doen. Bisschop Die-en-die zal het doen, heilige vader Zus-en-zo." O! Ziet u? God in eenvoud, die in eenvoud werkt.

185 En dan het eerste wat u merkt, hij staat daar op zekere dag en hij zegt: "Ja, Hij staat temidden van u!" Hij was er zo zeker van dat hij die voorloper was. Hij wist wie hij was. Dit is de reden dat hij hun striemend de waarheid kon zeggen. Hij zei: "Nu, weet niet bevreesd, maar ga gewoon voorwaarts en ga door. Jullie soldaten, gehoorzamen jullie je meesters en als jullie enig kwaad gedaan hebt, neem dat dan..."

     "Wat zullen we doen? Zullen we ophouden met dit te doen? Zullen we stoppen met dat te doen?"

     Hij zei: "Ga door zoals u bent. Ga verder. Ga verder; ga voorwaarts. Als u aardappels verbouwt, verbouw ze. Jullie soldaten, gebruik geen geweld en doe dit en wat u ook doet, ga gewoon verder zoals u bent. Gehoorzaam uw meesters, enzovoort."

     "Rabbi, wat moeten we doen?"

     "Ga gewoon door met waar u mee bezig bent, maar er is Eén onder u die u niet kent." Hij wist dat het uur van zijn boodschap... hij wist dat hij die Persoon moest introduceren. Hij wist dat Hij er was. "Eén onder u; u ziet Hem niet. Er gebeuren dingen waar u niets van weet." Dus toen... "Er zal iets gaan gebeuren", zei hij, "en Hij zal hier zijn en ik zal Hem kennen."

186 En tenslotte zei hij op zekere dag: "Zie, daar is Hij. Daar is het Lam van God dat de zonde der wereld wegneemt!" Hij zei: "Mijn tijd is nu voorbij. Ik heb u aan Hem voorgesteld. Ik moet nu minder worden; ik moet van het toneel verdwijnen. Hij zal het van nu af aan overnemen. Het duizendjarig rijk zal er zeer spoedig zijn. De tijd is op handen."

187 Dan, toen Hij kwam, toen Hij was... Johannes zei: "Hij zal... o, Hij zal de bolster eraf doppen. Hij zal de tarwe van het kaf gaan scheiden en Hij zal het gaan verbranden. Hij zal Zijn dorsvloer volkomen zuiveren en Zijn wan is in Zijn hand!" Maar wat was Hij? Een klein nietig...

188 Nu, zij hadden het allemaal al uitgemaakt. (O, mensen!) Hij zal een speer hebben die een mijl ver reiken zal. Hij zal hier in Palestina opstaan, zal daar gewoon staan in Zijn... op een van deze witte wolken, en al deze Romeinen oppakken, op deze manier, en ze in de hel werpen, en daar zo mee doorgaan tot ze overal weggehaald zijn. Welnu, zij hadden dat allemaal uitgemaakt. En wat was het? Een klein Lam kwam vanuit hun midden naar voren, zachtmoedig en vriendelijk, op allerlei manieren heen en weer geduwd.

189 Zelfs Johannes zei... Nu, kijk naar Johannes, de profeet; hij zei: "Ga Hem vragen of Hij het werkelijk is?" Zo nederig dat die profeet het miste. Hij zei: "Is Hij Degene of zien we uit naar een ander?"

190 Welnu, Hij gaf nooit een boek aan die discipelen in Mattheüs 11, toen de discipelen van Johannes Hem dat kwamen vragen... Johannes zat in de gevangenis, waardoor hij zo totaal in de put raakte dat hij, ik meen dat het Pember was die zei: "Er kwam daar een waas over zijn adelaarsoog", ziet u. Hij kon niet... Hij moest omlaag komen naar de aarde; hij was boven in de lucht geweest. Maar toen zijn profetie voorbij was, viel hij weer terug op de aarde, weet u, omdat ze hem in de gevangenis hadden gestopt, ziet u. Het had voor hem geen nut meer om die grote vleugels nog langer te hebben, dus ging hij daar maar liggen; maar hij had hoger gevlogen dan wie ook van de rest van hen. Laat mij u iets vertellen. God gebruikte hem.

191 En Jezus wist het, zie, want dat was... Dat was de vleesgeworden God daar. Dus Hij zei daar... wel, Hij gaf hem nooit een boek over hoe hij zich in de gevangenis moest gedragen. Hij zei: "Nu, wacht even. Ik zal hier een kleine verhandeling schrijven en jullie nemen het mee terug en vertellen aan Johannes hoe hij zich in gevangenschap voor Mij heeft te gedragen." Nee, dat heeft Hij nooit gezegd.

     Hij zei niet: "Ga Johannes vertellen dat hij zijn doctorsgraad moet halen voordat hij eruit komt." Als hij die zou hebben, zou hij bij de rest van hen zijn geweest; zou hij een verwerper zijn geweest. Johannes was oprecht en stelde een vraag.

192 En Hij zei: "Wacht slechts tot de samenkomst voorbij is en ga dan Johannes tonen wat er gebeurd is, dan zal hij het weten. Als jullie hem vertellen wat er gaande is, dan zal hij het weten. (Zie?) Laat hem gewoon... Vertel hem... hij zit in de gevangenis en kon hier niet zijn, maar jullie hebben in de samenkomst gezeten en zagen wat er gebeurde. Ga het hem vertellen."

193 Dus toen zeiden de discipelen: "Heel goed, Meester", en daar gingen ze de heuvel over. Jezus, die op deze rots zat, sloeg hen gewoon gade tot ze overstaken en over de heuvel verdwenen. Hij draaide zich naar de vergadering om en zei: "Wie gingen jullie zien in de tijd van Johannes?" Hij zei: "Wat gingen jullie uit om te zien? Gingen jullie uit om een man te zien die zijn boord omgedraaid had en met zachte klederen en zeer verfijnd en beschaafd; is dat het type man waarnaar u kwam kijken?"

194 Nee. Weet u welk soort dat is? Zij kussen de baby's en, weet u, werken in koninklijke paleizen. Dat is niet het type zoals Johannes was. Hij zei: "Waarom bent u dan gegaan? Om een man te zien die een bediening gegeven is en het regelrecht in een organisatie wil passen of zoiets dergelijks? Heen en weer geschud door iedere... Dan als de Eenheidsmensen [Oneness] hem niet willen, zal hij overgaan naar de Drieëenheidsmensen [Trinity] en als de Drieëenheidsmensen hem niet willen, zal hij naar de Church of God gaan of waar dan ook. Is dat het type man waar u naar toeging, geschud door iedere rietstengel?"

195 O nee! Johannes niet. Hij zei: "Wat bent u dan gaan zien? Een profeet?" Hij zei: "En Ik zeg dat het waar is, maar Ik zal u iets vertellen wat u niet weet; hij was méér dan een profeet. Hij was meer..."

196 Als u het kunt aanvaarden, dit is degene over wie in de Bijbel geschreven staat, daar in de Schrift: "Ik zend Mijn bode voor Mijn aangezicht (Maleachi 3), en hij zal voor Mij de weg bereiden." Zij begrepen het niet. Zelfs de discipelen konden het niet vatten, ziet u. Dat is waar. O! Eenvoud, wees nederig. Ga rechtdoor, wanneer God iets groots belooft, zie, is het groot in Zijn ogen.

197 Als u dit nu altijd maar in gedachten wilt houden... Ik wil dat u... Houdt u dit in gedachten en wanneer dit gebeurt, dan kunt u het veranderen. U bukt zich en plukt een van die lentebloempjes die dit jaar opkomen of neemt een gewone grashalm en neemt die in uw hand en zegt: "Ik heb dit nu vast en zie dat iets heel eenvoudigs dit heeft gemaakt en ik zou wel eens willen zien of het brein dat een raket naar de maan kan sturen deze grashalm kan maken." U zult het altijd hebben. U kunt voorzeker daarop rusten; u zult het altijd hebben. De grashalm heeft leven in zich, ziet u. Het is zo eenvoudig en nederig...

198 Weet u, wanneer een man een groot man is, goed; maar als hij groot genoeg is dat hij eenvoudig kan worden, zie, dan zal hij God vinden. Maar wanneer hij niet eenvoudig wordt, zal hij Hem nooit zien. U móet eenvoudig worden.

     [Vraag 23a:] In Openbaring 5:9: Wie zijn dezen, die zingende aangetroffen worden, wanneer het Lam het Boek aanneemt uit de... uit de... Zijn dit de opgenomen heiligen?

199 Nee, Openbaring 6... 5:9, liever – nee. Als u opmerkt, dezen zijn niet de heiligen. Hij heeft Zijn eigendom nog niet opgeëist. Dit zijn niet de heiligen. Hebt u het opgemerkt, het zijn de oudsten en het dier, en zij zingen.

     Laten we het lezen zodat die persoon... en dan zal ik proberen... Ik heb hier nog een half dozijn en ik denk dat ik ze in weinig minuten kan doen. Laat eens kijken. Openbaring 5:9. Laten we eerst even iets lezen zodat... De persoon nu is oprecht hierover en ze willen het weten. Let op

     En toen het de boekrol nam, wierpen de vier dieren en de vierentwintig oudsten zich voor het Lam neder, hebbende elk een citer en gouden schalen, vol reukwerk; dit zijn de gebeden der heiligen.

     En zij zongen een nieuw gezang, (zie?) zeggende: Gij zijt waardig de boekrol te nemen en... te openen;...

     Ziet u? Gij hebt ons vrijgekocht en ons priesters en koningen gemaakt; dat is de hemelse groep, nog niet de vrijgekochten. Goed, nu.

     [Vraag 24:] Broeder Branham, wanneer al de... (Nu, wacht even. Ik denk... Pardon.) Broeder Branham, als al de godvruchtigen opgenomen worden in de opname, waar zullen dan Elia en Mozes vandaan komen?

200 Daar is iets verkeerd. Daar is iets verkeerd. Dat is gewoon alles wat er aan de hand is. Er is iets gebeurd. Ziet u? Er is iets wat ergens verkeerd ging. Voelt iedereen zich goed? Is er geen ziekte of zoiets? [Een man in de samenkomst verzoekt broeder Branham Openbaring 5:9 nog eens te lezen – Vert] Openbaring... waar was het, broeder? 5... O, de vraag! O! De vraag die ik aan het beantwoorden was. Nu, laat eens kijken. "Gij..." [Vervolg van vraag 23]

     En toen het de boekrol nam, wierpen de vier dieren en de vierentwintig oudsten zich voor het Lam neder, hebbende elk een citer en gouden schalen, vol reukwerk; dit zijn de gebeden der heiligen.

     En zij zongen een nieuw gezang, zeggende: Gij zijt waardig de boekrol te nemen en haar zegels te openen; want Gij zijt geslacht,... (Hier is het! Hier is het! Ik was daar verkeerd mee! Ziet u?) en Gij hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke stam...

201 Dat is juist. Nu, hoe denkt u daarover? O, als de tegenwoordigheid van de Heilige Geest hier niet is, wat dan wel? Hij zou het niet laten... Zie, ik las alleen het eerste gedeelte van dat vers. Ziet u, het is precies iets wat hier geschreven staat en ik probeerde er doorheen te komen, terwijl ik naar die klok keek. Maar ziet u hoe Hij mij hiermee stopt? Glorie! Ik heb het andere gedeelte helemaal niet gelezen. Ziet u, ik had hier: "En..." Kijk hier. "En zij zongen een nieuw gezang", en ik stopte, ziet u. Maar kijk hier: "Zij zongen een gezang, zeggende: Gij hebt ons verlost uit iedere stam, taal en natie." Zeker, dat zijn ze. Tjonge, o, o! Ziet u het? En tussen twee haakjes, hier staat ook nog een andere vraag.

     [Vraag 23b:] Zou u die witte klederen die in Openbaring 6:11 geschonken worden, willen nagaan en vergelijken met degenen die hun klederen in het Bloed van het Lam hebben gewassen?

202 Nu, laten we eens kijken. Openbaring 6... Ik kan mij hiermee niet haasten, mensen, dit is allemaal...?... Zie, want het zal... ik zou iets verkeerds antwoorden. En Hij wilde niet dat ik dat deed. Dat is de waarheid. Dus help mij, de Heilige Geest van God weet dat het de waarheid is, ziet u? Ik... Er is net iets... Ik keek naar die klok en het was half 12 en ik dacht: "Als ik nu niet opschiet zal ik niet aan het bidden voor de zieken toekomen", en ik probeerde het toch, omdat ik... Mijn geest is zo... ik kan niet...

203 Bedenk, u moet gewoon begrijpen dat ik een mens ben, ziet u, en ik ben daar al zeven dagen binnen geweest en ik heb deze namiddag nog iets wat ik van God moet ontvangen. Maar Hij was zo vastbesloten dat ik die vergissing niet zou maken, dat Hij mij terugriep om de rest van dat vers te lezen.

204 En ik... ik voelde me net of iets gewoon over me heen rolde en daar zei: "Ga terug; ga terug!" En ik dacht: "Wat teruggaan? Nu gelijk ophouden en voor de zieken bidden? Wat is er? Wat heb ik gedaan?" En net toen ik dat wilde gaan doen, zei iemand: "Lees het vers nog eens", en ik las het weer en daar onderaan die vraag stond het: Openbaring 6.

205 Zie, ik las het begin; in het begin klinkt het als: "En ze zongen een nieuw gezang..." Maar hier verderop, ziet u wat het was? Het volgende, wat vervolgens kwam: "... heeft ons vrijgekocht." Zeker was het de bruid, de opgenomen heiligen. Kon u... En hier... zeker, het Lam had het Boek in Zijn hand. Hij had de troon van bemiddelende genade reeds verlaten. Ziet u?

206 Ziet u hoe de Heilige Geest daarover waakt? Omdat dit precies hetzelfde is als wat ik de vorige avond zei, toen Hij in de kamer tot mij gesproken had en ik hier naar u toegekomen was en tot u allen heb gepredikt: dat toen het Lam de plaats verliet, (o, wonderbaar! Nu, ik denk dat we gewoon even een tekst zullen nemen, ziet u) – het Lam had zijn troon verlaten en trad naar voren... zoals ik daar ontving toen Hij tegenwoordig was – dat Licht, hetwelk Christus is... Toen Hij tegenwoordig was... Wanneer het Lam die troonzetel verlaat, als Middelaar, komt Hij hier beneden en de dag van verlossing voor de gemeente is geëindigd.

207 De volgende verlossing die geopend wordt is voor de Joden, de 144.000. Is dat juist? Omdat Hij beloofde dat Hij de boom zou omhakken, weet u. Nu, hier... Nu, hier komt Hij naar buiten, het Lam, en dan is de dag van verlossing afgelopen, en alles wat verlost zal worden, is al verlost en in het Boek gezet en Hij is hier bezig het Boek te openen. Zo is het.

     O, dank u, Heer. Vergeef Uw nerveuze dienstknecht die probeerde snel over iets heen te gaan.

     [Vraag 23b:] Zou u die witte klederen kunnen nagaan die in Openbaring 6:11 gegeven worden?

208 Nu, laat eens kijken (6:11). Goed. Waar zijn we hier nu gebleven? Witte gewaden... Ja, dat zijn de gekruisigden onder het altaar, de Joden tussen die tijd. Hun werden witte gewaden gegeven.

     [Vraag 23c:] ... en vergelijken met diegenen die hun klederen hebben gewassen in het Bloed van het Lam van Openbaring 7:14?

209 Nee, dat is iets anders, heel zeker. Want kijk hier, wij zien dat aan deze mensen in deze tijd witte gewaden werden gegeven. Aan hun werden zelf witte gewaden gegeven door genade, en die dáár hadden hun gewaden gewassen in het Bloed van het Lam. En hier in Openbaring is dit die grote menigte die voor God was verschenen uit alle geslachten, talen en naties; en dit hier is uitsluitend gericht aan de martelaren van de Joden. Nu, dat is correct. Nu.

     [Vraag 24:] Broeder Branham, als alle godvruchtigen in de opname werden opgenomen, waar zullen de Elia en Mozes dan vandaan komen? Zullen het Joden zijn, of zal onze Elia, die aan ons gegeven is, bij hun zijn?

210 Nee. De heiden die met deze geest zal zijn gezalfd om de heidenen eruit te roepen zal worden weggenomen, omdat, ziet u, de hele gemeente helemaal is opgenomen; en deze twee profeten van het elfde hoofdstuk worden naar beneden gezonden; en de dag van genade is met de heidenen geëindigd en naar de Joden gezonden. Nee, zij zullen niet dezelfde mannen zijn. Ik ben er tamelijk zeker van. Denk er nu om dat dit gewoon naar mijn beste weten is.

     Laat eens kijken wat deze vraag zegt:

     [Vraag 25:] Is de tarwe en de wijn... (Ik denk dat er bedoeld werd: "Wat betekent." Er staat geen wat voor.) Er staat alleen: Is de tarwe en de wijn van Openbaring 6:6... Ik zal kijken wat het is wanneer ik dit hier lees

     En ik hoorde als een stem te midden van de vier dieren zeggen: Een maat tarwe voor een schelling en drie maten gerst voor een schelling; en breng geen schade toe aan de olie en de wijn.

211 Ik denk dat hier de tarwe en de wijn bedoeld wordt – dat was het ene voor het ander; of het een symbool was, de wijn die genomen werd aan de avondmaalstafel van I Korinthe 11:24. "Is de wijn..." De wijn, nee. Eén ervan is een geestelijk symbool, en de andere is in werkelijkheid de openbaring van het Woord.

     [Vraag 26:] Zou het kunnen zijn, dat de reden waarom velen ziek zijn is, omdat we niet het lichaam van de Here onderscheiden hebben? (Correct.) Maar nu geopenbaard door het openen van het zesde zegel... (Laten we eens kijken. Laat eens zien of ik dat nu kan begrijpen. Het ligt niet aan u, maar aan mij. U schreef het goed; het ligt gewoon aan mij.) Zou het kunnen zijn dat de reden waarom velen ziek zijn is, omdat we het lichaam van de Here niet onderscheiden? (Er staat een vraagteken aan het einde daarvan.)

212 Ja, de Schrift zegt dat velen ziek en zwak onder u zijn, vanwege het onderscheiden van het lichaam des Heren. Dat is helemaal juist, omdat het lichaam des Heren de bruid is, ziet u, en velen van hen vallen terug; ze gaan er niet in mee. Dat is waar. Ziet u, ze weten niet hoe zij zich moeten gedragen en leven elk soort van leven en nemen het avondmaal en zo. Dat is niet goed, ziet u?

     Wanneer mensen het avondmaal gebruiken die liegen en stelen en drinken en... dat is verschrikkelijk. Dat behoorde u niet te doen, ziet u.

     [Vraag 26b:] ... maar nu geopenbaard door het openen van het zesde zegel – de opening van het zesde zegel.

213 Eens even kijken. Nee. U hebt nu gezien dat de opening van het zesde zegel hier, voor de Joden was. Ziet u? De gemeente is al weggegaan. Dit is de verdrukkingsperiode. Dus het zou niet hetzelfde kunnen zijn, nee. Nee, dat is het niet.

214 Een ervan is een geestelijke wijn, dat is de openbaring van het Woord en de gelovige wordt gestimuleerd door de openbaring van het Woord, en het andere is een symbool van het Bloed van Jezus dat genomen wordt aan de tafel des Heren. Nu, dat is naar mijn beste weten.

     [Vraag 27:] Zal iemand die niet voorbestemd is, de Here aannemen? Wanneer zij dat doen, zullen zij dan weer afvallen?

     Niet indien ze voorbestemd zijn, nee; ze zouden niet kunnen.

     [Vraag 28:] Waar staat het Schriftgedeelte dat laat zien dat het Katholicisme de Joden zal misleiden en hun rijkdom zal krijgen?

215 Nu, waar staat het, dat het beest zal misleiden om de rijkdom; dat staat er niet. Maar wij veronderstellen dat het was... (Nu, de vorige avond, herinnert u het zich nog... kijkt u de band heel goed na.) Ik heb nooit gezegd dat ze dat zouden doen, ik zei... De Katholieken zijn de rijkste groep ter wereld, zie, niemand zoals zij. En van wat ze niet hebben, hebben de Joden de rest.

216 Dit is waar de economie van dit land nu... We leven nu al van belastinggeld, volgens 'Lifeline', dat... van belasting die regelrecht uit Washington, D.C., komt, die veertig jaar vanaf vandaag betaald wordt. Dit is wat we nú besteden. Zover zijn we nu achterop – ze geven bankbiljetten... van belastingen die over veertig jaar betaald zullen worden. Het land is bankroet. Het is afgelopen.

217 Nu Castro, het enige verstandige wat hij ooit gedaan heeft was toen hij het muntstelsel vervalste en de rekeningen afbetaalde, de schuldbekentenissen en ze verbrandde en het muntstelsel veranderde. Dat was het enige wat hij kon doen. En er is nog maar één ding wat de Verenigde Staten kunnen doen. (Denk er nu om, dit is William Branham die spreekt, ziet u. Dit is mijn gedachte. Het is slechts een veronderstelling.) Gewoon vanuit het natuurlijke standpunt bekeken, wat er misschien een miljoen mijlen naast zit; ik geloof dat daar precies met dat geld... De liefde voor geld is de wortel van alle kwaad; en ik geloof dat verder, wat dat betreft, daardoor de bal zal gaan rollen.

218 Welnu, de Katholieke kerk van vroeger bezit, door het geld vragen voor missen, enzovoort, de rijkdommen van de wereld. Vergeet niet dat de Bijbel zei dat ze rijk was en hoe ze was. En denk erom, niet slechts van één land, ze is rijk in ieder land dat onder de hemel is. Ze reikt ver. Zij heeft het geld. Welnu, wat zij niet hebben heeft Wall Street, wat door de Joden wordt beheerd.

219 En denk er nu aan, dat hij het geld had. Toen Jakob terugkeerde, wat we gisteravond zagen, en Israël werd, had hij werkelijk het geld, maar zijn geld zou hem bij Ezau niets opleveren. Ezau had het ook, ziet u, beiden anti, en de ene... Zie? Geheel volmaakt.

220 Nu let op. Ik zei dat ze misschien vanwege het geld zouden willen samengaan, en dat de Roomse macht de Joodse macht van het geld zou nemen en het verbond zou verbreken. Dit is misschien niet zo. Ik weet dat ze het verbond zullen verbreken, maar ik weet niet om welke reden, omdat het mij niet geopenbaard is wat ze zullen doen.

221 Maar kijk. Nu, als vandaag... Nu, wat als vandaag, het enige wat we kunnen doen, zou zijn... als wij belastingen heffen, als die bewering juist is uit het muntstelsel uit de belastinggelden van over veertig jaar vanaf nu... Ziet u, ons goud is... We hebben het al uitgegeven. We zijn bankroet. We hebben geen geld meer; en we leven nog door op de reputatie uit het verleden.

222 Dit is wat de kerk vandaag aan de dag doet – de kerk, niet de bruid. De kerk leeft op een reputatie uit het verleden, die ze eens kreeg onder de bediening van het tijdperk van de Leeuw. "Wij zijn de 'Kerk', wij zijn de 'Moederkerk'; wij begonnen..." Zo is het, ziet u? Ze leeft voort op de reputatie.

223 De Methodisten leven op hun reputatie. De Baptisten leven op hùn reputatie en de Pinkstermensen leven op de hunne: "Glorie aan God! Lang geleden toen de heiligen plachten te dansen in de Geest en hoe ze deden, toen had de Here dit en dat gedaan." Dat was iets uit het verleden. We zijn nu allemaal groot geworden, broeder. O! Zie? Allemaal vergane reputatie.

224 Dit land leeft op een vergane reputatie van wat de voorvaderen waren, en dat is de reden waarom ze denken dat ze gered zullen worden. God zag Israël nooit aan voor wat zij waren, wat zij geweest waren; het ging erom wat ze toen waren.

225 Let op, maar hier is wat ik geloof, wat ik geloof dat plaats zal vinden. (Nu, het mag misschien niet zo zijn.) Ik geloof dat de tijd zal komen dat we gedwongen zullen worden de beslissing te nemen. En wanneer dat komen zal, in plaats van dat we het geldstelsel veranderen... Wat zou dat voor de Philip Morrisfabriek, voor de whiskyfabrikanten, of voor de staalindustrie betekenen? Wat zou dat voor de hele handel betekenen? Wat zou dit... Het zou ze breken! Ze zouden bankroet zijn! Maar wanneer we dat geld kunnen lenen... Zie hoe sluw hij is?

     Dan verkoopt het land zich aan de kerk en dan zijn kerk en staat weer verenigd en dan komt zij. Dat is het.

     Let op. Goed. Nu deze:

     [Vraag 29:] Als iemand in een lokale organisatie van onze regering zit en de ingeving van zijn eigen hart kan uitspreken, of in de waarheid van de laatste dagen, zal hij dan tot een van de hoeren genaamd worden? Wanneer iemand in de lokale organisatie...

226 Wel, ziet u, de organisatie is... Aan de organisatie wordt door de regering het recht verleend om te spreken. Dat heeft helemaal niets met zijn hart te maken. Wanneer hij nu een oprecht gelovige is en geboren uit de Geest van God, dan zal hij op de een of andere keer tegen worden gehouden. Het kan niet zo duidelijk zijn dat hij het dan niet ziet.

227 Nu wil ik dat u... Ziet u, vrienden, u moet niet vergeten dat God... God doet nooit, of Hij heeft nog nooit iets gedaan, voor zover ik mij kan herinneren, ziet u, dan wat... Kijk, Jezus was de grondtoon van alles omdat Hij God was, Immanuël vlees geworden.

228 Kijk nu naar deze man, Jezus. Wist u, dat, toen Hij op aarde kwam, er geloof ik nog geen tiende van de wereld wist dat Hij hier was? Weet u toen die voorloper kwam, toen al de bergen en dingen plaats zouden vinden, dat er nog geen honderdste van de bevolking van Israël, naar ik vermoed, het ooit heeft geweten? Is dat niet vreemd? Waarom, er waren Joden en zo, en mensen over de hele wereld.

229 Bedenk nu dat Jezus kwam om een getuige te zijn als Redder der wereld. Is dat juist? Waarom, volk na volk na volk, na rassen, na volkeren waren er die nooit ook maar iets ervan wisten en regelrecht doorgingen alsof de wereld er niets van wist, maar al die tijd vond het in de wereld plaats. Ziet u?

230 Waarom liet Hij het hun niet weten? Hij kwam en degenen die voorbestemd waren tot eeuwig leven waren degenen die Hem ontvingen. Het zou geen nut hebben iets tegen de rest van hen te zeggen, omdat Hij ze niet zou hebben kunnen verlossen, omdat ze zelfs niet te verlossen waren. Hoe kwam het dat die priesters daar stonden... toen Hij tot die plaats moest komen, omdat de voorbestemden daar tussenin zaten, overal in het rond; Hij moest dus tot hen als groep prediken.

231 En de grote geleerden die Hem hadden behoren te kennen, zeiden: "Deze man is Beëlzebub. We zullen deze man niet over ons laten heersen", enzovoort, ziet u. "We doen het niet." Maar een kleine onooglijke prostituée, met het leven in zich, voorbestemd tot eeuwig leven, en haar naam is hier onsterfelijk in het Woord van God, kwam daar aanlopen en toen het licht voor de eerste keer dat zaadje trof, wist ze het direct.

232 Kijk naar die oude visser die daar voorbij kwam; en hier stond Hij en deed tekenen en wonderen en vertelde verschillende mensen de geheimen van hun hart en openbaarde Zichzelf. En o, er stonden daar Farizeeërs die zeiden: "Deze man is Beëlzebub."

     Ze moesten verslag uitbrengen aan hun samenkomst. En ze stonden daar allemaal. "Dr. Jones, wilt u er heengaan en naar deze man luisteren? Het lijkt alsof Hij weet waarover Hij spreekt. Hij spreekt niet als een gewone man."

     "Ik zal naar Hem gaan luisteren." Hij liep erheen om te zien wie... God zou nooit tot hem kunnen komen. En hij stond daar.

233 Ze zeiden: "Kijk daar eens. Kijk daar. Daar komt een man... Nu, daar is een van Zijn discipelen. Daar komt een man aan... Nu, de naam van die man... dat is Andreas. Herinnert u zich dat? O, herinnert u zich die oude visser daar? Dat zijn ze. Dat is Simons broeder, ziet u, en dit zijn de jongens van de oude Jonas. Nu daar... Kijk, hij brengt iemand naar Hem toe. Wie is het? Kijk wat Hij nu gaat doen."

     Hij is de volgende daar en hij wandelt erheen en Hij zegt: "Jouw naam is Simon en je bent de zoon van Jonas."

     "Deze man is Beëlzebub! Zie, Hij heeft een of andere geest op zich. Hij is een eigenaardige kerel. Luisteren jullie allemaal toch niet naar zoiets. Blijf erbij vandaan. Ik zou geen van deze samenkomsten meer bijwonen. Zodra dit voorbij is zullen we hier vandaan gaan. We laten ons hier nooit meer ophouden."

234 Waarom? Welnu, dat was wat hij dacht en toch werd hij verondersteld het te zijn. Kijk, het waren precies degenen tot wie Hij kwam die Hem kruisigden, ziet u. Maar daar was een kleine prostituée die er door iedereen uit was geschopt. Ik ben niet voor prostitutie (nee, beslist niet!), maar ik toon u alleen dat voorbestemde zaad.

     Kijk naar deze man hier, deze oude visser – kon zelfs niet... De Bijbel zei dat hij ongeletterd was. (Is dat zo?) Niet alleen dàt, maar hij wist niets! Nu, is dit goed of fout? O, konden we maar onwetend zijn voor een heleboel van deze dingen die we denken te weten. In orde. Ziet u, hij was zowel onwetend als ongeleerd. En toen kwam hij daar aanwandelen in de tegenwoordigheid van de Here Jezus en Hij vertelde hem wie hij was. Dat gaf toen meteen de doorslag.

     Nu, let op die andere man die er tegen argumenteerde: "Wel, kijk, hij geloofde het. Kijk wie het is. U weet wie het is. Die man heeft nooit... Ach, hij is een visser. Hij kent zijn ABC niet eens. Ik kocht vis van hem en hij kon geen rekening ondertekenen. Zie, dat is het soort spul... Dit is het soort mensen dat naar zoiets luistert." (Dank de Here. Amen.) "Ach, hij heeft geen... Kijk naar zijn vader. Hij was onontwikkeld en hij stuurde hem zelfs niet naar school." Maar dit is degene die Hij naar school stuurde, hem onderwees op de manier zoals Hij het wilde.

     Ik ben nu niet het 'niet naar schoolgaan' aan het ondersteunen (ik hoop dat u dit begrijpt), maar hier is gewoon het type, ziet u, wat u daarbij krijgt. Dat is het soort... De reden dat het langs hen heengaat.

235 Weet u dat er niet één... Ik kan wel zeggen dat geen derde van alle Joden in het land ooit iets van Zijn komst heeft geweten en dan luisterde een vijfde van die éénderde naar Hem en dan nam éénhonderdste van die éénvijfde het aan. Weet u hoeveel Hij er had? Hij had er twaalf die bij het kruis stonden uit die hele groep. Waar was de rest? De zeventig gingen weg.

     Welnu, toen Hij de zieken genas en daar gewoon rondtrok en niets over Zijn leer zei... Hij ging gewoon Zijn gang met het genezen van de zieken en alles... o, wonderbaar! Dat was Gods Geest op Hem, gelooft u dat? Toen Hij de zieken genas, wonderbaar! "Dat is geweldig Rabbi. Zeg broeders, je zou Hem in jullie gemeente moeten hebben. Tjonge, over kracht gesproken, die vent kan werkelijk de zieken genezen. Jullie behoorden... Hij heeft een gave van genezing."

     Wel, natuurlijk zullen we dan enige nabootsingen krijgen (daar komen ze aan...), omdat iedere groep zijn eigen man zal moeten hebben. Hier komt Hij.

     En dan allereerst weet u, op een dag ging Hij zitten.

     "O zeker, Rabbi, we zullen met u meegaan."

236 "Goed, ga zitten. Laten we gaan." Goed, Hij zond de zeventig uit, enzovoort. Toen op een dag, nadat er een groot wonder was gebeurd, ging Hij zitten en begon hun het Woord te vertellen. Bij het begin van het bazuinen van de... Goed. Hij begint hun het Woord te vertellen, de Waarheid... Ze zeiden: "O, wacht eens even; hier weet ik niets van. Het is in strijd met hun leerstellingen." Ze zeiden: "Wel, ik weet dat we de synagoge verlieten en zo meer, maar misschien waren we verkeerd, broeders. We kunnen maar beter teruggaan, want die man spreekt in raadsels. Hij is een wat vreemde kerel. Ik kan dat niet begrijpen."

237 Ziet u? Wat was het? Het zaad was niet voorbestemd vanaf het begin. Dan allereerst, weet u, had Hij een kleine groep predikers en sprak Hij tot de predikers. Ze zeiden: "Ah-ah, ummm, we kunnen beter ook maar teruggaan; teruggaan en in de organisatie gaan en onze papieren weer opnemen, ziet u, want deze kerel... Wie kan zo'n man begrijpen. Hij zegt hier dit en daar dat."

238 Ach, die anderen begrepen het niet op die manier. Hij toonde raadsels aan sommigen van hen, maar niet aan de anderen; dus wandelden ze weg. Toen draaide Hij zich om en keek naar de twaalf die daar stonden en zei: "Willen jullie ook niet gaan?"

239 Let nu op. Petrus zei: "Weet u wat? Ik bezocht al die tijd daarginds die oude plaats. Waar ter wereld zou ik heen moeten gaan? Waar zou ik heengaan? Waarheen zou ik kunnen gaan? Nadat ik hier een werk heb gedaan... Ik kan niet meer naar die vuilnisbak terugkeren, waar allerlei afval van de wereld in ligt. Waarheen zou ik moeten gaan? Ik kan het gewoon niet."

     Hij zei: "Goed dan, kom ga mee." Dat is het. Ziet u, wat was dit dan? Twaalf uit ongeveer tweeëneenhalf miljoen. En de Verlosser van de wereld nam uit biljoenen... Blijf nederig; blijf gewoon nederig. Waakt. Met al die Farizeeërs nu, komt die kleine prostituée eraan en zegt: "Hé, U moet wel een profeet zijn. Nu, we weten dat de Messias zal komen; en wanneer Hij komt zal Hij dit doen."

     Hij zei: "Die ben Ik."

     Ze zei: "Dat is het", en weg was ze. Probeer haar eens tegen te houden; u zou het niet kunnen.

     [Vraag 30:] Broeder Branham, ik groet u in de Naam van de Here Jezus. Wilt u alstublieft uitleggen wie de man in Mattheüs 22:11 is, de man die geen bruiloftskleed aan had... geen bruiloftskleed aan... Ik weet dat deze man niet in de hemel kon komen zonder het bruiloftskleed. Dit was een gast, weet ik, niet de bruid.

     Ja, dat is zo. Hij zou een gast zijn. Ja, hij glipte gewoon naar binnen, ziet u. Nu kijk. Ik zou daar een hele preek over kunnen houden en ik heb nog tien minuten om voor de zieken te bidden en dit af te maken en ik heb pas de helft ervan gedaan. (Ik zal na deze vast en zeker echt voortmaken.)

240 Hier is wat er gebeurde. Als u de oosterse gewoonten kent, ziet u, wanneer een bruidegom voor zijn bruiloft uitnodigingen uitgeeft, dan stuurt hij precies het aantal uitnodigingen rond. En voor iedere uitnodiging die hij stuurde, had hij een portier bij de deur staan om hem een kleed aan te doen, of hij nu arm was of wat hij ook was, hij moest... of hij nu rijk of arm was, wat hij ook was, ze moesten allemaal dit bruiloftskleed dragen.

241 Wanneer ze bij de deur stonden trokken zij hem dit aan en het bedekte wat zijn buitenkant was geweest. Hij was uitgenodigd, of hij nu een miljonair was of straat arm was, of hij boer was, slootgraver of wat hij ook was, of kapitalist, hij is nu hier met het kleed aan, omdat hem het kleed bij de deur wordt aangedaan, wanneer hij de door de deur binnenkomt.

242 Welnu, neem Johannes 10, geloof ik dat het is, waar Hij zei: "Ik ben de deur..." (Ziet u.) "Ik ben de deur waardoor u binnengaat." Daar staat hij nu aan de deur en hier is de man die hem het kleed aandoet, de Heilige Geest, om hem het kleed der gerechtigheid te geven wanneer hij binnenkomt.

243 Nu, deze man was door een of andere organisatie gekomen, achter door het raam ergens (een of ander sluipgat) en hij kwam bij de tafel en ging zitten. En dan wanneer de Bruidegom komt en rondkijkt, hij... Dit waren vroeger de vreemde eenden geweest, nu is hij de vreemde eend. "Wat doet u hier zo zonder de doop van de Heilige Geest en al deze dingen? Hoe bent u hier ooit binnengekomen?"

244 Wel, hij kwam ergens buiten de deur om binnen en hij kwam zonder de echte uitnodiging. Ziet u? Hij kwam door een of ander leersysteem of zoiets. Hij kwam binnen en Hij zei tegen hem: "Bind hem aan handen en voeten en werp hem hier uit in de buitenste duisternis waar geween en geklaag zal zijn en knersing der tanden." Hij ging in de verdrukkingsperiode. Hij kwam niet binnen door de deur, dus...

     Goed. Vraag:

     [Vraag 31:] Zal de Elia van Maleachi 4 dezelfde zijn als de Elia die in Openbaring 11:3 wordt genoemd en zijn die andere getuigen... zijn die andere twee getuigen afzonderlijke personen?

245 Ja. De Elia van Maleachi 4 zal niet de Elia van Maleachi 3 zijn. Dat hebben we gisteravond behandeld. "En is die andere getuige een ander?" Twee van hen, jazeker, Mozes en Elia naar onze openbaring. (Nu, ik wil u hier niet te lang houden.)

     [Vraag 32:]1 Koningen 19. Broeder Branham, ik geloof dat het aantal die hun knieën niet bogen, was zeven...

     Ja, dat is juist. Zevenhonderd in plaats van... Dank u. Dat is correct. Het was zevenhonderd in plaats van zevenduizend... zevenduizend in plaats van zevenhonderd. Nou, ziet u dat?

246 Weet u, werkelijk, wanneer iemand zo komt om te prediken... Ik wil u iets vragen en wel zo dat u het zult begrijpen. Toen de Elia uit de woestijn kwam had hij één boodschap. Hij kwam aanstampen uit die woestijn en kwam die koning regelrecht vertellen: "De dauw zal zelfs niet van de hemel vallen totdat ik er om roep." Dat waren de woorden die hij had en hij stapte direct weer naar buiten en zei niets, tegen niemand.

     Toen hij weer een boodschap had ging hij er regelrecht heen en sprak zijn boodschap en draaide zich gelijk weer om en ging weer terug de woestijn in. Ziet u?

247 Wel, als u goed oplet, toen ik de hoeksteen onder die Tabernakel legde, zei Hij: "Doe het werk van een evangelist"; en nu komt het uur dat dit werk wordt afgescheiden. Er vindt iets anders plaats. Dan zal ik...?... Ik kom hier en probeer te doen als een evangelist en nog iets anders, en ziet u waar u aan toe bent? O, ik verwacht dat de gemeente geestelijk genoeg is om het te begrijpen.

     [Vraag 33:] Broeder Branham, ik begrijp dat Elia er drie keer moet zijn. U vertelt ons dat hij er al twee keer is geweest en weer terug zal komen. Zal nu de persoon waar de geest van Elia op zal rusten ook één van de twee getuigen van Mozes en Elia zijn?

248 Nee, nee. Het zal een heiden zijn, gezonden aan de heidense gemeente. God zendt altijd naar Zijn eigen volk. Hij kwam tot het Zijne en de Zijnen ontvingen Hem niet. Hij zendt altijd Zijn... De boodschap van het uur...

249 Toen God zich met de Joden bezighield kwam er geen enkele heiden-profeet. Wanneer God zich met de heidenen bezighoudt, zijn er geen Joodse profeten. Wanneer God Zich weer keert tot de Joden zullen er geen heiden-profeten zijn. Ziet u wat ik bedoel? Goed.

     [Vraag 34:] Nadat de opname heeft plaats gevonden...

250 Er zal een overgangstijd zijn. Natuurlijk, de ene boodschap gaat over in de andere. Het zal precies op deze wijze binnenkomen, ziet u, zoals ik dat heb uitgelegd, zie, zoals Paulus tot de heidenen, enzovoort. Goed.

     [Vraag 34:] Nadat de opname heeft plaats gevonden, zal er dan nog iemand van de kerk aan het eind gered worden die niet in de opname ging?

251 Nee. Nee, omdat het Bloed al verdwenen is. Ziet u, er zullen geen bemiddelingen meer zijn, het heidentijdperk is geëindigd. Na de opname zal er niemand gered worden, niemand van de kerk, nee, nee. De kerk... "Wie vuil is, laat hem nog vuiler worden en wie heilig is, laat hem nog meer geheiligd worden." Dat zal niet plaats hebben, niet nadat de gemeente is weggegaan.

     [Vraag 35:] Broeder Branham, ik heb opgemerkt dat u bij de boodschap van het eerste zegel naar Daniëls zeventig weken verwees. Ik begrijp van Daniël... op de geluidsband van Daniël, dat wanneer het Evangelie naar de Joden terugkeert, de zeventigste week zal beginnen. Is er één week, zeven jaar, voor de Joden overgebleven, of is er toch nog slechts een halve week, drieëneenhalf jaar, voor hen over?

252 Slechts één halve week. Jezus profeteerde de eerste halve week, zoals voorzegd werd; er is voor hen nog slechts een halve week over.

     [Vraag 36:] Broeder Branham, daar u gedurende de week niet voor de zieken hebt gebeden, wilt u...

     Dat is alleen een verzoek.

     [Vraag 37:] Broeder Branham, wilt u mij na de dienst ontmoeten...

     Dit is ook een verzoek...

     [Vraag 38:] Zou u alstublieft willen uitleggen over Satan, die gedurende duizend jaar gebonden wordt en wordt losgelaten voor de slag in Openbaring 20:8? Welk verband heeft dit met de slag van Armageddon, die in het vierde zegel wordt genoemd? Zullen Gog en Magog worden verzameld uit de mensen van de nieuwe aarde?

253 Wel, dit is een lange en ik zal gewoon de kern moeten raken, ziet u. Nu, het eerste. Welnu, misschien kan ik het niet uitleggen. Ik zal mijn best doen.

     [Vraag 38a:] Wilt u alstublieft uitleggen hoe Satan voor duizend jaar gebonden wordt en weer wordt losgelaten voor de slag van Openbaring 20:8?

254 Dat is niet de slag van Armageddon. De slag van Armageddon vindt aan deze kant plaats (juist), wanneer de verdrukkingsperiode is geëindigd.

     [Vraag 38b:] Nu, in welk verband staat dit met de slag van Gog en Magog?

     Geen enkel. Het ene is aan deze kant van de duizend jaar en het andere is aan het eind van de duizend jaar.

     [Vraag 38c:] ... zoals genoemd in het vierde zegel. Zullen Gog en Magog worden verzameld uit de mensen op de nieuwe aarde?

255 Satan werd uit zijn gevangenis bevrijd en ging alle mensen, de bozen, verzamelen, om ze naar deze plaats te brengen en God deed vuur en zwavel uit de hemel regenen en ze werden verteerd – twee verschillende veldslagen.

     [Vraag 39:] In verband met de achtenzestig miljoen die door de Rooms-Katholieke kerk waren afgeslacht, in welke tijd van de geschiedenis vond dit plaats en over welke tijdsperiode?

256 Neem het boek 'Glorious Reformation' [Heerlijke Reformatie – Vert] van Smucker; ik denk dat sommigen van deze geleerden het hebben; en dit is de geschiedenis van de kerk. En ik ben nu vergeten op welke bladzijde het precies staat, maar het vond plaats vanaf de tijd van... de zaak werd tot stand gebracht of aan de kerk gegeven door de heilige Augustinus van Hippo, Afrika. Dit was in A.D. 354 en het duurde tot 1850, het bloedbad van Ierland. Die tijd was dus van A.D. 33... of A.D. 354 – laat ik dat nu goed doen. Van A.D. 354 tot A.D. 1850 – 1850; overeenkomstig de geschiedenis werden er achtenzestig miljoen Protestanten ter dood gebracht, vastgelegd in het Roomse martelarenboek, omdat ze het met de Paus van Rome niet eens waren. Dit is geschiedenis. Als u wilt zeggen dat het verkeerd is, nu dan, misschien heeft dan George Washington of Lincoln niet bestaan. (Niemand van ons leefde toen om het te zien.) Maar hoe het ook zij, ik geloof dat ze hier waren. Ik zie tekenen dat ze hier waren.

     [Vraag 40:] Broeder Branham, het negentiende hoofdstuk van... [1 Koningen 19:18] en het achttiende vers: "Toch heb Ik er nog zevenduizend van Israël overgehouden – zevenduizend in Israël die allemaal niet gebogen hadden... gebogen voor Bileam, en wiens mond hem niet gekust had." Wilt u dit over de zevenhonderd voor mij uitleggen, alstublieft.

257 Het waren er zevenduizend, ziet u. En dit is het kussen van Baäl. Weet u niet... Hoevelen hier waren vroeger Katholiek? U kust beelden. En bedenk, in de tijd van Babylon en Nebukadnezar, toen het heidens koninkrijk opkwam, toen het heidens koninkrijk verscheen, kwam het op door de aanbidding van een mens.

258 Nebukadnezar maakte een beeld van een mens. En als u geestelijk begrip hebt... (Luister nu naar deze openbaring.) Die geest, die man waarvan hij een openbaring maakte... of waar hij een beeld van maakte door zijn openbaring, was Daniël – een godsdienstig man die aanbeden werd (Ziet u het?), want hij noemde hem Beltsazar, wat de naam van zijn god was. En hij maakte van die god een beeld, wat de afbeelding van Daniël was en Daniël weigerde voor zijn eigen beeltenis te buigen. En hier is het weer, ziet u.

259 Let nu op. Het heidense koninkrijk kwam op door Nebukadnezar, een heidense koning in de dagen van Babylon, die kerk en staat samenvoegde door een heilige... een beeld van een heilig man te nemen en te dwingen dat te aanbidden. Het heidense koninkrijk eindigt daar in de voeten met een handschrift aan de wand door een politieke macht die kerk en staat tezamen heeft verenigd om opnieuw te dwingen beelden te kussen (ziet u?), hetzelfde: het beeld van een heilig man, zeker.

     [Vraag 41:] Broeder Branham, wanneer deze opname plaats vindt... wanneer de opname plaats vindt, zullen dan de jonge kinderen die geen goed van kwaad kunnen onderscheiden in de opname gaan?

     Als hun namen in het Boek staan. Dat is juist. Zie? Goed.

     [Vraag 42:] Broeder Branham, u zei gisteravond dat er zevenhonderd mensen gered zouden worden... gered zouden worden onder Elia's prediking. U bedoelde zevenduizend.

260 Ja, dat is juist. Vergeef me dat, alstublieft. Dat is waar, dat zei ik.

     [Vraag 43:] Broeder Branham, wilt u uitleggen... nadat u... Broeder Branham, zal de bedeling... (pardon) zal de bedeling... (Nu, u bent het niet, het ligt aan mij) zal de bedeling van genade voorbij zijn nadat u de zeven zegels opent?

261 Ik hoop van niet. Nee, nee vrienden, krijg dat nu niet in uw gedachten. Gaat u gewoon door. Rooi de aardappels en ga naar de kerk, enzovoort. Als het 's morgens plaats vindt, word dan gewoon bevonden in het bezig zijn met wat u wordt verondersteld te doen.

262 Begin nu niet... Als u dat doet, buigt u de ware zaak weg van het doel waarvoor het bestemd is. U krijgt kleine eigenaardige gedachten en u krijgt uw eigen ideeën over dingen. Neem niet uw eigen idee. Wanneer u zit te luisteren naar dat soort dingen, zeg dan gewoon: "Dank u, Heer. Ik zal gewoon een beetje dichter bij U gaan wandelen." Stop niet met werken en zeg niet: "Ik ga alles verkopen."

     Er kwam onlangs, net voor we weggingen, een man op me afrennen uit North Carolina, en hij zei: "Prijs God! Kunt u mij vertellen waar een zekere 'belangrijke grote meneer' was?"

     En ik zei: "Nee."

263 "O ja, meneer," zei hij, "deze man heeft de..." Hij zei: "Deze man is de president van de Audio Zending."

     Ik zei: "De wat?"

     Hij zei: "De Audio Zending."

     Ik zei: "Ik begrijp het niet."

     En hij zei: "O, deze kerel is de president."

     Ik zei: "Wat was zijn naam, zei u?"

     Hij zei: "Branham, geloof ik. Zoiets dergelijks – Brown of Branham."

     Ik zei: "Wel, mijn naam is Branham."

     Hij zei: "Bent u de president van de Audio Zending?"

     Ik zei: "Nee meneer."

264 Hij zei: "Wel, hoe staat het met het duizendjarig rijk?"

     Ik zei: "Ik weet het niet."

     Hij zei: "Wel, u bent... U bedoelt, het heeft hier plaats en u weet het niet?"

     En ik zei: "Nee meneer, ik weet het niet."

     Hij zei: "Wel, prijs God, ik heb een paar vrienden die het me kwamen vertellen." En hij zei: "Ik ben met werken gestopt." Hij had zijn werkkleren nog aan. Hij zei: "Broeder, ik wil het duizendjarig rijk."

     En ik zei: "Wel, ik geloof dat u een beetje in de war bent, is het niet, broeder?"

     Net op die tijd kwam er een auto aanrijden, een taxi. Ze zei: "Stop, stop, stop!" Een kleine vrouw kwam er aan en zei: "Nu gaat u voor mijn man bidden."

     Ik zei: "Ja mevrouw, wat is er aan de hand?"

     Ze zei: "Wel, ik begrijp dat men een maand moet wachten voor een onderhoud waarin men voor zich kan laten bidden."

     En ik zei: "Wat?"

     En ze zei: "Ja meneer, maar ik ben wanhopig. U moet voor mijn echtgenoot bidden."

     Ik zei: "Zeker, waar is hij? Breng hem hier."

     Die makker stond daar toe te kijken en zei: "Bidt u ook voor de zieken?"

     Ik zei: "Ja meneer."

     "Wat... Zei u dat uw naam 'Branham' was? En u weet niets over het duizendjarig rijk?"

     Ik zei: "Wel, ik... Nee, ik weet het niet." Ik zei: "Ik begrijp het niet helemaal goed in de Bijbel."

     Hij zei: "Nee, het is op dit moment. De mensen zijn overal vandaan gekomen."

     Ik zei: "Waar is het dan?"

     Hij zei: "Jeffersonville, Indiana, precies onder de brug."

     "Meneer, ik sta helemaal paf." En ik zei: "Ik weet er niets van." Ik zei: "Laten we naar binnen gaan en even gaan zitten. Misschien kunnen we deze zaak doorpraten." En dat deden we.

     Ziet u niet, ziet u niet, vrienden, begeer nooit een bediening. (U begrijpt wat ik bedoel.) U zult gewoon waar u bent gelukkiger zijn. Gaat u gewoon verder.

     [Vraag 44:] Na de opname van de bruid; wanneer staat de gemeente die door de verdrukkingsperiode moest gaan in het oordeel? (Ze hoeft niet in het oordeel te staan.) Is het voor of na het duizendjarig rijk? (O, neemt u me niet kwalijk; vergeef me, wie dit ook schreef.) Wanneer gaat de gemeente die... Na de opname van de bruid; wanneer gaat de gemeente, die door de verdrukkingsperiode moest gaan, door het oordeel? Is het er na of er voor?

265 Er ná, de rest van de doden die niet met de bruid meegingen, leven niet gedurende duizend jaar. Laat eens kijken.

     [Vraag 45:] U hebt menigmaal gezegd dat God het communisme verwekte om Zijn doel te dienen, zoals koning Nebukadnezar. Waar past het communisme nu in het beeld, hoe het uiteindelijk zijn zal? Waar loopt het op uit? Vele geleerden geloven dat het Koninkrijk van het Noorden, dat Gog en Magog in de Schrift wordt genoemd, tegen Israël optrekt in de... (Ik kan niet lezen wat het is. Ik geloof de...) op sommige van de banden die zijn opgenomen zei u dat het tenslotte zou vallen... dat het communisme tenslotte het Katholicisme of het Vaticaan door een explosie zou vernietigen. Is dat waar?

266 Ja. Openbaring 16, daar zult u het vinden en Openbaring 18:8 en 12. Als die persoon hier is en dit stukje papier daarover wil nemen; dan kunt u het meteen opzoeken. Ja... "Wee, wee, die grote stad... want in één uur is zij aan haar einde gekomen." De kooplieden en al het andere hadden haar koopwaren hier gebracht. Het zal zo zijn. Dat is juist. En ga niet...

267 Houd er mee op... Vergeet toch het communisme. Het is niets anders ter wereld dan een groep die niets zijn dan goddeloze barbaren. Het is een systeem... (Laat me u iets tonen, gewoon om te laten zien hoe eenvoudig het is. Wel, er is slechts één procent van Rusland dat communistisch is.) Ze hebben een boodschapper nodig. Eén procent – dan zijn negenennegentig procent van hen nog steeds aan de Christelijke kant – één procent; en hoe kan één procent heersen over negenennegentig procent? Dit zou het op hetzelfde moment aan u moeten verklaren. Als God het niet toeliet zouden ze het er al lang uitgegooid hebben. Stellig.

     [Vraag 46:] Broeder Branham, u zei dat Rome in de laatste drieëneenhalf jaar de regering van de Joden zou overnemen. Zal dit de eerste drieëneenhalf jaar van de grote verdrukking zijn of zal het de laatste drieëneenhalf zijn? Is dit juist?

268 Het zal de laatste drieëneenhalf jaar zijn, dat is juist, niet de eerste, omdat die reeds voorbij zijn. (Ik heb er nog één na deze.)

     [Vraag 47:] Mijn beste broeder, zal de Elia van Maleachi 4:5 naar de wildernis gaan, zoals 1 Koningen 17 ons vertelt dat de andere Elia deed?

269 Wel, ik zou niet precies willen zeggen dat hij het zou doen... dat hij naar de wildernis zou gaan, maar hij zal dìt zijn, weet u: Hij was Elisa en Elia... Hebt u gemerkt dat de meeste van zulke mannen, mannen zijn die zich weghouden van de mensen? Ze zijn zeer eigenaardig. Ze gaan niet al te veel met mensen om.

270 U weet hoe Elisa was, en Elia en Johannes de Doper, en de natuur van die geest, ziet u. En ze gaan niet... Ik geloof dat de man een liefhebber van de wildernis zal zijn en misschien in de wildernis zal vertoeven, maar om nu precies te zeggen dat hij een kluizenaar zal zijn en in de wildernis zal wonen, dat weet ik niet. Soms deden ze dat wel. Eliza niet, maar Elia wel. En Johannes leefde eveneens in de woestijn.

     En het is moeilijk te zeggen wanneer deze andere profeten daar uit Judéa komen... Ik weet niet waar ze zullen verblijven. Misschien kamperen ze daar ergens buiten op de heuvels of wat ze in de dagen van hun profeteren ook doen – ik weet niet wat ze zullen doen, maar u... Wat ik probeer te zeggen is dit: Zal er een...

271 Ze proberen te vragen: "Zullen het gewoon bewoners van de wildernis zijn?" Wel, dan zouden ze nu naar het noorden van Brits Columbia moeten gaan om genoeg wildernis te hebben om in te wonen, ergens, ziet u. Het zal dus iemand zijn... De wildernis is helemaal teruggedrongen; er is niet veel wildernis overgebleven. Dus het enige is dat ze een liefhebber van de wildernis zouden kunnen zijn en misschien veel in de wildernis verblijven, en ze zullen... U kunt bemerken dat hun natuur is, dat ze geen compromis sluiten en u zult het weten wanneer het komt. U zult het zien als u klaar wakker bent.

     Nu is er hier een. Ik weet niet hoe het aan te pakken. En ik heb er nog een, net voor deze ene en dan zal ik hen vragen de band even af te zetten.

     [Vraag 48:] Wanneer God één persoonlijkheid is, hoe kan Hij dan tot Zichzelf spreken op de Berg der Verheerlijking?

272 Ik heb dat al uitgelegd. Ik zou u dit willen vragen. Ik ga... Toen Jezus tot de Vader bad, ziet u... Ik geloof dat u de doop met de Heilige Geest ontvangen hebt, nietwaar, broeder? Wilt u niet even opstaan? U beweert de doop met de Heilige Geest te hebben? [De broeder zegt: "Jazeker." – Vert] Ik ook. Wat is het dan? Dan beweer ik niet dat ik de krachten van mijzelf heb om deze geheimenissen te ontvouwen. Ik heb geen kracht om de zieken te genezen. Het is God.

273 Ik geloof dat u een voorganger bent. Als ik mij niet vergis komt u uit Arkansas. Juist. Welnu, en in u is het om het Evangelie te prediken. Normaal groeide u op in een boerderij in zo'n omgeving. U weet er gewoon niets van. Maar er kwam iets in u om het Evangelie te prediken. U beweert helemaal niet dat u dit zelf bent. Dat is een andere Persoon, de Heilige Geest genaamd. Is dat juist? In orde.

     Nu wil ik u vragen. Die Heilige Geest woont in u, is dat waar? Praat u met Hem? Spreekt u tot Hem? Bidt u tot Hem? Goed, dat is alles wat ik wil... Dank u wel. Begrijpt u het nu?

274 Ik wil u één ding vragen: hoe kwam het toen Jezus zei in Johannes 3... Hij zei daar: "Wanneer de Zoon des mensen er zal zijn, die nu in de hemel is..." (Ziet u?) "... die nu in de hemel is, naar de aarde zal komen." Zie? "De Zoon des mensen die nu in de hemel is" en hier stond Hij op hetzelfde moment en Hij sprak tegen de persoon. Nu, geeft u me daar eens antwoord op.

275 Jezus en de Vader waren precies dezelfde persoon, precies dezelfde als de Heilige Geest in mij. U kijkt naar mij als ik aan het prediken ben, maar ik ben het niet. Ik kan geen woord spreken dat een dier, waarvan u weet, zou kunnen voortbrengen; ik zat daar en keek ernaar, en doodde het dier en at het op. Dat is scheppende kracht. Dat ligt niet in menselijke wezens.

276 Ik was het niet die hier een kleine jongen kon nemen, en de dokters legden hem op zijn rug; met hartmoeilijkheden vanavond, en zou zeggen: "Zo spreekt William Branham..." Nee! "ZO SPREEKT DE HERE: het is voorbij." En brengen hem de volgende dag naar de dokter en het is helemaal weg.

277 Een kind met leukemie, zodat zijn ogen waren uitgepuild en hij helemaal geel zag en z'n maag... zodat ze hem zelfs naar het ziekenhuis brachten om hem bloed en dergelijke te geven om hem hier te krijgen; en in vijf minuten tijd roept hij om een hamburger, en de volgende dag brengen ze hem naar de dokter terug en ze kunnen er zelfs geen spoor meer van vinden. Is dat "Zo spreekt William Branham"? Dat is: "ZO SPREEKT DE HERE!" Toch is Hij een persoon afzonderlijk van mij, maar de enige manier waarop Hij tot uitdrukking wordt gebracht is door mij, ziet u?

278 Zó waren Jezus en de Vader. Jezus zei: "Ik ben het niet die de werken doe, het is Mijn Vader die in Mij woont." Nu, de Zoon des mensen zal neerdalen van de hemel, die nu in de hemel is. Zie? Wat was het? Hij was alomtegenwoordig, omdat Hij God was.

     Nu, deze andere, ik wil deze woorden zeggen...

     [Vraag 49:] Leg uit waar u over sprak...[Leeg gedeelte op de band – Vert]

     [Er komt een profetie uit de samenkomst – Vert] Dank u, Vader God. Wij danken U voor de Geest van Uw tegenwoordigheid hier. En ons wordt verteld, Vader, dat op een keer, toen de vijand binnenkwam, de Geest op een man viel en tot hem profeteerde en tegen hem sprak. Het zette de zaak recht, zodat ze wisten hoe te gaan en de vijand te verslaan en wáár de vijand te vinden.

     En ik dank U, Vader, dat U dezelfde God blijft die U altijd bent geweest. U bent nog steeds precies dezelfde. Wij veranderen en tijdperken veranderen en tijden veranderen en mensen, maar U verandert nooit. Uw systemen zijn dezelfde; Uw genade is dezelfde; Uw werken zijn dezelfde, omdat ze wonderbaar zijn en alle kennis van mensen vér te boven gaan om ze ooit te begrijpen.

     We zijn U dus dankbaar, Heer, dat Uw geheimen in de harten van Uw dienstknechten verborgen zijn; en daar zijn we zó gelukkig om, Heer, en mogen wij van plaats tot plaats voortgaan als schijnende lichten, en met liefde proberen anderen binnen te brengen, en ieder klein hoekje afvissen en het net uitwerpen om er zeker van te zijn dat we iedere vis krijgen die U toebehoort. En dan zal het Lam Zijn bruid nemen om voor altijd aan Zijn zijde te zijn. We wachten op die tijd, door Jezus Christus' Naam. Amen.

     Hoeveel zieken zitten hier? Laat mij uw hand zien. Wel, het ziet ernaar uit dat het er ongeveer... Houdt uw handen nog eens omhoog. Ongeveer één, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht, negen, tien, elf, twaalf, dertien, veertien, vijftien, zestien, zeventien, achttien, negentien, twintig, veertig, eenenveertig, tweeënveertig, drieënveertig, vierenveertig, vijfenveertig, zesenveertig, zevenenveertig – ongeveer zevenenveertig.

     Goed, het is nu half twaalf. We kunnen nu meteen voor de zieken bidden, stellen de avond in... zou u dat willen? Ik geloof dat het nu een goede tijd zou zijn om het te doen. Ik zal u vertellen waarom. De Heilige Geest, die nu hier binnenstaat, is bezig te zalven.

     Nu, voor zover wij ons nu hebben bewogen in die Geest en u ziet dat er iets is en u weet dat er iets... Iets is tegenwoordig. En als u ooit zou kunnen geloven, dan zou u het nu moeten geloven. Als u ooit gaat geloven, is het nu.

     We willen nu dat u werkelijk rustig en zachtjes komt en laten degenen die aan die kant daar zitten, en die hun hand opstaken, in dit pad stappen en dan deze kant langsgaan en dan zullen we vak voor vak nemen – slechts vijfenveertig of zevenenveertig mensen. Het zal niet lang duren.

     Ik ga broeder Neville vragen of hij hier bij me wil komen staan, dan gaan we voor u bidden. Eerst degenen die in het pad komen te staan, ga even een ogenblik staan zodat we hier voor u kunnen bidden en iedereen de handen op kunnen leggen. Zo, dat is goed. Ieder die in deze gebedsrij komt; zij die in de gebedsrij gaan.

     Nu weet u, met het oog op de tijd, zodat we zeker kunnen zijn het te ontvangen... We gaan nu voor u bidden. Kijk vrienden, laat me het voor u uitleggen. Jezus Christus zei dit: "Deze tekenen zullen hen volgen, die geloven."

279 Let nu op. Hij zei nooit: "Indien ze voor hen baden." "Als zij hun handen op de zieken leggen, zullen ze genezen." En wanneer God een onomstotelijk geval van leukemie kan nemen en een meisje dat voor zichzelf geen geloof kan hebben en dat ding volmaakt gezond kan maken... als Hij het volgende geval van een jongetje kan nemen en hem zo geneest dat de doktoren geen enkele reumatische koorts in zijn bloed kunnen terugvinden of iets anders; wat kan Hij dan voor ú doen? Nu, die kleine kinderen, zij begrijpen niet wat bidden zou kunnen zijn. Ik leg ze alleen de handen op en dat deed het. Wij kunnen het begrijpen.

280 Welnu, terwijl u nu staat voor gebed. Hemelse Vader, met Uw grote tegenwoordigheid die hier is, de grote Heilige Geest, Degene van Wie wij de foto hebben, Degene van Wie wij in de Bijbel lazen, Hij is nu op dit moment hier tegenwoordig. Hij openbaart zich door menselijk vlees.

     Hoe hebben wij Hem niet zonder één keer te falen door de jaren heen gezien, terwijl Hij in staat was zelfs de gedachten van het menselijk hart te openbaren en de zonden die ze deden te openbaren, en ze precies te vertellen wat er gebeurd was en wat zal gebeuren zonder één keer te falen... Dan weten we dat de God van Abraham, Izaäk en van Israël nog steeds God blijft in de persoon van Jezus Christus.

     En nu, door Zijn Geest, die van de hemel nederdaalt onder het Bloed dat op Calvarie werd gestort, en die neerkomt onder de mensen om Zichzelf in menselijk vlees te manifesteren, net vóór het verbranden van de wereld – de grote Heilige Geest vertegenwoordigd in menselijk vlees; die dierbare mensen die het verzoenende Bloed hebben aangenomen en de Heilige Geest in hun binnenste nemen, God vertegenwoordigd in menselijk vlees...

     Bijgevolg zou het niet het menselijk vlees zijn, om alleen maar de handeling uit te voeren, zoals in de doop, enzovoort, met een opdracht dat "deze tekenen zullen hen volgen die geloven..." Door het opleggen van handen op de zieken, zou de Heilige Geest ervoor zorgen dat ze beter werden als ze geloofden.

     Nu Vader, we weten dat deze dingen waar zijn. Deze mensen die hier staan, zullen onder de handen van voorgangers die deze Heilige Geest ontvangen hebben doorgaan, en ze staan gereed, Heer, om de zieken de handen op te leggen. En we weten, Vader, wanneer deze mensen alleen maar zullen geloven, dan moet het geschieden, zoals bij ieder Woord dat U beloofde, zodat de... Het kan niet gebeuren zonder geloof, want het is onmogelijk zonder geloof God te behagen. We kunnen dit gewoon niet.

281 En nu met vertrouwen gelovend, terwijl deze belofte voor ons ligt met de zegels van de Bijbel die voor ons geopend zijn, dat God Zijn Woord houdt, mogen deze dierbare mensen die ziek zijn, Heer, en mijn medegevoel voor hun als een menselijk wezen in een sterfelijk lichaam zoals het hunne, en dezelfde Heilige Geest die in ons woont, Heer, woont in hen; en we voelen met elkaar mee en daar wij weten dat het nieuwe verbond in het nieuwe Bloed... als het oude genezing bood, hoeveel temeer zal dit nieuwe en betere verbond het bieden? Vader, moge het zijn dat deze mensen niet in gebreke zullen blijven, maar hun genezing zullen ontvangen als ze onder de handen van Uw dienstknechten doorgaan, door de Naam van Jezus Christus. Amen.

     We zullen nu... Deze kant mag blijven zitten, terwijl deze kant langskomt, dan zal deze kant teruggaan en die andere zijde... Nu, enigen van u, broeders hier, die willen opstaan... Ik geloof hier dat u predikers bent, u allemaal hier langs. Waar is doctor... broeder Ned? Was u van plan in de gebedsrij te gaan, broeder Ned? Zodra er voor u gebeden is, ga dan regelrecht in de rij staan.

     Nu, laat degenen aan deze kant, hier, gewoon even een ogenblik gaan zitten en ik zal degenen van deze zijde nemen, dan komen we hier langs naar beneden en nemen het middelste vak en zenden ze aan deze kant terug en nemen dan dit vak en sturen ze langs deze kant door en we zullen voor iedereen bidden.

     Ik zal broeder Teddy gaan vragen... Waar is hij? Goed, ik wil graag dat je erbij speelt: "De grote Heelmeester is nu nabij." En de pianist, waar ze ook mogen zijn, begeleid hem als u wilt.

282 Luister; herinnert u zich die keer dat dat gespeeld werd en die kleine jongen op het podium werd gebracht? Het Amisch meisje speelde: "De grote Heelmeester is nu nabij."

     Ze had lang, donker haar... of blond haar, liever (een Mennonietisch of Amisch meisje), dat achterwaarts op haar hoofd lag.

283 En de Heilige Geest raakte het jongetje aan, alleen maar door handoplegging (hij was kreupel aan zijn voeten) en hij sprong uit mijn armen en rende over het podium. En zijn moeder stond op en viel weer terug – een Mennonietische van oorsprong, geloof ik.

284 En de Geest van God trof dit kleine Mennonietische meisje of Amisch meisje of wat ze ook was (haar vader en anderen zaten daar met de kleding aan van Mennonieten of wat ze ook waren) en ze sprong op achter de piano en met haar handen omhoog in de lucht (en haar mooie haar viel los naar beneden – ze zag eruit als een engel) begon ze te zingen in de Geest. En terwijl ze dat deed speelde de piano voortdurend: "De grote Heelmeester is nu nabij, de liefdevolle Jezus."

285 Iedereen stond daar, duizenden, en keken naar die toetsen die op en neer bewogen: "De grote Heelmeester is nu nabij, de liefdevolle Jezus..." Mensen stonden op uit hun invalidenwagens, of bedden, brancards en gingen lopen. Dezelfde Jezus is nu vanmorgen hier, precies hetzelfde als in die zaal.

     Geloof nu alleen. Speel dit lied als u wilt: "De grote Heelmeester." Laat iedereen nu bidden. Laat ze recht door de zaal lopen, ga regelrecht deze kant langs en regelrecht naar uw zitplaats of daar waar u heen wilt gaan, als u uw weg baant... goed begrepen daar achterin? Goed zo, ga dan regelrecht terug naar uw zitplaatsen, dan zullen we opstaan.

286 Luister nu. Terwijl er voor dezen gebeden wordt, bidt ú dan ook voor hen. Wanneer dan voor u gebeden wordt, zullen zij voor u bidden. Nu, u predikers die hier zit, gaat u staan. Ik wil dat u dezen de handen oplegt wanneer ze voorbij komen.

     Nu, iedereen, de hoofden gebogen en houdt uw hoofden gebogen, blijf bidden; en wanneer u voorbij komt, leg dan... u de handen worden opgelegd, vergeet niet dat het een belofte van God is, die de geheimenissen van Zijn Boek openbaart, de geheimen van het menselijk hart. Hij is de God die dat zal bevestigen, wanneer u het zult geloven. Iedereen nu in gebed. Nu, u broeders, predikers, ga staan als u wilt. Goed, laat ons onze hoofden buigen.

     Nu, Here Jezus, wanneer deze mensen komen, moge de kracht van de Almachtige God hun geloof onmiddellijk versterken wanneer ze voorbij gaan, in Jezus' Naam.

     Nu, goed, laat de rij aan deze kant beginnen. Vraag iedereen... Leg handen op hen, u predikers, wanneer ze langskomen.

     [Broeder Branham en de predikers bidden voor de zieken – Vert] In de Naam van de Here Jezus... Ik leg mijn handen, in de Naam van de Here Jezus, op mijn broeder. In de Naam van de Here Jezus leg ik mijn handen... God, sta het mijn zuster Rosella toe in Jezus' Naam.

     In de Naam van Jezus Christus... In de Naam van Jezus Christus leg ik mijn handen... [Broeder Branham spreek met iemand: "Blijf daar en houd dat in de gaten, totdat de rij stopt." – Vert] In de Naam van de Here Jezus... Bedenk, Hij is nederig; kom nederig. [Broeder Branham gaat verder met bidden voor de zieken. De woorden zijn niet allemaal verstaanbaar – Vert]

     . . . . .

     [Broeder Billy Paul Branham komt naar de microfoon en zegt: "Is dat nu iedereen die gebed wil ontvangen?" – Vert]

     [Broeder Lee Vayle spreekt tot broeder Branham – Vert] Moge de hand van de Here Jezus u, broeder Vayle, dit verzoek voor uw geliefde geven, in Jezus' Naam.

     [Broeder Billy Paul Branham spreekt tot broeder Branham – Vert] Billy Paul, zoveel kaarten als je hebt uitgegeven, ontvang nu je genezing, in de Naam van Jezus Christus

De grote Heelmeester is nu nabij,
De liefdevolle Jezus;
Hij spreekt het terneergeslagen hart moed in,
O, luister naar de stem van Jezus.

     Allemaal samen

Lieflijkste toon in 't engelenlied;
Lieflijkste Naam op een sterfelijke tong;
Heerlijkste lofzang, ooit gezongen...

     God, voor dit lieflijke stelletje, die in de wereld een kleintje hebben voortgebracht... Mogen zij hun verzoek ontvangen, Here, in de Naam van Jezus Christus.

     ...?... van Jezus Christus, moge de persoon die onze zuster nu in haar gedachten heeft... Moge de kracht van God dat verzoek vergezellen. Moge zij bevrijd worden. Sta het toe, Here. Amen.

     Here God, geef deze man zijn verzoek, in Jezus' Naam. Ik bid voor hem, Here, met mijn gebed. Amen.

     O, is dit niet wonderbaar? Ik geloof dat als iedereen die hier vanochtend langs is gekomen, onder deze geweldige zalving, ik geloof dat als u gewoon... Nu, zie niet op naar iets heel groots en geweldigs. Denk gewoon aan dat eenvoudige: het geloven van wat Hij beloofde.

     Nu, laten we het allemaal samen zeggen. Wij [De samenkomst zegt: "Wij" – Vert] kijken niet uit ["kijken niet uit"] naar iets groots. ["naar iets groots."] Maar in Jezus' Naam ["Maar in Jezus' Naam"] ontvangen wij Zijn belofte. ["ontvangen wij Zijn belofte."] Daarmee staat het vast. Dat maakt het...?... [De samenkomst verheugt zich – Vert] Amen.

Deze site maakt gebruik van functionele cookies.

Download
audioE-BookPrint
AudioAudio
mp3 Download mp3mp3 is een populaire audioformaat dat op vrijwel alle mediaspelers te beluisteren is. meer info...
m4b Download m4bM4B is een Audiobook formaat voor Apple apparatuur (iPod, iPhone etc...) Uw plek wordt bewaard e.d. meer info...
E-BookE-Book
ePub Download ePubePub is de meest gangbare formaat voor E-Book readers. Het heeft geen absolute paginaindeling. meer info...
pdf Download PDFPDF is het meest ondersteunde formaat met absolute pagina indeling. meer info...
xps Download XPSXPS is een relatief nieuw formaat dat vanaf Windows 7 gelezen kan worden zonder extra software te installeren. meer info...
printPrint
book Download PDFPDF ingedeeld als printbaar boekje (dubbelzijdig printen en in het midden vouwen en nieten). meer info...
xpsbook Download XPSXPS document ingedeeld als printbaar boekje (dubbelzijdig printen en in het midden vouwen en nieten). meer info...
English (Engels)