1 Dank u broeder. Laten we even een moment blijven staan, terwijl we onze hoofden buigen voor gebed.
2 Genadige Hemelse Vader, wij naderen U deze morgen opnieuw voor genade en voor de leiding van de Heilige Geest vandaag, omdat het ons duidelijk werd gemaakt dat wij vanmorgen weer samen moesten komen om Uw Woord te onderwijzen, opdat we zouden mogen weten hoe wij in deze tijd behoren te leven en te weten welke tijd van de dag het is, waarin we leven. Wij vragen Uw heilige leiding over onze gedachten en onze harten vandaag, opdat U ons zou leiden tot elk woord dat we nodig hebben om te weten; opdat U onze monden zou openen met vrijmoedigheid en open ook onze harten om te ontvangen, dàt wat U tot ons spreekt en moge onze mond gesloten zijn voor de dingen die niet juist zijn, daar we weten dat alleen U het Woord van God kan openbaren.
3 Daar ik deze kleine gemeente zo dadelijk moet verlaten om naar andere delen van de wereld te gaan, draag ik hen op aan U, Here, zij die zo te zeggen mijn oogappel zijn. Zij zijn degenen die U zijn verwekt door de Geest en het Woord der Waarheid en ik bid dat U hen zegent, Here, en houdt hen dicht aaneen geklonken door de liefdebanden van Christus.
4 Zegen onze dierbare voorganger, de herder. Ik bid dat U hem zalft met de Heilige Geest van Uw Woord en dat u hem openbaart hoe de kudde te voeden.
5 Eens, nog maar kort geleden, toonde U het visioen van deze tabernakel hier over het opslaan van het voedsel; er zou een tijd komen dat dit alles nodig zou zijn. Wanneer we zien dat broeder Sothmann en broeder Woods gereed waren om naar een ander land te gaan om... Maar u zei: "Sla het voedsel hier voorlopig op." Here, ik heb dat met alle eerbied geprobeerd te doen.
6 Vanmorgen in deze les, waarover ik heb nagedacht, Here, bid ik U, dat U het alles wilt bekronen, tonend dat U God bent en dat dit Uw Woord en Uw Waarheid is. Sta het toe, Here, opdat de mensen hierdoor gevoed zullen worden en zullen gedijen in de genade van God, opdat men zou zien dat het Gods grote genade aan ons is in deze dag. Zegen allen die hier aanwezig zijn en hen die hier hadden willen zijn, Vader, en bereid Uzelf eer, wij vragen het in Jezus' Naam. Amen.
7 De Here zegene een ieder van u. Voordat we beginnen hebben we hier geloof ik een baby -- een kleine Collins. Ik ontmoette de vader enige ogenblikken geleden en hij wilde deze baby laten opdragen. We zullen dat nu meteen doen. Als broeder en zuster Collins de kleine naar voren willen brengen, dan kunnen we de opdrachtdienst voor dit kleine ventje hebben.
8 Dit zijn trouwe leden van het lichaam van Christus. Bedenk, dat ik niet zei van de tabernakel maar van het lichaam van Christus, van het deel van het lichaam híer. Zij hebben een kleine baby gekregen en willen hem opdragen. Dit is altijd een baantje waarom mijn vrouw mij benijdt: het vasthouden van de baby's. Broeder Neville, wilt u alstublieft naar voren komen.
[Dan houdt broeder Branham de opdrachtdienst -- Vert.]
Breng ze binnen, breng ze binnen,
Breng ze binnen van de akkers der zonde;
Breng ze binnen, breng ze binnen.
Breng de kleinen tot Jezus.9 Ik houd daarvan. Ziet u, breng ze tot Christus voordat de duivel zelfs een kans heeft gehad. Ze zijn dan al aan Hèm aangeboden voor een leven in Zijn dienst.
10 Weet iemand of er iemand is van de familie Dauch, is er hier iemand van hen vandaag, of niet -- zuster Dauch? Broeder Brown bent u hier? Ja, ik ben daar blij om. Is broeder Dauch nog steeds bij ons? Prachtig! Broeder Dauch had ons bijna verlaten. Ziet u, we kunnen niet teveel zeggen of teveel vragen; hij is al eenentwintig jaar voorbij het moment dat God hem zei dat hij zou leven. Dat is al een gewone mensenleeftijd, na de tijd dat God hem had gezegd dat hij kon leven.
11 Onlangs 's morgens kregen we echter een telefoontje dat hij stervende was en ik haastte mij erheen en de Here God was werkelijk goed voor hem en spaarde hem. Ik denk dat hij bereid is en gewoon wacht op het komen van de Here. Maar u weet hoe wij allen aan elkaar gehecht zijn. De oude man is hier als een vader voor mij. Ik herinner me dat hij hier nog in de oude tabernakel zat (het oude gedeelte). Toen dat licht flitste over die waterdoop in de Naam van Jezus Christus, kwam hij daar regelrecht uit -- ongeveer zevenentachtig of achtentachtig jaar oud, leunend op een stok -- en hij zei: "Ik wil daar nu direct gedoopt worden." Enigen gingen wat kleren voor hem halen. Hij kon niet wachten tot de volgende keer; hij moest en zou het doen, direct. Ik houd daarvan. Onlangs zei hij (ik sprak met hem): "Denkt u, dat het nu met mij in orde is, broeder Branham?"
Ik vroeg: "Bent u ooit bij een dokter geweest voor een onderzoek naar uw gezondheid?"
Hij zei: "Jazeker."
12 Ik antwoordde:... "De dokter doet dan een stethoscoop in zijn oren en luistert naar uw hart om te onderzoeken of uw hartslag juist is en hij maakt een cardiogram, neemt uw bloeddruk op, doet een urineonderzoek, enzovoort. Deze instrumenten dienen om erachter te komen hoe uw lichamelijke conditie is. Nu, hij doet dit onderzoek zo en controleert het met een boek waarin de specialisten over die verschillende onderwerpen de verschijnselen hebben opgeschreven. Als dìt plaats vindt, dan is dàt wat er fout is."
13 En ik zei: "De enige stethoscoop die ik heb, is de Bijbel -- voor de ziel", en ik zei: "Ik zal u eens onderzoeken." Ik zei: "Johannes 5:24 zegt: Hij, die Mijn Woorden hoort..." Ik zei: Dat betekent niet gewoon er naar zitten te luisteren; dat betekent: ze áánnemen, ze ontvangen. U gelooft het. Iets binnenin u zegt u dat het juist is. U aanvaardt het; u gelooft het; het is het uwe. "Hij die Mijn Woord hoort (het is reeds van u) en Hem gelooft, Die Mij gezonden heeft..." Gelooft u dat?
Hij antwoordde: "Ja."
14 Ik zei: "Dan zal ik u zeggen wat de Geneesheer-Directeur zei: 'Hij is overgegaan uit de dood in het leven en hij zal niet meer in het oordeel komen'." Ik zei: "Voor zover ik weet, bent u, volgens de boeken, geslaagd voor het examen."
15 Die oude man, bijna honderd jaar oud, was totaal onkerkelijk, maar toen dat licht over zijn pad flitste, ontving hij het. Ziet u, hoe dat voorbestemde zaad daar lag? Zodra het licht het treft, komt het heel snel tot leven.
16 Ik weet dat het vandaag warm is en het valt mij zwaar om u hier bijeen te roepen voor een samenkomst waar u zo opeengepakt zit hier, maar toch dacht ik dat ik door Gods genade nog een dienst zou houden, voordat ik u allen moet verlaten, naar ik hoop slechts voor een korte tijd.
17 Morgenavond moet ik naar Chicago, waar ik woensdagavond zal beginnen. Ik dacht er zo mogelijk een beetje bijtijds heen te gaan en wat te rusten voordat de serie samenkomsten daar beginnen. Ze worden gehouden in de Marigold Arena; de eerste is woensdagavond en zo door tot en met zondag. De Volle Evangelie Zakenlieden hebben nog een ontbijt op zaterdagmorgen. Ik weet niet precies waar; zij hebben dat bekendgemaakt. Dan zijn we zaterdagavond aan de Lane Tech: ik zie hier de bekendmaking.
18 Als u daar in de buurt bent... Het is gewoon een Evangeliesamenkomst zoals we altijd hebben; de meeste van de boodschappen houden in de eerste plaats iets in wat hier reeds onderwezen is, omdat hier de plaats is waar we de geluidsbanden maken. Begrijpt u? Daarbuiten kan men redetwisten, maar als men de banden van hier krijgt is het hun zaak of zij er al of niet naar willen luisteren. Ze komen hier vandaan, dit is onze eigen kansel. Als ik uitga neem ik iets wat niet zo erg diep gaat, omdat velen weinig diepte hebben in hun ervaring. Maar ik voel dat ik hier het recht heb om dàt te zeggen, wat God ook op mijn hart legt om te zeggen -- vanaf deze plaats hier. Dus worden al onze banden regelrecht van hieruit gemaakt. Ze zijn daar nu in de opnamekamer; u kunt hun hoofden net zien boven het matglas, daar, waar ze zitten met hun recorders.
19 Als u naar deze samenkomsten wilt komen, zijn we erg gelukkig met uw komst. Wanneer u er heengaat en u weet niet hoe u daar moet komen, neem dan gewoon contact op met iemand van de Volle Evangelie mensen of met broeder Carlson en zij -- de Philadelphia Kerk en anderen -- kunnen u vertellen hoe u er kunt komen.
20 Dan kom ik volgende week maandagmiddag of avond terug. Dinsdag gaan we terug naar Arizona omdat onze kinderen weer naar school moeten, enzovoort. Ik weet niet precies wanneer ik weer terug zal zijn, omdat ik wil dat de Here mij leidt bij wat ik moet doen.
21 Er is een erg vreemd ding gebeurd. Ik weet dat dit wordt opgenomen maar ik zou het er toch op willen laten staan. Direct als er visioenen zijn en de leiding van de Heilige Geest vaardig is, houd ik ervan toe te grijpen precies op het moment dat het plaatsvindt. Het afgelopen jaar is een tijd geweest, waarin ik meer visioenen had dan ooit tevoren in mijn hele bediening, over dingen die hebben plaatsgevonden, die aan u tevoren waren verteld en die precies zo geschiedden als het werd uitgesproken
22 Nu, we komen hier terug om u te bezoeken. Ik houd zeker niet van het klimaat van deze plaats, omdat het me uitput, zodra ik hier ben aangekomen. Als ik die bergtoppen ben overgestoken en ik in deze vallei kom, dan krijg ik binnen een minuut of tien jeuk en word ik misselijk en duizelig, gewoon door het weer; alles ziet er spookachtig en donker uit en ik moet daar gewoon uit weg zien te komen. Ziet u?
23 Onlangs sprak ik erover met mijn vrouw. Maar wat mij hierheen brengt, dat bent u -- deze gemeente. Laat ik u dìt zeggen, dat van al de plaatsen waarheen ik ben gegaan in mijn leven, dit mijn favoriete plaats is om het Evangelie te komen prediken. Het lijkt wel alsof een band, die we hier opnemen, tien keer beter is dan ergens anders. Ziet u, daarom zeg ik altijd: "Blijf daar, waar God iets doet." Maar ik denk dat het punt waar het om draait is, dat ik, de eerste maal toen Hij mij riep om uit te gaan, niet luisterde en dat Hij het mij daarom wat moeilijk maakt als ik hier kom. Gehoorzaamheid is beter dan offerande.
24 Daarna zal ik telkens uitgaan en weer terugkomen en telkens in de tabernakel prediken. U, die van buiten de stad komt, zult daarvan de bekendmaking krijgen. Billy Paul zal hier op het kantoor zijn en ik kan via hem voortdurend bereikt worden. En wanneer we terugkomen zullen we, zo de Heer wil, diensten houden over de zeven bazuinen, die aan de beurt zijn, de zeven laatste plagen en de schalen, enzovoort; wanneer het weer wat koeler is of zo, hoe de Here het ook mag leiden.
25 Onlangs toen ik hier kwam was er een probleem gerezen over iets. Iemand had mij een cheque gegeven voor mij persoonlijk, strikt voor mij alleen, waarover de belasting was betaald; belastingvrij, enzovoort. Billy wist dat ik nogal verlegen zat om die cheque en we gingen heen en vroegen de gevolmachtigde of we hem konden innen. Hij zei: "Hij is Amerikaans burger, waarom zou hij die cheque niet mogen innen?" Ziet u? Hij zei: "De belasting, enzovoort, is betaald -- hij is vrij van belasting. Elke burger kan zoiets innen."
26 Maar hij was daar niet tevreden mee (Billy), dus ging hij naar de gemeentesecretaris en deze zei: "Zeker kan hij hem innen. Hij is een Amerikaans staatsburger." Het scheen hem echter toch nog niet goed toe, dus belde hij Merle Miller op (dat is het hoofd van de belasting in Indianapolis, onze gevolmachtigde, Ice en Miller). Deze zei: "Zeker, dat is in orde. Zeker, hij kan die cheque innen. Hij staat op zijn naam en hij hoeft hem alleen maar af te tekenen." Slechts één kan hem tekenen en hij kon niet afgestempeld worden zonder...
27 Ziet u, ik in geen cheques. Daarvoor pakten ze mij die vorige keer. Iemand brengt mij een stapel cheques na de samenkomst en zegt: "Hier broeder Branham..." En ik tekende: "William Branham, William Branham..." De regering hield dat de hele tijd bij. Ik tekende ze op mijn eigen naam en betaalde daar de schulden van, maar zij echter zeiden dat ik schuldig was op de één of andere manier daarover verplichte belasting te betalen -- 300.000 dollar. Dus daar begon de strijd. En toen, zo gauw ik deze cheque inde, kwam die belastingman terug en zei: "We zullen zijn zaak heropenen." Dus dat gaf de zaak een wrange bijsmaak.
28 Broeder Lee Vayle zit hier (ik denk wel dat het goed is, dat ik het zeg) en hij kwam hierheen en deze fijne geleerde Baptist doopte ik hier onlangs in het basin in de Naam van Jezus Christus. Hij is werkelijk een fijn mens, een broeder in Christus; hij heeft hier eerder voor ons gepredikt, is zeer intellectueel begaafd en bovendien wordt hij door de Geest geleid. Toen het licht over hem flitste, zei hij, dat hij probeerde er onder uit te komen, maar hij kon het gewoon niet. Dus doopte ik hem hier onlangs 's morgens. Hij hield het niet langer uit, dus gingen we hierheen, deden onze kleren aan, gingen het water in en hij werd gedoopt in de Naam van Jezus Christus.
29 Wel, ik dacht dat hij na dat fijne geestelijke voedsel genomen te hebben, wat natuurlijk voedsel zou willen inslaan. Dus gingen we naar de "Blue Boar" en gingen daar wat zitten praten. En het kwam op het onderwerp "Hoe kunt u de mensen zó over u laten spreken." Nu is broeder Vayle een van de fijnste mensen die ik ooit heb gekend, maar weet u, hij is iets te heetgebakerd, zoals ik hem altijd heb gezegd. (Ik hoop dat dit goed is, broeder Vayle.) Dus ik zei: "Vlieg niet meteen op, blijf rustig zitten. God is Degene, die het zal doen."
30 Hij zei: "Oei, dat is misschien goed voor u, maar o..." Ik geloof dat hij zo knap is door al die knappe personen die hij ontmoet. Hij weet gewoon in welk vat hij het moet gieten, tot ze geen grond meer hebben om op te staan.
31 Dus ik zei: "Kijk, broeder Vayle" (we zaten in de Blue Boar) "David werd eens op een dag van de troon gestoten door zijn eigen zoon -- hij werd verdreven van de troon door een opstand en Israël was verdeeld en David werd van de troon verdreven door zijn eigen zoon en ging al wenend de stad uit. En een kerel, die zich ergerde over Davids laatste boodschap, weet u, (hij gaf niets om David, een klein oud ventje die wat gebrekkig was) liep met hem op en bespotte hem en hij bespuwde David. Toen trok die wacht zijn zwaard en zei: "Zou ik het hoofd van die hond sparen, die mijn koning bespuwt?" Maar David zei: "Laat hem begaan, de Here zei hem dat te doen." Hij bespuwde hem, bespotte hem en bespuwde hem toen. Hij zei: "De Here zei hem dat te doen." We kennen de geschiedenis, hoe het lot zich keerde. Broeder Vayle vond dat daar heel veel genade voor nodig was om zo te kunnen doen.
32 Toen hij nog maar net terug was en het kantoor binnenkwam, belde de gemeenteontvanger Billy-Paul op en vertelde hem over deze zaak. Broeder Vayle liep met mij mee naar huis en ik liep naar binnen. Ik zei tegen mijn vrouw (het was ergens achter in de middag): "Ik moet je iets zeggen, lieveling."
33 We hadden er juist over gesproken voor ik wegging. Zij had gezegd: "Bill, ik weet dat God je daarheen gezonden heeft; we weten dat allemaal, maar Hij heeft je nooit gezegd terug te komen." Ze zei: "Nu, daar maak ik me nu zorgen over."
34 Ik antwoordde: "Wel, ik denk dat het voor jou en de kinderen is, mij maakt het niet uit. Zo de Here wil, zal ik Hem dienen waar ik ook maar ga." En ik vertelde haar hierover toen ik terugliep. Ik keerde mij net om, hing mijn hoed op, toen iemand iets zei, zoiets van: "O, die belastingontvanger..." Het schreeuwde het zo'n beetje uit -- zoiets dergelijks. Ik dacht niet aan wat ik broeder Vayle had gezegd en ik zei: "Laat hem begaan. Misschien heeft de Here hem gezegd dat te doen." Ik had het nog niet gezegd of een licht flitste over de muur en schreef daarop (broeder Vayle en mijn vrouw zitten daar): "Kom terug naar Arizona." Met letters die op de muur geschreven werden: "Kom terug naar Arizona." Zo is het. Dus ga ik terug naar Arizona. Amen!
35 Deze week is een week van grote zegeningen geweest. We hadden deze week persoonlijke gesprekken met mensen, die al wachtten sinds de zeven zegels. Ik twijfel er niet aan dat enigen van hen van buiten de stad hierheen opgeroepen zijn -- uit het hele land. Maar op de morgen voor de vraaggesprekken begonnen, liet de Heilige Geest mij alles precies opschrijven, alles waar ze mee zaten, alles wat ze wilden vragen. Hij liet mij de vragen precies in de volgorde beantwoorden, waarop zij het verwachtten. Hij liet mij hun hun dromen en uitleggingen vertellen, voordat zij mij deze gezegd hadden.
36 De mensen waren in de kamer en ik liet hen eerst spreken. Ze zeiden: "Nu, broeder Branham, ik kom vanwege dit en dat."
37 Ik zei dan: "Bedenk dat we hier niet zijn terwille van gemeenschap; we zijn hier niet gekomen om met elkaar gemeenschap te hebben. Er zijn vragen in uw gedachten en in uw hart, waarin u bent verstrikt en u weet niet precies waarom het gaat. Misschien zal ik ze met Gods hulp kunnen beantwoorden." Ik zei verder: "Bedenk, de koningin van het Zuiderland had ook enige vragen toen ze naar Salomo kwam. De Bijbel zegt, dat er voor Salomo niets verborgen is gebleven, waarop hij haar niet kon antwoorden." En ik zei: "Eén groter dan Salomo is hier. De Here Jezus beloofde: 'Waar twee of drie in Mijn Naam vergaderd zijn, daar ben Ik in het midden. En waaraan zij denken, of wat zij begeren zullen en waarom zij ook vragen, dat zal hun gegeven worden'. En nu uw vraag is iets waarover u geen oplossing weet; iets waarvan u niet weet hoe u het moet benaderen, iets waarmee u niet weet wat te doen."
38 Ik zei voorts: "De Schrift zegt eveneens dat Gods engelen zijn gelegerd rondom hen, die Hem vrezen. Dit is een andere wereld, waarover onze vijf zintuigen niets kunnen verklaren. De vijf zintuigen hebben slechts contact met déze wereld. Als u geen gevoel had, zou u niets kunnen voelen. Voelen zou dan niets voor u betekenen; dat zou een andere wereld voor u zijn. Indien u geen licht in uw ogen had zou het zichtbare een onbekende wereld voor u zijn; u zou er niets over weten. Zo zijn deze vijf zintuigen het enige wat God aan ons heeft vrijgegeven. Dan is er nog een ander zintuig dat 'geloof' wordt genoemd. Door dit geloof bestijgt u een ladder en tenslotte kunt u zo hoog komen dat u in een andere wereld doorbreekt, in die van de visioenen. Daar kunt u zien. Het is alsof u nooit hebt geweten wat het was wat u voelde met uw tastzin, alsof het iets was wat u nooit had gezien, maar dàn worden uw ogen geopend en kunt u het zien. Het zou een volkomen mysterie zijn voor de persoon die het nooit zou hebben kunnen zien. Voor hen zou het een geheimenis zijn. En toch is het daar.
39 En daarin, de Here... Voor we hierheen kwamen, naar de mensen die van over het hele land -- van noord, zuid en west -- waren gekomen voor deze vraaggesprekken; zodra ze uitgesproken waren, precies op het moment dat zij hun vragen wilden gaan stellen -- de dingen die ze wilden vragen -- zei ik tot hen: "Ziet u eens." Ik reikte hun dan een blad papier aan met elke vraag, precies in de volgorde waarin zij ze hadden willen stellen. Ik had het antwoord op elke vraag opgeschreven -- precies zoals deze beantwoord behoorde te worden. De Here is groot, Hij weet alle dingen! Maar toch had ik ongeveer drie dagen nodig om van die middag bij te komen. Het was zo'n inspanning.
40 Ik had gedacht alles af te maken voor we zouden weggaan. Het zou het beste zijn geweest om met een ieder persoonlijk te spreken. Nu, dat zijn dingen die gezegd kunnen worden, maar als de mensen hier de geheimenissen van de harten zouden weten, die openbaar zijn geworden, dan zou dat absoluut verschrikkelijk zijn; het zou misdaad veroorzaken; het zou iemand aanleiding geven een ander dood te schieten, wanneer zoiets als dit hier publiekelijk werd geopenbaard op dit podium. Het zou gerechtelijke vervolgingen ten gevolge hebben, enzovoort.
41 Maar het is anders als men met z'n tweeën onder de Heilige Geest bij elkaar zit. U begrijpt, dat ik over hetgeen men mij privé vraagt, niet spreek. En het ligt aan hen, of zij dat, wat ik hun zeg, doorvertellen of niet. Het gesprek was slechts aan ons bekend. Dat houdt in, dat ik een ieder persoonlijk moet nemen en met hem daar blijf zitten tot alles volkomen door de Heilige Geest vast staat.
42 Bedenk eens hoe genadig de Heilige Geest is om mij alles erover te vertellen, over een ieder (het was een hele rij), voordat zij hier zelfs waren aangekomen; mensen uit het hele land, die ik nog nooit in mijn leven had gezien. Ik schreef het op, opdat zij het zouden weten, gewoon naar de volgorde van de vragen en op de wijze dat zij het antwoord wilden hebben.
43 Eén broeder had vragen over het slangenzaad die ik niet meer precies kon beantwoorden, omdat hun half uur om was. Ik hoop dat hij de antwoorden alsnog door het briefje gekregen heeft. Hij had het opgeschreven maar hij heeft niet alle antwoorden gekregen, dus gaf ik hem gewoon het geschrevene terug -- met de antwoorden op het briefje. Wanneer hij het niet heeft gekregen dan heeft Billy-Paul het nog. Ik weet dat de man hier zit; ik zag hem een paar ogenblikken geleden. Wanneer u het dus wilt -- de antwoorden op uw vragen zijn op een stuk papier opgeschreven.
44 O, hoe goed is de Here! Ik hoop dat iedereen zich goed voelt. Laat ons (terwijl ik nu bid over deze zakdoekjes) broeder Dauch gedenken; hij is een dierbare broeder en wij willen hem gedenken in gebed.
45 Ik zie ook broeder Ungren, maar zuster Ungren zie ik nergens, of ze nu in orde is... Ja, ze zit daar toch, recht voor hem. Daar ben ik blij om, omdat we onlangs 's avonds opgeroepen werden voor een spoedgeval betreffende haar en haar dochter, zuster Downing. Ze reden van de weg af en alleen door Gods genade werden ze behouden, anders zouden ze daar beiden volkomen verpletterd zijn. Zij kwamen toch naar de gemeente, ze stapten op de trein en gingen door. Ik zal u allen nooit vergeten. Ik houd van u. God weet dat ik u liefheb.
46 Hoe u dwars door het land, door weer en wind hierheen komt... Als ik hier een broeder zie uit Georgia en Alabama en uit verschillende plaatsen uit Tennessee en omstreken; hoe ze met hun auto rijden over ijzel, heen en weer slippend, om hier één dienst mee te maken...
47 Toen ik die noodoproep voor broeder Dauch onlangs kreeg, besefte ik niet dat Lima, Ohio, zo ver weg was. Ik dacht dat het maar een hink-stap-sprong was. Maar dat viel tegen. Ik vertrok hier 's morgens vroeg en kwam daar pas aan om één uur 's middags, terwijl ik zo hard reed, over een dubbelbaans snelweg, als de snelheidsbeperking het toestond. En ik bedenk hoe dichtbij dat is vergeleken met het verre zuiden en noorden, waar deze mensen vandaan komen.
48 Ik heb u lief. Dat is de reden waarom ik probeer hier dodelijk oprecht te zijn. Van de oudgedienden zie ik daar broeder Creech en de anderen achterin, al diegenen die al deze jaren bij me zijn gebleven en hoe we samen optrokken. Ik keek naar een foto van Mary-Jo (ik geloof een paar avonden geleden) -- ze was nog maar een klein nietig ding toen we haar voor het eerst ontmoetten en nu is ze geloof ik al getrouwd en heeft kinderen. Broeder en zuster Creech -- jong, zwart haar en Meda en ik; en nu zijn we grijs en gebogen. Ziet u, er is iets met zulke mensen; het grijpt je aan. Je wilt bij hen blijven. Ziet u? Er ìs iets dat altijd maakt dat je gedachten weer terug gaan. Ik geef ze hier als voorbeeld voor de anderen die hier zijn, jong en oud; wij zien uit naar de komst van de Here.
49 Vanmorgen geloof ik, heeft God op mijn hart gelegd een zondagsschoolles te onderwijzen, zo de Here wil. Het zal nogal langdurig zijn. Dit zal, voor zover ik weet, voorlopig mijn laatste dienst zijn... Ik wil u vragen broeder Neville te gedenken, die hier achterblijft met de zorg voor de gemeente onder de leiding van de Heilige Geest. Hij is hiervoor geplaatst en hij gelooft deze Boodschap en onderwijst deze precies zoals ik. Goed.
50 Elke keer als u wilt en het u uitkomt kunt u komen om broeder Neville te horen, wat u zeker goed zal doen. Daar ben ik zeker van. Hij is een groot dienstknecht van Jezus Christus. Ik heb Orman Neville gekend vanaf dat ik een kleine jongen was en hij is geen spatje veranderd, behalve dat hij nader tot God is gekomen. Ik herinner me dat ik hem voor het eerst zag toen ik bij hem was uitgenodigd te prediken in zijn Methodistenkerk. Toen ik terugkwam, hier in de tabernakel, zei ik: "Op een of andere dag zal ik hem dopen in de Naam van Jezus Christus." En hier is hij nu en gaat voorwaarts met de Boodschap, een werkelijk dappere dienstknecht.
51 Broeder Neville gaat door vele moeiten en inspanningen. Hij laat het hier in de tabernakel weliswaar niet merken, maar omdat de Here mij enig inzicht in het leven van de mensen geeft, weet ik, wat hij doormaakt -- en dat is heel wat. Hij neemt zeker vele inspanningen, moeiten en nog veel meer, op zich. U, mensen hier, steunt hem, als hij het Woord brengt, zoals Jozua en Kaleb Mozes' armen omhoog hielden.
52 Hebt elkander boven alles lief. Hebt elkander lief. Ongeacht wat de duivel ook probeert te zeggen. Nu, u bent nu allen één grote lieflijke groep, maar denk aan mijn waarschuwing! Begrijpt u? Satan zal niet toestaan dat het zo blijft. Neen! Hij zal met al het mogelijke schieten, als hij iemand kan binnenbrengen, die hij als doelwit gebruikt. Hij zal de een of andere criticus of ongelovige binnenbrengen en ervoor zorgen dat hij in alle vrede en rust met u gemeenschap heeft en dan zal hij deze knaap volspuiten met een of ander gif en hem daarmee op de gemeente loslaten. Sluit u zich daar niet bij aan! Hebt met iets anders niets te doen! Blijft doorgaan met lief te hebben, goed te doen en blijft vriendelijk tegen elkaar. Bidt voor die man of vrouw opdat hij of zij eveneens gered zal worden, wie het ook is. Bidt gewoon voor hem en houdt aan elkaar vast en houdt vast aan uw voorganger. Hij is de herder en hem zult u respecteren. Hij zal u er doorheen leiden, omdat hij daartoe door God is bestemd.
53 Nu, denk hieraan: De vijand zal komen! En wanneer dat gebeurt, sluit u dan zoveel te hechter aaneen. En diegene, die de duivel als vijand gebruikt zal òf eruit gaan, òf binnenkomen en tot één van u worden. Vormt nooit aparte groepjes onder elkaar -- door praten kliekjes vormen; wij zijn één. Ik kan niet zeggen: "Linkerhand ik ben kwaad op jou, ik zal je wegdoen omdat je m'n rechterhand niet bent." Hij is mijn linkerhand. Ik wil dat hij daar blijft; ik wil zelfs, dat het topje van mijn vinger blijft waar het is; elk klein onderdeel van mijn lichaam behoort op zijn plaats te blijven. En God wil, dat wij als een lichaam van gelovigen, precies zo, goed aaneen sluitend bij elkaar blijven, en het onder elkaar in orde maken.
54 Nu, u hebt daar geluidsbanden over wat wij geloven. U hebt geluidsbanden over de orde in de gemeente; hoe we ons in de gemeente van God behoren te gedragen; hoe we samenkomen en hoe we behoren te zitten in hemelse gewesten. Blijf niet thuis. Als God in uw hart woont, kunt u nauwelijks de tijd afwachten dat de deuren opengaan en u naar binnen kunt gaan om gemeenschap met uw broeders en zusters te hebben. Wanneer u dat gevoelen niet hebt, dan zeg ik u dat het tijd wordt dat u begint te bidden, omdat we in de laatste dagen zijn, waarin de Bijbel ons vermaant om: "Naarmate gij de dag ziet naderen, elkander lief te hebben met christelijke en goddelijke Liefde en des te meer samen te komen in hemelse gewesten in Christus Jezus en elkaar lief te hebben." "Hieraan zal een ieder weten dat gij Mijn discipelen zijt, zo gij liefde onder elkander hebt."
55 Zo is het. Blijft dicht bij elkaar. Wanneer u denkt dat een broeder of zuster een beetje fout is, zegt: "Here, laat er nooit een bittere wortel in mij opschieten, want het zal hem aansteken en het zal de Christus uit mijn leven wegnemen." Deze vergiftige zuren van wrok, jaloezie en haat zal de Heilige Geest regelrecht van u wegnemen. Het zal Hem uit deze gemeente verdrijven. Het zal Gods Geest doden, of beter, van hier verdrijven, het zal uw voorganger verwonden; het zal dit alles veroorzaken. Doet u dat niet! Groeit des te meer naar elkaar toe. Omgordt u, zoals de broeder (een prediker) hier onlangs 's avonds betuigde dat wij een gordel hebben (zoals hij het zag in een visioen). Die gordt de hele geestelijke wapenuitrusting aan, doet hem gewoon aan, snoert hem vast en trekt nauwer tezamen op. Hebt elkander hoe dan ook lief. Spreekt goede dingen over elkaar. Spreekt goed van elkaar, dan zal God u zegenen.
56 Nu vanmorgen, zo de Here wil, zullen wij door Gods hulp en genade de boodschap brengen. Ik heb hier nogal een heel stel Schriftplaatsen. En voor we deze benaderen... Ik geloof dat ik daar de recorders hoor aanklikken. Laten we echter eerst bidden.
57 Here Jezus, ik heb tot dit lichaam van de gemeente gesproken dat zij tezamen moeten blijven door Gods onveranderlijke hand, door hun absolute richtsnoer, het Woord. Ik heb hen gewaarschuwd zoals Paulus zijn kudde waarschuwde voor de wolven die zouden binnenkomen. U bent dezelfde God die U destijds was en eveneens is de vijand dezelfde. Mogen deze gemeenschap en banden der liefde altijd blijven bestaan onder deze mensen in Christus Jezus.
58 Heer, help ons deze morgen, als wij het Woord lezen. Moge de Heilige Geest het aan ons openbaren opdat de gemeente volledig gegrond mag zijn in het geloof, zoals het eens werd overgegeven aan de heiligen, om hen te behouden. En moge, zoals U het visioen gaf ongeveer twee jaar geleden om het voedsel op te slaan -- fijne, gezond uitziende groenten die ik in het visioen zag, die opgeslagen werden in deze tabernakel, mogen wij vandaag er een heel vat vol van krijgen: Sta het toe Heer, een band vol, opdat het Jezus Christus aan ons zou mogen openbaren, in het uur waarin wij leven, om ons voortdurende sterkte en geestelijke kracht te geven voor de taak die voor ons ligt. Sta het toe, Vader.
59 Zegen dezen, Uw kinderen. Zij zijn hier binnen deze morgen uit verschillende delen van het land. Het is een hete, drukkende warme morgen, maar toch voelen wij in dit alles de tegenwoordigheid van de Heilige Geest. Wij denken aan John Wesley, Calvijn, Sankey, Knox, Finney, en velen van hen; zij hadden zelfs geen elektrische ventilator, zodat de mensen in zalen zaten, terwijl het zweet over hun gezicht liep. De vrouwen, wel bedekt en gekleed, zaten daar in dat gehoor en transpireerden tot hun kleren doornat waren, luisterend naar het Woord van God -- hun zielen voedend. Nu, wij voelen Here, dat zij ginds ergens rusten en wachten op de komst van de Here.
60 Houd ons bijeen, Vader. Laat de Heilige Geest ons leiden en richten. Geef ons een lang leven in dienst voor U. Geef ons deze morgen deze geweldige boodschap die wij verwachten uit Uw Woord, opdat het mag doordringen tot elk hart. Geef dat de lippen die spreken de Waarheid spreken, Here. Maak de harten die horen vruchtbaar om de waarheid te ontvangen. En mogen ze uitgroeien tot grote bomen van eeuwig leven om schijnende lichten te zijn en leesbare brieven voor alle mensen, dat zij mochten weten dat Jezus Christus is opgestaan uit de dood en onder ons leeft. Maak ons zo vol liefde en de vrucht van de Geest dat andere mannen en vrouwen, jongens en meisjes, de resultaten van het leven van Christus kunnen zien, die nog steeds leeft in ons, tweeduizend jaar na die grote gebeurtenis. Sta het toe, Vader, om U te eren. Wij vragen het in Jezus' Naam. Amen.
61 Nu, ik wil iets lezen uit de Schrift, ik vertrouw dat u uw potloden en papier en alles, klaar hebt. Broeder Neville, u zit daar stil, maar ik ga even mijn jas uittrekken. Excuseert u mij dat ik mijn jas uittrek, want het is vreselijk warm hier.
62 Nu, ik wil dat u opzoekt in Kolossensen, het eerste hoofdstuk. En dan, terwijl wij dit lezen, te beginnen met... Ik zou willen dat u, wanneer u thuis bent dit hele hoofdstuk van Kolossensen leest. Maar ik wil dat u vanmorgen met mij leest van vers 15 tot en met vers 29. Nu, wees zo geduldig als u maar kunt zijn, want ik voel dat God hierdoor, zo Hij mij helpt, al deze andere dingen waarover ik heel de tijd door in deze tabernakel gesproken heb, zal openbaren en in uw gedachten zal brengen waarom ik heb gezegd wat ik heb gezegd en waarom ik heb gedaan wat ik heb gedaan. Dit is de reden waarom. Nu, vanaf vers 15.
Hij is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene der ganse schepping,
Want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen;
En Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem;
En Hij is het Hoofd van het lichaam, de gemeente. Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de Eerste geworden is.
Want het heeft de ganse volheid behaagd in Hem woning te maken... (Laat mij een beetje nadruk leggen op dit negentiende vers.) Want het heeft de ganse volheid behaagd in Hem woning te maken,
En door Hem, vrede gemaakt hebbende door het bloed Zijns kruises, alle dingen weer met Zich te verzoenen, door Hem, hetzij wat op de aarde, hetzij wat in de hemelen is... (Ziet u, tot waar die verzoening zich uitstrekte!)
Ook u, die eertijds vervreemd en vijandig gezind waart blijkens uw boze werken, heeft Hij thans weer verzoend,
In het lichaam Zijns vleses, door de dood, om u heilig en onbesmet en onberispelijk vóór Zich te stellen,
Indien gij slechts wel gegrond en standvastig blijft in het geloof en u niet laat afbrengen van de hoop van het Evangelie, dat gij gehoord hebt en dat verkondigd is in de ganse schepping onder de hemel, en waarvan ik, Paulus, een dienaar geworden ben.
Thans verblijd ik mij over hetgeen ik om uwentwil lijd, en vul ik in mijn vlees aan wat ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus, ten behoeve van Zijn lichaam, dat is de gemeente.
Haar dienaar ben ik geworden krachtens de bediening, die mij door God is toevertrouwd, om onder u het Woord van God tot zijn volle recht te doen komen,
Het geheimenis, dat eeuwen en geslachten lang verborgen is geweest, maar thans geopenbaard aan Zijn heiligen... (Nu, ik wil dat vers nog een keer lezen.) Het geheimenis, dat eeuwen en geslachten lang verborgen is geweest, maar thans geopenbaard aan Zijn heiligen.
Hun heeft God willen bekendmaken, hoe rijk de heerlijkheid van dit geheimenis is onder de heidenen: Christus onder u,... [King James vertaling: "in u" -- Vert.] de hoop der heerlijkheid.
Hem verkondigen wij, wanneer wij ieder mens terechtwijzen en ieder mens onderrichten in alle wijsheid, om ieder mens in Christus volmaakt te doen zijn.
Hiervoor span ik mij ook in, onder zware strijd, naar Zijn werking, die in mij werkt met kracht.63 Nu, ik wil hieruit een onderwerp nemen. Ik baseer het op de hele Bijbel, maar ik wil het als titel geven: Christus is het geheimenis van God geopenbaard. Christus is het geheimenis van God dat geopenbaard wordt. Nu, ik wil het geven als een zondagsschoolonderwijzing, zodat wij het allen samen kunnen lezen en deze gemeenschap met elkaar zouden kunnen hebben.
64 God had een verborgen geheimenis, voordat de wereld begon. Helemaal ver weg, diep in Gods gedachten, was iets wat Hij beproefde en van plan was te voleindigen. Hij had er een doel mee, om het te doen: ten einde Zichzelf tot uitdrukking te brengen. Omdat ten eerste: er was zelfs geen maan, ster, atoom, molecuul, of wat ook. Hij was God. Maar Hij was eigenlijk geen God in die tijd, omdat God een voorwerp van aanbidding is en er was niets om Hem te aanbidden. Dus, in zijn geweldige gedachten, wilde Hij dat deze eigenschappen uitgedrukt werden: in Hem was Liefde, in Hem was de eigenschap om Vader te zijn: in Hem was de eigenschap om een Zoon te zijn: in Hem was het om Redder te zijn: en in Hem was het om een Genezer te zijn. En al deze geweldige eigenschappen die wij reeds uitgedrukt zien, waren in God.
65 Dus naar mijn idee, was het eerste wat Hij maakte: engelen. En toen aanbaden zij Hem en dat maakte Hem God. Hij begon vandaar (zoals ik het in voorgaande boodschappen heb geprobeerd uit te leggen en duidelijk te maken)... Nu dan, toen de engelen Hem begonnen te aanbidden... Dat was vóór er zelfs maar een molecule in de aarde was: er was niets. Het was allemaal duisternis; er was geen zon, geen maan, geen sterren, helemaal niets; toen was Hij God. Zoals Hij Job vroeg: "Waar waart gij toen ik de grondvesten der aarde legde? (ziet u?) toen de morgensterren samen zongen en de zonen van God jubelden van vreugde?" Nu... "Waar waart gij?" Ziet u? Dat was: heel ver terug voor de aarde er was.
66 Nu, God had een voornemen en een verborgen geheimenis. En daarover wil ik vanmorgen met de gemeente spreken: het verborgen geheimenis van God, dat Hij in Zijn gedachten had voordat de wereld ooit begon en hoe het zich regelrecht heeft ontvouwd tot op het uur waarin wij leven. Ziet u? Dan zult u duidelijk verstaan geloof ik, wat er gebeurd is.
67 Gods grote geheimenis, hoe... Het is een geheimenis. Hij hield het geheim. Niemand wist er iets over; zelfs de engelen begrepen het niet. Ziet u? Hij openbaarde het niet. Dat was de reden, dat er onder ons zevende geheimenis, toen het zevende zegel werd geopend, stilte was.
68 Toen Jezus op aarde was, wilden ze weten wanneer Hij zou komen. Hij zei: "Het is niet... Zelfs de Zoon Zelf weet niet wanneer het zal gebeuren..." Ziet u, God houdt dit alles voor Zichzelf. Het is een geheim. Dat is de reden dat er gedurende de tijd van een half uur, een stilte was in de hemel. Zeven donderslagen lieten hun stemmen horen en Johannes werd zelfs verboden om het op te schrijven. (Ziet u?) -- de komst van de Here.
69 Dat is één ding dat Hij nog niet heeft geopenbaard -- hoe Hij zal komen en wanneer Hij zal komen. Het is heel goed dat Hij het niet doet. Nee. Hij heeft het getoond of geopenbaard in elk type dat er in de Bijbel is.
70 Daarom is de hele Bijbel de openbaring van Gods geheimenis in Christus. Ziet u? De hele Bijbel is een uitdrukking van het ene doel dat God had, van dat ene doel wat Hij wilde bereiken in de hele Bijbel en al de handelingen van de gelovigen in de Bijbel zijn een type geweest en hebben weergegeven wat Gods grote doel is. En nu heeft Hij het geopenbaard in deze laatste dag en toont Hij het ons. En met Gods hulp zullen wij nu vanmorgen zien wat de Here de hele tijd in Zijn gedachten had en hoe Hij het tot uitdrukking heeft gebracht. Zo kunt u de grote achtergrond zien wat het is geweest om dit te weten en het dan te proberen aan de mensen over te brengen. Ziet u? En dan weet u niet... ik ben niet in details getreden, maar heb geprobeerd het uit te leggen zoals God het aan mij heeft geopenbaard.
71 Nu, als u dit wilt opschrijven... Ik heb zovele Schriftplaatsen waar ik uit zou willen lezen. En nu, in het boek van het Evangelie van Lukas, hoofdstuk 24, ontdekken we de twee apostelen die op weg zijn naar Emmaüs. En Jezus stapte tevoorschijn na Zijn opstanding, toen zij op weg waren naar Emmaüs; zij liepen over de weg, denkend, sprekend en wenend over Zijn dood en hoe zij Hem hadden zien lijden voor iets waarvan zij dachten dat het van geen enkele waarde was. Men had hun Here genomen en Hem gekruisigd. Daar liepen zij voort en weenden en Hij stapte vanuit de kant van de weg naar voren en begon tegen hen over Christus te spreken.
72 Hij zei: "O, gij onverstandigen en tragen van begrip, dat gij niet gelooft al wat de profeten (en de Psalmen) gesproken hebben!"
73 Ziet u? Wat deed Hij? -- Hij maakte bekend aan deze apostelen, dat Hij in al de profeten, al de Psalmen en al het andere, werd geopenbaard. Ziet u?
74 En nu, de reden dat ik niet van plan ben deze morgen te prediken is, omdat ik dacht dat we het in een onderwijzing beter zouden begrijpen, dan wanneer ik gewoon een tekst had genomen en er vlug overheen was gegaan; we wilden het gewoon onderwijzen.
75 Nu, Hij zei dat heel de Psalmen en al de profeten van Hem spraken. Wel, daarom toont dat, dat heel het Oude Testament en heel het Nieuwe Testament en heel de Psalmen en de liederen die gezongen werden, over Hèm werden gezongen.
76 Neem Psalm 22, zing Hem en vergelijk het met de morgen van de kruisiging. Ziet u? "Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?" "Al Mijn beenderen kan ik tellen; zij zien met leedvermaak naar mij. Zij doorboren mijn voeten en mijn handen." Toch, in al deze dingen daar... Zij zongen daar die Psalm in de tempel en kruisigden Hem te zelfder tijd... Ziet u? Zie, deze grote godsdienstige leiders, deze grote mannen, deze grote leraars (en toch zo verblind); ze lazen de profeten en zij zongen de gezangen -- terwijl zij de misdaad begingen die zij zeiden dat ze zouden doen. Hetzelfde vindt er deze morgen plaats.
77 Nu, luister aandachtig, omdat ik nu geen aandacht ga schenken aan wat de klok aanwijst. Ik wil dat u dit begrijpt, ziet u? Het kan mij niet schelen. Ziet u? U kunt hier zien, wat het grondprincipe is, in de beginne, de gedachte die God in Zijn gedachten had -- Hij verborg deze voor al deze geleerden. Slechts een aantal, een uitverkoren, geselecteerd aantal -- een voorbestemd volk -- waren de enigen die het hoorden.
78 Zoek terug in de Schriften voor het tijdperk van de profeten en zie of er toen niet hetzelfde gebeurde. Nu, Jezus verwijst hier naar die profeten en de Psalmen. Hij zei, dat ze allemaal over Hèm spraken. Ziet u? Deze Joodse leraars, rabbi's, doctors in de wet en de professoren hier, hadden precies gedaan zoals zij ook vroeger gedaan hadden.
79 Nu, let op. En opnieuw zei Hij, "Doorzoek de Schriften, want zij zijn het die van Mij getuigen." Doorzoek de Schriften -- de Schriften, de gehele Schrift. Wat probeer ik te doen? -- U tonen dat deze Bijbel hetgeen is, wat juist is.
80 Onlangs stond ik te spreken in een ziekenhuiskamer; een zuster had mij gevraagd om het uit te leggen over de denominaties -- waarom wij tegen denominaties waren. Er waren een paar mensen uit de denominaties. Ziet u, het moet verwijzen naar het Woord, omdat het Woord Gòd is. Ziet u? Jezus verklaarde hier eveneens dat Hij het Woord is. U kunt de Schrift Zichzelf niet laten tegen spreken. "In de beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. En het Woord werd vleesgemaakt." Ziet u?
81 Nu, hier zegt Hij: "Doorzoek de Schriften, want zij getuigen van Mij. In hen meent gij eeuwig leven te hebben (en dat is waar), en deze zijn het die van Mij getuigen en Ik getuig van hen. Als Ik de werken niet doe die beloofd zijn, dat Ik zou doen, hoor dan niet naar Mij. Maar als Ik de werken wèl doe en u Mij niet kunt geloven, geloof dan de werken, omdat zij betuigen dat Hij het Woord is."
82 O, het ziet er naar uit dat het niet duidelijker gezegd kon worden. Ziet u? Goed. Nu, doorzoek de Schriften. Hij zei dat Mozes en heel de wet, enzovoort, de profeten, en de Psalmen van Hem spraken, en opnieuw zei Hij, dat de Schriften van Hem getuigden.
83 Hij is het hoofdthema van heel de Bijbel. Als u de Bijbel leest en u ziet Christus niet in elk vers, ga dan terug en lees het opnieuw. Ziet u? Als u Christus niet in elk vers van de Bijbel kunt zien, lees het dan opnieuw, omdat u iets heeft gemist. De Bijbel is Christus. Hij is het Woord. Wanneer u leest, "In den beginne schiep God..." -- daar is Christus. Ziet u? Vanaf daar tot het "Amen" in Openbaring, legt elk Woord getuigenis af van Jezus Christus.
84 Daarom zijn deze toegevoegde boeken zoals 'Het tweede boek van Daniël', 'Het boek van de Makkabeeën', 'Agges vagevuur' en dat soort dingen... Ziet u, er wordt niet over gesproken in de Schrift. Ziet u? Het thema ervan komt niet overeen met de rest. Er is daarin geen ruimte om het vagevuur te plaatsen. Er is geen ruimte om de bemiddeling der heiligen en dat soort dingen erin te voegen; er is daar geen plaats voor deze dingen. Er is geen plaats voor denominatie. Er is geen plaats voor geloofsbelijdenissen buiten de Bijbel. Ziet u? Wanneer u daarom deze dingen ziet, weet u, dat zij gewoon niet in het geheel passen.
85 Daarom hebben de mensen, die deze dingen hebben toegevoegd hun legpuzzel helemaal in de war gebracht. Ziet u? Ze kunnen het niet juist krijgen: "Dezelfde gisteren, vandaag en voor eeuwig." Maar als de stukken goed in elkaar worden gepast, dan ziet u het hele beeld van de val en het terug herstellen. Het hele beeld van de schepping, Gods hele plan wordt regelrecht geopenbaard in Jezus Christus. Amen! Dat is het gehele beeld in elkaar gepast: elk klein bochtje en hoekje. Het is precies zoals... Nu, ik bedoel dit niet heiligschennend, maar het ìs gewoon als het in elkaar passen van een puzzel. Daarom hebben wij vandaag beelden gekregen die er zo vreselijk uitzien. Men zegt: "Wij zijn gelovigen" -- en het beeld ziet eruit als een koe die gras eet boven in een boom. Het past niet. Zo is het wanneer zij zeggen: "O ja, dat is Hij in elk opzicht, alleen als het gaat om dat bepaalde... Hij is Dezelfde, gisteren, vandaag en voor eeuwig, alles, behalve één bepaald ding." Ziet u? Dan vernietigt u het beeld. De Bijbel zegt dat Hij Dezelfde is.
86 In Johannes 5 of Johannes 14:12, zegt Hij: "Wie..." wie, dat is iederéén, "Wie in Mij gelooft, de werken die Ik doe, zal hij ook doen..."
Wel, dàt was voor een ànder tijdperk."
87 Daar krijgt u alweer een vals beeld. U laat een mens vissen in de woestijn, in een hoop heet zand, waar geen vis is. Ziet u? U moet hem terug brengen naar Galilea, waar een overvloed aan vis zit. Ziet u? U moet het juiste beeld krijgen. Het is Gods grote beeld en er is maar één manier waarop u het zult begrijpen: dat is wanneer u Jezus Christus ziet. Daar is de hele Bijbel. Hij is het Hoofdthema van de Bijbel.
88 Nu, u beseft dat er uit elk van deze Schriftplaatsen hier een tekst te nemen valt en het is gewoon moeilijk voor een prediker om dan kalm aan te doen. Hij zou er liever op door willen blijven gaan, maar we moeten terug komen op datgene waarover we onderwijzen.
89 In de geschiedenis van de Bijbel... De Bijbel is een profetisch Boek, maar ook een historisch Boek. Het is een Boek van liefde. Het is een Boek van gezangen. Het is een Boek van leven, en daarin vindt u Christus. Hij was in de Profeten. Hij was in de Psalmen. Hij was in de geschiedenis, en Hij is in de Bijbel ook de dingen die zullen komen. Dus, Hij was tevoren en is evenzo erna. Wat maakt Hem dat dan? -- Dezelfde, gisteren, vandaag en voor immer.
90 Maar als u daar iets in brengt dat Hem niet 'Dezelfde, gisteren, vandaag en voor eeuwig' maakt, broeder Lee, waar komt u dan terecht? U krijgt daar een verschrikkelijk beeld. Want Hij was de geschiedenis en Hij is de Profeet. Hij is de Psalmen. Hij is alles. En als u Hem niet kunt aannemen als alles en Dezelfde, hoe gaat uw beeld er dan uitzien? Ziet u het? Goed.
91 Hij is Dezelfde. Hij was de profeten. -- Hij was in hen. Hij was in de Psalmen. Hij was in de geschiedenis en Hij is de dingen die zullen komen. Hij is Dezelfde, gisteren, vandaag en voor eeuwig. (Hebreeën 13:8, als u dat wilt opschrijven.) Hij zou dan de voornaamste zijn... Als dat is wat Hij is -- en wij geloven het, nietwaar? Dan, als Hij dàt is, dan behoorde Hij het voornaamste onderwerp van ons spreken, van ons denken, van ons zingen, en van onze wandel te zijn. Hij behoorde het hoofdonderwerp van ons leven te zijn. Als Hij het voornaamste onderwerp van de Bijbel is en de Bijbel is in ons, dan behoorde Hij het hoofdthema te zijn van alles wat wij doen, zeggen of denken -- dàt zou Christus moeten zijn. Is dat juist? Goed.
92 Zodra wij dit denken, wordt Hij voor ons tot Hoofd boven alle dingen -- zo staat het hier in Kolossensen. Hij is het Hoofd van alle dingen voor ons, want Hij werd voor ons gemaakt, waarbij wij dan worden beschouwd als 'alle dingen'. U zegt: "Hoe is het dan met de zondaar?" Hij werd gemaakt om Rechter te zijn voor de zondaar, als hij het niet aanvaardt. Hij werd voor de gelovigen gemaakt om de heerlijkheid te zijn voor wie het wel aanvaardt. Dus hier deze zaak... Alle dingen werden gemaakt door Hem en tot Hem.
93 Er moet een nacht zijn om de heerlijkheid van de dag bekend te maken. Er moet een vat ter onere zijn om de liefde en de zorg voor het vat ter ere bekend te maken. Er moet een slechte vrouw zijn, die immorele kleren draagt en haar moraal verkoopt, om de deugd van een fatsoenlijke, waarachtige dame bekend te maken. Ziet u? Er is een oplichter en een dief onder de mensen voor nodig om de echtheid van een werkelijke gelovige bekend te maken, van een werkelijke Christen. Er moet een huichelaar zijn om bekend te maken wie de gelovige is.
94 Dus, alle dingen werden gemaakt door Hem. En daar Hij voor ons alles geworden is en alle dingen voor of door Hem werden gemaakt, omdat dàt de waarheid is, behoorden wij ons met Hem te vereenzelvigen. Wij behoorden met Hem vereenzelvigd te worden, omdat Hij Zich heeft vereenzelvigd met ons. Wij behoorden vereenzelvigd te worden met Hem. Hoe? -- door te leven voor Hem. Niet alleen maar een belijdenis.
95 Zoveel mensen nemen gewoon een belijdenis aan en het is nu al zover gekomen, dat, als men vraagt: "Bent u een Christen?" het antwoord is: "Ik ben Methodist." Wel, dat staat een heel eind af van uzelf bekend te maken als Christen. Nu, kijk wat een Methodist doet.
"Ik ben Baptist." Wel, kijk wat de Baptist doet. Ziet u?
"Ik ben Katholiek." Kijk wat zij doen. Ziet u?
96 Maar de enige manier waarop u werkelijk Christen kunt zijn is dat Christus Zich in u kan openbaren. O, daar kregen we even een steek. Ik hoop dat ook ieder op de band dat ervaart! Ziet u?
97 U zegt: "Ik ben Pinksterman." Dat betekent niets. Het moet zijn dat Christus Zich in u vereenzelvigt, dan heeft Hij u erkend.
98 U zegt: "Ik sprak in tongen..." Dat doen de duivelen ook. "Ik jubelde..." De Mohammedanen, Boeddhisten en allen, jubelden. De Indianen jubelen bij hun slangedans. Ziet u? Zeker. Zij doen het allemaal, cultussen, groepen en al het andere, schreeuwen en jubelen. Zo jubelen en schreeuwen ze ook bij het honkbalspel. Maar wanneer Christus in u wordt geopenbaard, als Hij Zichzelf betuigt, dan bent u Christus-gelijk; het woord Christelijk betekent: Christus gelijk zijn. Daar is uw betuiging [identificatie]. Goed. Nu, daar Hij Zich aan ons gelijkgesteld heeft, behoorden wij met Hem vereenzelvigd te worden door voor Hem te leven.
99 Let op, God had een drievoudig doel met dit grote verborgen geheimenis. God had met Zijn groot verborgen geheimenis, dat Hij had voordat de wereld begon, een drievoudig doel. En nu, waar wij op in willen gaan vanmorgen is: wat is dat drievoudige doel? Ziet u? Nu, ik geloof dat het ons door Gods hulp, Die hier tegenwoordig is, getoond zal worden.
100 Nu, als Hij dit drievoudige doel had, dan willen wij ontdekken wat dit drievoudige doel is. Het eerste was, dat God Zichzelf aan de mensen wilde openbaren. Hij kon het niet doen als de grote Jehova-God, die de hele ruimte en tijd en eeuwigheid omvatte. Dat kon Hij niet. Hij is te geweldig om zo geopenbaard te worden aan de mensen, omdat het te geheimenisvol zou zijn. Hoe kon Hij dat in Zijn geweldig Wezen dat nooit begon... al ging u voorbij de sferen, die honderden biljoenen en triljoenen lichtjaren van hier zijn in het oneindige, in het eeuwige... Een geweldig Wezen dat dàt alles was, en dat nog stééds is.
101 Maar wat wilde Hij doen? Hij wilde graag Vader zijn, want Hij wàs een Vader. En de enige wijze waarin Hij dat kon uitdrukken was een Zoon des mensen te worden. Dat is de reden dat Jezus bleef zeggen: "De Zoon des mensen." Ziet u, velen van hen wisten niet waar Hij over sprak. Maar begrijpt u het nu? Hij wilde Zichzelf bekendmaken. Dat was één van Zijn grote drievoudige doeleinden -- om Zichzelf tot uitdrukking te brengen, om Zich te vereenzelvigen met menselijke wezens, om Zichzelf in Christus te openbaren.
102 Ten tweede: om de voorrang te hebben in Zijn lichaam van gelovigen, dat is Zijn bruid, opdat Hij in mensen zou mogen leven. Nu, Hij kon dat doen in Adam en Eva, maar de zonde scheidde hen, dus moest er de een of andere manier zijn om het weer terug te krijgen. O nu, dit is rijk voor mij, als ik er alleen maar aan denk! Ziet u? Ziet u wat Gods doel was?
103 Nu, waarom liet Hij Adam en Eva niet gewoon zo blijven? Dan zou Hij nooit in staat geweest zijn om Zijn volheid uit te drukken, Zijn volledige eigenschappen, omdat... Hij kon daar een Vader zijn geweest, dat is waar, maar Hij is ook een Verlosser. U zegt: "Hoe weet u dat Hij dat was?" Hij is het, omdat ik die ervaring heb gehad. Ziet u, Hij is een Verlosser en Hij moest dat uitdrukken, maar hoe kon Hij het doen? -- Alleen door Christus. Hoe kon Hij een Zoon zijn? -- Alleen door Christus. Hoe kon Hij een Genezer zijn? -- Alleen door Christus. Ziet u, alle dingen komen samen in die ene Persoon: Jezus Christus. O, geweldig!
104 Wanneer ik dat bedenk, zie ik gewoon hoe de denominaties van het toneel verdwijnen en al het andere gewoon wijkt. Ziet u? Wanneer ik Gods grote doel zie -- hoe Hij Zich... ten eerste, in Christus wilde openbaren, de volheid van de Godheid lichamelijk, en vervolgens die volheid van de Godheid lichamelijk in een volk te brengen opdat Hij de voorrang, het opzicht, de leiding zou kunnen hebben.
105 Onlangs 's avonds... Hebt u de band niet waarop ik hier 's avonds predikte over Paulus, een gevangene van Jezus Christus? Paulus, een gevangene... Ziet u? Wanneer God u er toe krijgt om Zijn gevangene te zijn, dan kunt u niets anders doen, dan wat de Geest zegt te doen.
106 Paulus, met heel zijn grote intelligentie -- hij werd door Gamaliël opgeleid, om eens een grote priester of rabbi te zijn. En hij had hoge verwachtingen van de toekomst. Hij was intellectueel een groot man, met grote autoriteit, een groot man in het land. Maar hij moest daar alles van opofferen, om een deel van het Woord te worden, om Jezus Christus tot uitdrukking te brengen. Hij wist wat het was om te zeggen... Hij kwam op het idee om naar een bepaalde plaats te gaan (een paar broeders hadden hem geroepen), maar het werd hem door de Geest verboden om zijn eigen wil te doen. O, als halfgeestelijke mensen dat eens tot zich door konden laten dringen! Ziet u? Hem werd verboden zijn eigen wil te doen. Hij kon alleen maar doen... "De Geest verbood het mij." Ziet u? Hij was een gevangene van Christus.
107 Toen deze kleine waarzegster op een dag kwam, wist Paulus dat hij de kracht had om die duivel uit te werpen, maar hij kon het alleen doen als God erin bewilligde. Dag aan dag volgde zij hem en zij schreeuwde hem na; maar op een dag gaf de Geest hem toestemming. Toen bestrafte hij haar -- de geest die in haar was. Ziet u? Hij wist wat het was om een gevangene te zijn.
108 Mozes: hij moest zijn intelligente vermogens helemaal loslaten, teneinde Christus te vinden, om een gevangene te zijn. Dan, toen God de hele wereld en heel het bewustzijn dat hij een machtig man was, uit hem gedreven had en hij op die dag in de tegenwoordigheid van die Vuurkolom stond, werd hij gewoon sprakeloos bevonden. Hij kon zelfs niet spreken, zei hij. God had toen een gevangene. Ziet u? Dan zult u niets meer uit uzelf proberen. Toen moest God deze man bekleden en met genoeg kracht begiftigen, zodat hij daarheen zou kunnen gaan. Mozes zei: "Here ik heb Farao verteld wat U zei, maar hij wilde het niet doen."
109 Hij sprak: "Dan, neem dit, uw staf (God spreekt hier; dat is Gods Woord); ga daarheen en wijs ermee naar het Oosten en roep om vliegen." En de vliegen werden in bestaan geroepen, omdat Hij een gevangene had, die Farao nergens mee kon afkopen. Niemand kon hem op welke manier ook van zijn stuk brengen. Hij was een volkomen gevangene in de ketenen van Gods Woord, volledig gebonden aan het ZO SPREEKT DE HERE.
110 O, als God Zijn gevangenen zó zou kunnen krijgen! Nu, dat is het wanneer Hij Zijn superioriteit kan uitdrukken. Ziet u dat? Dan heeft Hij de mens of de persoon zo gekregen, dat deze niets anders weet dan Christus. Begrijpt u wat ik bedoel? Goed. Dat is het tweede.
111 Het eerste, Zichzelf volkomen uit te drukken -- God in Christus. Het tweede is, om hierdoor de volledige voorrang te hebben in Zijn gemeente (wat Zijn lichaam is, de bruid), zodat Hij de voorrang kon hebben om Zichzelf door hen uit te drukken. Goed.
112 Ten derde, om Zijn koninkrijk weer terug te brengen tot de juiste toestand, waaruit het door de zonde van de eerste Adam gevallen was, en het terug te voeren tot waar Hij wandelde in de koelte van de avond met Zijn volk, met hen sprak en gemeenschap met hen had. En nu, zonde en dood hadden hen gescheiden van Zijn tegenwoordigheid en van Zijn gehele openbaring. Hebt u het gelezen? Dat wat er vóór de grondlegging van de wereld was; om al Zijn eigenschappen uit te drukken -- al wat Hij was.
113 Daarom, als iemand die in de drieëenheid gelooft hier gewoon een ogenblikje van los zou kunnen komen, zou u kunnen zien dat Vader, Zoon en Heilige Geest niet drie goden zijn. Het zijn drie eigenschappen van dezelfde God. Ziet u? Het is een openbaringsvorm -- Vader. Hij wilde een Vader zijn. Hij was een Vader, Hij was een Zoon en Hij is de Heilige Geest. De Vader en de Heilige Geest is dezelfde Geest. Ziet u het niet? Begrijpt u het -- niet drie goden. De duivel heeft u die dingen verteld om u tot een afgodendienaar te maken. Ziet u? Het is één God, uitgedrukt in drie eigenschappen: om Vader te zijn, om Verlosser te zijn, om Zoon te zijn, om Genezer te zijn. Ziet u? Dat is hoe Hij Zich uitdrukt.
114 Ik wil het wat langzamer aan gaan doen, zodat ook de mensen die naar de band luisteren de gedachte zullen vatten en dat kunnen begrijpen. Ik zou er de klok rond mee door kunnen gaan, als ik elk van deze onderwerpen zou doornemen. Maar ik hoop dat ik het duidelijk genoeg maak om u te laten zien waar ik heen wil. Ziet u?
115 God, uitgedrukt in Jezus Christus, die zowel Vader, Zoon, als Heilige Geest was -- de volheid van de Godheid lichamelijk. Nu woont de ganse volheid van de Godheid lichamelijk in Zijn gemeente en Hij heeft de eerste plaats. Alles wat God was, goot Hij uit in Christus en alles wat Christus was wordt uitgegoten in de gemeente -- de gelovigen, niet in de denominaties. We zullen daar over een paar ogenblikken op terug komen en dan zal dat voor altijd uit uw gedachten zijn. Ziet u? Ik zal u, met de hulp van God, tonen wat dat veroorzaakt, als Hij het ons slechts toestaat.
116 Wat is dan Zijn doel? -- Om Zichzelf uit te drukken als een Zoon opdat in Hem de volheid van de Godheid lichamelijk zou wonen. Ik heb Kolossensen hier nu voor me liggen. Ziet u? De hele Schrift door was dat Gods doel.
117 Dan wilde Hij door dit leven van deze Zoon, door Zijn kruis (er staat hier: door het Bloed Zijns kruises) een lichaam met Zichzelf verzoenen, een bruid (welke Eva is -- de tweede Eva is); en God beeldde het uit in een type zoals Hij het deed in Mozes en in die allen (hetzelfde wat Hij deed in Adam en Eva: een type gevend) dat zij Christus en de bruid waren (Hij is de tweede Adam, de gemeente is de tweede Eva); en zolang de tweede Eva compromissen sluit tegen het Woord, doet zij dan niet hetzelfde als wat de eerste Eva deed? Proberend te zeggen: "Wel, het was voor een ander tijdperk." Wij zullen daar over een paar ogenblikken nog op ingaan -- of Hij zei dat het voor een ander tijdperk was. Hoe kan het voor nog een ander tijdperk zijn, wanneer Hij Dezelfde is, gisteren, vandaag en voor eeuwig! Maar God heeft dat met opzet gedaan en het verborgen voor de ogen van de verstandigen en de wijzen en het geopenbaard aan de voorbestemden -- de kinderkens -- die werden voorbestemd om het te ontvangen.
118 Dat is de reden... Kijk terug door het tijdperk. Wanneer dat licht enigen had getroffen, wezen zij het af, ketsten ze het terug en die grote intellectuele en geweldige priesters stonden daar... Daar waren rabbi's, grote leraars en mannen met autoriteit, zoals bijvoorbeeld Nicodemus en dergelijke, een man verfijnd in geleerdheid en hij kon het zelfs niet eens begrijpen. En daar stond dan deze grote priester en die rabbi's die waren onderwezen in dat Woord. O, zij wisten het met hun verstand! Hij zei: "Gij zijt van uw vader de duivel en zijn werken doet gij..."
119 Denkt u dat in! -- Heilige mannen. U kon geen vinger op hun leven leggen, noch op hun vaders leven, hun grootvaders leven of dat van hun over-, over-, over-, over-, over-grootvader. Als hun dat zou gebeuren dan zouden ze in schande sterven. Dan werden ze gedood door steniging. Maar hier staat Jezus en noemt die groep 'een stel duivels' -- godsdienstige mensen.
120 Nu. O, nu de grote openbaring! Nu: om Zijn bloedverwantschap terug te brengen. Om dat terug te brengen. -- Nu, Hij moest hen verloren laten gaan, begrijpt u het? Hij moest hen laten zondigen, hen de vrijheid laten. Hij kon hen niet laten zondigen èn God blijven en hen dan straffen voor iets wat Hij hen Zelf had laten doen. Maar toen Hij de mens als partners -- deelgenoten -- van Hem stelde, toen liet Hij de mens handelen uit vrije morele wil. Ziet u? Hetzelfde doet Hij vandaag met u. Ziet u dat? U kunt handelen op elke wijze dat u wilt, u hebt een eigen vrije wil.
121 Dus daarom, als Hij de eerste zo plaatste, moest Hij de tweede zo plaatsen en moest Hij iedereen zo plaatsen of Hij handelde de eerste keer verkeerd. Ziet u? En iedereen is gesteld op diezelfde basis. Nu, let op Hem. Door die mens dat te laten doen, wetend dat hij het zou doen (Hij wist dat hij het zou doen), en door dat terug te brengen, bereikte Hij wat? -- dat Zijn eigenschap als Verlosser werd getoond. En het hele doel is dan gelegd in Jezus Christus, om God Zelf te worden, om de straf van Zijn eigen wet (de dood) op Zich te nemen en te sterven, teneinde de vrouw te verlossen die verloren was door Hem te verwerpen.
122 Toen Eva wegging van het Woord, verliet zij haar man. En wanneer de gemeente weggaat van het Woord naar een denominatie, dan verwerpt zij Hem en pleegt overspel met de wereld van menselijke wijsheid -- zij verwerpt de autoriteit van Gods Woord. Is u dat duidelijk? De Bijbel spreekt van het plegen van geestelijk overspel. Wanneer enig Woord van de Bijbel wordt verworpen of wanneer er enige eigen uitleg aan toegevoegd wordt, is dat absoluut het verwerpen van -- en overspel plegen tegen de God, die Uw Man is. Een overspelige gaat nimmer het Koninkrijk der hemelen binnen, wij weten dat. Nu begrijpt u, dat is wat Eva in de beginne heeft gedaan.
123 Nu, let opnieuw op. Wat is het drievoudige doel? -- Het manifesteren van Zichzelf in Jezus Christus; om door Jezus Christus in het lichaam te komen, om de absolute voorrang te hebben teneinde wàt te doen? Om Eden weer te herstellen; om terug te brengen wat verloren was. Dat was het enige wat uit de orde was. Heel de rest van Zijn dingen waren in orde.
124 Maar Hij moest de mens op basis van een eigen vrije wil plaatsen om te kunnen vallen, zodat Hij een Verlosser kon zijn, om te tonen wat in Hem is -- Zijn eigenschap als Verlosser. Er moest iets verloren zijn en juist door het feit dat de mens viel en verloren ging, werd Hij Zijn Verlosser, door Zijn eigen wet op Zich te nemen. En Hij kon dat niet doen als die Grote Jehova die alle ruimte en tijd vervulde. Ziet u? Hij kon dat zó niet doen en dus moest Hij mens worden. Hij maakte Zich een bloedverwant van de mens die verloren was (Amen!) en werd mens. God werd vlees gemaakt! Halleluja! U denkt dat ik opgewonden ben, dat ben ik niet. Het is iets binnen in mij!
125 God kwam vanuit God en kwam in mijn plaats, om mijn zonde op Zich te nemen, opdat Hij mij zoals Hem zou kunnen maken. Amen! Terug naar Zijn grote doel om zonen en dochters van God te zijn, want Hij is een eeuwige Vader. Die eigenschap was in Hem, ziet u, dus dat moest getoond worden.
126 Nu, ziet u dat hele drievoudige raadsbesluit? Hij wil Zichzelf uitdrukken. Hij wil worden... De wereld is verloren. En nu moet Hij Zichzelf uitdrukken in een mens, om Verlosser te worden door de verzoening door het Bloed van Zijn kruis. Nu, Hij moest mens worden en sterven teneinde te kunnen redden en Zichzelf terug te brengen in de gemeente om de eerste te zijn in Zijn gemeente.
127 Nu, herinner u, het kan niet en zal niet en het zal nimmer en het is nimmer een denominatie geweest. Hij moet de voorrang hebben en Hij is het Woord. Amen! Hoe kan daar enige geloofsbelijdenis in gebracht worden? Het verandert de gemeente in een hoer. Om het woord van welk mens, of welke geloofsbelijdenis, of welke denominatie ook te nemen, wordt, zoals het kortweg staat in Openbaring 17, gekenschetst als de hoer en dochters van een hoer: De Rooms-katholieke kerk is de hoer en de Protestanten zijn de dochters van de hoer. Het is net zo duidelijk als iemand ook maar kan lezen. Wij hebben de gemeentetijdperken doorgenomen, u kunt het nagaan op deze banden als u dat wenst. Precies. En alles wat zichzelf verenigt met een geloofsbelijdenis buiten de Bijbel is een hoer in Gods ogen. Zij heeft hetzelfde gedaan wat Eva deed, is weggegaan van het Woord, wat Christus is. Goed.
128 Nu bezien we Zijn geheimenis, dat Hij verborgen had in Zijn gedachten voor de grondlegging van de wereld. Nu, zou u er niet iets over willen lezen? Laten we het even lezen. Hebt u genoeg tijd? We zullen het lezen. Nu, laten we allen opzoeken de Brief aan de Efeziërs, we beginnen bij Efeze, hoofdstuk 1. Nu, terwijl de zondag-Bijbelstudie doorgaat, over Zijn drievoudige openbaring van Christus, zullen we dit lezen.
Paulus, door de wil van God een apostel van Jezus Christus... (Nu kijk, het is niet gericht tot de wereld, maar...) aan de heiligen en gelovigen in Christus Jezus, die te Efeze zijn;Hoe komt u in Christus Jezus? Door lid te worden van de kerk? -- Door geboorte! Door één Geest (1 Korinthe 12) zijn wij allen gedoopt in één lichaam. Ziet u? Juist. Dat zijn degenen tot wie hij spreekt; het is niet geadresseerd aan de wereld, aan hen die buiten zijn. Wij kunnen hier met de zondaar niet over praten, omdat hij er niets over weet. Paulus richtte dit niet tot de zondaars. Hij zei: "Dit is tot die groep daar, die in Christus Jezus is."
Genade zij u, en vrede van God, onze Vader, en van de Here Jezus Christus.
Gezegend zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, die ons met allerlei geestelijke zegen... (in welke zin?) in de hemelse gewesten gezegend heeft in Christus.Hemelse gewesten. O, ik wilde dat ik tijd had! Ik heb het hier aangestreept in mijn Bijbel over 'hemelse gewesten'. Wat zijn hemelse gewesten? Hemelse gewesten (even een ogenblik), is de positie van de gelovige in Christus. Ziet u? Waar de gelovige staat in Christus -- in hemelse gewesten,
Hij heeft ons immers in Hem uitverkoren... (luister goed) ... in Hem uitverkoren vóór de grondlegging der wereld...(Wanneer koos Hij ons? -- Vóór de grondlegging van de wereld, toen Zijn groot verborgen geheimenis, Zijn groot geheim... Hij koos ons, in Christus vóór de grondlegging van de wereld)...
opdat wij heilig en onberispelijk zouden zijn voor Zijn aangezicht... (in wat?) in liefde.
In liefde heeft Hij ons tevoren ertoe bestemd als zonen van Hem te worden aangenomen door Jezus Christus, naar het welbehagen van Zijn wil.129 Uitverkoren -- daar is het geheimenis. Ziet u? Voor Christus of iets anders ooit op aarde was, (ziet u Zijn grote geheimenis?) koos Hij de bruid, wetende dat Eva zou vallen door het niet geloven van het Woord. Hij wist dat zij zou vallen, maar Hij zou Zich een bruid kiezen die niet zou vallen, die zich zou houden aan het Woord, ongeacht wat heel de rest van de wereld erover zou zeggen; zij zouden aan dat Woord vasthouden. Zij waren voorbestemd om daar stand te houden. De aanneming tot kinderen door Jezus Christus bestemde de gemeente voor tot die heerlijke positie.
130 Nu, ziet u het geheimenis? Om wàt te doen? -- Om de gevallen Eva weer te herstellen, daar zij een voorafschaduwing van de gemeente was. En nu, let op, zoals God de zijde van Adam opende en Eva nam uit zijn eigen vlees en bloed, en zijn geest splitste in een mannelijk en vrouwelijk deel -- en het vrouwelijk deel in Eva legde, zoals Hij de rib uit zijn zijde nam en Eva eruit vormde, zo deed God hetzelfde. Hij nam uit de zijde van Christus het Bloed en het water, (en Christus is het Woord) en het Woord nemend vormde Hij Zijn gemeente, Eva. Ziet u? Haar verlossend en weer terugbrengend door het Bloed dat uit Zijn lichaam werd genomen! Ziet u het nu? Gods grote geheimenis wordt ontvouwen, dat verborgen is geweest sinds de grondlegging van de wereld, hoewel Hij het voordien steeds maar weer in beelden had voorgesteld. Nu kijk. We ontdekken dat Hij dat deed. En hier in de Efezebrief en op vele andere plaatsen... Maar dat zal u genoeg geven om te...
131 Nu, door de tijdperken heen, heeft Hij langzamerhand dit geheimenis ontvouwd. Kunt u het nu zien? Nu, door de... hoe dat Hij... Wat gebeurde er nu in de voorafschaduwing? Hij opende Adams zijde en nam een deel van zijn vlees, wat Adam was, om Eva te maken. De bruid moét het Woord zijn, want Hij is het Woord. Zij kan niet steunen op geloofsbelijdenissen; Zij kan niet steunen op denominaties of op goed gedrag; Zij moet alleen staan op het Woord, omdat Zij er een deel van is; Zij is uit Christus genomen. Ziet u?
132 Weest er zeker van dat 'de opname' volledig zal zijn. Luther was er een deel van; Wesley was een deel; de profeten waren er een deel van. Als zij niet een deel zouden zijn... gewoon van de openbaring van hen die het lichaam vormen: voeten, tenen, armen, enzovoort, tot aan het Hoofd (waar we straks op terug zullen komen, ziet u?) dat vormt de gehele opname. Het is het lichaam van het Woord, wat Christus is. Amen! Daarbuiten bent u verloren. Het kan mij niet schelen hoe goed u bent, welke betrekkingen u ook onderhoudt, wat uw samenkomst is, of wat uw organisatie is. U bent verloren, tenzij dat Woord in u is!
133 "Indien gij in Mij blijft (het Woord) en Mijn Woord in u blijft, vraagt dan wat gij maar wilt...", omdat u en het Woord hetzelfde zijn. Hij heeft de voorrang. Hij heeft de heerschappij. U bent een gevangene van Hem. De wereld is dood. U hebt niets meer... U ziet de andere mensen leven op hun wijze maar toch doet ú het niet. U bent een gevangene, u staat in één juk met Hem. "Mijn juk is licht." (U bent in het juk met Christus, met Zijn Woord.) "Ik doe alleen dàt wat de Vader behaagt. En als u niet kunt geloven dat Ik Hem ben, geloof dan het Woord." Zó volmaakt.
134 Let op. Let nu op: door de tijdperken heen, liet Hij dit geleidelijk naar voren komen, langzaam ontvouwde Hij het geheimenis door de profeten en door de voorbeelden. Nu, wij kunnen daar gewoon op doorgaan... hoe Hij Zichzelf uitdrukte.
135 Hij drukte Zichzelf uit in Mozes. Kijk naar Mozes. Geboren in een tijd dat de kinderen vervolgd werden. Hij werd geboren om een bevrijder te zijn. Hij werd verborgen in de biezen, precies zoals Jezus werd meegenomen naar Egypte. Hij kwam eruit. Hij ging de berg op en kwam terug met de geboden. Jezus ging ook de berg op -- en in Zijn eerste prediking (de Bergrede), kwam Hij terug met de geboden: "Gij hebt gehoord, dat tot de ouden gezegd is: Gij zult niet echtbreken. Maar Ik zeg u: Een ieder, die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd." Wetgever; Priester; Koning; Leidsman -- precies juist.
136 Hij drukte Zich uit in Jozef -- geboren onder de denominaties (zijn broers). Zij haatten hem zonder reden, omdat hij geestelijk was. Hij zag visioenen; God was met hem; Hij kon dromen uitleggen, maar zijn broers haatten hem. Hij werd door zijn broers verkocht voor bijna dertig zilverlingen, precies zoals Hij door Judas Iskariot, één van Zijn broers, werd verkocht voor dertig zilverstukken.
137 Hij werd in een put gegooid en ze dachten dat hij dood was. Dat is juist. Zijn vader en de anderen werd verteld dat hij dood was. Hij werd in deze put gegooid, eruit gehaald en hij kwam aan de rechterhand van Farao. Wat leed hij daar in de kerker; en daar werden er twee gered. De schenker en de bakker -- beter gezegd, één van hen ging verloren en de ander werd gered. Eén van hen ging verloren en de ander werd gered. Precies zoals aan het kruis, toen Hij in Zíjn gevangenis was -- aan het kruis genageld voor onze zonden (wij worden een gevangene) -- één rover ging verloren en één werd gered. Ziet u? Precies hetzelfde.
138 Toen werd hij gesteld aan de rechterhand van Farao, de koning (wat hij had gedroomd en waarover hij het visioen had, dat hij zou zitten aan de voeten des konings) en alle macht in Egypte werd aan hem gegeven. Zijn visioen moest zich vervullen. Hij zou er vele keren over nagedacht kunnen hebben toen hij daar in die gevangenis zat en zijn baard maar langer werd, enzovoort, maar hij hield in het oog dat zijn visioen eens vervuld zou worden.
139 Hoewel het op zich liet wachten, moest het gebeuren (zoals ik gister- of eergisteravond, woensdagavond hier in de dienst zei). Ziet u? Het moest gebeuren. Als God het zegt, moet het gebeuren. Wat een betuigde profeet zegt, moet gebeuren, want het is Gods Woord en het Woord komt alleen tot de profeten. Het woord 'profeet' betekent een openbaarder van het goddelijk geschreven Woord, zoals een voorzegger, een voorziener is.
140 Bemerk, wanneer een ziener optreedt weet u, dat hij goddelijk betuigd is als dàtgene gebeurt, wat hij heeft voorzegd. "Wanneer er iemand, die een profeet is, tot u zal spreken en u bepaalde dingen zal vertellen die zullen gebeuren en deze dingen komen niet te geschieden, luister dan niet naar hem. Maar indien het wel gebeurt, dan ben Ik met hem. U kunt hem beter vrezen, want Ik ben met hem." Ziet u. Zo is het precies. Dat is de betuiging. Daaraan weet u of het de Waarheid is, of niet. God spreekt door Zijn Woord tot Zijn volk, door mensen.
141 Ziet u, God spreekt alleen door mensen. "Ik ben de wijnstok; gij zijt de ranken." De wijnstok draagt geen vrucht. De ranken dragen de vrucht van de wijnstok. Merk op, dat het altijd al zo is geweest.
142 Nu, we vinden dan Jozef toen... Niemand kon tot Farao komen of hem aanraken zonder eerst Jozef te zien. Niemand kan tot de Vader komen dan alleen door de Zoon. En wanneer Jozef de troon verliet, blies men op de bazuin; elke knie boog! Jozef komt eraan! Glorie! Op een dag zal elke knie zich buigen en elke tong zal belijden -- wanneer Hij Zijn Vaders troon verlaat (ziet u?) om te komen. Iedereen zal getuigen dat Hij Gods Zoon is. U ook... maar dan is het te laat; doe het nu.
143 Nu, we bemerken dat door deze types... We zouden ook David kunnen nemen (zoals ik er onlangs over sprak), die zijn troon verliet, verworpen door zijn eigen volk en dezelfde berg opging (de Olijfberg) toen hij in gevangenschap ging. Hij ging in gevangenschap, omdat hij werd verworpen door zijn broeders en zijn eigen volk. Wenend liep hij de berg op. Dat was de Geest van Christus in hem, die werd verworpen toen hij op Jeruzalem neerkeek en weende en zei: "Jeruzalem, hoe vaak heb..." Een verworpen koning. Achthonderd jaar later stond de Zoon van David daar boven Jeruzalem, verworpen, en weende over Jeruzalem en zei: "Nu is uw ure gekomen." Ziet u?
144 Al deze dingen beelden Hem uit in een type, maar toch was het geheimenis verborgen. Die mannen wisten niet wat ze deden. Zij wisten alleen dat zij door de Geest geleid werden om iets te doen. Nu, Hij hield het achter tot in de laatste dagen voor de grote openbaring -- maar Hij drukte het uit. Hij drukte Zich uit in Mozes, in David, en Jozef, en Elia en zo maar door. We zouden elk van deze profeten kunnen nemen en hun leven naar voren brengen en tonen dat ze Jezus Christus precies volmaakt uitdrukten; en toch gaf Hij Zijn geheim niet geheel prijs. Hij wachtte, om het in de laatste dagen bekend te maken, zoals Hij had beloofd; Hij wachtte, tot het volledig begrepen zou worden (ziet u?) alvorens Hij het kon uitdrukken. Indien Hij de hele zaak... omdat de Bijbel is geschreven in geheimenissen; Jezus dankte de Vader ervoor, dat het in geheimenissen was geschreven.
145 Nu, de komst van de Here is een geheimenis. We weten niet wanneer Hij komt en hòe Hij komt, maar weten wel dàt Hij komt. Ziet u? En zo wachten al Gods geheimenissen op deze laatste dag. Nadat het reeds voleindigd is, openbaart Hij het; Hij toont wat Hij heeft gedaan. O, geweldig! Nooit gaf Hij Zijn geheimenis volledig prijs.
146 Precies zo is het, wanneer wij het met de zeven zegels vergelijken. Toen God Maarten Luther gebruikte om die eerste gemeente (dat gemeentetijdperk) eruit te laten komen en toen Hij daarna John Wesley gebruikte, bracht Hij hen er geleidelijk aan uit en openbaarde in hen dàt gemeentetijdperk. Als wij of een ieder terug zouden gaan in de Bijbel om het te onderzoeken... Maar in de laatste dagen...
147 Omdat dat zoiets geweldigs was, sprak Hij er hier over en toonde die zeven donderslagen, en de tijdschriften Look en Life namen die "ring van wolken en licht" in hun blad op. Zij konden het niet begrijpen en weten het nog steeds niet, maar hier zei Hij: "Ga daarheen en wacht tot deze geheimenissen worden geopenbaard", maanden voordat het gebeurde en vervolgens gebeurde het precies op de wijze waarop Hij het had gesproken.
148 Hebt u op die foto ook die engel opgemerkt aan de rechterkant, toen Hij stoffelijk gemaakt werd en naar beneden kwam, met Zijn vleugels naar achteren en Zijn hoofd opzij? Daar is het, rechts daar op de foto. Precies juist; maanden voordat het gebeurde, vertelde Hij hier dat Hij het lichaam van gelovigen samen zal brengen om die verloren gegane stukjes op te pakken en te openbaren.
149 Hier trad Luther op. Hij predikte alleen rechtvaardiging en benadrukte het steeds weer in dat tijdperk. Hij wist niet, welk tijdperk het was. Toen kwam Wesley. Hij beukte er op los gedurende zijn tijdperk. Ziet u? Een hoop van onze valse dingen komen daar vandaan en de andere kerken namen ze over. Dan komt Pinksteren, zich loshakkend, maar zij organiseerden zich en keerden weer regelrecht terug de dood in (we zullen daar over enige ogenblikken aan toe komen) -- regelrecht terug de dood in.
150 En dàn komt de openbaring van de geheimenissen om te openbaren waarom het allemaal ging, waar deze kleine leerstellingen -- zoals Luther die de Catechismus voortbracht, enzovoort; en Wesley, die dit, dat en nog wat binnenbracht, en die andere zaken; Pinksteren bracht eveneens organisatie binnen en de doop van "Vader, Zoon en Heilige Geest", enzovoort; ze wisten niet anders, omdat... Maar dan, in de laatste dagen keren wij terug en worden al deze geheimenissen opgepakt en verklaren het duidelijk -- openbaren het. Waarom? Het zijn de laatste dagen dat God dit grote geheimenis, dat Hij in Zijn hart had, zal openbaren.
151 Begrijpt u het? Als u het mist, keer dan weer terug tot deze bandopname. Ik weet niet hoe lang ik nog bij u zal zijn. Bedenk, dit is de Waarheid van het ZO SPREEKT DE HERE. Het is de Waarheid. Het is de Schrift.
152 Het is zoals met de geheimenissen van de zeven laatste zegels -- de geheimenissen ervan. De zegels waren reeds verbroken; elk tijdperk was gekomen, maar nog veel dingen bleven verstrooid liggen. En omdat God niet wilde dat deze dingen zo verstrooid bleven liggen, kwam Hij terug en verzamelt deze dingen weer, deze leerstellingen waarmee zij begonnen en brengt ze weer tevoorschijn en openbaarde de hele zaak. Hetzelfde doet Hij nu, terwijl Hij het geheimenis van Christus openbaart, hoe in Hem het drievoudig raadsbesluit van God voor de gemeente lag. O! Onthuld! Openbaar!
153 Openbaren betekent volgens Webster's woordenboek: iets bekendmaken, in het bijzonder van goddelijke waarheden, dat betekent: openbaring. Openbaring: dat is de wijze waarop Christus Zichzelf bekendmaakt aan Zijn gemeente.
154 Nu, u mag zeggen: "Nee, broeder Branham, dat zegt u zomaar." Neen, ik zeg dit niet zomaar. Let op, Hij maakte Zichzelf bekend aan Petrus. Wanneer u het wilt noteren en lezen: (We zullen het lezen als u wilt.) Mattheüs 16:15 en 17. Ik zal het citeren. Toen Hij neerdaalde vanaf de Berg der Verheerlijking zei Hij: "Wie zeggen de mensen, dat de Zoon des mensen is?"
155 "Sommigen zeggen dat ze denken, dat u Elia bent en anderen zeggen dat u een van de profeten bent, Jeremia of een van de anderen."
156 Maar dat was eigenlijk niet wat Hij wilde vragen. Hij zei: "Wie zegt gíj dat Ik ben?" Hier spreekt Hij tot de gemeente. Ziet u? "Wie denken de mensen dat Ik ben?"
157 Tegenwoordig zegt men: "Hij is een filosoof" -- het is gewoon een sociale religie. "Hij is een goed mens. Wij geloven dat Zijn leer juist is. Hij is een richtsnoer om je leven naar te richten. Ik geloof dat we allemaal betere mensen zouden zijn als we dat deden. We behoren onze kerken te hebben, enzovoort." Maar dat lijkt meer op de Kerstman, een verhaal over de goede Kerstman.
158 Het gaat er niet om dat we uitdrukken wat één of andere kerk is, of dat wij iets tot uitdrukking behoorden te brengen. Het is een leven dat u niet zelf leeft, maar Hij komt in u en leeft Zichzelf in u en u bent dan geen gevangene meer van enig menselijk verstandelijk wezen, maar u wordt geleid door de Geest. Hoe weet u dat?
159 U zegt: "Ik zou menen dat ik mijn verstand aan het verliezen was. Misschien dat iemand die zijn verstand verliest dat doet." Maar als u de gezindheid van Christus hebt, brengt Christus Zich door u heen tot uitdrukking. Dat toont dat Hij het is en niet dat u uw verstand hebt verloren. Sommige mensen die waanideeën over dingen krijgen, worden krankzinnig. We weten dat dat verkeerd is. Dat is de duivel die probeert het echte na te bootsen voordat het tot u komt. Er bestaat altijd een nabootsing, maar al moet de oprechte mens zijn eigen gedachten en zijn eigen ideeën opgeven, hij hoeft er niet op die wijze blindelings op in te gaan. Nee. U komt met uw gezond verstand en Christus neemt u over en brengt Zichzelf tot uitdrukking. Dan bent u voor de wereld een krankzinnige. Nu, als u werkelijk krankzinnig bent, dan kan de duivel u volledig onder zijn controle krijgen. Hij zal bewerken dat u alles doet wat in tegenspraak is met dit Woord; maar als Christus u overneemt, dan zal Hij dit Woord direct door u heen tot uitdrukking brengen, omdat Hij het is; Hij is het Woord! Dan kunt u Christus uitgebeeld zien. Niet de een of andere illusie, maar het is werkelijk Christus, die Zich regelrecht door u heen tot uitdrukking brengt. Hoe wonderbaar!
160 Nu let op. Hij vroeg: "Wie zegt gij dat Ik ben?" Hij vroeg het aan Zijn gemeente -- de twaalven. Van de vele miljoenen uit die tijd vroeg Hij het aan twaalf -- Zijn gemeente.
161 Uit de miljoenen van Noachs tijd sprak Hij er acht aan. Ziet u. En Hij zei: "Zoals het was in de dagen van Noach, zo zal het zijn bij de komst van de Zoon des mensen, toen acht zielen werden behouden." Ik zeg niet dat er nu acht behouden zullen worden -- begrijp dat nu niet verkeerd. Dat heb ik nooit beweerd. Ik weet niet hoeveel er gered zullen worden op dat laatste moment, wanneer die kleine groep zal worden opgenomen. Het zal een kleine groep zijn, dat zal ik u wel vertellen. "Want eng is de poort en smal de weg en slechts weinigen zullen hem vinden."
162 Maar wanneer het grote verloste lichaam uit al de tijdperken opkomt, dan zal het een grote schare zijn! Openbaring 7 brengt het tot uitdrukking: "Een grote schare, die niemand tellen kan", -- die er door alle tijdperken heen uitgekomen zijn, die in zoverre het aan hen was geopenbaard, in het licht van de Bijbel hebben gewandeld. Wij weten nu, dat Wesley meer licht had dan Luther. Wij weten dat de Pinkstermensen meer hadden dan Wesley. Zeker was het zo, omdat het slechts geleidelijk aan helderder werd, zoals ook bij de profeten, totdat het volkomen bekend werd -- namelijk de volheid der Godheid lichamelijk in Christus.
163 En nu wordt in deze tijd Christus in de gemeente bekendgemaakt. De hele zaak is, dat God Zich openbaart, om Eva weer terug te brengen in de juiste positie ten opzichte van haar man, let op, en God is de Bruidegom van de gemeente en de gemeente is Zijn bruid.
164 Petrus riep uit en zei: "Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God."
165 Nu let op! "Zalig zijt gij, Simon Barjona (dat betekent zoon van Jona) zalig zijt gij, want vlees en bloed heeft u dat niet geopenbaard (u leerde dat niet op een of andere school), maar mijn Vader, die in de hemelen is." Let op, wat Hij tot hem zei: "Op deze rots...", dat is, Petrus, het voorbestemde zaad van God, die dit licht had aanvaard en aan wie Hij de sleutels van het Koninkrijk gaf. "Op deze rots der openbaring, van Wie Jezus Christus is..." Hij is de volledig geopenbaarde God. "Op deze rots..." Niet die van Vader, Zoon en Heilige Geest, als zou Hij de tweede Persoon zijn. "Op deze rots zal Ik Mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen, -- haar nooit doen instorten." Ziet u? "Op deze rots zal Ik Mijn gemeente bouwen" -- een openbaring van Jezus Christus.
166 Ziet u, Christus in u maakt Hem tot het middelpunt van het leven van de openbaring. Het leven van Christus in u maakt Hem tot het middelpunt van de openbaring. Christus in de Bijbel, maakt de Bijbel een volledige openbaring van Christus. Christus in u maakt u de volledige openbaring van de hele zaak. Ziet u, wat God tracht te doen?
167 Wat is de wedergeboorte dan? U zegt: "Wel, broeder Branham, wat is de wedergeboorte?" Het is de openbaring van Jezus Christus persoonlijk aan u. Amen. Ziet u! Het is niet dat u zich bij een kerk aansloot; dat u iemand een hand gaf of dat u iets op een of andere wijze hebt gedaan; dat u een geloofsbelijdenis opzei, dat u beloofde te leven naar een bepaald reglement -- maar het is Christus, de Bijbel! Hij is het Woord dat aan ú werd geopenbaard. Ongeacht wat iemand zegt of wat er plaatsvindt -- het is Christus. Voorganger, priester, wat het ook zou mogen zijn -- het is Christus in u. Dat is de openbaring waarop de gemeente werd gebouwd.
168 U zegt: "Wel, ik ben Lutheraan"; "ik ben Baptist"; "ik ben Presbyteriaan." Dat heeft niet dìt te betekenen voor God, [Broeder Branham knipt met zijn vingers -- Vert.] niets, nog geen knip van uw vinger. Wat is het dan? Het is Christus, die wordt geopenbaard en Hij is het Woord. En wanneer het Woord wordt geopenbaard, brengt het Zichzelf tot uitdrukking. Ziet u? Dat was Gods raadsbesluit voor Jezus Christus: om Zich in Hem tot uitdrukking te brengen, om Zijn eigen wet op Zich te nemen, naar Zijn wet te leven en Zijn wet door Zijn dood te vervullen. Christus, God, stierf in het vlees om de zonde in het vlees te veroordelen, opdat Hij een heerlijke bruid tot Zich zou kunnen leiden die teruggekocht is en alleen het Woord van God zal geloven en het niet, zoals Eva deed, zal ruilen voor de intellectuele voorstellingen van de mensen. Ziet u het?
169 Dat is het plan van Christus. Dat is Gods gedachte. De wedergeboorte openbaart dit. Wanneer iemand zegt dat hij wedergeboren is en hij probeert de beloften van Christus voor deze laatste dagen in een ander tijdperk te plaatsen -- als hij Hem Christus maakt voor gisteren, maar niet voor heden -- dan is deze mens of deze persoon in een dwaling van Satan terechtgekomen. Evenzo is het als deze mens wel zegt dat hij het gelooft, maar het niet door hem heen wordt gemanifesteerd... Jezus zei in Markus 16: "Deze tekenen zullen de gelovigen volgen..." in heel de wereld en in elk tijdperk. Het uitwerpen van duivelen, het spreken in tongen en al deze grote manifestaties van de gaven. Zij zullen volgen -- niet ze kunnen of behoren -- ze zùllen volgen. Hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar Zijn Woord niet!
170 Het is dus Christus die Zich tot uitdrukking brengt in de mens persoonlijk, of hij nu een intellectueel is of dat hij het ABC nog niet eens kent. Velen van de apostelen kenden het niet. Maar Christus kenden zij wel! Men zou nooit naar Petrus en Johannes geluisterd hebben alleen omdat ze op een seminarie waren geweest. Ze zeiden dat ze er acht op sloegen en bemerkten dat ze met Christus waren geweest, toen Hij de verlamde aan de poort genas. Zij bemerkten dat zij met Christus waren geweest.
171 De wedergeboorte is Christus; het is een openbaring. God heeft u dit grote geheimenis geopenbaard en dat is de wedergeboorte. Nu, wat denkt u dat er zal gebeuren wanneer heel die groep vergaderd zal zijn waar de openbaring in volkomen harmonie is en waarin God het door Zijn Woord, door dezelfde handelingen tot uitdrukking brengt, wanneer Hij dezelfde dingen doet die Hij destijds deed om het Woord te betuigen? O, als de gemeente haar positie toch eens wist! Ze zal het inzien op een dag. Dan zal de opname plaatsvinden, wanneer zij weet wat het is.
172 Nu let op. U zult zeggen: "Broeder Branham, maar dat is toch niet?... Jazeker, ook dat is de Waarheid.
173 Hebt u er wel eens bij nagedacht dat Paulus Jezus nooit naar het vlees heeft gekend? Paulus heeft Hem nooit zo gekend. De enige manier waarop Paulus Hem kende, was door openbaring -- door een visioen. Bent u het daar mee eens? Paulus kende Jezus alleen door de openbaring, net als Petrus.
174 Petrus had Hem wel in het vlees gezien, maar hij kende Hem niet naar het vlees, omdat Jezus zei: "Vlees en bloed hebben u dat niet geopenbaard. Zelfs Mijn eigen leven openbaarde u het niet, maar Mijn Vader die in de hemelen is, heeft het u geopenbaard -- dat Hij het Woord van God is. En op deze rots zal Ik Mijn gemeente bouwen." Petrus kende Hem niet naar het vlees.
175 De mensen wandelden met Hem, gingen met Hem om, enzovoort. Paulus had iets groters dan wie van de andere apostelen ook. Ze zeiden: "Wel, ik heb een grotere openbaring dan jij, Paulus, omdat ik met Hem heb gewandeld. Ik ging eens met Hem vissen. Ik hoorde Hem spreken. Hij zat bij mij in de boot en later zei Hij tegen mij: 'Laten we hierheen gaan en hier vissen, dan zullen we meer vis vangen.' En dat deden we ook. Zie je, wij zagen Hem dingen doen."
176 Maar Paulus zag Hem nadat Hij gestorven, begraven en weer opgestaan was en Hij Zich openbaarde in de Vuurkolom, die de kinderen Israëls leidde! Paulus, die een Jood was, zou Hem nooit "HErE" genoemd hebben, als hij niet de openbaring gezien zou hebben dat Hij Dezelfde is, gisteren, heden en in alle eeuwigheid. Met andere woorden zei Hij: "Paulus, Ik ben vandaag dezelfde God die Ik gisteren was. Hier ben Ik in hetzelfde licht, de Vuurkolom, tot Wie Mozes sprak in het brandende braambos." Geen wonder dat hij in de brief aan de Hebreeën, de wet van de Genade kon scheiden. Hij ontmoette diezelfde Vuurkolom. Hij zei: "Ik ben Jezus, die gij vervolgt."
177 En vandaag is Hij hier op dezelfde wijze! Want het is dezelfde Vuurkolom die Zich manifesteert en betuigt als Dezelfde; het geheimenis van God openbarend, dat sinds de grondlegging der wereld was verborgen! Begrijpt u het?
178 Paulus kende Hem slechts door openbaring. Ook Petrus kende Hem door openbaring, al wandelde hij met Hem en sprak hij met Hem. Daarom, kunt u gefundeerd zijn op dit Woord... -- Ik zei daarstraks al, dat Hij het Woord was. Nu, een geleerde kan gaan zitten en dat Woord lezen, totdat hij uw gedachten helemaal kan laten vastlopen als hij dat zou willen, want hij is intelligent en briljant. Neem een katholiek priester of een of andere goede, in de Bijbel welonderlegde theoloog, een Baptistenbroeder of een Presbyteriaan of wie dan ook; hij zal u de indruk geven dat u totaal niets weet, als het op het spreken aankomt. Waarom? Omdat hij Hem, het Woord, slechts kent naar het vlees.
179 Maar de enige wijze waardoor u gered bent, is Hem te kennen door openbaring! Ik kan de leer van de Presbyterianen nemen en u, Pinkstermensen, daar volkomen in vast laten lopen. Ik kan de Baptistenleer nemen en u, Pinkstermensen een menigte dingen tonen, waarvan u nooit iets hebt geweten. Dat is waar. Maar dat is het niet; dat is niet Zijn gemeente. Dat is Zijn gemeente niet. Zijn gemeente is Hijzelf, geopenbaard! Amen! Begrijpt u dat? En Hij bracht door het Woord Zelf tot uitdrukking, dat Hij God is.
180 Hoe kunt u dan aankomen met 'Vader, Zoon en Heilige Geest' en daarin worden gedoopt? Dat is heidens, zeker. Hoe kunt u zeggen dat u Jezus Christus kent (Hij is het Woord), als er geen Schriftplaats in de Bijbel is, als er geen enkele plaats te vinden is waar ooit iemand gedoopt werd in de Naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest?
181 En u, 'Jesus Only'-mensen, die alleen de Naam van Jezus bij de doop gebruikt -- ik ken persoonlijk vier of vijf mensen, die 'Jesus' heten. Dus ziet u waar uw denominaties u heenleiden? Dat gaat de duisternis in, het is wat Kaïn tot uitdrukking bracht, die vruchten bracht in plaats van bloed. Maar de openbaring is gekomen door het Bloed, door Jezus Christus, die het Bloed van God is -- het Bloed dat geschapen werd in de schoot van Maria.
182 Paulus kende Hem door openbaring. Zo zullen we Hem ook vandaag kennen. Alleen op deze wijze is het mogelijk Hem te kennen. Niet door te zeggen: "Ik ben Methodist." Dat zegt niets. "Ik ben Baptist." Dat betekent evenmin iets. "Ik ben Katholiek..." Het betekent niets. Maar God heeft het Woord aan u geopenbaard door openbaring. Hij is het Woord en het Woord... Hoe weet u dat het is geopenbaard? -- Het leeft in u en het openbaart Zich door u heen.
183 De kerken hebben die grote openbaring reeds lang vergeten. Dat is juist. Zij hebben de openbaring van de Waarheid vergeten. Ze gingen naar... Toen Luther optrad, was hij een groot man. Hij had de openbaring van die dag. Maar wat gebeurde er? Er kwam een stel 'Ricky's' binnen, met die van boven platte haardracht, 'flat-top', zoals we dat tegenwoordig noemen, en 'Ricketta's' enzovoort, zij kwamen daarbij en -- en wat gelijk gebeurt weet u, is dat...
184 Als u eens wist wat volgens de getallenbetekenis van de Bijbel deze namen als 'Elvis' en 'Ricky' betekenen. Denkt u dat uw naam niets te betekenen heeft? Heeft die niets te betekenen? Die naam kon pas komen in de laatste dagen voor het volk van deze laatste dagen. Waarom veranderde Jezus dan de naam van Abram in Abraham, en die van Saraï in Sara? Waarom veranderde Hij Saulus in Paulus? Waarom veranderde Hij Simon in Petrus, enzovoort? Ziet u? Zeker heeft dat iets te betekenen. Van die naam kon pas in deze tijd sprake zijn. Daarom is deze helse zaak nu gaande op aarde, vanwege dat soort dingen. Het hele menselijke ras is bedorven. Het is verloren. Ziet u? Dat is de reden.
185 Nu, let op. Luther was in orde; dat was hij in zijn tijd. Hij had de openbaring, maar let op wat men deed zodra hij was verdwenen. Wesley had een boodschap; ziet u wat het heeft uitgewerkt? De Pinksterbeweging in haar begin had het en u ziet wat zij deden. Ze haalden een groep mensen bijeen, precies zoals... Het was precies hetzelfde, als toen God uit genade Israël een Vuurkolom, een profeet en een offer zond en zich aan hen toonde en hen door de Rode Zee heen uit Egypte leidde. Ze wilden een wet, zodat ze geweldige hoogwaardigheidsbekleders zouden hebben, zodat ze zelf iets konden doen. En wat deden ze? Ze werden veertig jaar lang in de woestijn gelaten en zwierven daar rond en niet één van hun organisaties kwam er ooit door.
186 Kaleb en Jozua waren de enigen die erbuiten stonden en zeiden: "Wij zijn in staat het land in bezit te nemen." Zij keken naar het Woord van God. De anderen stierven allen in de woestijn. En Jezus zei, dat ze voor eeuwig verloren waren. Juist, nadat Hij Zijn zegeningen en Zijn kracht door hun tijdperken heen had bewezen, zoals later bij Luther en Wesley. Deed Hij het daar niet?
187 Ze zeiden destijds: "Onze vaderen aten manna in de woestijn." Hij antwoordde: "En ze zijn allen gestorven" -- dat betekent eeuwig gescheiden van God. Hun lichamen vergingen in de woestijn. Ziet u? Zij waren dood. "Ik ben het Brood des levens dat uit de hemel van God is nedergedaald" zei Hij, maar ze konden het niet begrijpen. Ze konden het gewoon niet zien.
188 De kerk heeft het al lang vergeten. Zij hebben geleerde predikingen aanvaard, intellectualisme, lidmaatschap en kennis, in plaats van de openbaring van de Waarheid van het Woord.
189 Nu, ziet u eens hier. Tegenwoordig zeggen ze, als je vraagt: "Gelooft u dat God ons de opdracht heeft gegeven de hele wereld in te gaan om de zieken te genezen, het Evangelie te verkondigen en duivelen uit te werpen?"
"O, o ja, ik geloof dat dat wel goed is, MAAR..." ziet u?
190 Een vrouw die ik kortgeleden sprak, zei: "Maar al de kerken zijn het toch met elkaar eens?" Ik zei: "Er is er niet één die het met de ander eens is." Er stond daar ook een Katholiek. Ik zei: "Wat denkt u daarvan?" "U bent een Methodist en ú bent Katholiek." Bent u het met elkaar eens? "Deze paus", zei ik, "probeert hen bijeen te brengen. Dat is voor al dat soort mensen een goed ding. Maar de gemeente van God heeft daar niets mee te maken" -- werkelijk niets. Zij staat buiten heel deze groep. Jazeker. U zou dat niet met elkaar kunnen verenigen; de één gelooft dit en de ander dat. De Methodisten hebben de besprenkeling; de Baptisten de onderdompeling -- en allebei wijzen ze de doop van de Heilige Geest in de volheid van Zijn kracht af.
191 Ze zeggen: "Wij ontvingen de Heilige Geest toen we gelovig werden." Maar de Bijbel zegt [in de grondtekst -- Vert.]: "Hebt gij de Heilige Geest ontvangen nadàt gij tot geloof kwaamt?" Dat is het verschil. Ziet u? Zo is het. Anderen zeggen: "Wij zijn de Katholieke kerk. Wij zijn het eerst begonnen; wij deden zus en zo." De Methodisten zeggen: "Wij zijn gefundeerd op de Bijbel." Jezus zei: "Deze tekenen zullen hen volgen die geloven." Nu, hoe staat het daar dan mee? "De werken die Ik doe, zult gij ook doen." -- elk schepsel, elk persoon, die in Hem gelooft. Nu, hoe staat het daarmee? Dat zijn Zijn Woorden. "Hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn Woord zal geenszins voorbijgaan." Nu, waar zijn we aan toe?
192 O, het toont gewoon... Wat is het? Het is een bastaardtoestand. Nu, kijk hier, u neemt een mooie grote graankorrel -- het is een kruising -- en u neemt deze bastaardgraankorrel, die zeer mooi is en u plant haar. Wat krijgt u? Een klein halmpje komt op, het wordt geel en verwelkt. Dat gebeurt met elke denominatie, wanneer ze Gods Woord kruist met de woorden van mensen. Het zal opkomen tot aan de wonderen en tekenen, totdat wat Jezus zei over het geloof in het Woord en dan wordt het geel en zeggen ze: "We kunnen dat niet aanvaarden en ze gaan terug."
193 Het is precies wat al de andere verspieders deden die de grens overstaken en Kanaän verkenden. Ze kwamen terug en zeiden: "O, wij zijn als sprinkhanen in hun ogen. We kunnen hen niet verslaan! Wat zullen die Amalekieten en al die anderen ons al niet aan kunnen doen?" En ze keerden terug. Maar Kaleb en Jozua, die 'volbloeds' waren (Amen!) door het Woord van God, wisten dat God gezegd had: "Ik zal u het land geven." Ze zeiden: "Wij zijn meer dan in staat het land in bezit te nemen!"
194 Het komt er op aan waaruit u geboren bent. Wanneer u bent geboren uit het Woord van God, dan heeft het Woord van God de voorrang in Zijn gemeente. Daarvoor stierf Hij. Dat is Zijn doel, opdat Hij in staat zou zijn te bereiken dat Hij de voorrang heeft, als Hij werkt in Zijn gemeente. Laat eerst het Woord van God schijnen, ongeacht hoe al het andere eruit ziet. Het kan me niet schelen of de intellectuelen dit of dat beweren. Dat heeft er niets mee te maken. Gods Woord zegt het en daarom zijn we meer dan in staat het in bezit te nemen.
195 "Als ik dat in mijn gemeente zou prediken", zei een prediker mij, "zou ik tegen vier muren van de kerk prediken."
Ik zei: "Dan zou ik daar tegen prediken." Als Gods Woord het zegt, kunnen we het prediken, want God heeft het gezegd. Amen.
196 O, maar hiervoor verontschuldigen zij zich. Daarom zijn ze blind voor de Boodschap van de eindtijd, in deze laatste dagen, waarin God Zichzelf bewijst. Zij proberen het te classificeren als een soort spiritisme of -- wat zal ik zeggen -- als het een of ander geestelijk waanidee of zoiets. Ziet u, ze proberen er iets van te maken wat het niet is, precies zoals ze deden toen Jezus hier was. Ze noemden Hem Beëlzebub, een waarzegger. Nu zeggen ze dat het een of andere soort mentale telepathie is, terwijl ze weten dat Hij daar kan staan, naar mensen kan zien en precies de gedachten van hun hart kan onderscheiden! De Bijbel zegt dat! Staat er niet in Hebreeën, hoofdstuk 4: "Want het Woord Gods is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard en het schift overleggingen en gedachten des harten?" En Hij was dat Woord. En wanneer dat Woord de heerschappij heeft in de mens, gebeurt datzelfde opnieuw, want het is het Woord. Amen! Ik kan niet begrijpen hoe u er van nu af aan nog over kunt vallen. Het is toch zo volkomen duidelijk. Begrijpt u? Goed.
197 Daarom zijn ze verblind. Het is precies zoals in de dagen toen Christus op aarde was. Ze struikelen er weer precies zo over. Ze zeiden: "Hij is Beëlzebub." Ze zagen dat Hij het kon, maar ze zeiden: "Hij is als buitenechtelijk kind geboren en het is een beetje een vreemde kerel. Hij is bezeten door de een of andere duivel. Hij is een Samaritaan van daarginds en hij heeft een duivel. Daardoor kan hij dat."
198 Jezus zei: "Dat zal Ik u vergeven", (ziet u dat zij de werken Gods toeschreven aan een boze geest?). "Dat zal Ik u vergeven, maar wanneer de Heilige Geest gekomen is, zal één woord er tegen, u nimmer worden vergeven, noch in deze, noch in de toekomstige wereld (of: die grote dag); het zal niet worden vergeven." Ziet u, het staat duidelijk in de Schrift geschreven. Wanneer daarom mensen die dag zullen meemaken, ongeacht hoe intellectueel ze zijn of tot welke grote denominatie ze ook behoren, het is veroordeeld; dat moeten ze zijn! Ze hebben de Heilige Geest gelasterd door het "Heilige roller" te noemen of een andere smadelijke naam of zoiets. Gods gemeente heeft dit altijd al moeten verdragen.
199 Zelfs Paulus zei staande voor Agrippa: "Naar de weg die zij een sekte noemen (wat 'krankzinnig' betekent) vereer ik inderdaad de God der vaderen."
[Hier ontbreekt een gedeelte van de oorspronkelijke bandopname -- Vert.]
200 ... wat de grote waarheid van Christus was. Tegenwoordig zegt men: "Het is een denominatie." Nee, het is Jezus Christus, de wedergeboorte geopenbaard in u, opdat Hij de eerste plaats bij u zou innemen en opdat Hij Zijn Woorden zou kunnen uitdrukken. En al datgene wat Hij voor deze laatste dagen heeft beloofd, kan Hij door Zijn lichaam uitvoeren naarmate Hij erin werkt. Amen. Het is gewoon precies Gods Woord dat wordt gemanifesteerd.
201 Merk op, het is precies zoals in de dagen van Christus. God heeft Zelf de sleutel voor deze openbaring van Christus. Gelooft u dat? Theologische faculteiten kunnen die nooit vinden. Jezus zei, (als u het wilt lezen) in Mattheüs 11:25--27: "Ik dank U, Vader, Heer des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, doch aan kinderkens geopenbaard." Ziet u?
202 Het maakt mij niet uit of... Kijk naar de geleerden van die tijd, die Joden, zeer fijne mensen, hun organisatie van Farizeeën, Sadduceeën en Herodianen of wat ze ook mochten zijn -- al die grote organisaties. En Jezus zei: "Gij zijt blinden die de blinden leidt. Terecht heeft Jesaja van u gesproken: 'Gij hebt oren en kunt niet horen en ogen maar kunt niet zien'. Omdat Jesaja dit zei in de Geest, heeft de God des hemels uw ogen verblind. U doet hetzelfde als Eva, doordat u de intellectuele kant aanvaardt en van Gods Geest geen enkele kennis hebt. Daarom, zullen zij niet allen in de put vallen, zowel de blinde als die hem leidt?" De leider zal met de blinde vallen, want ook hij is blind. De leider zal vallen -- hij is een blinde leider van blinden. Ze zullen beiden in de put vallen... God alleen heeft deze sleutel!
203 Hij bracht hetzelfde in een Schriftgedeelte tot uitdrukking dat ik zoëven las, waar Hij zei: "Wie zeggen de mensen dat Ik, de Zoon des mensen, ben?" En Petrus zei: "Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God." Hij antwoordde: "Zalig zijt gij Simon, zoon van Jonas. Vlees en bloed heeft u dit niet geopenbaard, maar Mijn Vader die in de hemelen is... -- Slechts op deze openbaring alleen zal Ik Mijn gemeente bouwen en de poorten der hel zullen haar nooit kunnen overweldigen." Ziet u?
204 Daarom is er geen school, geen theoloog, geen Bijbelcursus van welke school ook, die er iets over weet. Zij kunnen er niets over weten. Het is onmogelijk voor hen er iets van te verstaan. God heeft het verborgen voor het verstandelijk begrip van die uitgelezen leraars en wie anders ook. Het is een persoonlijke individuele zaak voor een ieder, dat Christus aan hem wordt geopenbaard. En indien u zegt: "Hij is aan mij geopenbaard", maar het leven dat Christus hier voortbracht in de Bijbel (hetzelfde leven is nog steeds in Hem) wordt niet in u voortgebracht, dan hebt u de verkeerde openbaring!
205 Als ik het leven van een pompoen op een pereboom zou kunnen overbrengen, zou hij pompoenen dragen. "Aan hun vruchten zult gij hen kennen." Dat is precies juist. Als u een wijnstok zou planten en de eerste scheut van de ranken zou druiven voortbrengen, de tweede citroenen, de volgende peren en de daarop volgende appels, dan zijn daar andere zaken op geënt, die elk hun eigen leven voortbrengen.
206 Elke denominatie zal zijn eigen leven voortbrengen. Maar als die oorspronkelijke wijnstok ooit nog een nieuwe loot doet uitspruiten, zal deze druiven voortbrengen zoals in het begin. En als het leven van Jezus Christus ooit opnieuw een lichaam van gelovigen voortbrengt, dan zal het dezelfde vrucht voortbrengen als die eerste keer. Men zal daarna opnieuw een boek der Handelingen schrijven, omdat het hetzelfde leven zal zijn. Ziet u, wat ik bedoel? U kunt hier gewoon niet aan voorbijgaan. Het is het leven van Christus in u, geënt in u door de Heilige Geest Zelf, Die Zijn leven door u heen leeft. Maar zij zijn blinden, die de blinden leiden.
207 Bemerk, alleen God bezit deze sleutel. Geen theoloog kan het u zeggen. Het is hun niet bekend; het is voor hen verborgen; zij weten daar niets over. "Nu", zegt u, "ik heb een academische graad." Voor mij -- en ik geloof ook voor God en voor elke echte waarachtige gelovige -- betekent dat, dat u er daarom des te verder bij vandaan bent; u hebt gewoon de aansluiting gemist. U leert God niet kennen door studie of opleiding. U leert Hem niet kennen door te weten hoe u dingen kunt uitleggen.
208 God wordt gekend door eenvoud en door de openbaring van Jezus Christus ook in de meest ongeletterde persoon. Begrijpt u? Niet door uw theologie. Het is een openbaring van Jezus Christus. "Op deze rots, zal Ik Mijn gemeente grondvesten" -- andere rotsen, andere zaken worden niet aanvaard; geen Roomse rots; geen Protestantse rots; geen andere leerschool; niets anders, dan alleen de openbaring van Jezus Christus in de wedergeboorte. Hij wordt in u geboren en deelt Zijn eigen leven aan u mee. Uw leven is voorbij en het leven van Jezus Christus wordt door u heen weerspiegeld. Hij is zodanig de Eerste in u dat de mensen dat leven Zelf zien en Hij doet door u heen dezelfde werken, tekenen en wonderen die Hij destijds deed. Al het andere daarbuiten, heeft zelfs geen betekenis.
209 Zie hoe Gods grote openbaring zich ontvouwt. Door gebrek aan deze openbaring hebben we zoveel verschillende scheuringen onder ons en zoveel verachting. Er is zoveel verdeeldheid onder ons omdat het de mensen aan die openbaring ontbreekt. Ziet u, het ontbreekt de leraars aan die openbaring.
210 Paulus schreef nadat hij die geweldige openbaring van Christus had, in 1 Korinthe, hoofdstuk 2 (Neem u voor het te lezen; schrijf het op): "Ik ben niet tot u gekomen met wijsheid..." Kijk eens naar die man die wijsheid had. Kijk eens naar de man, die werkelijk een geleerde was: "Ik ben nooit tot u gekomen met uitnemendheid van woorden." Goed laten we het lezen. Kunt u even opstaan, zodat we even een paar verzen lezen? Ik wil het graag lezen, opdat ook de mensen die het op de geluidsband horen gelegenheid hebben het op te slaan. 1 Korinthe 2. Luister hier naar de grote apostel Paulus, de intellectuele dienstknecht van God.
Ook ben ik, toen ik tot u kwam, broeders, niet met schittering van woorden of wijsheid u het getuigenis van God komen brengen... (Ik heb nooit gezegd: "Ik ben Doctor Zus en Zo.")
Want ik had niet besloten iets te weten onder u, dan Jezus Christus en die gekruisigd.
Ook kwam ik in zwakheid, met veel vrezen en beven tot u;
Mijn spreken en mijn prediking kwam ook niet met meeslepende woorden van wijsheid, maar met betoon van Geest en kracht. -- van de kracht.211 Ziet u, dat is het Evangelie. Jezus zei: "Gaat heen in de gehele wereld en verkondigt het Evangelie." Hij zei niet: "Ga onderwijzen", Hij zei: "Ga en verkondig." Met andere woorden, demonstreer de kracht en deze tekenen zullen hen volgen. Alleen onderwijzen is niet genoeg. De werkelijke Geest Zelf is nodig om deze tekenen te demonstreren. Ziet u? Luister hiernaar.
Opdat uw geloof niet zou rusten op wijsheid van mensen maar op kracht van God.212 Ziet u, de mens moet worden veranderd. Niet dat ik de dingen die ik niet kan verklaren door uitlegging verander, zoals: "Hij is Dezelfde niet meer" terwijl Hij wel Dezelfde is. Als ik dat doe of wanneer de een of ander mij dat zou zeggen, dan toont dat alleen maar dat hij de openbaring -- de drievoudige openbaring van God niet heeft. Ziet u?
Toch spreken wij wijsheid bij hen die daarvoor rijp zijn, een wijsheid echter niet van deze eeuw, noch van de beheersers dezer eeuw, wier macht teniet gaat,
maar wat wij spreken, als een geheimenis,... (ziet u, het drievoudige geheimenis van God) is de verborgen wijsheid Gods, die God reeds van eeuwigheid voorbeschikt heeft tot onze heerlijkheid.
En geen van de beheersers van deze eeuw heeft van haar geweten,... (geen der priesters of rabbi's, of wie ook wist daar iets vanaf), want indien zij van haar geweten hadden, zouden zij de Here der heerlijkheid niet gekruisigd hebben.213 U zegt: "Daar hebt u het bij het verkeerde eind, over die rabbi's en predikers." Maar wie kruisigden Hem? O, we zouden steeds maar door kunnen gaan, leest u het maar verder, we moeten tijd sparen, we zijn nog niet al te laat, maar er is hier nog zoveel te zeggen, zo de Here ons helpt.
214 Nu, het ontbreekt hieraan... Paulus, deze grote bestudeerde man heeft nooit geprobeerd de mensen zijn grote theologische begrippen uit te leggen. Hij aanvaardde nederig het Woord van de Here en hij leefde het Woord, zodat het tot uitdrukking kwam. Hij leidde een zo godsvruchtig leven, dat ze Jezus Christus zozeer in hem zagen, dat ze zijn zakdoek wilden hebben om op de zieken te leggen. Daar is het leven van Christus. Niet wat sommigen zeggen: "O, ziet u wat Eliza lang geleden deed? Hij legde zijn staf op de dode jongen -- maar o, dat was in de tijd van Eliza!"
215 Nu, dat dacht de wereld. Dat dachten de intellectuele priesters en zo, de kerken van die tijd, maar de gelovigen wisten dat het anders was. Zij hadden de openbaring van Christus in Eliza gezien. Precies zoals bij Paulus drukte hij hetzelfde soort leven uit, omdat hij een profeet was. Hij voorzegde de dingen die zouden gebeuren, precies zoals het was, en zij wisten dat dàt Gods betuiging van een profeet was. Zij wisten dat hij Gods profeet was. U zou hen dat onmogelijk uit het hoofd kunnen praten.
216 Het was zelfs zo, dat toen zij merkten dat Paulus die dingen, die zouden gebeuren profeteerde, dat ze zeiden: "Laat slechts zijn schaduw op mij vallen." Amen. Dat is de gemeente. Dat zijn degenen die het geloven. Zeker.
217 Het is geopenbaard door... Wat zei Paulus? "Omdat ik Ds., Dr., enzovoort, ben, geloven ze mij"? Nee! Hij zei: "Ik heb al die dingen vergeten; Mijn menselijke wijsheid moest sterven. En ik ken Hem nu in de kracht van Zijn opstanding. Zo ben ik tot u gekomen, met de betoning van Gods kracht." Wat betekende dat? Het maakte Jezus Christus Dezelfde gisteren, heden en tot in eeuwigheid.
218 Paulus deed dezelfde werken die Jezus deed. Zij zagen dat God, de grote Vader, die Zich manifesteerde in de brandende braamstruik, die het openbaarde aan Paulus, het ook hier aan hen demonstreerde; en Hij is Dezelfde in elk tijdperk. Gods drievoudige wijze -- gisteren, heden en tot in eeuwigheid. Wat is het? De Verlosser in Zijn gemeente, boven alles in het komende koninkrijk. Amen! Begrijpt u het? Zo volmaakt als het maar kan zijn.
219 O bemerk. De Heilige Geest is de enige Openbaarder van de goddelijke openbaring van Christus. Geen schóól kan dat doen; geen geleerde kan dat doen. Geen mens, hoe goed geschoold, hoe godsvruchtig of wat anders ook; er is geen mens die dat vermag. Ik zou dit heel scherp kunnen stellen. Hoevelen hier zijn wedergeboren Christenen? (steek even uw hand op), die vervuld zijn met de Heilige Geest? Goed. Daar gaan we dan.
220 Let op, Hij zal het alléén voor de uitverkorenen doen. "Alles wat Mij de Vader geeft, zal tot Mij komen, en niemand kan tot Mij komen tenzij de Vader hem eerst trekke."
221 Kijk naar de priesters, die zeggen: "Die man is Beëlzebul. Hij is een waarzegger. Hij is een duivel."
222 Maar dan is daar die kleine vrouw die daar liep, die met zes mannen leefde. Zij had er reeds vijf gehad en leefde toen met de zesde, en Jezus zei: "Ga heen, haal uw man en kom hier."
Ze zei: "Ik heb geen man."
Hij antwoordde: "Zeker, ge hebt er vijf gehad en degene met wie ge nu leeft is uw man niet."
Ze zei: "Heer..." Wat gebeurde er? Dat licht trof het zaad.
223 Toen het die priesters trof, zeiden ze: "Die man is een waarzegger." Ziet u? Daar was geen leven, dat was een bastaard. Zij groeien op tot aan de organisaties en vanaf dat punt sterven zij. Maar deze vrouw was geen kruising.
224 Ze zij: "Heer, ik bemerk..." Ik kan zien hoe haar mooie, grote ogen beginnen te glanzen, tranen beginnen over haar wangen te stromen. "Heer, ik bemerk dat Gij een profeet zijt. Ik zie uit naar de Messias en wanneer die Messias komt, zal Hij ditzelfde doen. Hij zal ons deze dingen vertellen."
Hij zei: "Ik ben het..."
"O Here..." Ze liet haar kruik staan en riep: "Hier is Hij! Kom mee en zie een Mens, die mij gezegd heeft alles wat ik gedaan heb!"... Wat was het? Dat licht trof dat zaad. Dat leven was daar en kwam tevoorschijn.
225 Vandaag is het precies hetzelfde. Maar de theologen zeggen: "Nu, wacht even. Ik zal eerst uitzoeken of Die-en-die..., of voorganger Moody het ook zo zei, of dat..." Wat heeft voorganger Moody hiermee te maken, in déze tijd? Voorganger Moody leefde in zíjn tijd, niet nu. Zeker niet. Luther leefde in zíjn tijd, maar niet in de tijd van Wesley. Wesley leefde in zíjn tijd, niet in de tijd van Pinksteren. Pinksteren leefde in hun tijd maar zij staan hier een heel eind bij deze ure vandaan. Wij leven in het laatste uur. Zeker. Hun organisaties en hun gedoe bewijst, dat het daar niet is. Het Woord is daar nooit precies op de juiste wijze betuigd, alleen in een verdraaiing... Zaden, denominaties... Zij vormen denominaties en strooien dan gipskruid-zaad bij die echte tarwe en dat stierf. De oogst eindigde in een gips-onkruid-oogst. Zo is het. Doornstruiken en netels kwamen op, daar ging het naar terug; het stierf. Toen ploegden ze de akker om en begonnen opnieuw, ze zaaiden wat echt zaad en er kwam wat van op, maar het werd verstikt.
226 Maar God heeft gezegd, dat Hij in deze laatste dagen een volk zou uitleiden, dat is gewassen in Zijn Bloed. En zij zouden voorbestemd zijn om daar te zijn; ze zullen daar moeten zijn. God heeft het gezegd. En het zou openbaren... Het eigenlijke teken, dat ik zou... In Maleachi 4 staat wat hij zou doen. Hij zou weer een herstel brengen. Hij zou in deze laatste dagen deze geweldige dingen die Hij heeft beloofd, terugbrengen. Hij zou de openbaring brengen. Wat zou Hij doen (Maleachi 4?) Hij zou het geloof van de vaderen terugbrengen tot de kinderen. Begrijpt u? Zo is het -- om deze zelfde zaak, dezelfde Vuurkolom op het toneel te brengen, dezelfde tekenen, dezelfde wonderen, dezelfde Jezus: Hem voorstellend als Dezelfde, Hem predikend als Dezelfde en Hem betuigend als Dezelfde gisteren, heden en tot in eeuwigheid. "Ik zal herstellen", sprak de Here, "al de jaren waarin de Methodisten-'worm', de rups, de Baptisten-'worm', de Katholiek-'worm' en al die andere wormen het geloof weggevreten hebben, (Joël 2:25--27) totdat er slechts een denominatie-stomp overbleef, waarin geen zaad was overgebleven. "Maar Ik zal herstellen", zegt de Here, "al die jaren..." -- Wat? -- "al de tekenen en wonderen waarvan zij zich hebben afgekeerd. Ik zal hen weer rechtstreeks terugbrengen naar de oorspronkelijke Boom en Ik zal het herstellen", zegt de Here. Deze profeet was een betuigde profeet. Zijn woorden moeten vervuld worden. Amen.
227 De Heilige Geest alleen is de Openbaarder van de goddelijke openbaring van Christus en is dat in alle tijdperken geweest. Denk eraan, in alle tijdperken! Tot wie kwam het Woord des Heren? -- alleen tot de profeet. Dat klopt nietwaar? En de profeet moest eerst bevestigd worden. Niet omdat hij zei dat hij een profeet was, maar omdat hij als profeet was geboren en het bewezen was dat hij een profeet was, omdat alles wat hij zei precies volgens het Woord was en zich vervulde; laat dan al het andere gaan. Het was... Ziet u? Het Woord des Heren kwam alleen door de Heilige Geest. De Bijbel zegt: "Van oudsher hebben mannen, gedreven door de Heilige Geest (ziet u?), het Woord geschreven."
228 Kijk, Johannes de Doper zou Jezus nooit herkend hebben, als de Heilige Geest Hem niet aangewezen had. Is dat juist? Johannes de Doper, deze grote profeet, trad op en zei: "Daar staat Eén op dit moment in uw midden. Hier ergens staat een gewoon mens en Hij is het Lam Gods." Johannes zei toen: "Ik betuig dat ik heb gezien, hoe de Geest van God (de Heilige Geest) van de hemel nederdaalde als een Duif en zich op Hem neerzette en een stem zei: 'Dit is Mijn Geliefde Zoon in Wie Ik een welbehagen heb'." Wat was het? De Heilige Geest zei: "Ik zal Hem aanwijzen."
229 Dat is de enige wijze waarop u Hem vandaag zult herkennen; de enige wijze waarop u de drievoudige openbaring van God zult zien, is door de Heilige Geest. En de enige wijze waardoor dat ooit kan gebeuren is dat u voorbestemd bent om het te zien. Zo niet, dan zult u het nooit zien; als u niet voorbestemd bent om het te zien, zult u het nooit zien, want dat licht kan gaan schijnen, maar u gaat heen, lacht erom en redeneert het weg door de een of andere verstandelijke verklaring, terwijl de waarachtige God Zelf Zich manifesteert en het betuigt. Ziet u? Maar als het niet in u ligt het te zien, dan zult u het niet zien.
230 God heeft nooit zomaar gezegd: "Ik zal deze kiezen en Ik zal die kiezen", maar Hij wist het door Zijn voorkennis. De reden dat Hij kon voorbestemmen is, omdat Hij oneindig is; en omdat Hij oneindig is, weet Hij alles. Hij wist het einde, Hij kon het einde al van het begin vertellen. Hij is God. Als Hij dat niet zou kunnen, ìs Hij geen God. Jazeker, Hij is oneindig. Goed.
231 Johannes zou Hem nooit herkend hebben als de Heilige Geest geen aanwijzing gegeven zou hebben. Ziet u hoe God Zijn geheimenis verbergt voor de hoogontwikkelden, enzovoort? Kijk, al die mensen zeggen iets, maar Hij openbaart het in eenvoud aan hen die Hij heeft voorbestemd om het te zien. Kijk, daar stonden anderen bij en zij hebben de Duif zelfs nooit gezien. Zij hebben geen stem gehoord, want het was alleen gezonden voor dat voorbestemde zaad. "Voorbestemd?" Zeker was hij voorbestemd. Want zevenhonderdentwaalf jaar voordat Johannes werd geboren, was Jesaja in de Geest, verheven buiten deze menselijke zintuigen, en zei: "Er is een stem van een, roepende in de woestijn: Bereid de weg des Heren..." Nu, als Jesaja het destijds kon zien, zou Maleachi dan niet hetzelfde kunnen zien? Deze laatste profeet was voorbestemd om al de profeten van het Oude Testament af te sluiten, deze grote profeet die daar staat aan de afsluiting van het tijdperk. Iemand mag zich afvragen: "Was hij voorbestemd?" Zeker was hij dat. Maleachi zag hem ook.
232 Jezus zei: "Indien gij het wilt aanvaarden, deze is het van wie geschreven staat: Zie, Ik zend Mijn bode voor uw aangezicht uit, die uw weg voor u heen bereiden zal." (Maleachi 3.) Ziet u? Zeker was hij voorbestemd om die Boodschap te zien. Geen wonder dat hij die Duif uit de hemelen kon zien nederdalen, dat licht dat bij Israël in de woestijn was, dat nu neerdaalde. En God Zelf zei: "Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb." God en mens werden Eén. "Ik getuig", zei Johannes, "en heb gezien dat Deze de eniggeboren Zoon van de Vader is. Ik ben er getuige van." Amen.
233 Dat is het: eenvoud. De vader van Johannes was een groot theoloog, weet u. Hij was op een school geweest. Het zag ernaar uit, dat Johannes naar zijn vaders denominatie zou zijn teruggekeerd. Dat zou echter niet Gods wil zijn geweest.
234 Toen God hem aanraakte, vóór zijn geboorte, ontving hij de Heilige Geest, drie maanden voordat hij werd geboren. Jazeker. Toen Maria daarheen ging en Johannes, zes maanden oud, in de schoot was van zijn moeder, hadden die kleine spieren zich nog nooit bewogen en Elizabeth was bevreesd. Die kleine spieren groeiden weliswaar, maar zij voelde geen leven. Maar toen Maria binnenkwam en haar vastpakte en omhelsde, haar omarmde en haar de handen oplegde... (Dat is het!) zei deze: "God heeft tot mij gesproken en ik zal ook een baby krijgen."
"Ben je met Jozef getrouwd?"
"Nee."
"Maria, hoe kan dat dan?"
"De Heilige Geest zal mij overschaduwen en dan zal het in mij worden geschapen. En ik zal Hem de naam Jezus geven. Hij zal de Zoon van God zijn."
235 En zodra zij dat woord 'Jezus' uitsprak begon de kleine Johannes te springen en te jubelen in de schoot van zijn moeder. Ze zei: "Geloofd zij God, de Here. Waaraan heb ik dit te danken, dat de moeder mijns Heren tot mij komt?" (Lukas 1:43.) De moeder mijns Heren! "Waaraan heb ik dit te danken dat de moeder des Heren tot mij komt? Want zie, toen het geluid van uw groet in mijn oren klonk, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot."
236 Geen wonder dat hij niet naar het seminarie wilde, dat hij niets wilde wat hem een of andere leer opdrong! Hij had een belangrijke taak. Hij werd een man van de woestijn. Hij ging de woestijn in en wachtte. God riep hem daar en gaf hem de openbaring. (O, daar hebt u die openbaring weer!) Hij sprak: "Ik zal je zeggen wie Hij is. Je bent een profeet. Het Woord komt tot jou. Je weet wie je bent. Je moet komen." (Dat beantwoordt de vraag van afgelopen zondag, ziet u?) "Je weet wie je bent, Johannes. Wees stil; zeg niets. Ga daar naartoe, en als je Hem ziet, zal er een teken uit de hemel komen als een licht; een Duif zal neerdalen. Dat zal Hem zijn, wanneer je dàt ziet."
237 Dat is de reden dat, toen Jezus het water inging, Johannes naar boven keek en die Duif zag neerdalen en zei: "Zie het Lam Gods! Daar is Hij! Hij is het, die de zonde der wereld wegneemt!"
238 Jezus liep regelrecht op hem af, het water in. Johannes' ogen ontmoetten die van Jezus. (Zij waren achterneven naar het vlees; Maria en Elizabeth waren nichten.) Hun ogen ontmoetten elkaar. Daar stonden God en Zijn profeet. (Amen.) Johannes zei: "Ik heb nodig door U gedoopt te worden. Waarom komt Gij tot mij?"
239 Jezus zei: "Laat Mij thans geworden, want aldus betaamt het ons alle gerechtigheid te vervullen."
240 Waarom deed Johannes het? Omdat Hij het Offer was (Johannes was een profeet, hij wist het) en het Offer moést gewassen worden, voordat het werd aangeboden. O, en hij liet Hem geworden en doopte Hem. Toen hij Hem had gedoopt, zie, de hemelen openden zich en die Duif daalde op Hem neer en een stem zei: "Deze is Mijn Zoon, de Geliefde, in Wie Ik Mijn welbehagen heb." De 'King James' zegt: "in Wie Ik Mijn welbehagen heb te wonen", hoe u het ook wilt omdraaien, het blijft hetzelfde al met 'te wonen' (of: 'dit is Mijn geliefde Zoon in Wie Ik Mijn welbehagen heb', of met 'te wonen' erbij. Hoe u het ook wilt stellen, het is hetzelfde.) Goed. We zien dan dat het hem werd geopenbaard. Anderen stonden daar en hoorden niets. De Heilige Geest alleen openbaart het.
241 Precies zo was het, toen Hij Zich aan Paulus openbaarde, een ander voorbestemd zaad. Hij trok daar rond... Hij zou gezegd kunnen hebben: "Als ik dat stel te pakken kan krijgen, zal ik ze aan stukken scheuren, want ik ben Dr. Saulus. Ik heb gestudeerd bij Gamaliël. (Ik kom van de Moody Bijbelschool, of van welke andere ook. Ziet u?) Ik ben een geleerde. Ik weet waar ik over spreek. Ik zal dat stelletje 'heilige rollers' aan stukken scheuren. Ik vraag u, grote heilige vader, geeft u mij toch toestemming om daarheen te gaan, dan zal ik al die herriemakers daar arresteren. We zullen al dat 'goddelijke genezings-gedoe' stoppen." Hij deed de toestemming in zijn zak en zei: "Ik ga op weg." En die dag?... O, om ongeveer elf uur straalde hem daar een licht in zijn gezicht en hij viel ter aarde.
242 Waarom? -- Hij was een voorbestemd zaad. God zei: "Ik heb hem verkoren en Ik zal hem tonen hoeveel hij zal moeten lijden ter wille van Mijn Naam. Ik zal hem tot de heidenen zenden en zij zullen hem op elke mogelijke wijze versmaden, maar toch zal hij Mijn Naam dragen."
243 Paulus ging vandaar naar de andere kant van de woestijn; hij bleef drieëneenhalf jaar daar ergens in Arabië, totdat hij al zijn kerkse ideeën kwijt was, zólang, tot hij het Woord leerde kennen; en hij één werd met het Woord en hij een gevangene werd. Toen kwam hij terug in de banden der liefde. "Al mijn Bijbelschoolervaring is verdwenen! Ik ben een gevangene van Jezus Christus. (Amen!) Philemon, mijn broeder, ik ben een gevangene van Jezus Christus. Ik kan slechts dàt zeggen en uitspreken, wat Hij mij zegt."
244 God heeft vandaag zulke gevangenen nodig, die zichzelf gevangen geven aan Zijn wil -- aan Zijn Woord. Zo was Paulus. Ongeacht hoeveel hij intellectueel had geleerd, hij had God leren kennen door openbaring. Jazeker. Van het intellectuele was toen totaal geen sprake meer, toen de openbaring kwam, de rots waarop de gemeente is gebouwd.
245 Kijk, hij was een voorbestemd zaad. Alleen de Heilige Geest kan u tonen wie Jezus is. De mensen delen Hem op in Vader, Zoon en Heilige Geest, enzovoort. Maar de Heilige Geest zal Hem openbaren als de God, de Heer des hemels, die geopenbaard is. Dat is Hij.
246 Nu bemerk, het was niet door profeten, niet door koningen, noch door iets anders, maar toen God hier voor de eerste maal werd geopenbaard was het in Christus, de volheid der godheid lichamelijk in menselijk vlees. Dat is de openbaring. Ik zal een lied voor u gaan zingen:
Natiën brekend, Israël herlevend, (Is dat niet zo?)
De teek'nen die werden voorzegd.
De heidendagen zijn geteld, (van de gemeente in haar denominaties)
Door verschrikkingen gekweld.
Verstrooiden, keer terug naar uw land! (U zult bij hen weggeschopt worden...)
Bevrijdingsdag is in zicht;
De wereld in angst voor 't gericht. (Al hun Hollywood-grappen verbergen dat niet. 't Is als een jongen die 's nachts luid fluitend een donkere begraafplaats voorbij loopt.)
Weest vol van de Geest, uw lamp schoon en licht.
Ziet op; er 's verlossing in zicht!
Valse profeten, hebben Gods Woord vergeten,
Looch'nen Jezus, de Christus, als God. (Dat is waar.)
Deze bedeling, versmaadt Gods openbaring,
Maar wij volgen steeds 't Woord ondanks spot.
Bevrijdingsdag is in zicht;
De wereld in angst voor 't gericht.
Weest vol van de Geest, uw lamp schoon en licht.
Ziet op; er 's verlossing in zicht!247 Ontvang die openbaring, broeder. Deze generatie versmaad Gods openbaring. Ziet u? De valse profeten doen dat. Aan hun vruchten zult gij hen kennen. Zij zijn bastaards. Zij zijn verwekt in een organisatie in plaats van door het woord Gods, de openbaring Gods, die Zich openbaart door Christus, die het Woord is.
248 O, we zouden hier kunnen stoppen en weer verdergaan als ik terugkom, als u wilt. Of wilt u doorgaan? Dat laat ik aan uzelf over. Nog iets verder dan, ik zal voortmaken. Hierna zult u wel wat kunnen rusten. Goed.
249 Nog eens. Let op dat voorbestemde zaad. De Heilige Geest alleen toont u Wie Hij is -- geen profeet of koning kan dat. En hier is God geopenbaard in het vlees. Hier is de volheid. Hij wordt volledig geopenbaard en gemanifesteerd aan de wereld.
250 Kijk naar de Berg der Verheerlijking, toen het getuigenis van God Zelf was: "Dit is Mijn geliefde Zoon: Hoort Hem!" Daar stond Mozes, die de wet vertegenwoordigde. Daar stond Elia, die de profeten vertegenwoordigde. Maar zij verdwenen en Hij zei: "Dit is Mijn geliefde Zoon; hoort Hem." Er waren daar drie vertegenwoordigd: de wet, de Profeten en Christus. En Hij zei: "Dit is Hem." God volkomen..., niet geopenbaard in de profeten, niet geopenbaard door de wet, maar Hij is geopenbaard in Christus.
251 Christus heeft erbarmen. De wet heeft u in de gevangenis gezet, maar kon u daar niet uitkrijgen. De profeten konden u naar Gods gerechtigheid veroordelen en u de dood aankondigen. Maar Jezus is Gods liefde en openbaring om aan u, een voorbestemd zaad, te laten weten dat Hij u heeft geroepen. "Dit is Hem, hoort Hem." De volheid van de Godheid is bekendgemaakt. Dit verborgen geheimenis is nu geopenbaard, dat God is gemanifesteerd. God en mens werden Eén; de gezalfde Mens, Christus. Wat betekent Christus? De Gezalfde, Hij die gezalfd werd met de volheid van de Godheid lichamelijk. O! Hoe kunnen de mensen daar aan twijfelen?
252 Eens had Mozes Hem ten dele; David had Hem ten dele, maar hier stond Hij, gemanifesteerd in de volheid: De Godheid Zelf stond op aarde -- God, in Zijn volheid om te sterven voor de zonde der mensen, opdat Hij Zijn gemeente een geheiligd leven zou kunnen brengen; opdat Hij de volledige voorrang zou hebben in Zijn gemeente, om in deze laatste dagen elke belofte te bevestigen, die Hij voor de laatste tijd heeft beloofd. Ziet u? Nu, luister. Onderwijs uzelf nu een beetje.
253 Let op. Waarom werd Jezus gemanifesteerd? Om God te tonen. Hij was God, Hij moest God zijn. Geen mens kon daar zijn gestorven. Geen profeet kon er sterven. Hij was God. Hij was de God der profeten. Hij was de profeten. Hij was de koningen. Hij was de geschiedenis. Hij was Hem, die komen moest: Hij, Die was, Die is en Die zal zijn in deze dag. Dezelfde gisteren, vandaag en voor immer. Hij werd voor dat doel gemanifesteerd. En door dat raadsbesluit verwierf Hij een gemeente, opdat Hij, de volheid Gods, elk beloofd Woord van God voor deze laatste dagen zou vervullen, wanneer Hij de voorrang (de eerste plaats in de gemeente), de positie, Zíjn plaats in de gemeente, krijgt. Jezus zei: "Hij die in Mij gelooft, de werken die Ik doe, zal Hij ook doen en grotere nog dan deze, want Ik ga tot de Vader." Ziet u? Dat was Zijn raadsbesluit. Daar was de openbaring.
254 En nu vandaag wil Hij iemand hebben, die het zo kan zien, dat ze het Woord kunnen laten... Ziet u, Jezus heeft het zo gezien, zo, -- Hij was zo volmaakt geboren voor die dag, dat God Zich in iedere beweging die Hij maakte, uitdrukte. Hij was Gods openbaring, -- God geopenbaard. Hij heiligde met Zijn Geest en Bloed de gemeente, opdat Hij elke belofte voor deze laatste dagen zou kunnen openbaren.
255 Nu, het is gemakkelijk terug te gaan en op te nemen wat deze andere mannen voor deze laatste dagen hebben overgelaten, en door Zijn Heilige Geest het hele geheimenis van de zeven zegels te openbaren. Ziet u? Hij drukt Zichzelf uit. Dat is Zijn plan. Daarom stierf Hij. Dat is het tweede deel van Zijn drievoudige manifestatie. Eerst drukte Hij Zichzelf uit in Christus en toen drukte Hij Zichzelf uit door de gemeente. Het is hetzelfde: Christus was het Woord en de gemeente wordt het Woord als zij het Woord door zich laat heenwerken. Maar wanneer zij de vermengde denominatie aanvaardt, hoe kan het Woord er dan doorheen gaan? Zij is geaard en veroorzaakt dan kortsluiting, zodat de zekering doorslaat. Maar als de stroom vrijelijk doorgaat (het Woord van God), wordt het tot uitdrukking gebracht. "De werken die Ik doe, zult gij ook doen." En in het laatst der dagen zal geschieden: "Zie, Ik zend u de profeet Elia. Hij zal het hart der kinderen terugvoeren tot de vaderen."
256 Dan zal er een tijd komen dat Hij Zich in de volheid van Zijn Godheid kan openbaren door Zijn gemeente -- dan zal Hij de voorrang hebben in deze gemeente. O! Hoe? Eerst de gezalfde Man, nu het gezalfde volk, om de gezalfde bruid en Bruidegom terug te brengen. Waardoor wordt zij gezalfd? Door te aanvaarden wat Eva had afgewezen (en Adam), door terug te komen met de zalving van het Woord, want Hij zei: "Mijn Woord is Geest." Ziet u? Gezalfd met het Woord. Hij komt terug met hetgeen Eva afwees en wij zullen het aanvaarden. Ziet u, hoe deze vermengde toestand weer teruggekomen is -- precies zoals het bij Eva was.
257 God sprak tot Eva: "Doe dit niet en doe dat niet, dit en dat kun je niet doen."
258 En Satan zei: "O, weet je..." Zij draaide zich om en luisterde naar hem. Maar de 'Eva' in de laatste dagen zal dat niet doen, omdat Zij voorbestemd is om het niet te doen. Jazeker. God zal daarvoor zorgen. Hij weet... Hij zal... Hij zei, dat Hij Zijn gemeente daar zou hebben zonder vlek en rimpel. Zij zal daar staan in Zijn glans -- Zijn geopenbaarde Woord. Zij zal een teken zijn voor de wereld. Zij zal iets voor de wereld zijn, waarop de wereld kan zien en zeggen: "Wel..." De rest van de wereld zal zeggen: "O, ze is een 'heilige roller'. Ze is het stiefkind. Ze behoort niet tot onze groep." Ik weet dat. Dat is goed; ze behoort tot deze groep van hier boven.
259 Een man zei mij onlangs (we stonden te praten): "Wel, tot welke denominatie behoort u?"
Ik zei: "Tot geen enkele."
"Wat?"
"Tot geen enkele" zei ik, "ik behoor tot een Koninkrijk."
"Wel, hoe wordt men daar lid van?"
"U wordt er geen lid van; u wordt er in geboren."
"Welk Koninkrijk is dat?"
Ik zei: "Het mystieke lichaam van Jezus Christus." Door één Geest zijn wij gedoopt in dit lichaam -- geboren door Zijn Geest; dan behoren we tot een Koninkrijk. En we zijn dan geen Amerikanen; we zijn geen Duitsers; we zijn helemaal niets; we zijn Christenen. We zijn de rust ingegaan en wandelen in de Geest als liefdeslaven, afgescheiden van de wereld en onze rechten op de wereld verkocht hebbend. We hebben die Parel van grote waarde gekocht en we laten de Heilige Geest Zichzelf manifesteren. Zo is Zijn werkelijke gemeente. Dat bent u of dat ben ik als wij onszelf opgeven en God dienen door Zijn Woord en niet door wat de een of andere geloofsbelijdenis zegt.
260 Let op, de gezalfde Mens, de Christus Zelf, (O God!) is hier bekendgemaakt. Maar nu, kijk! Waarom? Hij is de Eersteling. God in Zijn volheid gemanifesteerd in Jezus Christus. Gods grote geheimenis van Zijn openbaring, dit grote licht van openbaring heeft altijd al de wijsheid van deze wereld verblind.
261 Het heeft hen verblind in de dagen van Jezus Christus toen Hij hier op aarde was. Men zei: "Wat, u maakt uzelf aan God gelijk! U maakt uzelf aan God gelijk!" Hij was niet alleen aan God gelijk, HIJ WAS GOD ZELF. Ziet u, zij begrepen het niet...
262 Overigens heb ik eens ongelovigen gehoord, die mij zeiden dat Jezus nooit gezegd zou hebben, dat Hij werkelijk Gods Zoon was. Zeker heeft Hij dat wel gezegd. U kent gewoon uw Bijbel niet.
263 Wat zei Hij tot de vrouw bij de bron? Ziet u? Wat zei Hij tot haar...
Ze zei: "Ik weet dat de Messias komt; wanneer Die komt, zal Hij ons alles verkondigen."
Jezus zei: "Ik die met u spreek, ben het" -- en ook tot Paulus en verschillende anderen sprak Hij zo.
264 Let op. Maar nu heeft de gemeente de eerste plaats. Gods grote geheimenis heeft de wijsheid van de wereld altijd al verblind. Ze kunnen het niet begrijpen. Ze snappen het gewoon niet. Satan begrijpt het niet. Niemand anders begrijpt het dan alleen diegenen die zijn voorbestemd om te begrijpen, hoe God en Christus Eén zijn. De anderen zullen Hem iedere keer in drieën verdelen. Ziet u? Dat zullen ze zeker doen.
265 Bemerk, als volgende, ten tweede: de geopenbaarde Christus in u, de hoop der heerlijkheid. Die grote God, gemanifesteerd in Christus; nu Christus geopenbaard in u. (We zullen voortmaken.)
266 Zie! Wat eens Gods grote verborgen geheimenis was in Zijn gedachten, is nu gelegd in de harten van de gelovige, dat is het lichaam van Christus. Wat eens Gods grote geheim was in Zijn gedachten van vóór de grondlegging der wereld wordt nu gemanifesteerd. Denk dat eens in! O, ik ben er zeker van dat we dat niet vatten. Ik zie geen manier om het te begrijpen en u zeker ook niet. Ziet u?
267 Maar het grote geheimenis van God, dat de eeuwige God als geheimenis had, is nu geopenbaard in Jezus Christus en is daarna uitgegeven aan Zijn gemeente. Wat eens in Gods gedachten was is nu in het lichaam van Christus. Jezus, die liefde betuigt aan de gemeente, Zijn bruid, fluistert haar geheimenissen in. Weet u, zoals u uw vrouw dingen vertelt -- het meisje waarmee u zult trouwen. U houdt zoveel van haar dat u gewoon uw geheimen vertelt. U laat haar dichterbij u komen en hebt haar lief enzovoort. U weet hoe dat gaat. Dat doet God -- Christus, aan de gemeente. Begrijpt u? Hij laat haar Zijn geheimen weten -- gewoon de geheimen. Niet aan hen die flirten; ik bedoel Zijn vrouw. Ziet u? Goed. Nu, kijk:
268 God heeft hun de openbaring van Zijn geheimenissen uit genade gegeven. Ik hoop niet dat u denkt dat dit slechts persoonlijk tot een groep mensen hier is gericht; God deelt het geheimenis met de gehele gemeente -- indien zij het slechts willen ontvangen. Ziet u? Het betekent niet alleen u of mij; hier wordt de gemeente bedoeld, waarin Hij dit probeert te leggen. U zegt: "Wel, waarom aanvaarden ze het niet?" Ze kunnen het niet aanvaarden. Hij zei nogmaals... Hij heeft deze dingen gezegd. Hoe zouden ze het ook kunnen? Omdat Jesaja heeft gezegd dat ze het niet konden zien. Ziet u en Hij heeft altijd gezegd...
269 De profeet Paulus heeft gezegd: "In de laatste dagen zullen de mensen zelfzuchtig zijn, pochers, met meer liefde voor genot dan voor God, trouweloos, lasteraars en afkerig van het goede." (2 Timotheüs 3:1--4.) "Zelfzuchtig, pochers, die met een schijn van godsvrucht de kracht daarvan verloochend hebben. Houd ook dezen op een afstand, want tot hen behoren zij, die zich in huizen indringen en vrouwtjes weten in te palmen, die met zonden beladen zijn en gedreven door velerlei begeerten", met korte broekjes en afgeknipt haar, enzovoort -- gedreven door velerlei begeerten. En dan zeggen ze: "Het is in orde. O, ze zijn gek, die daar... Besteed geen..." Ziet u? Niet in staat ooit tot erkentenis der Waarheid te komen.
270 En deze mannen stonden dit tegen, zoals Jannes en Jambres Mozes tegenstonden. Ze zijn in staat om een kerk te produceren, een groep mensen voort te brengen, net als... Maar hun uitzinnigheid zal openbaar worden, wanneer Jezus Zijn bruid neemt en haar hier boven haar plaats geeft en zegt: "Dit is zij", en dan met haar weggaat. Dat is juist. Hun uitzinnigheid zal openbaar worden.
271 Zie eens. De openbaring van dit geheimenis is hun door Zijn genade ten deel gevallen. Kijk wanneer deze grote openbaring, dit verborgen geheimenis aan u ten deel valt, dan verzaakt u alle dingen van de wereld.
272 Nu, ik zal nog eens op iets terugkomen. Ik zou het niet gaan zeggen; maar ik wijs erop -- de banden vermelden het en die gaan overal... Wel, deze geluidsband gaat over de hele wereld. Ziet u? -- U vrouwen, die beweert de doop van de Heilige Geest te hebben en nog niet eens de moed heeft om uw haar te laten groeien, hoewel de Bijbel het veroordeelt en zegt dat een man het recht heeft om zijn vrouw weg te zenden als zij haar haar afknipt; het is haar een eer voor God lang haar te dragen! De Bijbel zegt, dat als zij haar haar laat afknippen, zij haar hoofd onteert en het is zelfs een algemene gewoonte geworden dat vrouwen met afgeknipt haar bidden. Ziet u? Ze dragen korte broekjes en lange broeken, enzovoort. De Bijbel zei, dat elke vrouw die... ("O...!" zegt u) die een kledingstuk aantrekt dat toebehoort aan een man, een gruwel is voor God -- vuil, vies, zoals een oude stinkende badkamer ergens. Ziet u? O, die vuilheid in Gods neusgaten! En dan probeert u te bidden en in zo'n toestand gebeden op te zenden. God weigert het en verwerpt het. Zo is het.
273 "Wel", zegt u, "wacht eens even, broeder Branham, u praat over het Oude Testament!" Hij is Dezelfde, gisteren, heden en voor immer. Het is de volledige openbaring van God. Als God ooit iets spreekt, kan Hij het nooit meer veranderen. Hij zal het altijd vergroten en nooit veranderen. De wet werd uitgebreid -- niet veranderd; vergroot.
274 "Wie echtbreekt zal de dood schuldig zijn, maar wie (nu verscherpt) een vrouw aanziet om haar te begeren..." Hij veranderde dat gebod nooit, Hij verzwaarde het. Hij zei: "Gedenkt de Sabbatdag, dat gij die heiligt." Dat was één dag in de week -- nu heeft Hij het verzwaard.
275 Wij komen tot de rust als wij in de Geest van God blijven. "Want het is wet op wet, wet op wet, eis op eis, hier wat, daar wat..." Houdt vast aan wat goed is! "Door mensen die een onverstaanbare taal spreken en in een vreemde tongval zal Ik tot dit volk spreken..." En dat is de rust; dat is de verademing uit de tegenwoordigheid des Heren. Toch wilden zij niet horen en zij schudden hun hoofd en gingen heen naar hun denominaties. "Dit is de verademing", het vergroot de Sabbatdag, u Sabbathouders, enzovoort. O, Hij verandert niet; Hij vergroot. -- De hel heeft haar poorten wijd open gezet om hen te ontvangen.
276 Kunt u nu zien waarom de Eindtijd-Boodschap wordt afgewezen? Nu, geen denominatie, maar de openbaring van Zijn geheimenis. Ziet u? Geen denominatie, de openbaring. God wordt niet gekend door denominatie. Hij wordt gekend door openbaring.
277 Kijk: God in Zijn lichaam -- Christus, en Christus in Zijn lichaam -- de bruid. God werd gemanifesteerd in Christus en Christus wordt gemanifesteerd in de bruid. Zoals God uit het lichaam van Adam de vrouw heeft genomen en zij gevallen is, zo heeft God daarna uit het lichaam van Christus -- Zijn vlees, Zijn lichaam, wat Zijn Woord is -- iets genomen, een bruid, die Hij uitleidt, die niet zal vallen door geloofsbelijdenissen van denominaties. Neen, zij zal terugkomen tot het zuivere onvervalste Woord van God, dat geopenbaard wordt. Ik hoop dat iedere man en iedere vrouw die deze band hoort, dat zal begrijpen. Zij is de tweede Eva, maar zij zal haar trouw niet breken en haar kleed van reinheid en heiligheid ten opzichte van haar Echtgenoot niet bevuilen. Zij zal staan voor dit Woord, ongeacht wat wie ook zegt, al hebt u alle oecumenische bewegingen en alle erkenningen.
278 En spoedig zullen zij beginnen haar te vervolgen en zullen ze al de kerken sluiten. U zult dat zien. Kerken zoals deze, die niet tot een denominatie behoren, zullen ze dan gebruiken als pakhuizen. En als iemand voor een ander gaat bidden, die niet tot de oecumenische beweging behoort, dan zal hij op staande voet worden doodgeschoten. Het gebeurt reeds. Die Lutheraanse predikant, hun leider, heeft het gezegd. Het is er al. U kunt het lezen in uw tijdschriften. Dat is waar.
279 Het zal echter niet uitmaken wat men zegt: die gemeente zal pal staan in dit licht. Zij heeft het destijds al bewezen en zal het opnieuw bewijzen, tegen alles in. Het is Gods Woord. Alle oecumenische bewegingen en al dat andere zal zijn vergaan, maar zíj zal daar staan zonder vlek of rimpel. Juist. Zij zal daar staan.
280 Merk op, God manifesteerde Zich in Zijn lichaam, in Christus. Ziet u nu hoe heerlijk deze drievoudige zaak is? Christus is in Zijn lichaam -- de gemeente, en bevestigt Zijn beloofde Woord, zoals God het door Christus deed. "Wie overtuigt Mij van zonde? Indien Ik de werken Mijns Vaders niet doe, toon Mij dan waar Ik heb gefaald. Nu, gij mannen zegt dat gij ze doet -- gij, denominaties -- nu, toon het Mij dan. Toon mij waar Ik heb gefaald de Messias te zijn. Toon Mij waar Ik één teken niet heb gedaan op de wijze dat God zei dat de Messias het zou doen, dat Ik niet heb vervuld wat Hij zei." Ziet u? God in Zijn lichaam.
281 Christus zei: "De werken die Ik doe zult gij ook doen." Ziet u, dezelfde God. Ziet u? "De werken die Ik doe, zult gij ook doen en grotere nog dan deze, want Ik ga tot de Vader." De gemeente zal wat langer in het licht zijn. Ziet u? Zoals God Zijn beloofde Woord, Zijn beloften, bevestigde in het lichaam van Christus, zo doet Christus Zijn zelfde werken in het lichaam van Christus, de gemeente. Ziet u? Nu, Hij maakt Zijn geheimenis bekend aan Zijn bruidboom, hier in de laatste dagen en brengt de vruchten voort, die in het begin in de Boom waren.
282 Kijk, de boom deed een tak uitspruiten -- een Lutheraanse tak. Wat gebeurde er? Toen de boom verder groeide, kwam ook de vrucht voort. Maar wat geschiedde? -- Zij vormden een denominatie. Dus kwam de Snoeier voorbij (de Vader, de Landman). Hij hakte hem af en zei: "Hij is dood." De Wesleyanen kwamen op; zij begonnen goed. Wat gebeurde er? De vrucht ging regelrecht weer de boom in dus snoeide Hij de rank af -- ze stierf.
283 Toon mij eens één kerk... -- Ik zou iets willen weten, ik heb zelf drieëndertig jaar kerkgeschiedenis meegemaakt -- maar toont u mij eens één keer, één gelegenheid waar ooit een kerk zich organiseerde en niet ter plaatse stierf. Toon mij één keer dat zij weer opstond, afgezien van gewoon een ledentoename, enzovoort; maar er was nooit weer een opwekking. Dat is er niet, beslist niet. Het is totaal met haar gedaan.
284 Dus wat deed de Landman? Hij kwam langs en snoeide haar. Ziet u? Ze bracht denominatievruchten voort (citroenen aan een sinaasappelboom), dus snoeide Hij haar eraf, ziet u? Het bracht voort en het hield op... Maar waar is het hart van een boom? -- precies in het midden. Hij heeft ze er allemaal afgesnoeid, tot boven in de top. Maar beneden in de wortels heeft Hij een zaad. Het is als een boom die geplant is aan de waterstromen (iemand die Gods wetten en Liefde in zijn hart bewaart.) Zó iemand zal zijn als de boom uit Psalm 1: geplant aan waterstromen; zijn bladeren zullen niet verwelken en op zijn tijd geeft hij zijn vrucht. En hier is het precies... En waar rijpt de vrucht het snelst? -- Bovenin de top van de boom! Waarom? Daar valt het licht op. Amen! Precies in de top van de boom brengt Hij in deze laatste dagen een bruidboom voort.
285 Nu bedenk, Hij is die Boom des levens. In tegenstelling tot het slangenzaad, is Hij het zaad van de vrouw, de Boom des levens in de hof. En als ze hun handen uitstrekken en zich tot déze Boom wenden... en ze van die Boom zouden eten, zouden ze leven tot in eeuwigheid. Hij is de enige Boom waarvan u kunt nemen, zodat u eeuwig kunt leven. Zijn Woord is leven. En zoals het Woord toen was, (het Woord dat Eva verwierp in de Hof van Eden) wordt ook hier Christus, het Woord, geopenbaard. Toen Hij op aarde kwam was Hij de Boom des levens. Gelooft u dat? En wat deed Rome? Hij moest worden omgehakt en Hij werd genageld aan een vloekhout ('vervloekt is hij die hangt aan een hout'). Hij werd een vloek voor het menselijk ras. Maar daardoor brengt Hij een bruidboom voort; die de Boom des levens zal zijn, die voor Hem terug wordt hersteld als Man en vrouw in de Hof van Eden. O, God zij geprezen! Door hetzelfde Woord en dezelfde God gemanifesteerd als Man en Vrouw, het is dezelfde bruidboom. Let op, het opnieuw bekend makend.
286 O, er is hierover gewoon zoveel te zeggen dat we steeds maar door zouden kunnen gaan. Bemerk, die Boom, Christus, het lichaam in de Hof, openbaart nu Zijn geheimenis aan deze bruidboom (let op!), die door Christus is verlost, door de tweede Adam. (Gelooft u dat Hij dat was?) Hij gaat nu terug naar Eden met Zijn gevallen vrouw, die Hij verloste, om haar mee terug naar huis te nemen. Dat is Christus en Zijn gemeente vandaag -- Hij neemt Zijn Vrouw mee terug. Ziet u nu het drievoudige geheimenis? God gemanifesteerd in Christus; Christus gemanifesteerd in de gemeente; en dat alles om de oorspronkelijke Adam en Eva terug te brengen. Het is man en vrouw, die één zijn, geschapen uit hetzelfde Bloed, dezelfde Geest, ja alles.
287 De gemeente is het Bloed van Christus door de Geest, omdat in het Bloed het leven is. Dat is de doop van de Heilige Geest die ons in Zijn lichaam doopt, alleen zij die Zijn lichaam, Zijn Vlees, Zijn Woord herkennen. De denominaties zullen dat nooit vatten; het is een openbaring. Zijn gemeente weet het echter. Evenals Eva het wist, maar zij viel. Deze weet het ook, maar zal niet vallen, want zij is voorbestemd, voorbestemd om niet te vallen. Zij zal niet falen; ze is er toe voorbestemd! "Welzalig de mens wie de Here de ongerechtigheid niet toerekent." (U, predikers, weet waarover ik spreek -- er zitten er hier enige tientallen.) Ziet u, het was David die dat zei: "Welzalig de mens wie de Here de ongerechtigheden niet toerekent."
288 Merk op, zij is vrijgekocht; terug bij Hem. Ze gaat terug naar huis, terug tot eeuwig leven in een menselijk lichaam: etend, drinkend en voor immer levend. Jesaja zei: "Zij zullen huizen bouwen en die bewonen, wijngaarden planten en de vrucht daarvan eten, zij zullen niet bouwen, opdat een ander er wone..." (Jesaja 65:21.) De kinderen zullen het niet van hen overnemen, maar zij zullen daar wonen met hun nageslacht. Hij zal het bouwen en er blijven. Amen. Niet, dat hij het zal opbouwen en dat een ander van de opbrengst eet, maar hijzelf zal er wonen en ervan eten. Amen! Wat is het? Zijn bruid die met Hem teruggaat, teruggebracht, om weer in de oorspronkelijke staat van Adam en Eva te zijn. Want het andere hebben ze achter zich gelaten. Zij zien terug naar het kruis en zien dat de prijs voor de dood reeds is betaald. Wij zijn nu door geloof met Hem opgestaan en zijn nu gezeten in hemelse gewesten en zien terug op hetgeen ons verloste. We wachten op het komen van de echtgenoot om met Hem naar huis terug te marcheren.
289 Het drievoudige raadsbesluit van God wordt gemanifesteerd in Adam en Eva, in iedere profeet en is door de eeuwen heen geopenbaard door Hem die is, die was en die komt. Hij is de gehele manifestatie, de openbaring van het Woord Gods. Adam en Eva gaan weer terug naar huis -- verlost! God maakt Zichzelf bekend.
290 Daar zal Hij zitten op de troon van David. Is dat juist? Hij zal alle naties regeren met een ijzeren staf. Er zal een boom staan aan elke kant en elk volk dat komt, zal genezing vinden in hun bladeren; deze bladeren zullen zijn tot genezing der volkeren. De koningen zullen er hun eerbewijzen komen brengen. Er zal niets zijn dat verderf kan stichten of wat er anders nog binnen zou kunnen komen. En er zal een licht zijn op de Berg Sion, dag en nacht, en de verlosten zullen in dat licht wandelen! O, halleluja!
291 Te bedenken dat dit geen mythe is, dat het geen theologische opvatting is, maar dat het een openbaring is van Jezus Christus door Zijn Woord, wat alles in glans overtrof en wat in alle tijdperken waar is geweest! En het is nog even waar in dìt tijdperk! Ook hier op dit moment, is het waar. Het is waar voor mij. Het is waar voor u, ja voor iedere man en vrouw die deze openbaring heeft. Amen.
292 Zie, God maakt Zich aan u bekend. Zijn leven stroomt door u heen, zodat u nu Zijn gevangene bent geworden. U bent de gevangene van Zijn liefde. De wereld kan u uitlachen, u bespotten en zeggen: "Kom, we gaan uit." U zoú kunnen gaan, maar u bent een gevangene. Daar kunnen de vrouwen zich gedragen naar de Hollywoodstijl, maar u niet; u bent een gevangene. Amen. Ziet u, u bent een gevangene van Christus. Andere mannen mogen roken en drinken en zich misdragen als ze dat willen en zich toch nog Christenen, diakenen en zelfs predikers noemen, maar u niet; u bent een gevangene. U bent een gevangene van het Woord. Jazeker.
293 Hij openbaart Zijn geheimenis aan Zijn 'bruidboom', die door Christus, de tweede Adam, is verlost. Zij gaat terug naar huis, om weer tot het oorspronkelijke Eden teruggebracht te worden; vrij van de dood, ziekte, verdriet en schande; terugkerend met eeuwig leven. Luister goed. Er zijn zoveel mensen die een verkeerde opvatting hebben. Het is helemaal Gods bedoeling niet, om mensen tot het Christendom en háár leiding te bekeren.
294 U zegt: "Wij brengen onder Zijn leiding mensen tot de bekering tot het Christendom."
Dat is het niet.
"Wel, ze behoren niet te drinken en behoren niet te liegen..."
295 Weet u, dat de Mohammedanen ze kunnen overtreffen... Weet u dat de heidenen in Afrika (die zwarte mensen) wetten onder hun stammen hebben die alles wat u in het Christendom kunt voortbrengen, in de schaduw stellen?
296 Ik ben naar die stam van de Shungai gegaan. Als daar een meisje op een bepaalde leeftijd nog niet is getrouwd, dan moet ze de stam verlaten en haar stamkleuren verwijderen. Zij gaat dan naar de stad; zij is dan gewoon een zwerver geworden. Voor zij huwt, moet ze onderzocht worden op haar maagdelijkheid. Wordt ze schuldig bevonden aan het plegen van overspel met de een of andere man, dan moet ze zeggen wie het is en dan worden ze beiden gedood.
297 O, zij staan daarin ver boven deze zogenaamde... Wat zou er gebeuren als u dat deed bij zogenaamde Christenen? Negenennegentig procent van hen zou voor het aanbreken van de dag moeten sterven... Dat is juist. Zeker, zowel mannen als vrouwen. U weet dat dat juist is.
Misschien zegt u nu: "Wel, maar ik ben rein!"
298 "Een ieder die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd." Nu, wat denkt u daarvan? Hoe staat het dan met u, zuster, u, die zich zo aan die man presenteerde? U bent er net zo schuldig aan als dat u het werkelijk had gedaan.
299 "O", zegt de prediker, "dat is best in orde", want hij is bang om het te zeggen. Waarom? Omdat zijn denominatiehoofdkwartier hem de laan uit zal sturen, als hij dat rechtuit zegt. Zij zijn bastaards. Ze nemen het Woord niet, het Woord dat betuigt dat het waar is. Jezus zei dat het de waarheid is en Hij is het Hoofd.
300 Nu merk op, dat God Zichzelf openbaart. Er wordt niet verondersteld dat wíj mensen tot het Christendom bekeren door hen daarheen te leiden, maar door de openbaring van Christus in u, zoals God in Christus was. Zoals God in Christus was, is Christus in u. Wat God deed in Christus, doet Christus in u. De tekenen die God deed in Christus, doet Christus in u! O, is dat niet prachtig? O, daar houd ik van.
301 Jezus zei: "Te dien dage (dat is déze dag) -- Te dien dage (wanneer deze openbaring bekend wordt), zult gij weten, dat Ik in Mijn Vader ben en gij in Mij en Ik in u" -- als de openbaring wordt gemanifesteerd. "Te dien dage zult gij weten dat Ik en de Vader Eén zijn. Ik ben in de Vader en de Vader is in Mij. Als dan de openbaring komt, is het: Ik in u en gij in Mij."
302 Dat is het. Ziet u de drievoudige manifestatie? Waarvoor? Om het terug te brengen. We moeten worden...
303 Daar Jezus het Woord van God was, betuigde Hij het ook. Als Hij het Woord niet was geweest, zou Hij het Woord ook niet gemanifesteerd hebben. Dan zou Hij de een of andere grote theoloog zijn geweest en was Hij werkelijk de Messias geweest waar de wereld naar uitzag. Ziet u? Jawel, dat zou Hem geweest zijn; daar zien ze vandaag naar uit: naar iemand die Billy Graham of iemand anders nog overtreft, iemand die hùn organisatie kan onderdrukken, ze kan overvleugelen en hun, Baptisten, eens laat merken waar zij staan.
304 Zeker, daar zien zij naar uit... Maar de gemeente ziet uit naar de nederigheid en naar de tekenen van de levende God, Christus.
305 Jezus was geen groot theoloog. Hij was iemand van het platteland, de zoon van een timmerman, zoals de mensen Hem noemden. Ziet u? Hij wandelde onder hen en zei: "Is er iemand onder u, die Mij kan tonen, uit wat de Bijbel heeft gezegd, dat Ik zal doen, wat Ik niet heb gemanifesteerd?"
306 Zo kan de gemeente vandaag datzelfde doen. Wat Christus deed, zo doet de gemeente nu. "Te dien dage zult gij weten, dat Ik in Mijn Vader ben en de Vader in Mij. Gij in Mij en Ik in u!" Ziet u? Daar gaat u, optrekkend naar Sion. Waarheen? Naar het Koninkrijk. "Te dien dage zult gij weten dat Ik in u ben."
307 En let hierop, dit is prachtig. Ik wil niet dat u dit mist. Nu luister iedereen hier en ook u mensen, die naar de band luistert in het oerwoud of waar u ook bent. Nu, luister: "Gelijk de Vader Mij gezonden heeft, zend Ik ook u", zei Jezus. Nu let op, de Vader die Hem had gezonden, ging in Hem, om Zich als waar te betuigen, want Hij was het Woord. En dezelfde Jezus die u zendt, gaat met u en in u om dezelfde God te betuigen. "Gelijk de Vader Mij gezonden heeft (en Ik leef door de Vader), zo zend Ik u en leeft u door Mij." Wat is Hij? -- Hij is het Woord. U leeft door het Woord. O, wat zou ik daar graag een tekst uit nemen en er een paar uur over prediken. Begrijpt u? Over hoe dat...; daarover.
308 Let op. Let goed op. "De Vader die Mij zond" ging met Hem mee. De Vader, die zendt -- Jezus, die ons zendt, gaat ìn... "Nog een korte tijd en de wereld ziet Mij niet meer, maar gij ziet Mij, want Ik (persoonlijk voornaamwoord: Ik, de Persoon Jezus) zal met u zijn, zelfs ìn u tot aan de voleinding der wereld. De werken die Ik doe zult gij ook doen." Nu, ga terug en zie wat Hij heeft gedaan; zie dan wat ú doet en vergelijk het met uzelf.
309 "En gelijk het geschiedde in de dagen van Noach, zó zal het ook zijn in de dagen van de Zoon des mensen... Op dezelfde wijze als het geschiedde in de dagen van Lot..." -- toen een Billy Graham van deze tijd en een Oral Roberts naar Sodom gingen en predikten tot de Sodomieten, verblindden zij hun ogen met het Evangelie. Eén Engel, een Boodschapper, bleef achter bij Abraham en de uitverkoren groep. En welk soort teken deed Hij? Begrijpt u het? Hoe noemde Abraham hem? -- Elohim, God geopenbaard in het vlees. Jezus toonde dat Hijzelf (God in Hem) zal worden geopenbaard in Zijn bruid in de laatste dagen! O, er komt gewoon geen eind aan. Het is gewoon een openbaring van God, het is eeuwig. Het beweegt zich steeds maar door.
310 Kijk, dan zoals de eerste Adam en Eva (voordat de zonde hun een scheiding ten dode werd) -- is er nú Christus, de tweede Adam, die -- in leven -- Zijn bruid van de dood verlost en nu op weg terug naar het oorspronkelijke Eden, brengt Hij Zijn bruid weer in gemeenschap met God, als Man en Vrouw in de Hof van Eden. Christus en Zijn bruid.
311 Op die dag zal het Koninkrijk worden overgegeven aan de Vader, opdat Hij alles in allen zou zijn. "Terwijl zij nog spreken, zal Ik verhoren..." David en Christus. David zit op de troon, de Koning over het hele menselijke ras... "En terwijl ze nog denken, zal Ik weten waarover ze denken -- vóór ze spreken, zal Ik hun antwoorden. De wolf en het lam zullen tezamen weiden en de leeuw zal stro eten als het rund. Ze zullen tezamen weiden en nederliggen. Zij zullen geen kwaad doen noch verderf stichten op gans Mijn heilige Berg." Regelrecht weer precies terug naar Eden, zo hard als het maar kan. Daar hebt u uw drievoudig Raadsbesluit. O God, help ons het te vatten, help ons het te begrijpen!
312 Luister nu opnieuw aandachtig toe als we weer verder gaan, teruggaande naar het oorspronkelijke Eden. Dan, als we uit Hem geboren zijn, zijn we met Hem vervuld. Ziet u, Zijn leven is in u. Dan zouden al uw handelingen Hem moeten openbaren. Het is als het leven uit de ene boom te halen en het te enten op een andere. Als u leven uit een pereboom neemt en het in een appelboom brengt, zal het peren voortbrengen. Het moet zo zijn, omdat het sap, het leven erin, de kiem, van de pereboom is. Goed, dan behoorden al onze handelingen Hem te betuigen.
313 Wij dragen Zijn Naam. Is dat juist? Wij behoorden Zijn Naam te dragen.
314 Bedenk dat we nu als Zijn bruid bevrucht zijn met Zijn Geest. O! De gemeente brengt kinderen voort, bevrucht door Zijn Geest, met Zijn Naam -- Zijn Naam dragend, Zijn leven dragend, de tekenen van Zijn leven voortbrengend, waardoor Zijn voorrang openbaar wordt, als bewijs van Zijn opstanding, tonend dat Hij niet dood is maar dat Hij voor eeuwig leeft! Dit is het eeuwige leven! En dan betuigt het ook aan de wereld dat wij levend zijn in Hem.
315 Waardoor weet u het? Omdat u lid van een gemeente bent? -- omdat Christus door u leeft. U bent zo bevrucht door Zijn Geest, dat u voor al het andere een gevangene bent. U bent in hechtenis genomen voor het Evangelie, gebonden aan het Woord. En al de kinderen die u voortbrengt zijn dit ook, want u bent een gevangene.
316 U kunt geen overspel begaan omdat u al bevrucht bent. Glorie! Hij heeft geen toegang meer. De schoot des levens is voor elk ander leven gesloten. U bent reeds de Zijne door voorbestemming. Dat zaad is tot leven gekomen. Niets van de wereld kan binnen komen. O, hoe graag zou ik ook hier een uurtje bij stilstaan! Ik ben er zeker van dat u het begrijpt. U behoort Christus toe en Hem alleen! Reeds voltooid; het zaad was daar. Het zaad was daar reeds... Wanneer werd het erin gelegd? -- voor de grondlegging der wereld. Hij heeft ons voorbestemd tot het eeuwige leven. En zodra die levengevende stroom, dat zaad, daar ligt, kan ander zaad dat binnen wil komen, niet opgenomen worden. Dat ging gewoon niet, want toen dàt zaad binnenkwam sloot het snel de moederschoot toe en al het andere zaad werd eruit gedreven (ziet u, op die wijze is het) en u werd een gevangene, ingesloten in Christus, Christus in u. Zijn leven brengt Zijn betuiging en Zijn tekenen voort. O! Ziet u, het toont zijn levenstekenen als een bewijs van Zijn opstanding en bewijst het eeuwige leven daarmee aan de wereld en betuigt aan de wereld dat wij levend zijn in Hem. Stelt u zich dat voor! Levend met God, onze Verlosser, die ons, de gemeente, heeft geschapen voor dat doel, met Zijn geschapen leven in ons. Mozes kon door Gods Woord zeggen: "Laten er vliegen komen", en er kwamen vliegen. Een God die vliegen kan scheppen, kan ook eekhoorntjes scheppen. Ziet u? Hij kan doen wat Hij maar wil..., God.
317 Deze zelfde God (dat scheppende leven -- begrijpt u?) die in u is, kan... Maar u bent een gevangene; u kunt het niet uitspreken totdat Hij zegt: "Spreek het", maar wanneer het gesproken wordt, is het Gods Woord. Hij heeft bevestigd dat het dat was, al het andere is in orde, dan weet hij, dat als het wordt gesproken, het ook zo moet gebeuren. Ziet u? Mozes nam zijn staf en zei: "Laat er kikvorsen komen!", want God had gezegd: "Laat er kikvorsen komen." Hij zond het gewoon verder door, zo is het. En overal zaten kikvorsen, overal waren kikkers. Waar kwamen ze vandaan? Niemand wist het; daarvóór waren ze er niet. Maar God, de Schepper, werkend door een mens, schiep deze levende wezens. Dezelfde God, die de eerste kikvors heeft gemaakt kan ook de tweede kikvors maken. Hij maakt alle kikvorsen. O, begrijpt u wat ik bedoel? Hij maakte de eerste eekhoorn; Hij maakte de tweede eekhoorn; Hij maakte elke eekhoorn; Hij kan eekhoorns maken, waar geen eekhoorn is. Hij kan doen, wat Hij maar wenst te doen. Hij is God! Hij is God; Hij heeft leven! O!
318 Dat te bedenken doet mij huiveren. O, met Hem te leven -- met Hem naar huis te gaan om met Hem te leven! Met Hem naar huis gaan en voor eeuwig met Hem te leven en eeuwig leven te hebben!
319 Hierin wordt Gods grote geheimenis van de liefde tot uitdrukking gebracht, dat God en mens één werden. Ziet u? De hele zaak is de eenheid van God en mens. Daar waren God en mens één, en ook hier zijn God en de mens één. Ziet u? Wat is het? -- vervuld te zijn met Zijn Geest, Hem de voorrang gevend. Dat was Gods doel. Dat is Gods raadsbesluit om dat te bereiken, opdat Hij in Christus mocht zijn en Christus in ons en wij allen samen één zouden zijn in de Heilige Geest. Hetzelfde wat het aan Christus openbaarde, openbaart het hier -- de bovennatuurlijke, scheppende kracht. O!
320 Dezelfde God die tot Mozes kon zeggen: "Laat er kikvorsen komen", Dezelfde kan daar staan en zeggen: "Laat dit water worden veranderd in wijn." Ziet u? Amen. Is dat juist? Hij is dezelfde God, precies Dezelfde. Hij verandert niet. Het is God in de mens. Dat is Zijn manifestatie. Dat is wat Hij openbaart. Dat probeert Hij te doen. Gods eigen Woord maakt duidelijk en toont aan dat de mens niet kan scheppen: God is de Schepper. Dan is het de mens niet meer, maar dan is het God, de Schepper ìn de mens, wat nu Zijn gemeente is (Amen!) die terug gaat naar het hemels huis om voor eeuwig bij Hem te wonen. God brengt zijn eeuwige liefde tot uitdrukking aan de gemeente.
321 Luister nu goed. Ik wil niet dat u dit mist. Geen andere gemeente, geen ander teken, geen andere gemeenschap, geen andere leiding, geen ander getuigenis, geen andere geloofsbelijdenis, geen denominatie wordt buiten dit aanvaard. Dit is het enige wat God erkent. Geen gemeenschap, geen kerk, geen geloofsbelijdenis, geen denominatie, niets anders; al het andere is dood. De brokstukken ervan moeten worden afgesneden, moeten er afgesnoeid worden, opdat Christus zou kunnen leven en in u de voorrang kan hebben. Wijs niet ergens naar terug. Ik heb hier nog iets, dat zegt: "Het is mijn organisatie..." Ook dit moet worden afgesneden. "Ik heb mijn zus-en-zo hier, die dit zegt", of "Mijn moeder zal me zeggen dat ik een heilige roller ben." Dat moet eveneens worden afgesneden. "Wel, maar ik weet dat mijn man graag ziet dat ik deze korte broeken draag." Ook dat moet worden afgesneden. Ziet u? Het moet afgesneden en afgesnoeid worden, totdat slechts u en Christus alleen overblijven. Ziet u? Denk erover na!
322 Het gebeurt door de levende tegenwoordigheid van de levende Christus, door het levende Woord. O! De levende Christus, Zijn levende tegenwoordigheid, het levende Woord. Let op! Door Zijn eigen persoonlijke -- persóónlijke betuiging bewijst Hij Zijn gemeente, niet door leden. Hij heeft het nooit in de dagen van Mozes gedaan. Hij heeft het nimmer gedaan in de dagen van iemand anders, als de wereld aan haar einde kwam, als het tot een vernietiging kwam. In de dagen van Lot was het geen lidmaatschap. Het was een persoonlijke betuiging van God in het vlees. Ziet u, een persoonlijke betuiging.
323 Onthoudt dit! Denk eraan, dat er in een tijd als deze, in dit grote tijdperk van de denominaties waarin wij nu leven, mensen zijn, die uit Zijn Geest geboren zijn, en dat de levende God Zijn levende Woord neemt en het persoonlijk betuigt. Dit leven, dat in het Woord is, is de kiem die in het zaad is (het Woord is het zaad, dat een zaaier uitging om te zaaien). Dit leven is Christus, die in het Woord persoonlijk in u is en die iets betuigt wat u niet kunt. Hij bewijst Zichzelf, dat ú het niet bent, maar dat Híj het is. En u wordt één -- een liefdesslaaf voor Hem om een bruid te zijn.
324 De levende God zij gedankt, Die hemelen en aarde schiep en al wat daarin is. Geen wonder dat Hij de Alfa en Omega is, het Begin en het Einde. Hij, die was, die is en zal zijn, de Wortel en de Spruit van David, de heldere Morgenster; Hij is Alles in allen.
325 Zijn tegenwoordigheid in de enkeling met een persoonlijke betuiging van Hem, die Zich uitdrukt -- het levende Woord dat is beloofd voor deze dag, brengt Zich door ú heen tot uitdrukking, als een betuiging van de geweldige openbaring van God. Kijk, alleen in een individueel persoon, nooit in een groep -- in een enkeling, niet in een groep. Zijn betuiging geldt de enkeling. Begrijpt u dat? Ze geldt niet de Methodisten, ook is ze niet met de Baptisten, met de Presbyterianen, de Lutheranen, of de Pinkstermensen, maar met ieder persoonlijk. "Eén zal aangenomen worden, de ander achtergelaten. Ik zal hen scheiden." Zo is het. "Twee zullen op het land zijn, de één zal aangenomen, de ander achtergelaten worden. Twee zullen in één bed zijn, de één zal aangenomen, de ander achtergelaten worden." Het is geen groep. Het is een persoonlijke betuiging van een bevrucht kind van God, vervuld met de Heilige Geest, dat zo overgegeven is aan God, dat hij zich om niets anders bekommert. En de Heilige Geest leeft Zijn leven; het stroomt door hem heen, het laat de persoonlijke betuiging van het Woord Zelf zien, Dat Zich tot uitdrukking brengt voor de mensen en de wereld.
326 Hoe zou de wereld daaraan blindelings voorbij kunnen gaan? Precies zoals de Katholieken aan St.Patrick voorbijgingen en hem pas erkenden nadat hij was gestorven. Precies hetzelfde deden ze met Martinus -- ze herkenden het niet. Precies hetzelfde deden ze in alle tijdperken. Ze deden hetzelfde met Jeanne d'Arc. De Katholieke kerk verbrandde haar als heks, omdat zij geestelijk was. Ongeveer honderdvijftig jaar later groeven zij de lichamen van die priesters op en wierpen ze in de rivier om boete te doen.
327 Het gebeurt voor hun ogen en ze herkennen het niet eerder dan wanneer het voorbij is. Alleen het voorbestemde zaad, dat God voorbestemde van vóór de grondlegging der wereld, begrijpt het. Hetzelfde gebeurde in Noachs tijd. Hetzelfde gebeurde in de dagen van Mozes, van Elia, van de profeten en in de dagen van Jezus. Steeds maar weer, tot aan dit moment nu! Die bevruchte persoon met het zaad Gods -- het Woord dat Zich daarbinnen openbaart -- is zo overgegeven aan Gods wil, dat het Woord en alleen het Woord Zich openbaart in deze persoon -- het is voor deze gevangene, voor iemand persoonlijk.
328 Zeg niet: "Mijn kerk heeft..." Mijn kerk heeft daar niets mee te maken. Het is de enkeling, één persoon. De hele hel is tegen déze onderwijzing. De hele hel is tegen deze Waarheid, maar het is de Waarheid. Jezus zei nooit: "Nu Petrus, jij en Johannes en de rest van de mensen, jullie hebben nu de openbaring, de hele gemeente is gered." Het gold hem persoonlijk: "En Ik zeg u" -- u, niet tot hen, tot ú -- "dat gij Petrus zijt en op deze rots zal Ik Mijn gemeente bouwen." Het woord Petrus, betekent een steen; steen betekent: de erkende, of de afgescheidene.
329 Op een bepaalde steen, op een bepaald iets werd de eruit geroepen gemeente gegrondvest; op deze steen, op deze openbaring. "Vlees en bloed heeft u dat niet geopenbaard, maar op deze openbaring (een eruit geroepen groep) zal Ik Mijn gemeente bouwen en alle poorten der hel zullen haar nooit kunnen overweldigen. Geen haar van uw hoofd zal verloren gaan. Gij zijt Mijn; Ik zal u opwekken ten jongste dage -- Ik geef Hem eeuwig leven en wek hem op in de laatste dagen." Daar is de openbaring. Niet aan hen, maar aan hem, ieder persoonlijk; niet aan een groep, maar persoonlijk. De hele hel is daar tegen.
330 Maar Zijn geheimenis wordt alleen geopenbaard aan Zijn geliefde bruid. Zij is de enige die het kan begrijpen. Hij zei: "Terecht heeft Jesaja over u geprofeteerd; gij huichelaars, gij adders in het gras. Gij zegt: 'O, die grote, heilige profeten, we hebben hun graven verfraaid en verzorgd'." Hij zei: "Maar gij zijt het zelf die hen daarin hebt gebracht!" Heeft Hij dat niet gezegd?
331 Hetzelfde zou Hij hebben kunnen zeggen tegen de Katholieke kerken in hun dagen. Precies zoals destijds de profeten van het Oude Testament werden gezonden, liet Hij, voordat dezen in Nicéa (Rome) bijeen kwamen, die oude profeten komen, die daar buiten larven en allerlei andere dingen uit de grond moesten eten. Ze hadden niet eens normale kleren aan. Ze waren slechts gehuld in een schapevacht, maar ze probeerden stand te houden voor die Waarheid van de Bijbel.
332 Maar de Katholieke kerk wilde haar intellectuele opvattingen. Toen brachten ze... Daar kwamen Ireneaus, Polycarpus, Martinus en al de anderen. En wat deden ze? Ze brachten ze het graf in, Jeanne d'Arc, Patrick en die anderen. Ze brachten hen daarin en nu komen ze ervan terug en gaan ze de grafmuren witkalken zoals ze ook deden in het geval van Jeanne d'Arc. Wat deden ze met hen? Zij brachten ze er zelf in.
333 Nu zeg ik u, zoals Zijn Geest het u toeroept: "Gij gewitte wanden, gij huichelaars, die van uzelf zegt iets te zijn, terwijl u de intellectuele opvattingen van de mensen neemt en het Woord verlaat, in plaats van bevrucht te worden met het zaad van God, het Woord in u. U hebt één of andere bastaard genomen..."
334 Het is geen wonder dat zij daar zit als een hoer, omdat ze geestelijk overspel pleegde door de mensen de dingen der mensen te leren en niet de dingen van God. "Maar", zei Hij, "vreest niet gij klein kuddeke, het is Uw Vaders welbehagen u het Koninkrijk te geven." Dat is juist. Zeker, daar hebben we het.
335 De Bijbel zegt in Openbaring dat deze grote stad heerste over alle koningen der aarde. Er wordt gezegd, dat zij een hoer was. Wat is dat? Het is een vrouw die zegt een dame te zijn, maar overspel pleegt. Zij had een beker in haar hand, die gevuld was met de gruwelen en onreinheden van haar hoererij om een heildronk uit te brengen op de wereld van de... En ze had dochters: de Protestantse kerken. Elk van hen kwam uit haar voort met dezelfde valse leerstellingen: de wijzen van dopen, het binnenkomen door handen schudden, in plaats van door de doop van de Heilige Geest en met hun valse leer van Vader, Zoon en Heilige Geest en dat alles, in plaats van de Naam van de Bruidegom aan te nemen, enzovoort. U zegt: "Dat maakt toch geen enkel verschil?" Dat doet het wel.
336 Als ik mijn naam op een cheque zet en schrijf: "De Eerwaarde", "De Prediker", of zoiets, dan zou er niets uitbetaald worden. Zo is het; dat wordt geweigerd door de bank.
337 Let op. Goed, dit hele geheimenis wordt alleen geopenbaard aan Zijn bruid, zoals Hij heeft beloofd. De hel is tegen deze Waarheid van de openbaring van dit geheimenis. Maar de bruid staat erop. Dat is haar vaste grond.
338 Waarom hongert gij, gemeente? Waarom dorst gij? Het is de Vader, die probeert dit verborgen geheim aan u te openbaren; maar u laat het door zoveel dingen uit u verdrijven. U laat het door uw baan, u laat het door uw vrouw, u laat het door uw man, u laat het door uw kinderen, u laat het verdrijven door de zorgen van de wereld, u laat het door de een of andere voorganger of door iemand anders uit u verdrijven, terwijl u weet dat u er diep in uw hart naar hongert en dorst. Dat is God, die probeert het aan u te openbaren (begrijpt u?), de openbaring; de laatste dag is aangebroken.
339 Let nu op, laten we nog eenmaal terugzien; ik kan dit alles niet overslaan. Ik zou slechts willen dat u hier nu even een moment naar kijkt en dan zullen we over enkele ogenblikken eindigen. Geeft u mij slechts even uw onverdeelde aandacht.
340 Let op, hier in Kolossensen, hoofdstuk 1 vers 18, staat:
... en Hij is het hoofd van het lichaam de gemeente. Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de eerste geworden is.341 Hij is het Hoofd van de gemeente, wat Zijn lichaam is en Hij wil de eerste zijn. Luister aandachtig, luister, terwijl we verder gaan.
342 Zie, Hij zal het Hoofd van het lichaam zijn -- van het lichaam van Zijn bruid, die uit Hem genomen is, die van Zijn vlees en gebeente is, zoals het bij Adam was. Ziet u, een bruid, geboren uit de dood. Dat 'geboren uit de doden', betekent -- uit de zonde van ongeloof. Wat deed Eva sterven? -- ongeloof. Is dat juist? Ongeloof in wat? Ongeloof in God? Nee, ze had geloof in God. Zeker. Zei ze: "Er is geen God"? Nee, ze was geen ongelovige. Zei ze zoiets als: "Wel, weet u, ik geloof Gods Woord helemaal niet"? O nee, ze geloofde alles, op één klein dingetje na. Begrijpt u?
343 Heeft niet de Bijbel in het boek Openbaring gezegd -- Jezus zei het Zelf: "Ik, Jezus, heb Mijn engel gezonden, om ulieden dit te betuigen... Indien iemand hieraan toevoegt of ervan afneemt..." [Openbaring 22:16, 18, 19 -- Vert.] Wanneer nu al dit harteleed en al die zorgen zijn gekomen omdat een vrouw twijfelde aan één Woord van God, zal Hij u dan vrijuit laten gaan als ú één Woord betwijfelt? Dan zou Hij onrechtvaardig zijn. Begrijpt u, dat zou niet juist zijn, allen zijn veroordeeld. Hier staat één mens: hij veroorzaakte al deze smart, omdat hij twijfelde aan één Woord. Daar gaat de mens verder en krijgt vele jaren ervaring, al die dingen daar in de Bijbel, enzovoort en dan zijn er anderen die hun léven ervoor hebben gegeven... Zou God dan zeggen: "O, ú kunt uw gang gaan en er rustig van eten. Dat is in orde. Ik zal u toch wel vrijuit laten gaan." God handelt niet met aanzien des persoons. God handelt niet met aanzien des persoons! Nu kijk.
344 Let nu op. Let op. Hij is het Hoofd van het lichaam dat is geboren uit de zonde van ongeloof in Gods Woord. Dat sluit elke denominatie uit, elke geloofsbelijdenis, elk ongeloof in het Woord, wat Hijzelf is, het Woord des levens. Ziet u? Alleen het Woord heeft leven. Elk ander woord is een kruising. Ongeacht hoeveel het erop lijkt, het is niet het Woord. Het Woord brengt zijn eigen leven voort, dat Eva ruilde voor persoonlijke kennis. (Ziet u hoe de kerk dat vandaag weer doet, door het verstandelijk begrip van de een of andere mens?) Mozes had een groot begrip van God, totdat hij de brandende braambos ontmoette; toen zag hij zijn fout in. De brandende braamstruik had wat Mozes ontbrak. Het Woord heeft wat de denominatie ontbreekt.
345 Hij, het Hoofd, is de eersteling van de opstanding. (We zullen nog even doorgaan op deze openbaring, als u daarmee instemt?... Goed, nog even nu.) Hij is de eersteling van de opstanding. Is dat juist? Wat is Hij daarom? Hij is het Hoofd van het lichaam, wat Zijn gemeente is, de bruid. Dan zal het bruid-lichaam het Hoofd moeten volgen, want het maakt deel uit van Zijn opstanding en maakt deel uit van het geheimenis. Het is onmogelijk dat het achterblijft. Het maakt deel uit van Gods geheimenis. Zoals God Zich hier openbaarde en werd opgewekt door het Woord, zo openbaart Hij ook de gemeente en wekt Hij haar op door hetzelfde Woord. Het is een deel van Zijn drievoudig geheimenis.
346 Zoals het Hoofd uit het graf werd genomen, zo moet ook het lichaam Hem volgen, terug naar Eden. Waar het Hoofd van het gezin -- de Man, de Bruidegom -- gaat, moet de bruid, omdat zij het lichaam is van de Bruidegom, Hèm volgen, omdat Hij het Hoofd is. Het Hoofd is geopenbaard en kwam terug met eeuwig leven en het lichaam moet daarin volgen omdat het wederom Man en Vrouw is. Amen! En zolang u bent bevrucht met hetzelfde Woord, wat Zijn lichaam is, heeft u Zijn lichaam aangenomen en bent u in Hem gekomen toen u dat Woord aannam -- niet de geloofsbelijdenis, het Woord... (O, zou dit geen tekst kunnen zijn om deze middag op in te gaan? Zou dat niet heerlijk zijn? Begrijpt u het? Denk u even in wat het betekent.) Daarom kan het lichaam geen enkel ander Hoofd erkennen, (mis dit nu niet!) dan het Woord, omdat het Hoofd verbonden is met het lichaam. En het Hoofd is het Woord en het is hetzelfde Woord -- één Hoofd. Daarom zijn de denominaties en heilige vaders, enzovoort, dood voor haar. Er is één Hoofd en dat is Christus. Het lichaam zal slechts één ding erkennen -- het Woord.
347 Nu, toon mij aan waar er ooit iemand in het lichaam werd gedoopt in de naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest. En wat hebt ú erkend? Ziet u, ik besef dat ik voor duizenden spreek via de geluidsband. We hebben een bandenbediening die over de hele wereld gaat. In welke naam bent ú gedoopt? Want er is onder de hemel geen andere Naam gegeven, (zegt het Woord), waardoor de mensen behouden kunnen worden. Indien u gedoopt bent om uw geloof in Christus te tonen en u neemt dan de naam aan van een geloofsbelijdenis, dan bent u een bastaard.
348 Als u niet precies bent als die kerk -- u Katholieken -- en niet geheel met hun leer overeenstemt, hoe kunt u zich dan onder de rechtsbevoegdheid van een paus stellen, die zegt dat hij opvolger is -- in de apostolische opvolging -- van Petrus, als deze paus en zijn kerk zo in tegenspraak met dit eerste Woord leren, terwijl God toch met tekenen en wonderen te kennen gaf wat Zijn gemeente is. Terwijl u ook ziet hoe ditzelfde Woord vandaag wordt uitgedragen in al haar zuiverheid; dezelfde opstanding tonend die Hij daar had -- dat God woont temidden van Zijn volk en dezelfde dingen doet, hoe kunt u dan Rome als hoofd erkennen. Ons Hoofd is in de hemel. Ik ga niet naar Rome, ik ga naar de hemel als ik sterf. Ziet u? Het Hoofd is in de hemel.
349 Het lichaam moet het Hoofd volgen, zoals de vrouw de man volgt. Omdat Adam niet werd verleid, ging hij vrijwillig met Eva mee. Eva werd verleid. Zij was in overtreding, want anders zou op de dag van de Here Jezus, toen Hij opstond uit het graf, het gehele lichaam tevoorschijn zijn gekomen, maar nu moest Hij haar, dat is Zijn lichaam, verlossen. Zij moest verlost worden om tot Hem te komen. Begrijpt u het? O, ziet u dat het toen niet kon gebeuren? De verlossing gaat door.
350 Begrijpt u nu de zegels? Toen deed Hij Zijn dienst als Middelaar en Verlosser. Maar op een dag treedt Hij naar voren om dit Boek te nemen, dat Hij heeft verlost en allen die in dit Boek zijn, zullen Hem zijn, want dat zijn de woorden in het Boek: de gelovigen. En Hij is het Woord en alles wat Daarin is. Hij trad naar voren voor dit boek van Verlossing voor hen wier namen in het boek geschreven staan van voor de grondlegging der wereld, toen Hij werd geslacht als een Lam. En vandaag is Hij hier in Zijn Woord en manifesteert hetzelfde wat Hij destijds daar deed. Zij kan geen ander als hoofd erkennen. O nee, geen bisschop, niets anders. Zij erkent slechts één Hoofd en dat is Christus en Christus is het Woord. O, daar houd ik van. Jazeker.
351 Zoals het Hoofd uit het graf werd opgenomen, zo moet Zijn lichaam Hem volgen naar Eden. Daarom kan het lichaam geen enkel ander als hoofd erkennen, dan het leiderschap van het Woord. Geen denominatie kan er iets aan toevoegen. Want wie er een woord van af zal doen of eraan toevoegen... en zij hebben ervan afgenomen, dan bent u precies op dat moment dood, een bastaard. En daar staat ze hier, met dit getuigenis in haar handen: de vuilheid harer hoererijen, geestelijk overspel plegend tegen het Woord, dat zij voorgeeft te geloven. Ziet u? Daarom is het: het Woord, of niets. Dat is juist.
352 Hij is het Woord. Waaraan weet u of het juist is? Hij, het Woord, wordt betuigd. Kijk, Hij, het duidelijk bevestigde Woord, is de Leidsman, het Hoofd der gemeente. Hij is het Woord, de Leidsman. En als Hij duidelijk wordt betuigd, als Hij bevestigd wordt door Zijn eigen Geest die in de gemeente Zelf is (de Persoon), dan is dit tonen en betuigen van Hemzelf het directe bewijs voor het hele lichaam. Dan heeft u geen geloofsbelijdenissen nodig. Denominaties zijn vergaan, maar het Hoofd Zelf, dat door persoonlijke betuigingen (ziet u? doordat Hij Zich bekendmaakt) in het lichaam wordt herkend, bewijst de Leidsman aan het lichaam. Dan zijn we verenigd onder Eén betuigd Hoofd, wat Christus is, het Woord Gods, niet verenigd onder een of andere kerk. Dan is ons Hoofd een Koninkrijk.
353 "Het Koninkrijk Gods is binnen in u", zegt Jezus in de Bijbel. Wij zijn geen denominatie. Wij behoren tot een Koninkrijk en het Koninkrijk is het Woord van God dat Geest en leven wordt gemaakt in ons eigen leven. En het vervult elke belofte voor deze dag, zoals het ook in die dag gebeurde, toen het Woord en God Eén waren. En vandaag zijn het Woord en God Eén in Zijn gemeente; het Hoofd uitmakend van het lichaam, dat is verlost om de Boodschap in deze laatste dag te brengen; om door de opstanding uit de doden opgenomen te worden en om terug te gaan en weer te herstellen, zodat het zal zijn, zoals met Adam en Eva in het begin in de Hof van Eden. Het drievoudige geheimenis van God, Zijn lichaam. O!
354 Let nu op. Het is zoals het in Israël vroeger in beelden tot uitdrukking werd gebracht. -- Neem ik teveel tijd? Nu, laat ik niet gaan... Wel, we hebben nog maar ongeveer twintig bladzijden. Ziet u, nog maar even. Dan zal ik u gaan verlaten tot omstreeks volgend jaar zomer, zo de Here wil...
355 Let nu goed op. Verenigd, samen, onder één Hoofd op een soortgelijke wijze als destijds Israël. Begrijpt u het nu? Zoals Israël destijds: één God, die bevestigd werd door een Vuurkolom en die Zich door een profeet openbaarde als het Woord. Dezelfde God, dezelfde Vuurkolom, op dezelfde wijze -- Hij kan Zijn wijze van handelen niet veranderen. Zo is het, zo volmaakt als het maar zijn kan, is het niet zo? Eén God.
356 Hoeveel goden had Israël? [De samenkomst antwoordt: "Eén." -- Vert.] Hoeveel heeft de bruid er? [De samenkomst antwoordt: "Eén." -- Vert.] Hoeveel zullen er ooit zijn? [De samenkomst antwoordt: "Eén." -- Vert] Zeker, zeker. Ziet u? Onder het leiderschap van de Heilige Geest, die de Vuurkolom was in de dagen van Mozes, de grote profeet. Hij werd geleid door een Vuurkolom. Is dat juist? Goed. Zij waren op weg naar een land der belofte.
357 In het begin van het Christelijke tijdperk was er één God, die in de vorm van een Vuurkolom verscheen aan een profeet, genaamd Paulus, die werd gezonden tot de heidenen om er een volk uit te roepen voor Zijn Naam. Is dat juist?
358 En in de laatste dagen is Hij op gelijke wijze neergekomen en heeft Hij Zich betuigd met dezelfde tekenen, dezelfde wonderen, dezelfde Vuurkolom, hetzelfde Evangelie, hetzelfde Woord en dezelfde manifestaties. Zijn lichaam zal de werken doen, die Hij beloofde, zoals het staat in Markus 16, enzovoort.
359 Zijn lichaam werd niet vastgehouden in het graf, maar het werd met Hem herkend in de opstanding. Begrijpt u het? Maar dan zal ook het lichaam van Zijn gelovige kinderen niet in het graf vastgehouden worden, als Hij komt, maar het zal met Hem herkend worden, omdat Hij stierf voor dat doel, om Zijn bruid, het lichaam op te wekken. Het zal herkend worden, omdat het Zijn lichaam is, omdat het het Woord is. Het is volkomen aan Hem overgeven -- en Hij is het Woord -- weg van denominaties en dergelijke. Het wordt bij Hem erkend, omdat we nu de eerstelingsvrucht van onze opstanding hebben (te weten dat we zijn overgegaan van dood in leven), en gevangenen van Hem zijn geworden en God aan ons bewijst, door Zijn persoonlijk leiderschap, dat Hij Dezelfde is, gisteren, heden en voorimmer, doordat Hij dezelfde dingen doet door de gemeente zoals Hij destijds deed. Hij in mij en ik in Hem, enzovoort, u weet dat. Dat is juist. Zijn lichaam werd niet vastgehouden in het graf. Het werd met Hem herkend in de opstanding, precies zoals Hij nu is.
360 Luister. Hetgeen dit betekent: Zijn Woord (wat Hij is) -- is begonnen opgewekt te worden. Het Woord is door het tijdperk van Luther en Wesley heen begonnen op te staan in Zijn kracht. Daar begon het te bewegen. Daarna bewoog het wat meer. Nu gaat het naar de vereenzelviging toe. Let op, nu is het leven in het lichaam, het bewijs dat de opname op handen is. Wanneer u het Hoofd en het lichaam Eén ziet worden en wanneer u de volle maat van Zijn openbaring ziet, dan toont dat, dat het lichaam zo ongeveer gereed is om het Hoofd te ontvangen.
361 "Naties breken, Israël ontwaakt." Ziet u wat ik bedoel? Hij is begonnen leven te geven aan Zijn lichaam -- het lichaam dat Hij heeft verlost. Het middelaarswerk is voltooid. Hij brengt Zijn leven in het lichaam in de betuiging voor de opname. Bedenk, nu, in de laatste dagen...
362 Als u hier nog een klein beetje geduld met mij hebt, zal het in orde zijn. Ik wil niet dat u dit mist en ik moet op deze band afmaken waar ik mee begonnen ben.
363 Ik wil nog één belangrijke opmerking maken, als ik er toch iets van moet laten schieten. Nu bemerk, luister hiernaar. Dit is het grote, waar we op moeten letten. Nu moeten we uitkijken. Bedenk, in de laatste dagen zal het weer precies teruggaan en de eerste dag betuigen. Ziet u? Adam en Eva, man en vrouw, geen zonde, leven! -- daarna de val. Let nu goed op. Let aandachtig op. Ze werd in verwarring gebracht.
364 Wat was de oorzaak? -- Lucifer. Tegenwoordig doet Lucifer precies hetzelfde zoals hij in de eerste tijd deed. En zoals het heidense koninkrijk begonnen is bij koning Nebukadnezar, waar bij het begin het geslacht der heidenen werd betuigd door een profeet, die in staat was onbekende talen, visioenen en dromen uit te leggen, (en zo is het door de tijd van de heidenen zonder meer ook gebeurd: het Medo-Perzische rijk, het ijzeren deel, enzovoort), zo loopt het bij de voeten weer op dezelfde wijze af, het heidense koninkrijk.
365 Bemerk, dat Lucifer in de laatste dagen doet wat hij ook in het begin heeft gedaan. Wat heeft hij gedaan? Het eerste wat Lucifer heeft gedaan was: de gemeenschap tussen God en de mens verbreken, want hij wilde voor zichzelf een verenigd koninkrijk stichten dat schitterender en schijnbaar meer gecultiveerd was dan dat van Michaël -- dan dat van Christus. Hebt u dat begrepen? Als u het niet hebt begrepen, steek dan even uw hand op, dan zal ik het opnieuw zeggen. Lucifer had in de beginne in zijn hart al het plan om een schitterender en groter iets te maken in de hemel dan Christus had (is dat juist?) door het schijnbaar meer gecultiveerd, schoner en schitterender te laten zijn dan het Koninkrijk van Christus. Denkt u dat we auto's zullen hebben in het duizendjarig rijk? Of vliegtuigen? Ziet u wat Lucifer doet?
366 Nu, die grote fantastische intellectuele denominaties doen precies hetzelfde; zij verzamelen zich om hetzelfde te doen. Ziet u? Zij komen bijeen, vormen denominaties en de een probeert de ander te overtreffen. En nu hebben ze zoveel schittering gekregen dat ze niet beter weten te doen dan zich te verenigen met de Katholieke kerk. Ziet u hoe Lucifer opnieuw een groter koninkrijk aan het bouwen is om de mensen, die niet in denominaties geloven, eruit te drukken. Ze zullen zelfs hun kerkgebouwen tot opslagruimte maken en de voorgangers ervan alle rechten ontzeggen. Een man, die door God gezonden is, zou nooit in een denominatie willen blijven nadat hij dit heeft gehoord of gezien; indien hij genoeg heeft ontvangen om eruit te gaan en het te zien. Zeker. Ik zeg dit niet om te bekritiseren; ik zeg dit naar waarheid, om dat tot openbaring te zien komen.
367 Bemerk toch dat Lucifer in deze laatste dagen weer hetzelfde doet. Kunt u dat inzien? De duivel doet hetzelfde; hij sticht een bastaardkerk -- een kruising, door bastaardleden, die bastaards zijn door 'kennis' in plaats van het Woord; door intellectuele mannen in plaats van door wederomgeboren mannen wordt een intellectueel koninkrijk opgebouwd dat de kleine kudde van Christus in glans zal overtreffen. Ziet u? Waardoor gebeurde dat? Door gevallen engelen. De Bijbel zei, dat het gevallen engelen waren, die naar Lucifer luisterden in plaats van naar Christus, tot wie ze eens behoorden. Is dat juist?
368 Nu luister goed. Gevallen engelen. Wat voor soort engelen? -- Lutheranen, Wesleyanen, Katholieken, Pinkstermensen, die niet in hun oorspronkelijke staat bleven zoals de engelen, maar die in organisaties terecht kwamen, zoals Lucifers voornaamste bolwerk in Nicéa. Wat hebben zij gedaan? Zij organiseerden een grote oecumenische vereniging van predikers om een beeld voor het beest op te richten (zoals de Bijbel zegt) een Christelijk stelsel opbouwend, dat zal maken dat de deuren van deze gemeente en van anderen zoals deze, gesloten zullen worden. Ziet u hoe Lucifer aan het werk is?
369 Ik probeer u de drievoudige openbaring te brengen, het geheimenis Gods. Wat hebben ze gedaan? Zij verkochten zich door intellectuele wijsheid en geleerdheid aan te nemen zoals Eva deed en de gevallen engelen deden.
370 Wesley was een man Gods, maar wat gebeurde er na hem? -- gevallen engelen kwamen binnen. Wat waren de engelen eerst? -- door God geschapen wezens, maar ze vielen voor de wijsheid van Lucifer, voor Lucifers wijsheid. Ziet u wat ze toen werden? -- gevallen engelen. En in organisaties, die werden gevormd, nadat mannen Gods waren opgetreden om de waarheid op deze aarde vaste grond te doen vinden, kwamen gevallen engelen binnen; voordat die Waarheid kon doordringen en geproclameerd kon worden en door kon werken tot de werkelijke openbaring van Jezus Christus, kwamen gevallen engelen binnen, die de zaak overnamen en er denominaties uit maakten.
371 Dat is de reden dat de openbaring van het geheimenis van de zeven zegels ontvouwd moest worden. Begrijpt u het nu? Omdat wat zij nalieten... Als Luther was doorgegaan zou het hier geweest zijn. Als Wesley doorgegaan zou zijn, of als de Pinkstermensen doorgegaan zouden zijn -- wat zouden ze dan niet hebben kunnen doen?
372 Nu, er is maar één ding dat plaats kan vinden. Er moet een Boodschap zijn in de eindtijd, als er niets anders meer is wat erop kan volgen. En nu heeft de oecumenische wereld een dusdanig regime ingesteld, dat er geen denominatie of wat anders ook meer op kan volgen. Of u hoort erbij, of u hoort er niet bij. De vrucht zit in de top van de boom en het licht schijnt op die voorbestemde vrucht en zij rijpt tot een Christus-gelijke vrucht, die dezelfde rijpheid, liefelijkheid en dezelfde Geest voortbrengt die Hij in Zich had. Ik hoop dat u het begrijpt! (Ziet u, ik probeer teveel in een dag te doen; ik put u uit.)
373 Nu zie hier, zij verkochten zich voor redeneringen, verkochten zich voor redeneringen van denominaties. "Als ik hier maar bij kan horen. De burgemeester gaat naar deze kerk." Ziet u? "Als ik maar Methodist of Presbyteriaan kan zijn." Kijk, slechts waar het met hen heen is gegaan. Nu, ik heb zojuist uitgelegd, dat die takken zijn afgesnoeid; ze zijn dood. Zij hebben geen verbinding meer met Christus, anders zouden ze wel hetzelfde leven voortbrengen. Ze zijn er niet meer mee verbonden, maar ze zijn zoals een citrusvrucht. Elke soort citrusvrucht zal kunnen leven aan de citrusboom, maar ze zal naar haar eigen aard vrucht voortbrengen. Als u een grapefruit ent op een sinaasappelboom, zal hij leven door die sinaasappelboom, maar hij zal grapefruits voortbrengen. Als u er een citroen op ent (dat is een citrusvrucht), dan zal ze wel een echte zure citroen voortbrengen, maar hij leeft van haar leven. En dat is wat de denominaties doen onder de naam van de gemeente. De bruid, dat is de oorspronkelijke Boom, de gemeente. De bruid, dat is de oorspronkelijke Boom, de oorspronkelijke Geest. De openbaring komt van Christus, niet van de denominatie -- van Christus.
374 Bemerk, wat proberen de denominaties te doen? -- Zij verhogen zichzelf, net zoals Lucifer. Ze noemen zichzelf de gemeente, de bruid, en dat zijn ze ook, -- in Openbaring 17 wordt over hen gesproken -- maar het is de valse bruid, die zich verheft boven Christus' kleine kudde, de ware bruid. Lucifer denkt zich door kennis van de openbaring te kunnen verheffen boven het eenvoudige Woord van Gods Waarheid. Hij heeft zich gevestigd door een seminarieopleiding en door theologie, tot ze zover gekomen zijn dat ze de overhand hebben gekregen. En als u niet tot hun groep behoort, dan bent u een uitgestotene.
375 [Leeg gedeelte op de bandopname -- vert.] ... zoals Lucifer in het begin ook deed, zeggen ook zij tot de mensen wat hij toen tot Eva zei: "Zeker zal God ons aannemen, want wij voeden de armen (en dat is goed). Zeker zal Hij ons aannemen want wij zijn een grote denominatie, wij zijn een prachtige gemeente. Kijk eens naar onze grote gebouwen. Kijk eens naar onze grote ledenaantallen. We hebben er enige miljoenen. Zeker, God zal die groep niet afwijzen." Het is hetzelfde wat Kaïn heeft gedaan. Hij bracht van de mooie vruchten van het veld, dat hij had bewerkt en waarop hij had gezwoegd. Hij bracht vruchten, maar hij verwierp het eenvoudige bloed van het lam.
376 God heb genade, opdat mannen en vrouwen niet denken dat ik dit zeg om iets in de hoogte te steken of om de een of andere persoonlijke openbaring of zoiets te verheerlijken. Ik zeg u alleen de Waarheid. Kunt u niet begrijpen waarmee ze bezig zijn? Ik zeg het duidelijk en hard, maar je moet een spijker net zo lang op de kop slaan, totdat hij houvast krijgt, wil het enig nut hebben, zodat u het zult begrijpen. Ziet u?
377 Nu, zij zeggen tot de mensen: "Zeker... wilt u mij vertellen dat onze grote Katholieke kerk die al die tijd heeft standgehouden, onze grote Methodistenkerk en al die anderen..." Ze zeggen: "Kijk eens naar onze voorvaderen..." Maar, zij braken het Woord van de Here. Eva was één van Gods -- één van Zijn... Zij was een 'bijprodukt' van Adam. En omdat ze één woord van Gods Woord betwijfelde, gebeurde het...
378 In deze tijd is Lucifer opnieuw aan het werk. En bedenk, de antichrist is niet het communisme. De antichrist lijkt zóveel op het werkelijke, dat het, indien het mogelijk zou zijn, de uitverkorenen zou verleiden. (Mattheüs 24:24), ware het mogelijk, dan zou hij hen verleiden. Lucifer breekt opnieuw Gods eenheid met de mensen door Gods Woord beperkingen op te leggen door zijn redeneringen, door wat híj denkt dat juist is. En door wat híj denkt, breekt hij Gods Woord. Hij heeft in de dagen van Jezus precies hetzelfde gedaan. Jezus zei: "Door uw overleveringen hebt gij het Woord Gods krachteloos gemaakt." En zo hebben ook de denominaties door hun georganiseerde intellectuele redeneringen Gods Woord voor de mensen krachteloos gemaakt. Dat is juist. Zij kunnen het gewoon niet zien. En dan zegt men: "Waar is de God van de Bijbel?" Hij is hier. Hij is de Bijbel -- dat is wat Hij is.
379 Let op, dat Lucifer binnenkomt met listigheid en dat hij de eenheid tussen God en mens op precies dezelfde manier verbreekt, als hij het in Eden deed: door grote verleidelijke beloften te doen dat de mens zelf macht zal ontvangen en verheven zal worden. "Wel, u zou bisschop kunnen worden als u bij òns komt. U zou wijkoudste kunnen worden. Waarom zou u eigenlijk naar zóiets gaan..." Ziet u? Dat gebeurt bij Pinkstermensen, bij Katholieken, enzovoort. Het is een grote valse belofte aan de mens, dat hij macht zal ontvangen buiten Gods Woord en Gods belofte om. U zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest op u is gekomen, niet wanneer u bisschop of diaken of wat anders ook wordt. Ziet u? Maar Lucifer is opnieuw bezig aan zijn werk.
380 Begrijpt deze gemeente dit? Steek uw hand op, zodat ik het kan zien. Goed. Ik zal hier dan niet langer op doorgaan.
381 Hij breekt af van het Woord van God, ziet u? Hij deed hetzelfde te Nicéa, Rome. Weet u wat Constantijn hun gaf? -- U hebt de gemeentetijdperken doorgenomen -- Zij hadden destijds niets anders dan Christus alleen. Zij kwamen ergens in een oud gebouwtje, of waar ze maar terecht konden, bij elkaar en zaten op een harde stenen vloer. U weet dat, als u 'Het Concilie van Nicéa', 'Voor het Concilie van Nicéa', De 'Nicéa-Vaderen' enzovoort, en de kerkgeschiedenis hebt doorgenomen. Zij hadden niets. Maar toen hielden ze dit concilie en introduceerden ze wat van het Romeinse heidendom in het Christendom. Ze stelden "heilige mannen" aan, bisschoppen, pausen en al dat soort onzin... Maar wat gaf Constantijn hun? Ik vraag elke theoloog het me te zeggen! Hij gaf hun bezittingen! Hij gaf hun vrijheid en alles wat ze maar wensten. En zij ruilden Gods Woord voor wijsheid en de cultuur van mensen! Dat is precies hetzelfde wat Lucifer destijds in de Hof van Eden deed. En daar stierven ze op hetzelfde moment. De gemeente van Pinksteren stierf te Nicéa, Rome, om echter weer opgewekt te worden in de bruidboom in de laatste dagen.
382 Let op! Lucifer komt binnen (even listig als toen) door verzoekingen en valse beloften van kracht buiten Gods Woord om. Hij deed hetzelfde te Nicéa, Rome. Hij doet vandaag hetzelfde in de oecumenische beweging van de Wereldraad van Kerken.
383 "Laten we ons allen verenigen" zegt de Paus. "Ik wil dat al mijn oecumenische broeders daar buiten zich met mij verenigen. Wij zijn één." Dat is juist. In organisatie bent u ook één. Maar dat heeft niets te maken met de bruid van Christus. Niets, broeder, nooit zult u haar in zoiets kunnen betrekken.
384 Nu, er is beloofd dat in de laatste dagen hetzelfde oorspronkelijke geloof zal worden hersteld in de kinderen Gods ten tijde van de bruidboom (Maleachi 4). God zei: "Voordat de wereld verbrand wordt met vuur, zend Ik u Elia de profeet en hij zal het geloof der kinderen herstellen." Nu, dat was niet de eerste Elia, die moest komen. Nee, nee, we leren hier niet over een zogenaamde mantel of kleed van Elia en dat soort dingen. We onderwijzen alleen Gods Woord. Ziet u? Dat is wat Hij heeft gesproken. Ziet u, we hebben allerlei Elia's zus en Elia's zo, wat nonsens is. We weten dat. Daar praat ik niet over. U, die geestelijk gezind bent, begrijpt dat. Maar het wordt al laat en ik kan dat natuurlijk niet allemaal meer op deze band opnemen.
385 Nu, de belofte voor deze laatste dagen... Nu als... In Mattheüs 11, ongeveer het zesde vers, toen Johannes zijn discipelen had gezonden om te gaan zien of Hij werkelijk Diegene was, die zou komen, zei Jezus: "Wat zijt gij in de woestijn gaan aanschouwen? Een riet, door de wind bewogen? Bent u uitgegaan om zus en zo te zien?" Hij zei: "Of ging u uit om een profeet te zien?" Hij zei: "Ja, zelfs meer dan een profeet" -- Johannes was meer dan een profeet; hij was de Boodschapper van het Verbond. En Hij zei: "Indien gij het kunt aanvaarden, deze is het, van wie geschreven staat door de profeten: "Zie, Ik zend Mijn bode voor uw aangezicht uit." Nu, dat staat in Maleachi 3, niet in Maleachi 4. Omdat, nadat de Elia van Maleachi 4 zou komen, de aarde verbrand zou worden door een verzengende hitte en de rechtvaardigen zouden het duizendjarig rijk binnengaan over de as der goddelozen. Dus is het niet díe Elia. Ziet u?
386 Nu echter zien we dat de belofte zich vervult. Christus, het waarachtige Hoofd, komt in Zijn bruid en doet dezelfde werken die Hij deed in het begin. Hij maakt alles gereed en vervult Zijn Woord zoals Hij het eerst deed in Johannes 14:12: "Wie in Mij gelooft, de werken, die Ik doe, zal hij ook doen." Dan worden Hoofd en lichaam Eén, in werken, in tekenen en in leven, betuigd door God Zelf door Zijn Woord der belofte voor deze laatste dagen. Hij heeft dit beloofd voor de laatste dagen. Als u geestelijk bent zult u het vatten.
387 Dan kunnen we zien, dat het Bruiloftsmaal nabij is. Nu, indien ik u nooit meer zal zien, bedenk dan dat het Bruiloftsmaal nabij is! En dan staat het Koninkrijk, het geweldige duizendjarig rijk, overeenkomstig de belofte, op het punt zijn aanvang te nemen met de opname der gemeente en de vernietiging van de bozen. En onder het zesde zegel zal de wereld worden gereinigd door vulkanisch vuur, om alle verderf en zonde van de wereld weg te nemen en haar opnieuw te kneden en te vormen, om een schitterend, nieuw, duizendjarig rijk in het komende tijdperk te beginnen. Wanneer we al deze grote drievoudige openbaringen zien, God in Christus, Christus in de gemeente, het komende Koninkrijk, hoe Adam en Eva verlost zijn om weer in de Hof van Eden te zijn, het voorstellen van Christus en Zijn bruid, en dan het Koninkrijk dat hersteld zal worden overeenkomstig Zijn belofte. God zij geprezen! Nu, het geschiedt door de openbaring van het drievoudige geheimenis en doordat het Woord persoonlijk betuigd wordt door Zijn oorspronkelijk leiderschap.
388 Niet dat we zeggen: "Wel, prijs God, wij jubelen; halleluja, wij zingen..." Dat is het niet. Ik ben zendeling. Ik ben praktisch zeven keer de wereld rond geweest. Ik heb heidenen, duivels, enzovoort, zien dansen en jubelen. Ik heb allerlei soorten vleselijke manifestaties gezien. Dat is het vlees. Ik spreek echter over het leiderschap van Christus.
389 Merk op, omdat we persoonlijk zijn vereenzelvigd met het oorspronkelijke leiderschap, hebben we het antwoord op de vragen van de duivel. Amen! Glorie! We hebben het antwoord op de vraag van de duivel. Hij, Christus, is opgestaan en heeft de prijs betaald en Hij wekt het lichaam op. De duivel kan het niet verdragen.
390 Dat is de reden dat deze oecumenische koninkrijken komen opzetten. Dat is de reden, dat ze allen zijn gekomen tot hetgeen ze nu doen. Daarin ligt de oorzaak dat de duivel zo brullend tekeer gaat. Zijn boosaardigheid, Zijn programma is ontdekt door de verrezen opgestane Christus in het leiderschap over Zijn lichaam! Glorie!
391 U denkt misschien dat ik buiten mezelf ben; dat ben ik niet. We hebben het antwoord gekregen tegen de duivel: "Niet ik, maar dat was de Christus, het Woord dat in mij leeft." Het is niet míjn idee; het is Zíjn kracht. Niet míjn gedachte; het is Zíjn Woord. Hij heeft het beloofd en hier is het. Hij zei, dat het hier zou zijn en hier is het. Wij hebben wat we hem moéten antwoorden.
392 Christus is opgewekt en heeft de prijs voor onze verlossing betaald. Wat God in Christus openbaarde: Hij gaf dat vlees en bloed, opdat in het Bloed het leven zou kunnen komen en het vlees verlost zou worden, opdat God in dit verloste vlees, Zijn Woord voor deze dag zou kunnen manifesteren, zoals Hij het ook in die dag deed. O, glorie. Begrijpt u het? Wanneer kan ik stoppen... O!
393 Let hier op: wij staan gerechtvaardigd in de tegenwoordigheid van God, zoals een inktdruppel, die valt in een emmer vol bleekmiddel. U zult nooit meer een spoor van die inktdruppel terugvinden. Het is ergens heengegaan en zal nooit meer terugkomen. En als de mens werkelijk is verlost (dat voorbestemde zaad dat het ziet en aanvaardt), dan zijn diens zonden uitgedelgd. Ze zijn weg! Ze zijn afgescheiden! Ze zijn gevallen in het bleekmiddel van het Bloed van Jezus Christus en er zal nimmer aan gedacht worden! God vergeet ze en hij staat daar als een zoon of een dochter van God in Gods tegenwoordigheid. Amen en amen!
394 Nú zijn wij zonen Gods; het is niet: wij zullen het zijn, maar wij zijn het al. We zijn nu verlost. We hebben het antwoord op Satan: God heeft Zichzelf betuigd. God heeft Zelf het bewijs ten aanzien van Zijn belofte voor deze tijd gegeven. Halleluja! Het leiderschap van het Hoofd is hier. Amen! Christus, de opgestane Here, is hier in dezelfde kracht van Zijn opstanding, zoals Hij altijd was en openbaart Zichzelf. Daar is het antwoord voor de duivel.
395 Dat is de reden dat we -- toen deze man die nu hier zit onlangs dood neerviel -- konden zeggen: "Leven, kom terug" -- omdat de Heilige Geest het zo uitsprak. Daarom kon Hij het ook doen bij de kleine baby ginds in Mexico, die al ongeveer vijftien uur dood was. Toen het visioen kwam en Hij zei: "Roep haar in het leven terug." Hij zei: "Laat de kleine baby leven." En de baby, waarvoor de doktoren een verklaring hadden uitgeschreven, dat het die morgen om negen uur was gestorven, kwam die avond om elf uur weer tot leven en leeft vandaag nog steeds.
396 Wat is het? Het zijn niet de mensen die het doen; het Hoofd en het lichaam zijn een Eenheid geworden. Het is God gemanifesteerd in Zijn volk. Dat is de reden dat de man en zijn vrouw niet langer twee zijn; zij zijn één. God en Zijn gemeente zijn Eén -- Christus in u! Gods grote openbaring. God zij geprezen! Zij draagt zelfs Zijn Naam. Zijn Naam is Jezus, de Gezalfde. De reden waarom Hij Jezus werd genoemd is omdat Hij de Gezalfde is. En het gezalfde lichaam van Christus dat God bewijst en manifesteert, zoals dàt lichaam het deed. En dat lichaam verloste al deze lichamen.
397 Daardoor heen werkt God Zijn drievoudige manifestatie. Hij is het Koninkrijk binnengegaan, Hij is opgestaan, Hij betaalde de prijs. Wij zijn verlost, God heeft het bewezen en bevestigde het. Ziet u? Wij staan gerechtvaardigd in Christus voor Hem, omdat Hij ons niet onder het oordeel kan laten komen, want Hij heeft dat lichaam, waarvan ik deel uitmaak, reeds geoordeeld. Hoe ben ik dan een deel van dit lichaam? Hier is het, het is binnen in mij. "Indien gij in Mij blijft en Mijn Woorden in u blijven, vraag dan wat gij wilt... Wat gij de Vader zult vragen in Mijn Naam, het zal u geworden, want het is er." Gerechtvaardigd! O, prijs God!
398 O, kon ik de wereld maar zover krijgen, dat ze dat zouden zien. Waarom? Daar komt het. Daar is het lichaam van Christus, levend, het staat daar, verlost -- verlost! O, gerechtvaardigd in Zijn ogen. Waarom zijn we gerechtvaardigd? -- wij zijn Zijn overwinning. De gemeente is Zijn overwinning. Wij komen in deze laatste dagen met dit heerlijke Evangelie om Zijn overwinning te tonen. Voor dit doel is Hij gestorven en wij zijn het bewijs van Zijn overwinning. Amen! Wanneer we Hem zien neerkomen en zien leven in Zijn gemeente -- dat is Zijn overwinning. Het toont dat Hij niet in het graf kon worden vastgehouden en evenmin kunnen zij ons vasthouden... Potentieel zijn wij reeds opgestaan, omdat we opstonden uit de dood -- ongeloof in Zijn Woord -- uit denominatiegeloofsbelijdenissen, tot het eeuwige Woord van de eeuwige God, wat Hij Zelf is, die door ons heen werkt en Zich daarin openbaart dat Hij dezelfde is, gisteren, heden en tot in eeuwigheid.
399 En dan beweegt het Woord, vanaf het Hoofd verder naar beneden, het lichaam in. Wat is het? -- ditzelfde Woord. Er kan niets aan worden toegevoegd of van worden afgedaan. Zo beweegt datzelfde Woord Zich, naarmate de dag naderbij komt, vanaf het Hoofd het lichaam binnen, dieper het lichaam in, betuigend dat zij Eén zijn. Ze zijn Man en Vrouw. Ze zijn vlees van Zijn vlees, Woord van Zijn Woord, leven van Zijn leven, Geest van Zijn Geest. Ziet u? Amen! Waaraan weet u het? -- het draagt hetzelfde getuigenis, dezelfde vrucht, hetzelfde Woord (ziet u?) en openbaart Christus. Hetzelfde leven, dezelfde God, dezelfde Geest, hetzelfde Woord, hetzelfde Boek (Amen!), dezelfde tekenen: "De dingen die Ik doe zult gij ook doen..." O, halleluja!
400 Let erop, dat het betuigde Woord in Zijn lichaam, Zijn eigen overwinning is en de reden is van Zijn dood. Ziet u, die dood was niet naar de Geest. Toen Hij stierf, stierf Hij alleen in het vlees; Zijn Geest ging naar de hel en predikte tot de zielen in de gevangenis. Is dat juist? Alleen Zijn vlees stierf. Daarna deed Hij het weer opstaan; Hij wekte het weer op (opwekken betekent leven geven) -- Zijn vlees, wat zijn lichaam was (en wat het Woord is). Het had daar jaren lang dood terneer gelegen, maar geleidelijk aan kwam ze tot de Reformatie en nu staat ze op haar voeten.
401 O, ik wenste dat ik tijd had om Ezechiël op te slaan, om die dorre beenderen eruit te halen en het u te laten zien! Hij had gevraagd: "Kunnen deze beenderen herleven...?" En toen zei Hij: "Profeteer!" Wel, hoe kan profetie geschieden? -- alleen door de profeet. Het is het Woord van de Here. "Gij dorre beenderen hoort het Woord des Heren!" [Ezechiël 37 -- Vert.] En er kwamen spieren en er kwam huid op en zij gingen op hun voeten staan, een geweldig groot leger en zij begonnen op te marcheren naar Sion. God zij geprezen! Dat is Hij; dat is Hij -- de overwinning.
De vrijgekochten des Heren zullen met vreugde tot Sion keren,
Op gans Zijn heilige Berg zal niets hen meer kwaad doen of deren.402 Dan bewijst Hij Zijn opstandingsleven, nadat Hij Zichzelf heeft betuigd.
403 Zij, de bruid, is onafhankelijk van alle anderen. Zij is een onafhankelijke vrouw; zoals een grote gespikkelde vogel zich onderscheidt van alle anderen. Herinnert u zich wat de Bijbel daarover zegt? [Leviticus 14:1--7 -- Vert.] De grote bevlekte vogel... Zij draagt Zijn Naam, zij heeft Zijn leven voor het...
404 Hoe werd deze vogel gevlekt? Zij waren allebei wit, maar toen werd de kop van de ene vogel afgeknepen en men liet het bloed uitvloeien op de andere vogel. Zo werd deze vogel gevlekt met dat rode bloed en als hij zo met zijn vleugels klapwiekte, riep het bloed: "Heilig, heilig, heilig", als het op de aarde vloeide. Evenzo plaatste Christus, de gestorven Levensgezel, Zijn Bloed, (het Bloed van Zijn leven) in ons en wij dragen Zijn Bloed, dat uitroept: "Heilig, heilig, heilig, voor de Here." Het is een vreemd uitziende vogel. Zeker. Maar, Zij, de bruid is met Hem vereenzelvigd en Zij is onafhankelijk van alle anderen. "Blijf haar altijd trouw, haar alleen, zolang als u beiden leeft..." Houdt u alleen bij Hem, het Woord. Geen overspel, geen enkel spoor van denominatie, geen enkel spoor van een geloofsbelijdenis, totaal geen overspel, maar het Woord en Hij alleen. "Op Christus, de onwankelbare Rots, houd ik stand, alle andere grond is zinkend zand...", zei Eddie Pruitt.
405 Dat betekent: in Christus, het Woord. Hij was het Woord; Hij is het Woord. En de gemeente wordt het Woord doordat Hij haar een deel van Hem maakt en dat is opnieuw het woord. Ze wordt persoonlijk door Hem bekendgemaakt. Zij is alleen Zijn eigendom; uitsluitend Zíjn eigendom. Ze is verlost door Hem, via Hem en voor Hem en voor Hem alleen. Zo is het.
406 Waarover gaat de duivel dan zo tekeer? Omdat dit alles wordt geopenbaard. Wij leven in een gevaarlijke tijd. Bedenk, de Schrift zegt dat als deze dingen beginnen te geschieden, dat er geen tijd meer zal zijn. Hij ebt weg. En wanneer we de betuigingen zien: aardbevingen -- onlangs zag u toch hoe er duizend werden gedood? -- aardbevingen op verschillende plaatsen; Hij sprak van angstaanjagende tekenen in de hemel, gelijkend op vuurzuilen, rondzwevend als vliegende schotels. Ze weten niet wat het is. Ziet u? Ze hebben geen enkel idee.
407 Is het u opgevallen dat er engelen kwamen om Sodom te onderzoeken, voordat Sodom werd vernietigd? Herinnert u zich dat? Er daalden een paar van hen af -- drie waren er. Eén van hen bleef bij Abraham. Herinnert u zich dat? Zij waren lichten uit de hemel, die naar beneden kwamen voor oordeelsonderzoek. Kijk waar men ze veel ontdekt. Rond het Pentagon [Gebouw van Ministerie van Oorlog van de U.S.A. -- Vert.] en zo, ziet men ze. Dat is voor het oordeel van de wereld, Sodom... Er is er Eén vertegenwoordigd -- die vertegenwoordigd zal zijn onder de gemeenten -- dat zal Christus Zelf zijn, die Zich zal betuigen. Begrijpt u? Tekenen in de hemelen boven en tekenen op de aarde beneden. Zeker, het wordt betuigd.
408 O, de duivel tiert hierover; de gemanifesteerde Waarheid van de belofte van het Woord... alleen in haar! Zij hebben daar geen antwoord op. Waarom hebben de Farizeeën niet toen Jezus kwam... Hij zei: "Als Ik door de vinger Gods de boze geesten uitdrijf -- door wien drijft u ze dan uit?" Hij stond alleen en Zijn gemeente staat alleen. Zij is nergens mee verbonden. Maar door God werd Hij bekendgemaakt, want Hij was het lichaam waarin God woonde en de gemeente wordt bekendgemaakt, omdat Zijn lichaam hetzelfde doet. Zij is Zijn lichaam, de geopenbaarde Waarheid van Zijn beloofde Woord voor de laatste dagen. Zij, en zij alleen staat daarop. Daarom gaat de duivel zo tekeer in deze grote organisaties, om iets op touw te zetten om haar op te sluiten. Dat zal hen nooit lukken. Zij zal worden opgenómen, niet opgesloten!
409 Zij is nu opgestaan door de kracht van het betuigde Woord dat haar was beloofd. Amen! Wat houdt een bruid zich vast aan die belofte! "Hij heeft beloofd dat Hij weer terug zou komen om mij te halen. Ik geloof het..." Ziet u? Jazeker. Om haar Hoofd te ontmoeten, haar Verlosser, haar Echtgenoot, haar Koning, haar Here, haar Beminde, haar Redder, daar op die toebereide plaats van ontmoeting. Hij heeft een plaats waar Hij hen ontmoet. U weet, de Bruidegom zal niets ongedaan laten. Hij heeft de ring, de vereenzelviging. Hij heeft het kleed dat zij draagt, haar kledij. Ziet u? Hij heeft ook de plaats toebereid om haar te ontmoeten, dat is daar in de lucht. Alles is helemaal in orde gemaakt. Hij heeft het Bruiloftsmaal reeds in gereedheid gebracht. De gasten zijn al uitgenodigd, ze zijn reeds uitgekozen. Al de engelen staan aangetreden om te bedienen... O!
O, er zal een ontmoeting plaats vinden in de lucht,
Dat lieflijke moment dat weldra komt;
Daarginds zal ik u ontmoeten,
In dat thuis ginds hoger dan de lucht.
Zo'n gezang werd nog nooit vernomen
Door mijn stervelingen-oor,
Het zal heerlijk zijn, vertel ik u.
En Gods eigen Zoon zal het Hoofd daar zijn,(De volledige manifestatie van God.)
Bij die ontmoeting in de lucht.(O, let nu op hoe Hij Zich heeft betuigd.)
U hebt het verhaal gehoord van Mozes in de biezen,
U hebt gehoord van d'onbevreesde David met zijn slinger,
U hebt horen vertellen van Jozef de dromer,
En zingen we niet vaak van Daniël en de leeuwen.
O, er zijn vele, vele anderen in de Bijbel, (betuigd!)
Ik zeg u, dat ik ernaar verlang om hen te zien.
Al heel spoedig laat de Here ons hen aanschouwen,
Bij die ontmoeting in de lucht.
Want er zal een ontmoeting plaats vinden in de lucht,
Dat lieflijke moment dat weldra komt;
Daarginds zal ik u ontmoeten en begroeten
In dat huis ginds hoger dan de lucht.
Zo'n gezang werd nog nooit vernomen
Door mijn stervelingen-oor,
Het zal heerlijk zijn, vertel ik u.
En Gods eigen Zoon zal het Hoofd daar zijn,
Bij die ontmoeting in de lucht.410 Houdt u daar niet van? Nu, het drievoudige doel van Zijn grote geheimenis der openbaring is onthuld. Hij is de Voornaamste. Hij is die Ene. O, laten we het zingen: Ik kan gewoon niet meer prediken; ik voel me zo goed. Begrijpt u?
O, er zal een ontmoeting plaats vinden in de lucht,
Dat lieflijke moment dat weldra komt;
Daarginds zal ik u ontmoeten en begroeten
In dat huis ginds hoger dan de lucht.
Zo'n gezang werd nog nooit vernomen
Door mijn stervelingen-oor,
Het zal heerlijk zijn, vertel ik u.
En Gods eigen Zoon zal het Hoofd daar zijn,
Bij die ontmoeting in de lucht.Gaat u ook? -- door Gods genade, door Gods genade. Ziet u? O, wonderbaar!
U hebt het verhaal gehoord van Mozes in de biezen,
U hebt gehoord van d'onbevreesde David met zijn slinger; (Ze zijn allemaal types.)
U hebt horen vertellen van Jozef de dromer,
En zingen we niet vaak van Daniël en de leeuwen.
O, er zijn vele, vele anderen in de Bijbel, (Welke Hij is.)
Ik zeg u, dat ik ernaar verlang om hen te zien.
Al heel spoedig laat de Heer ons hen aanschouwen,
Bij die ontmoeting in de lucht. (Maar er is Eén de Voornaamste!)
O, er zal een ontmoeting plaats vinden in de lucht,
Dat lieflijke moment dat weldra komt;
Daarginds zal ik u ontmoeten en begroeten
In dat huis ginds hoger dan de lucht.
Zo'n gezang werd nog nooit vernomen
Door mijn stervelingen-oor,
Het zal heerlijk zijn, vertel ik u.
Bij die ontmoeting in de lucht.411 Nu, daar zullen we elkaar ontmoeten. Laten we -- alle Methodisten, Baptisten, of wat u ook bent, die wedergeboren bent door de Geest Gods -- elkander de hand schudden en het nog eenmaal zingen.
O, er zal een ontmoeting plaatsvinden in de lucht,
Dat lieflijke moment dat weldra komt;
Daarginds zal ik u ontmoeten en begroeten
In dat huis ginds hoger dan de lucht.
Zo'n gezang werd nog nooit vernomen
Door mijn stervelingen-oor,
Het zal heerlijk zijn, vertel ik u.
En Gods eigen Zoon zal het Hoofd daar zijn,
Bij die ontmoeting in de lucht.412 O, dat is wonderbaar. Ziet u wat Hij zal zijn? We zullen gaan afsluiten, vrienden. Het is bijna twee uur. Wacht maar tot u uw avondeten krijgt. Ik heb hier nog heel wat bladzijden over. We zullen gewoon moeten ophouden, want dit heeft geen einde. Het is een openbaring. Het is zo eeuwig als Gods Woord eeuwig is.
413 Maar het drievoudige doel van Gods grote geheimenis is geopenbaard. God geopenbaard in Christus. Christus geopenbaard in de gemeente, teneinde de verloren Eva weer terug te verlossen tot haar oorspronkelijke toestand. O, er zullen heerlijke tijden aanbreken op die dag! Het staat vlak voor de deur. We geloven dat, gelooft u het ook?
414 Ik moet telkens aan dat lied denken, waarin wordt gezegd dat Hij Zichzelf betuigde in Daniël, in Mozes, in Jeremia... Wat waren het? Het waren de profeten tot wie het Woord kwam. Ziet u dat? -- deze grote mannen. Kijk maar: "U hebt gehoord van het verhaal van Jozef de dromer." Ziet u? Over Daniël in de leeuwekuil en al die anderen. Begrijpt u? Daar is die... Wat waren het? -- profeten. Ziet u?
415 Maar de voornaamste... God typeerde Zich slechts tijdelijk in hen. Hij beeldde Zich uit in Adam, die wist wat juist was, maar die eruit kwam om zijn vrouw te verlossen, omdat zij verkeerd was. Christus hoefde geen zonde te worden, maar Hij kwam eruit, nam de zonde op Zich om Zijn verloren kind te redden... Ziet u, Hij beeldde Zichzelf uit...
... en Mozes in de biezen.
U hebt gehoord van d'onbevreesde David met zijn slinger;
U hebt het verhaal gehoord van Jozef de dromer (de profeet).
En zingen we niet vaak van Daniël en de leeuwen.
O, er zijn vele, vele anderen in de Bijbel. (Ze zijn in de Bijbel)Ze zijn allen geopenbaard in Hem, hoewel, zonder Hem zouden ze allen verloren zijn. Ziet u? En ik moet daar deel van worden om Hem te zijn. Amen! Ziet u het?
Ik zeg u dat ik ernaar verlang om hen daar te zien. (Dat is waar.)
Maar Gods eigen Zoon zal het Hoofd daar zijn,
Bij die ontmoeting in de lucht.416 In Hebreeën 11:40 staat: "Zonder ons konden zij niet tot de volmaaktheid komen." Handen en voeten kunnen niet volmaakt zijn zonder de hersenen, de kennis, het hoofd, enzovoort. En wij zijn allen vervolmaakt in Hem; door één Geest zijn wij allen gedoopt in één lichaam, vrij van oordeel, overgegaan van de zonde die ten dode is... Amen! Gods eigen Zoon zal het Hoofd zijn, bij die ontmoeting in de lucht. Hebt u Hem lief?
Ik min Hem, ik min Hem,
Want Hij deed het mij eerst...[De samenkomst zingt door, terwijl broeder Branham over de zakdoekjes bidt -- Vert.]
417 Here Jezus, moge de zalving van de Heilige Geest op deze zakdoekjes komen, Here, en de zieken genezen... [Het gebed staat onvolledig op de band -- Vert.]
Waarom werd Hij geopenbaard? -- omdat Hij mij eerst liefhad. Wat deed Hij?
Betaalde voor mijn zondeschuld
Op Golgotha.418 Die grote Engel van het Verbond, die bij Mozes was in de woestijn, Degene die tot Paulus kwam op de weg naar Damaskus, Diezelfde stond toe dat Zijn foto bij ons werd genomen; Dezelfde stond op de foto onlangs in het weekblad "Life"... Het is hetzelfde Woord door dezelfde God, door dezelfde kanalen, op dezelfde wijze, op grond van dezelfde belofte. "Waar twee of drie in Mijn Naam vergaderd zijn, daar ben Ik in hun midden." Dan is Hij hier. Gods engelen zijn gelegerd rondom hen die Hem vrezen, die alleen vasthouden aan Zijn Woord. Geen mens kan dat Woord eerbiedigen zonder God te vrezen. Ziet u?
419 Dan is Hij hier deze morgen bij ons als wij Hem aanbidden in de Geest. O, na zo'n scherpe boodschap als deze, vind ik dat we Hem gewoon een ogenblik behoorden te aanbidden in de Geest. Sluit toch even uw ogen en laten we dat nog eens samen voor Hem zingen: "Ik heb Hem lief." Laten we onze handen tot Hem opheffen.
Ik min Hem, ik min Hem,
Want Hij deed het mij eerst,
Betaalde voor mijn zondeschuld,
Op Golgotha.O, hoe lief hebben wij Hem.
Geloof in de Vader, geloof in de Zoon,
Geloof in de Heil'ge Geest, deez' drie zijn Eén,
Duivelen beven, de zondaar herleeft.
Geloof in Jehova, maakt dat alles beeft.420 Amen! God zij geprezen! Hoe lief hebben wij Hem. Aanbidt Hem nu in uw hart. Aanbidt Hem gewoon. Denkt eraan hoe wonderbaar Hij het heeft gedaan. Kijk wat Hij voor ons heeft gedaan. In al deze jaren dat Hij ons visioenen gaf, was er niet één die niet uitkwam. Alles wat Hij heeft gezegd, gebeurde precies op de wijze dat Hij sprak. Ik heb u lief. Vergeet niet Gods geboden ten opzichte van ú, kinderkens: hebt elkander lief. Hebt iedereen lief, of hij nu goed of fout is, een zondaar of een heilige. Hebt ze hoe dan ook lief. Wanneer u het niet kunt, bidt God dan u te helpen, want God had de zondaar lief.
421 En de natuur van God is in... Al is de man fout, hebt hem toch lief. Hebt echter geen deel aan zijn zonden. Begrijpt u? Hebt geen deel aan zijn zonden, maar vertel hem in liefelijkheid -- niet kortaf en berispend -- maar in liefelijkheid van de hope des levens, die in u rust door Jezus Christus en u geopenbaard is door de Heilige Geest.
Neem de Naam van Jezus mede,
Kind van kommer, zorg en smart.
Die schenkt u de ware vrede,
Draag die Naam steeds in uw hart. (Vergeet Hem niet, waar u ook gaat.)
Dierb're Naam... (Die Naam; wij dragen Zijn Naam. We zijn genoemd naar Zijn Naam.)
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.
Dierb're Naam, o hoe zoet!
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.422 Nu, ik zal u een geheimpje meegeven, totdat ik u weerzie. Denk erover na terwijl we gaan staan. Denk hieraan:
Voor de Naam van Jezus buigend,
Ootmoedig vallend voor Hem neer,
Zullen we Hem tot Koning kronen, (We zullen Hem kronen)
Aan 't eind der reis -- der Heren Heer.
Dierb're Naam, o hoe zoet,
Hoop der aard'... (Wat is de drievoudige openbaring? -- de hoop en de vreugde des hemels, geopenbaard in Hem.)
Dierb're Naam, o hoe zoet,
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.423 Wat? -- de Hoop der aarde en 's hemels vreugd. Alles wordt gemanifesteerd in Christus. God, de gemeente, al het andere, wordt geopenbaard in Christus. De Bijbel is Christus. De Bijbel is het geschreven Woord, omdat Hij het Woord is. Zijn manifestatie is het bewijs, dat Zijn leven in het vlees van het Woord binnenkomt om het te manifesteren. O, is het niet wonderbaar?
Neem de Naam van Jezus mede (Luister!)
Als een schild (Vergeet het niet!) in ied're strijd.
Wil de vijand u vertreden,
't Is Zijn Naam, die u bevrijdt.
Dierb're Naam, o hoe zoet,
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.
Dierb're Haam, o hoe zoet,
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.424 Ik had het niet opgemerkt (maar als u geestelijk bent, let u op geestelijke dingen) -- ik wist het niet, maar God wist het: als u zich omdraait en op de klok kijkt, dan ziet u dat het op de kop af twee uur is -- het einde van de tweede trek; de derde trek is op handen!
Voor de Naam van Jezus buigend,
Ootmoedig vallend voor Hem neer,
Zullen we Hem tot Koning kronen,
Aan 't eind der reis -- der Heren Heer.
Dierb're Naam... (De tweede trek is gemanifesteerd!)
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.
Dierb're Naam, o hoe zoet,
Hoop der aard en 's hemels vreugd.425 Bemerkte u dat de Geest hetzelfde lied nam en het een octaaf hoger inzette? De volgende trek is op handen. Amen!
Neem de Naam van Jezus mede, (Het is later dan u denkt!)
Kind van kommer zorg en smart,
Díe schenkt u de ware vrede,
Draag die Naam steeds in uw hart.Dierb're Naam... (Nu als er verzoekingen komen, wat doet u dan?)
Neem de Naam van Jezus mede,
Als een schild in ied're strijd;
Wil de vijand u vertreden, (Laat het u niet tot ongeloof brengen, maar bedenk dit:)
't Is Zijn Naam die u bevrijdt.
Dierb're Naam, o hoe zoet,
Hoop der aard' en 's hemels vreugd,
Dierb're Naam, o hoe zoet,
Hoop der aard' en 's hemels vreugd.426 Laat ieder nu zijn hoofd eerbiedig buigen. [Er komt een boodschap in een onbekende taal, gevolgd door de uitleg -- Vert.]
427 Nu, als u het begrijpt; de Geest des Heren liet in de samenkomst -- in onbekende tongen, het sprekend tot een man die er niet van wist, om de uitleg te geven aan een ander, die het niet kende -- het Woord van de Here neerdalen. Herinnert u zich nog, dat, toen de vijand eens kwam opzetten, dat ze niet wisten wat ze moesten doen? Toen viel de Geest des Heren op iemand en openbaarde wat er gedaan moest worden. O!
428 Laten we onze hoofden nu nederig buigen. God zegene u. [Dan wordt er gezongen:]
Nu tot wederzien, nu tot weerzien,
Zij het hier of aan de Godsrivier;
Nu tot wederzien, nu tot weerzien,
God zij met u, nu tot wederzien.